U bent hier

De voorzitter

Mevrouw De Vroe heeft het woord.

Voorzitter, minister, jammer genoeg hebben we de voorbije dagen opnieuw te kampen met wateroverlast, met de nodige overstromingen tot gevolg. De beelden op het nieuws van de ondergelopen woningen en de persoonlijke bezittingen die ronddrijven, komen deze keer vanuit heel Vlaanderen. Het is een situatie die ons steeds hard aangrijpt.

Minister, het is aan alle politici om alle nodige maatregelen te nemen om alle broodnodige risico’s op wateroverlast te beperken. In het parlement hebben wij niet stilgezeten na de overstromingen in 2010 en na het actuadebat dat we hier hebben gehad. We hebben een parlementaire commissie opgericht over de wateroverlast op vraag van onze partij. Daar is een resolutie uit voortgevloeid, die werd goedgekeurd door de toenmalige meerderheidspartijen en onze partij, Open Vld. De acties die in de resolutie staan, bent u nu stap voor stap aan het uitvoeren.

We hebben al verschillende voortgangsrapportages gehad, waarvoor uiteraard onze dank. De laatste hebben we gehad enkele maanden geleden in februari, waar u opnieuw een stand van zaken hebt gegeven. Ik denk dat we mogen zeggen dat er al heel wat gebeurd is, dat er nog heel veel in onderzoek en in studie is en dat er uiteraard nog heel wat zaken moeten worden uitgevoerd.

Minister, we kampen nu opnieuw met wateroverlast door de hevige regens die we hebben gehad en die we in de toekomst door de klimaatveranderingen vaker zullen hebben. Uiteraard is het aan ons politici om steeds te evalueren na dergelijke zaken. Minister, welke bijkomende dringende acties zult u ondernemen?

De voorzitter

De heer Vandaele heeft het woord.

Voorzitter, minister, deze en vorige regeringen hebben inderdaad al wat stappen gezet in de richting van het beperken van wateroverlast. We hebben bufferbekkens gebouwd. We hebben sluizen gerenoveerd. Ik herinner me ook dat de waterloopbeheerders intussen toch beter samenwerken dan vroeger het geval was. Binnenkort beslist de regering over een decretaal kader om te vermijden dat er nog gebouwd wordt in signaalgebieden. Vorige week hadden we hier een debat over de betonstop, maar dat gaat dan over de lange termijn.

Minister, ik vraag me af of er wel genoeg gebeurt om op microniveau, in de wijken, op het niveau van de individuele percelen, het waterbergend vermogend te verhogen. Bij nieuwbouw en grondige renovatie hebben we sinds 1 januari 2014 de gewestelijke stedenbouwkundige verordening hemelwater: mensen moeten water vasthouden, regenwaterputten steken, infiltreren en regenwater scheiden van afvalwater. Maar voor bestaande bebouwing en verharding zitten we zo’n beetje met de handen in het haar. Nochtans heb ik de indruk dat de wateroverlast waar we nu mee te maken hebben, vaak een lokale oorzaak heeft en waarschijnlijk ook lokaal opgelost kan worden. Daarom mijn vraag: ziet u mogelijkheden om voor bestaande wijken en bestaande woningen op plaatsen waar men geen ruimte heeft voor grootschalige infrastructuur en grootschalige oplossingen, op zoek te gaan naar kleinschalige, creatieve ingrepen?

De voorzitter

Minister Schauvliege heeft het woord.

Voorzitter, collega’s, het klopt dat er de voorbije jaren al heel wat is gerealiseerd. We hebben daar gelukkig gisteren en eergisteren de resultaten van gezien. Waar we fors hebben geïnvesteerd in die bufferbekkens, in opvang van water, zien we dat de wateroverlast beperkt is gebleven, maar er zijn uiteraard nog heel wat problemen op het terrein.

Ik heb gevraagd aan de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) om grondig te evalueren wat gisteren en eergisteren is gebeurd. We hebben dat trouwens altijd al gedaan wanneer zich problemen voordoen. Je moet dat dan goed in kaart brengen en kijken waar er concreet nog knelpunten zitten.

We moeten dan ook op basis van die evaluatie conclusies trekken. We zullen verder inzetten op drie P's: protectie, preventie en paraatheid. Protectie is ervoor zorgen dat de waterproblematiek aan de bron wordt aangepakt, dat het water goed kan infiltreren waar het valt.

Wat kunnen we daaraan doen? We kunnen de verharding zo veel mogelijk tegengaan. Vorige week hebben we dat in de discussie een betonstop genoemd. Mevrouw De Vroe, uw partij was daar geen groot voorstander van, maar de voorbije dagen hebben bewezen dat dat cruciaal is. Het is niet onze bedoeling om dat pas in 2050 aan te pakken. Als het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen is goedgekeurd door de Vlaamse Regering, zullen we dat direct aanpakken en gefaseerd overgaan tot een volledige stop in 2050.

