U bent hier

Mevrouw De Ridder heeft het woord.

Voorzitter, minister, collega’s, de ontwikkeling van de Antwerpse haven is heel belangrijk, dat staat ook met zoveel woorden in het regeerakkoord. En na een maatschappelijke kosten-batenanalyse werd volop de kaart getrokken van het Saeftinghedok.

Maar, minister, in november vorig jaar heeft de Raad van State gedeeltelijk en preventief het Gewestelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan (GRUP) gemeend te moeten schorsen. Dat is natuurlijk geen goede zaak. Daardoor wordt de ontwikkeling on hold of op de helling gezet.

U hebt onmiddellijk gereageerd in november en ook nog eens in januari, dat u naar de Vlaamse Regering zou gaan met nieuwe plannen, met denksporen om een antwoord te bieden op die bezorgdheid van de Raad van State.

Concreet gaat het erover dat de techniek die we in Vlaanderen hanteren, namelijk proactief natuur ontwikkelen om nadien de haven te ontwikkelen, zou worden betwist. Die techniek zou niet conform de Europese regels zijn. U zou met denksporen naar de regering gaan om een antwoord te bieden op die bezorgdheid en om het dossier voortgang te laten vinden.

Inmiddels is er een nieuw feit. Vorig jaar, in de zomer al, heeft de Raad van State prejudicieel advies gevraagd aan het Hof van Justitie. Nu is er een negatief advies van de Europese Commissie: de Vlaamse techniek wordt niet aanvaard. Dit is de zoveelste slechte zaak. Het is een mokerslag voor dit dossier, dat eigenlijk geen verdere vertraging kan dulden.

Minister, welke maatregelen hebt u de afgelopen weken al genomen en welke zult u nog nemen om dit dossier, dat zo belangrijk is voor de verdere ontwikkeling van onze Antwerpse haven, weer vlot te trekken?

De heer De Meyer heeft het woord.

Voorzitter, minister, collega’s, de geschiedenis van het dossier moet ik niet meer schetsen. En onze collega heeft al gewezen op de schorsing van het GRUP door de Raad van State en op het negatieve advies van de Europese Commissie.

De ontwikkeling van de Linkerscheldeoever is in mijn parlementaire loopbaan een van de meest ontgoochelende dossiers geweest die ik heb meegemaakt. In mijn vele betogen ten aanzien van verschillende regeringen en van vele ministers, heb ik nooit gepleit tegen een normale ontwikkeling van onze haven. Ik heb wel altijd mee de bezorgdheid geuit voor de nodige evenwichten, voor rechtszekerheid, voor de mensen die in de omgeving wonen en uiteraard ook voor de land- en tuinbouwers die daar duizenden hectaren van de beste landbouwgronden van West-Europa hebben moeten opofferen.

Zowel de haven als de natuurverenigingen hebben eigenlijk elk politiek forum gebruikt om de lof te verkondigen over deze aanpak van gelijktijdige haven- en proactieve natuurontwikkeling. Men heeft zelfs de Europese commissaris van Leefmilieu naar de haven gebracht, samen met meerdere europarlementsleden. Allen hebben toen lof gezongen over dit project.

Minister, mijn wens is dat u samen met de vele mensen die mee deze procedure uitgedacht, gesteund en verdedigd hebben, ervoor zorgt dat er geen nieuwe landbouwgronden in de regio meer moeten worden opgeofferd. De rest van de vragen, over de procedure, zijn reeds gesteld door mijn collega.

De heer Vanbesien heeft het woord.

Voorzitter, minister, collega’s, het gaat over 600 à 700 miljoen euro. Dat zal de investering zijn in het nieuwe Saeftinghedok. Uiteraard wordt die niet alleen gedragen door het Vlaamse Gewest, maar ook door het Antwerps havenbedrijf. 600 tot 700 miljoen euro, dat is de investering voor meer vrachtwagens op onze wegen!

