U bent hier

De voorzitter

Dames en heren, aan de orde is het actualiteitsdebat over de uitvoering van het masterplan voor de hervorming van het secundair onderwijs.

Het debat is geopend.

Mevrouw Gennez heeft het woord.

Voorzitter, dames en heren, minister-president, minister van Onderwijs, vandaag hebben we echt met u te doen, heel oprecht. De sp.a-fractie leeft met u mee omdat we oprecht bezorgd zijn over de toekomst van het Vlaams onderwijs. We hebben nood aan een ingrijpende en duurzame hervorming van het secundair onderwijs, op maat van alle talenten en alle interesses van alle kinderen in Vlaanderen. De doelstelling van een duurzame hervorming van het secundair onderwijs over de partijgrenzen heen is sterke leerlingen nog sterker maken en zwakke leerlingen echt sterk maken om ze een toekomst te bieden. Dat is ooit begonnen met Accent op Talent met voormalig minister Vanderpoorten en wordt vandaag herhaald in het regeerakkoord. We willen hun een toekomst geven in onze samenleving als burger en een toekomst op onze arbeidsmarkt om onze economie te doen groeien.

Ja, de analyses zijn bekend. Ons onderwijs doet het goed. We staan aan de wereldtop als we onze 15-jarigen laten lezen, laten rekenen en wetenschappelijke inzichten laten verwerven. Maar – en dat moet ons allemaal bezorgen – we stagneren en gaan zelfs achteruit. Bovendien studeert 12 procent van onze jongeren af zonder diploma, zonder getuigschrift. Dat is een ongelooflijk probleem, uiteraard voor de jongeren zelf omdat dit hun toekomstkansen hypothekeert,  maar ook voor de hele samenleving en de hele economie. Een ander probleem is dat we in ons onderwijs goed gemiddeld presteren, maar dat de kloof tussen de toppresteerders en de leerlingen die het wat moeilijker hebben, schrikbarend groot is. De analyse is gekend en gemaakt, het kader voor een oplossing ook. Althans dat dachten wij.

Minister, u hebt sinds uw aantreden heel erg duidelijk gemaakt dat u het onderwijs niet alleen zou hervormen. U hebt daar gelijk in. Onderwijs hervorm je alleen maar als je iedereen mee hebt, alle stakeholders, leerkrachten, leerlingen, ouders, directies en in dit geval zelfs werkgevers en vakbonden. Er was een draagvlak voor een ingrijpende hervorming en die was neergeschreven in het masterplan secundair onderwijs. Dat is onder de vorige regering – soms wel een beetje met de ijzers – tot stand gekomen en door deze regering gehonoreerd. U zei dat u daarbij doelgericht te werk zou gaan en stapsgewijs. U wilde mogelijkheden geven aan scholen om hun invulling te geven zodat het echt aangepast is aan het traject en de omgeving van leerlingen met een regionale spreiding. Bij een onderwijshervorming hebben we het niet in de eerste plaats over structuren, maar over de toekomst van alle kinderen. Die principes staven inderdaad het masterplan. De doelstelling is heel simpel: elk talent van elk kind maximaal prikkelen om elk kind de juiste studiekeuze te laten maken.

Deze doelstellingen en principes zijn breed gedragen. Ik geef enkele voorbeelden. Vandaag geeft de Vlaamse Onderwijsraad (Vlor) een opinie die zegt dat scholen op het terrein op dit moment bezig zijn om de hervorming in de steigers te zetten. Ze organiseren zich als domeinscholen met een bredere eerste graad om kinderen op 14 jaar een duurzame en goede keuze te laten maken. Lieven Boeve en Raymonda Verdyck, constructieve maar soms ook kritische waarnemers en partners in het onderwijsdebat, lieten begin september nog weten dat de invoering van het nieuwe systeem vanaf het schooljaar 2018 een goede zaak was en dat het zelfs vroeger mocht omdat er echt nood aan is. Het ouderpanel van de Koning Boudewijnstichting kwam tot aanbevelingen die heel erg stroken met wat in het masterplan staat. Voka riep in 2013 al op om snel door te zetten met die hervorming van het secundair onderwijs omdat onze arbeidsmarkt meer technische profielen nodig heeft.

Breed gedragen dus, maar helaas, mevrouw Rutten, heeft het er alle schijn van dat het draagvlak niet breed genoeg is.

Groot was onze verbazing bij de noodkreet die de liberale partijvoorzitter deze ochtend slaakte, over de hervorming van dat secundair onderwijs: de gesprekken liggen stil, en erger nog, het is onzin. De vraag die we ons dan moeten stellen, voorzitter, politiek en maatschappelijk, is: is dit een splinterbom die duizenden slachtoffers dreigt te maken, namelijk de kinderen in ons onderwijs? De vraag is dan ook heel simpel: minister, hoe serieus meent u het met de hervorming van ons onderwijs? Hoe in godsnaam gaat u alle partners in uw regering mee aan boord krijgen? Hoe denkt u dat dat in 2018 effectief gerealiseerd kan zijn?