We nemen ook al maatregelen. De hemelwaterverordening stelt dat als je een nieuwbouw aanvraagt, er heel strenge maatregelen moeten worden genomen om het water ter plaatse te laten infiltreren. Ook de code goede praktijk rioleringen is aangepast. In heuvelachtige gebieden is er ook het erosieprobleem. En dat heeft ook een effect op de wateroverlast.

Ook op het lokale niveau kunnen er heel wat beslissingen worden genomen. In gemeenten die op de hemelwaterplannen hebben ingezet en duidelijk in kaart hebben gebracht welke maatregelen ze kunnen nemen om de wateroverlast tegen te gaan, zoals het terug openmaken van grachten en ruimte geven aan water, heeft dat gewerkt in de voorbije dagen.

Op dit moment zijn de hemelwaterplannen nog geen verplicht instrument. Dat is bewust zo omdat we de planlast voor de lokale besturen niet wilden opdrijven, maar we moeten nagaan of we de gemeenten niet op andere manieren kunnen aanmoedigen om die plannen aan te nemen. Heel wat gemeenten hebben dat al gedaan, maar nog te weinig. Lokaal kan er heel wat gebeuren.

Volgende vrijdag staat het Vrijstellingenbesluit op de agenda van de Vlaamse Regering. Dat houdt in dat je voor sommige handelingen geen vergunning moet krijgen. Er staat ook een bepaling in dat je voor een aantal verhardingen die destijds onder het Vrijstellingenbesluit vielen, geen vergunning moest aanvragen. Dat keren we nu om. Het is nu geen vrijstelling meer, je moet nu een vergunning aanvragen. Zo verhogen we de drempel tot verdere verharding. Ook op dit moment maken we daar dus al heel concreet werk van.

We moeten er inderdaad alles aan doen om het leed van de mensen zo veel mogelijk te vermijden. Een preventief beleid is daarvoor heel belangrijk. Vasthouden en bergen zijn heel belangrijk. De lokale besturen kunnen daar nog heel wat doen, niet alleen onder de grond met de rioleringen, maar ook boven de grond. Denk aan de signaalgebieden. In heel wat gemeenten blijkt het inkleuren van die signaalgebieden niet vlot te verlopen. Het is heel belangrijk om hen daarop extra te duiden, maar ook op kleine ingrepen. In de commissie hebben we het nog niet echt gehad over kleine maatregelen zoals hogere stoepranden. Minister, naast de interessante informatiedag die u hebt gehouden over de watertoets, is het ook interessant om dit opnieuw en uitgebreider te doen met kleine maatregelen die lokale besturen kunnen nemen, bijvoorbeeld bij de aanleg van nieuwe straten.

Minister, u noemt de hemelwaterplannen, maar die zijn inderdaad vrijblijvend. Ik vermoed dat er nog niet zo heel veel gemeenten die plannen hebben gemaakt. Misschien is dat voer voor een schriftelijke vraag. Het zou echt wel lonend zijn om te zoeken naar kleinschalige, creatieve oplossingen die in een wijk, in een perceel kunnen worden toegepast. Misschien kunnen gemeenten worden aangezet om zelf meer te bufferen in parken en bermen, en kunnen ze hun inwoners aanzetten in hun eigen tuin iets te doen voor infiltratie. Met een heel kleine oppervlakte kan men al snel een paar kubieke meter bufferen, vasthouden of laten infiltreren.

Op die manier kunnen we ook voor bestaande bebouwing, want dat is het probleem, bij nieuwbouw hebben we een aantal instrumenten, mits de nodige aanmoediging, voor de nodige oplossing zorgen, zonder grote infrastructuurwerken. Die lopen immers niet altijd van een leien dakje.

De voorzitter

De heer Sanctorum heeft het woord.

Hermes Sanctorum-Vandevoorde (Groen)

Voorzitter, minister, het type onweder zoals de afgelopen dagen is gebeurd, zal alleen maar toenemen in de komende jaren. Zeven jaar geleden in de commissie hebben we heel wat experten uitgenodigd, en die hebben ons daar ook voor gewaarschuwd.

Minister, de historische ruimtelijke wanordening is natuurlijk uw fout niet, en er zijn inderdaad extra buffers gebouwd, er is wat goodwill bij een aantal gemeenten die hemelwaterplannen hebben opgesteld. Ik kan me echter niet van de indruk ontdoen, ook al hebt u bijna alle bevoegdheden ter zake, alles wat water betreft behalve de bevaarbare waterlopen die onder minister Weyts vallen, dat u weinig vat hebt op het noodzakelijke waterbeleid. Het verhardingsritme in Vlaanderen verandert niet fundamenteel, het waterbergend vermogen in signaalgebieden blijft een knelpunt.