Blijkbaar is de Vlaamse Regering wat vergeten dat wij al zowat de meest filegevoelige regio van de wereld zijn, want de eerste en voornaamste impact zal zijn: meer vrachtwagens op onze wegen.

Er is een heel interessant document, minister, namelijk Visie 2050, dat is geschreven door de Vlaamse Regering. Daarin wordt een toekomstbeeld geschetst van onze economie. En wat lezen we daarin? Circulaire economie, industrie 4.0, de ‘factories of the future’, vlotte mobiliteit, minder afhankelijk zijn van vrachtwagens. Daar staat nergens in te lezen: nog meer containertrafiek. We weten allemaal dat dat soort economische activiteit heel veel ruimte opsoupeert en relatief gezien weinig meerwaarde en weinig jobs oplevert.

Onze oproep is dan ook om zo’n belangrijke investering van 600 à 700 miljoen euro – als het over industriële infrastructuur gaat, zal dat de grootste investering zijn van de komende jaren – in veel toekomstgerichtere sectoren te gaan investeren. U krijgt het niet gerealiseerd. U botst op allerlei problemen. Onder meer de Europese Commissie geeft nu duidelijk aan dat de natuurcompensatie niet op de juiste manier gebeurd is. U moet op zoek naar oplossingen. Hebt u een plan B, met de B van beter, dat een oplossing zou bevatten waarbij we niet overgaan tot het graven van een dok, maar tot investeringen in veel betere en toekomstgerichtere economische activiteit?

Minister Schauvliege heeft het woord.

Minister Joke Schauvliege

Collega’s, de procedure is geschetst. Het gaat hier over een antwoord van Europa op een prejudiciële vraag die gesteld is in het kader van een procedure die hangt voor de Raad van State. Europa zegt dat de proactieve natuur, zoals wij die al meer dan tien jaar realiseren in Antwerpen, als compensatie van de ontwikkelingen van de haven, niet de juiste aanpak is.

Het gaat over een advies. Het is nog geen definitieve uitspraak. Maar het was toch even slikken bij dit advies, omdat ik het ook niet goed begrijp. Het is al tien jaar lang dat wij die proactieve natuur jaar na jaar aan de Europese Commissie rapporteren. Zij is daar ook altijd mee akkoord gegaan. De Europese commissaris is ter plaatse geweest en vond dat wij een goed voorbeeld waren, hoe wij er proactief voor zorgen dat de natuur in een goede staat van instandhouding is, zodat de effecten van de uitbreiding van de haven op voorhand worden opgevangen. Het is een consensusmodel, dat samen met de natuurorganisaties, de haven en alle betrokken overheden is uitgewerkt, om er op die manier voor te zorgen dat de ontwikkeling van de haven ook vlot zou kunnen verlopen.

Europa zegt nu in het advies dat die proactieve aanpak niet goed is en dat we project per project moeten gaan compenseren. Het is nog geen definitieve uitspraak. Het is wat zij melden aan de Raad van State. We hebben daar uiteraard al over van gedachten gewisseld binnen de Vlaamse Regering. We zijn recent ook een aantal keer samengekomen met de bevoegde minister voor de haven, mijn collega Ben Weyts. We zijn tot de conclusie gekomen dat het beste wat we op dit moment kunnen doen, is: ons verdedigen voor de Raad van State en die proactieve natuurontwikkeling overeind houden. Het zou immers desastreus zijn als dat verloren gaat.

Ik heb al een paar keer gezegd dat we ook andere pistes onderzocht hebben: de complexe projecten, eventueel een nooddecreet. We zijn samen met de bevoegde minister voor de haven, collega Weyts, tot de conclusie gekomen dat geen van die pistes een oplossing is op dit moment, omdat complexe projecten het dossier nog verder achteruit zouden schuiven en een nooddecreet op dit moment niet kan, omdat het ook niet de laatste piste is die je bewandelt, omdat er nog een procedure hangende is voor de Raad van State. Dat is de conclusie waar we samen toe gekomen zijn. We zullen voor de Raad van State de aanpak van proactieve natuur, op basis van alle elementen die we hebben, ook verder verdedigen.