Voor ons zijn dat vele vragen, voor die duizenden leraars en ouders zijn dat vele vragen, voor u hopelijk een weet. Alvast één geruststelling, minister, in deze ongetwijfeld moeilijke tijden voor u: op sp.a kunt u rekenen voor een goede hervorming van ons secundair onderwijs. (Applaus bij sp.a)

De voorzitter

De heer Daniëls heeft het woord.

Voorzitter, minister, collega’s, ik dacht: er komt rust in het onderwijs. Ik denk dan ook dat we de debatten over het onderwijs in alle rust moeten voeren. Voorzitter, daarom vraag ik om niet onderbroken te worden.

Ik ben verrast dat ik vandaag hier sta, want we waren zeer intens aan het werken om de hervorming, de modernisering van ons secundair onderwijs te operationaliseren en te concretiseren, om ons secundair onderwijs, en bij uitbreiding ons volledig onderwijs, te versterken en om alle leerlingen, àlle leerlingen, te laten excelleren.

Ons onderwijs is vandaag goed, zoals collega Gennez heeft gezegd. Wij hoeven ons collectief geen onderwijsdepressie aan te praten dat we de laatsten van de wereld zijn. Neen, we doen het goed, maar, voor degenen die zouden denken dat de N-VA niets wil veranderen, we weten dat er een aantal pijnpunten zijn. Die pijnpunten willen we oplossen met doelgerichte en concreet uitvoerbare maatregelen.

Dat wil dus niet zeggen dat we gaan voor een gigantische structuurhervorming à la vernieuwd secundair onderwijs (vso). Voor wie niet goed weet wat dat was: vso was een dure, onorganiseerbare structuurhervorming die de kwaliteit geen goed heeft gedaan. Maar wat dan wel? Wel, een aantal concrete maatregelen, ook in het basisonderwijs, geen big bang. Collega Kris Van Dijck en ook de vorige minister-president hebben het nog gezegd: geen big bang in het onderwijs! Wel concrete maatregelen, zoals wetenschap en techniek in het basisonderwijs. Collega’s, eindelijk, eindelijk zullen tso en bso de waarde krijgen die ze hebben, namelijk dat in het basisonderwijs wetenschap en techniek op dezelfde gronden worden bekeken als Nederlands en wiskunde. Eindelijk! Eindelijk gaan we het getuigschrift basisonderwijs laten getuigen van waar het voor dient. Van wat getuigt dat? Waarvoor staat het? We gaan de interdiocesane proeven gebruiken om een ijkpunt te hebben.

We gaan inzetten op de lerarenopleiding. Want, collega’s, wij gaan het niet doen, het zijn de leraren die het gaan doen. Voor hen moeten we specifieke maatregelen nemen. Collega Celis heeft al een aantal keer op die nagel geklopt.

We gaan tso en bso waarderen. Ik heb het al gezegd, maar ik kom er nog eens op terug. In de eerste graad gaan we wetenschap en techniek opnemen in de basisvorming. Deze regering gaat zeggen dat wetenschap en techniek een basis is voor iedereen, voor iedereen! Daar gaat het over, collega’s! In het regeerakkoord staat ook dat we in tso- en bso-scholen gaan investeren in de infrastructuur zodat mensen bewust en actief kiezen voor dat tso en bso.

Het gaat over inhoud, collega’s, niet over ballonnetjes. Inhoud, daar gaat het over. Om die reden is er ook het debat van de eindtermen. Er is geen fundamentelere inhoud dan dat! De minister heeft dat samen met het parlement op gang getrokken. We gaan daarmee voort.

Oriëntering van leerlingen, daar gaat het toch over? Zit iedereen op de plaats waar hij hoort te zitten? Kijken we naar de interesses van leerlingen? Houden we rekening met hun capaciteiten? Wel, die oriëntering start in het basisonderwijs. We trekken het centrum voor leerlingenbegeleiding (CLB) er mee in, met de audits. Mevrouw Krekels en mevrouw De Meulemeester zijn daar heel intens mee bezig. Er is de oriënteringsproef op het einde van het secundair onderwijs, om aan te geven dat jongeren geen kansen verspelen en niet onnodig blijven ronddwalen in een richting waar ze niet gedijen. Slechts 27 procent van de studenten die starten met hoger onderwijs haalt de eindmeet. Laat ons daar concreet op inzetten.

Het kluwen van alle studierichtingen in het secundair onderwijs. Ik hoor heel de tijd spreken van ‘zoveel interkabinettenwerkgroepen (IKW’s)’ en ‘wat gebeurt daar?’ Het vraagt tijd om dat kluwen te ontwarren en om rekening te houden met die screening. Dat gaat niet van de ene dag op de andere. De N-VA wil naar buiten komen met iets dat afgewerkt is, afgerond, organiseerbaar en effectief duidelijk.