Kortom, in principe water vasthouden – waar het eigenlijk allemaal om draait – vinden we vandaag totaal onvoldoende in het beleid. Ik hoop, net zoals de collega’s, dat er bijkomende maatregelen worden getroffen.

De voorzitter

De heer Dochy heeft het woord.

Minister, we moeten eerst ons respect uitspreken voor de mensen die de calamiteit die ons is overkomen, hebben beheerd. We hopen natuurlijk ook voor de slachtoffers dat er snel een afhandeling kan komen, zij het via de brandverzekering, zij het via een snelle procedure van erkenning als algemene ramp. De minister-president heeft daar al allusie op gemaakt.

Minister, er zijn reeds heel wat werken gebeurd, namelijk grootschalige infrastructuurwerken door de gemeenten, de provincies en het gewest. Die hebben zeker erger voorkomen in de afgelopen dagen. Heel wat van die werken hebben te maken met de afvalwaterzuivering van Aquafin. Hebben die werken van Aquafin een positief of een negatief effect gehad op de calamiteiten?

De voorzitter

De heer Tobback heeft het woord.

Ik wil de vragen van de heren Sanctorum en Vandaele onderschrijven om zo snel en zo veel mogelijk in de kwetsbare gebieden waar woningen staan er alles aan te doen om de gemeenten aan te sporen – desnoods te duwen en te dwingen – en vanuit het Vlaamse Gewest zelf alles te doen, om maatregelen te nemen die dit soort overvloedige regenval in de hand kunnen houden. We weten dat dit zich hoe dan ook vaker zal voordoen in de komende jaren. Het begint zich al vaker voor te doen. Dat gaat alleen maar erger worden. Ja, die remediëring hebben we absoluut nodig.

Ik wil ook nog verwijzen naar de discussie van vorige week over het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen (BRV) en een bouwstop. Sommige gebieden zijn watergevoelig of kwetsbaar voor overstromingen. U bent gevoelig voor de natuurlijke functie van de dingen. Sommige gronden – en sommige woonuitbreidingsgebieden ook jammer genoeg – hebben vandaag de functie om te overstromen. Ik hoop dat we in de toekomst niet de vergissing begaan om mensen daar te laten bouwen. We hebben dat in het verleden – zo blijkt nu – veel te vaak gedaan.

Collega’s, ik zal starten met wat maandag en dinsdag gebeurd is. Het is inderdaad zo dat de erkenning als ramp reeds is opgestart. Op basis van de eerste resultaten, zowel van de VMM als van het KMI, blijkt dat het bijzonder extreem was, zeker lokaal, het ging over onweer en dat is altijd lokaal. De kans is bijzonder groot dat aan alle criteria voldaan is om het te erkennen als ramp.

Beweren dat er de voorbije jaren niets is gebeurd, is toch wel heel kort door de bocht. Mijnheer Sanctorum, u weet dat er een bijzondere inhaalbeweging is geweest. Er zijn extra middelen vrijgemaakt. Er is gigantisch geïnvesteerd in verschillende bufferbekkens, en we zien de resultaten op het terrein. In een aantal streken met bufferbekkens die bestuurd kunnen worden, heeft het gewerkt en was er geen wateroverlast. Ik denk dat we verder moeten gaan op de ingeslagen weg.

Is er voor de rest niets gebeurd? Neen. De heer Vandaele heeft terecht verwezen naar de heel strenge hemelwaterverordening. Als je een nieuw huis bouwt, moet het aan strenge eisen voldoen om het water voldoende te laten doorsijpelen.

De grote uitdagingen waarvoor we staan, zijn inderdaad de gebouwen die er al staan, die vroeger zijn vergund en waar je vaak oppervlaktes hebt waar het water niet weg kan.

Het klopt dat er heel mooie projecten zijn om dat mogelijk te maken. We keuren elk jaar verschillende projecten goed via Water in de Stad. Er zijn heel mooie voorbeelden in stedelijke volgebouwde omgevingen waarin dat water opnieuw ruimte krijgt. Er zijn ook voorbeeldboeken die aan de lokale besturen ter beschikking worden gesteld.

Mijnheer Vandaele, ik heb daarnet op uw aangeven gezegd dat die hemelwaterplannen werken. Er zijn nog niet zo veel gemeenten die daarmee werken, daarin hebt u gelijk. Maar we hebben gisteren en eergisteren gezien dat het werkt in de gemeenten die die plannen hebben aangenomen en ook toepassen in de praktijk. Ik ga op zoek om te bekijken hoe we die gemeenten op een positieve manier kunnen stimuleren om die hemelwaterplannen effectief aan te nemen.