Ik ben er ook zelf van overtuigd dat dit de beste manier van aanpak is in Vlaanderen voor de compensaties die gepaard gaan met de uitbreiding van de haven, op een verantwoorde manier, die ook goed is voor de natuur, die zorgt voor een robuuste natuur en voor een goede staat van instandhouding. Het zou slechter zijn als je project per project apart moet gaan compenseren. Dan krijg je veel minder goede resultaten. Dat is de stand van zaken, collega’s. Jammer genoeg zijn er geen andere mogelijkheden. Wij zullen dat dossier zeer goed verdedigen voor de Raad van State. Wij hopen dat het ruimtelijk uitvoeringsplan ook stand zal houden.

Mijnheer Vanbesien, ik ben een beetje verrast door uw vraag. U loopt al vooruit en u zegt: 'Alles zal wel vernietigd worden. Hebt u ergens een plan B?' Ik heb altijd begrepen dat de ontwikkeling van de haven en het RUP ter ontwikkeling van de haven van Antwerpen op een heel ruime consensus hebben kunnen rekenen, en dat iedereen de ontwikkeling van die haven belangrijk vindt. Het gaat hier om een RUP dat niet zomaar op maat van één project is geschreven, maar dat gaat over de ontwikkeling van de haven. Op dit moment gaan we ervan uit dat dat RUP op die manier verder kan worden uitgevoerd.

Minister, uw antwoord stelt mij allesbehalve gerust. Waar u in november en januari nog zei dat u de procedure ging voortzetten – waarover wij het met zijn allen eens zijn – en dat u de verdediging zou voeren voor de Raad van State, maar dat u naar alternatieve pistes ging zoeken, zegt u nu dat u dat niet gaat doen. U gaat gewoon afwachten. Dat is, voor alle duidelijkheid, voor ons geen optie. Ik hoop dat ik u verkeerd begrepen heb.

Ik wil hier vandaag iets zeer duidelijks zeggen. Wij staan voor het tweesporenbeleid. Minister Weyts doet er alles aan om binnen zijn bevoegdheden gronden aan te kopen en te onteigenen. De afdeling Maritieme Toegang heeft al tussen de 100 en 120 miljoen euro in die natuurontwikkeling geïnvesteerd. Niemand kan dat ontkennen. Maar natuurlijk verwachten wij daarvoor een heel duidelijke juridische verankering. Als wij dat blijven doen zonder dat alles in een ruimtelijke boekhouding zou geoormerkt worden als natuurontwikkeling noodzakelijk voor havenontwikkeling, dan is dat onhoudbaar.

Minister, ik vraag u dus heel nadrukkelijk opnieuw welke stappen u zult ondernemen en op welke manier u juridische duidelijkheid zult verschaffen als bevoegd minister om dit dossier uit het slop te trekken. Wachten is echt geen optie.

Minister, ik heb begrepen dat u niet alleen in persoonlijke naam spreekt maar namens de Vlaamse Regering.

Er is gekozen voor proactief natuurbeleid, en voor ruimere en grotere natuurgebieden, zodat men verschillende natuurdoelstellingen en synergiën in hetzelfde gebied kan realiseren. Dat was een uitdrukkelijke optie. Ik hoop dat u niet alleen met uw administratie dit dossier moet verdedigen, maar dat ook de haven- en natuurverenigingen, die mede deze aanpak hebben ondersteund, ten volle dit dossier op Europees niveau zullen steunen.

Minister, ik zal u wat verslagen doorsturen van de plenaire zitting van het Vlaams Parlement uit deze periode en ook van de commissie, toen we het er de laatste keer over hadden. Dan zult u begrijpen dat u niet verrast moet zijn door ons protest tegen de verdere uitbreiding van de haven op deze manier. Dat is economisch gezien echt niet de interessantste investering die wij kunnen doen. Dat zeggen wij al van in het begin.

Ik hoor wel een plan-B in wat u zegt. U zegt namelijk het volgende, en het is de eerste keer dat iemand van de regering dat zegt: “We hebben in de regering de piste van een nooddecreet bediscussieerd.” Tot nu toe zei de regering altijd: “Een nooddecreet? Dat is iets voor het parlement. Dat is een decreet, dat gaan wij in de regering nooit bespreken.” U zegt nu: “Wij hebben dat besproken. En we zijn tot de conclusie gekomen dat we dat nu niet gaan doen. Want we zijn nog niet aan het einde van ons Latijn. Nu, voorlopig, is dat nog niet aan de orde.” ^

Versta: zodra de Raad van State dit zou vernietigen, is het wel aan de orde. Dan gaat u een nooddecreet installeren. Zo begrijp ik wat u zegt. Ik vraag u om uw oogkleppen af te zetten en om te zoeken naar verschillende mogelijkheden om zowel juridisch, democratisch als economisch een betere beslissing te nemen.

De heer Van Malderen heeft het woord.

Ik hoop dat het voortzetten van de procedure bij de Raad van State in de eerste plaats is ingegeven door de onenigheid die we tussen de regeringspartijen kunnen waarnemen. Ik hoop dat die onenigheid er niet toe leidt dat we de blik afwenden van de onderliggende problematiek. Daar wil ik mij even op focussen.

Dat is met name het dreigende onevenwicht tussen lusten en lasten, tussen economische ontwikkeling en overlast. Ik wil de Vlaamse Regering in haar collegialiteit – hier staat nu minister Schauvliege maar eigenlijk had minister Weyts hier ook moeten staan – oproepen om op het terrein, heel concreet, werk te maken van die natuurcompensatie. Dat zal heel veel aan het draagvlak doen en dit soort van procedures vermijden.

We hebben het nu over natuurcompensatie. Maar er is overduidelijk ook het dossier van de mobiliteit, met name in het Waasland. Mevrouw De Ridder, het blijft toch wel heel stil als het gaat over de antwoorden van minister Weyts.

Minister Joke Schauvliege

Mevrouw De Ridder, misschien hebt u niet goed geluisterd, maar de wegen die we nu bewandelen en ook de conclusies met betrekking tot het opstarten van een procedure complexe projecten en dergelijke, dat is allemaal in nauwe samenspraak met de minister bevoegd voor de havens gebeurd. De minister gaat ook akkoord met de stappen die we op dit moment zetten. De alternatieven bieden geen oplossing op dit moment. Het lijkt me vooral heel belangrijk om dat hier aan te geven.

Mijnheer Vanbesien, als je op een bepaald moment wordt geconfronteerd met een schorsing en het feit dat de uitvoering van een toch wel heel belangrijk dossier en van een ruimtelijk uitvoeringsplan op de helling komen te staan, dan lijkt het me logisch dat je juridisch alle mogelijkheden onderzoekt, dat je bekijkt wat mogelijk is. Mochten we dat niet doen, dan zou men ons verwijten dat we niet alle mogelijkheden hebben bekeken. We moeten tot de vaststelling komen dat de beste garantie om dit snel uit te kunnen voeren, is de procedure voort te zetten. Op die manier kunnen we ook die proactieve natuurontwikkeling in de haven voortzetten.

Ook wij geloven dus in het verder uitvoeren van dat ruimtelijk uitvoeringsplan. We hebben ter zake zeer nauwe en goede contacten met mijn collega bevoegd voor de havens. We zitten volledig op dezelfde lijn. Alles gebeurt in samenspraak. Er zijn verslagen en rapporten van die vergaderingen. Er is dus absoluut geen onenigheid in de Vlaamse Regering ter zake.

Mijnheer Van Malderen, het is net die proactieve natuurontwikkeling die op dit moment al volop bezig is. We hadden ter zake eigenlijk al geanticipeerd en gezorgd voor die goede staat van instandhouding op het terrein. Dat heeft eigenlijk een veel beter effect dan wat de commissie nu van ons vraagt. De commissie stelt immers dat proactief zorgen voor een verbetering van de natuur, niet goed is. Ze vindt dat we moeten wachten tot we een klein projectje uitvoeren, en dan gaan compenseren. Dat is een heel andere aanpak. Het leek ons veel beter, in consensus met alle partijen, ook de natuurverenigingen, om die proactieve natuur daar te gaan ontwikkelen.