Een volgend punt zijn de watergevoelige gebieden. Er wordt daarbij vaak verwezen naar de signaalgebieden. Het is een belangrijke stap geweest dat we die signaalgebieden, de overstromingsgevoelige gebieden in de vorige legislatuur hebben aangenomen. De intentie was inderdaad dat de lokale besturen die dan zouden omzetten in een ruimtelijk uitvoeringsplan om er op die manier voor te zorgen dat de waterellende kan worden voorkomen.

We zien dat er inderdaad wordt geaarzeld en getreuzeld. Mijnheer Vandaele, aangezien u bijzonder goed op de hoogte bent van wat er allemaal in de pijplijn zit, weet u ongetwijfeld dat er op dit moment teksten voorliggen in de Vlaamse Regering. We zijn van plan om de kaarten van die signaalgebieden ook in de Vlaamse Regering te laten aannemen en als een soort kaart globaal goed te keuren in Vlaanderen. Op die manier moeten de lokale besturen het niet allemaal individueel aannemen, maar kunnen die kaarten ook globaal worden vastgeklikt en in openbaar onderzoek gaan. Zo wordt ervoor gezorgd dat mensen daar niet onverantwoord bouwen en nadien in de problemen komen.

Mijnheer Tobback, u weet dat deze Vlaamse Regering de ambitie heeft om de woonuitbreidingsgebieden die inderdaad waterziek zijn of niet goed – niet in een kern – ontsloten zijn, te schrappen. Ze zullen op een negatieve lijst terechtkomen.

Verder wil ik het hebben over het wateraangepast bouwen. Dat is nog niet zo goed ingeburgerd bij ons. De laatste jaren hebben we wel fors geïnvesteerd in een aantal consulenten die ervoor kunnen zorgen dat je toch nog kunt bouwen in een aantal gebieden die watergevoelig zijn, maar dan op een verantwoorde manier, zonder dat er wateroverlast kan zijn. Dat bestaat in het buitenland en het werkt daar ook. Wij hebben nog te weinig expertise. Daarom subsidiëren we binnen de architectenverenigingen waterconsulenten om architecten en bouwheren voldoende te kunnen adviseren en ervoor te zorgen dat men waterrobuust kan bouwen. Als het over echt waterzieke gronden gaat, is het natuurlijk beter dat er niet wordt gebouwd. Dat is natuurlijk ook de intentie van deze Vlaamse Regering.

Mijnheer Dochy, u vraagt of er al resultaten zijn op plaatsen waar Aquafin heeft geïnvesteerd. Op dit moment brengen we alle resultaten goed in kaart van de verschillende plaatsen waar waterlast was. Het is nu te vroeg om daaraan al heel concrete conclusies te koppelen. Ondertussen hebben we de code goede praktijk voor de aanleg van rioleringen aangepast. Op die manier anticiperen we op de wijzigende weersomstandigheden van de voorbije jaren, die er de komende jaren nog meer zullen zijn door de klimaatsverandering en die we nu ook al voelen.

Minister, ik dank u voor uw antwoord. Het erkennen van wateroverlast van de voorbije dagen als ramp zou voor velen een heel goede zaak zijn.

Wat het debat van vorige week betreft, wil ik benadrukken dat het ons pleidooi was om zekerheid te geven voor de eigenaars, uit respect. In dat kader hebben we de voorbije weken of eerder maanden een pleidooi gehouden om nieuwe eigenaars bepaalde zekerheden te geven. Ik heb het dan vooral over de informatieplicht van vastgoedmakelaars en notarissen.

U kent mijn vraag om de terminologie van de mogelijke overstromingsgevoelige gebieden te gaan verfijnen op perceelsniveau, zodat nieuwe eigenaars die een woning kopen, exact weten of hun woning al dan niet in overstromingsgevoelig gebied gelegen is. (Applaus bij Open Vld)

Een pak van mijn hart, minister: we zijn het helemaal eens. Het is een en-enverhaal. Collega Dochy heeft het over Aquafin, de grootschalige werken. Maar we moeten ook kleinschalig creatief kijken – op perceelsniveau, en vooral dan in de bestaande situatie, want dat is het probleem – of we daar winst kunnen boeken, en ik denk van wel. En dan kijk ik ook in de richting van de gemeenten, die natuurlijk dichter op het terrein zitten en die heel wat kleine, maar zeer nuttige dingen kunnen doen. (Applaus bij de N-VA)

De voorzitter

De actuele vragen zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.