We zijn daar al tien jaar mee bezig. We rapporteren daar al tien jaar over aan de Europese Commissie. We hopen dan ook dat dit op die manier kan worden voortgezet. Het is de enige juiste manier in Vlaanderen op die plaats om die natuurcompensaties te realiseren, in acht nemend wat er in het verleden allemaal is gerealiseerd op dat terrein. Dat is het beste dat we kunnen doen in dit dossier.

Minister, is het Natuurdecreet aangepast? Is dat werk opgeleverd? Ligt dat klaar?

Ik zou toch een oproep willen doen om snel het gezonde boerenverstand te laten primeren. Voor alle duidelijkheid, in dit dossier bedoel ik dat dan zeer figuurlijk. De voltallige havengemeenschap kijkt naar u.

U bent bevoegd voor Natuur, Landbouw en Ruimtelijke Ordening. U hebt dus alle tools in handen om een oplossing te bieden. Gebruik die tools dan ook. U hoeft van mij heus niet toe te geven dat er in het verleden fouten zijn gemaakt in het dossier. Het enige dat we van u verwachten, is een oplossing. Afwachten is geen optie. Ik vraag u met aandrang om de nodige juridische zekerheid te verschaffen. Als bevoegd minister kunt u die zekerheid verschaffen. (Applaus bij de N-VA)

Minister, de haven kijkt naar u, maar het Waasland kijkt ook naar u. Die twee hoeven niet tegenstrijdig te zijn. Het Waasland is niet tegen een verdere ontwikkeling van de haven, maar dat moet op een evenwichtige manier gebeuren. Daarbij is de mobiliteit, waarvoor minister Weyts verantwoordelijk is, uiteraard een heel belangrijk dossier. Onze collega van sp.a had het over inzetten op natuur. Ik denk dat ook de terreinbeheerders vandaag reeds een grote verantwoordelijkheid hebben.

Minister, ik wil in eigen naam alleen nog eventjes het volgende onderstrepen. De land- en tuinbouwers hebben reeds viermaal gronden opgeofferd: voor de havenontwikkeling, voor de uitdieping van de Schelde, voor natuurgebieden die waren ontstaan op opgespoten gronden die decennialang hebben liggen wachten op ontwikkeling, en voor proactieve natuur. Ik denk dat het op dat vlak voldoende is geweest.

Minister, u zegt dat het toch normaal is dat we alle mogelijkheden bekijken en dat we ook al eens een nooddecreet bekijken. Het is dus volgens u normaal dat we al op voorhand gaan denken: in het geval we juridisch in het ongelijk zouden worden gesteld, gaan we gewoon kort door de bocht, vatten we het parlement en doen toch onze zin. Ik vind dat niet zo normaal. Ik, als parlementslid en als democraat, hoop wél dat regels enige zin hebben. Ik geloof wél dat we ons als parlement niet moeten laten gebruiken om de fouten die een regering maakt, of de projecten die ze er niet door krijgt, er dan toch maar langs een achterdeur door te sluizen. Als u zegt: er was hier toch altijd consensus over, dan moet u eens luisteren naar maatschappelijke en academische stemmen. Ik spreek onder meer over Geert Noels, die zegt dat deze investering dwaas is, dat er veel te weinig jobs en return op de investering mee zullen worden gerealiseerd. Ik refereer naar professor Winkelmans, die zegt dat de bestaande oververzadiging van de snelwegen in het Waasland en in het Antwerpse zal worden versterkt. Ik verwijs naar landbouwers enzovoort. U overschat zwaar de maatschappelijke consensus daarover. Ik doe ten derden male mijn oproep om breder te kijken en ook andere pistes van oplossingen te zoeken.

De actuele vragen zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.