Het zal u niet verbazen dat ik toch nog even begin over het Nederlands. Kinderen die niet het Nederlands als thuistaal hebben, hebben drie keer meer kans om ongekwalificeerd uit te stromen. Daar willen wij ook op inzetten met een taalbad en met taalscreening. Laat ons daarop inzetten.

Collega’s, wat wij nodig hebben in ons secundair onderwijs en in de totaliteit van ons onderwijs, is een onderwijs dat voortbouwt op de goede dingen die er zijn. Tene quod bene! Geen big bang! Geen eenheidsworst, maar gerichte maatregelen. Ik hoop dat we in die constructieve, doelgerichte en inhoudelijke sfeer kunnen voortwerken. (Applaus bij de meerderheid)

De voorzitter

Mevrouw Meuleman heeft het woord.

Collega’s, waar we vandaag over debatteren, dat is zo essentieel! Wat doen wij aan die grote groep jongeren, zeker in onze steden, die de school verlaten zonder diploma en dus onvoorbereid aan het leven moeten beginnen? Welke maatregelen moet de Vlaamse Regering nemen om die jongeren onderweg niet te verliezen?

Toen ik deze morgen de voorpagina van de krant zag, dacht ik: nee, niet opnieuw! Niet opnieuw geruzie en politieke profilering op de kap van ons onderwijs, onze leerkrachten, onze scholieren. Niet opnieuw geroep zonder daadkracht, zoals de vorige regering hierover al vijf jaar ruzie heeft gemaakt, op een dossier waar leerkrachten, leerlingen en hun ouders nu echt oplossingen verwachten. Niet weer verwarring, chaos en onzekerheid voor iedereen die bij ons onderwijs betrokken is.

Het is echt niet zo moeilijk, beste collega’s van CD&V, de N-VA en Open Vld. De analyse van de uitdagingen voor ons Vlaamse onderwijs is al tot in den treure gemaakt en iedereen deelt ze: we hebben goed onderwijs met leerkrachten die elke dag het beste van zichzelf geven. Maar er zijn een aantal knelpunten waar we echt iets moeten aan doen. Een veel te grote groep leerlingen – zeker in onze steden – verlaat de school zonder diploma. Iedereen is het daarover eens. Jongeren raken gedemotiveerd omdat ze geen studierichting kiezen op basis van hun talenten en interesses, maar op basis van hun afkomst. Ze zijn sociaal bepaald. Iedereen deelt die analyse. En de kwaliteit van ons onderwijs is nog steeds goed, maar dalend. Niet wij zeggen dat, de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) zegt dat.

Ook de oplossingen zijn ook duidelijk. Groen, maar ook de OESO in een zeer recent en duidelijk rapport over het Vlaamse onderwijs, zegt: ga de strijd tegen schooluitval aan door versterking van de kleuter en het lager onderwijs. We zijn het daarmee eens, we moeten dat doen. Maar de OESO zegt ook zeer duidelijk: stel de studiekeuze van leerlingen uit zodat ze positief en gemotiveerd kiezen. En doe iets aan het watervalsysteem. Want het foute idee dat in de hoofden van de mensen leeft, dat er een hiërarchie is tussen richtingen, dat aso beter zou zijn dan tso en bso, moet verdwijnen. Dat moet uit de hoofden van de mensen en wij moeten daar iets aan doen.

Maar in plaats van de aanbevelingen van de OESO ter harte te nemen, maakt deze Vlaamse Regering nog maar eens ruzie. En, minister-president, in plaats van met één duidelijke visie te spreken, uit één mond, zoals een regering die naam waardig hoort te doen, horen wij spreken met drie tongen en vanuit drie visies.

Eén, de elitescholen van de N-VA, een N-VA die het watervalsysteem wil laten bestaan en niet wil aanpakken. Twee, de afgezwakte ‘modernisering’ van minister Crevits gebaseerd op een draak van een politiek compromis uit de vorige legislatuur. En het ‘speedy pass’-onderwijs van Gwendolyn Rutten dat sterke kinderen al vanaf tien jaar in aparte modules wil zetten.

Dat zijn drie stemmen, drie visies, waarbij de N-VA zegt: er is een masterplan maar we trekken er ons geen moer van aan, voor ons is het veel belangrijker wat er in de atomaschriftjes staat. (Rumoer)

CD&V zegt: er is een masterplan en we gaan het uitvoeren. En Open Vld zegt: er is een masterplan en we gaan het openbreken. Dat kan niet, minister-president, dat kan niet voor een Vlaamse Regering.

Groen wil op korte termijn zeer duidelijke taal, minister. Of uw regering komt voor de paasvakantie met een duidelijke visie, goedgekeurd en gedragen door de hele Vlaamse Regering of we halen het dossier uit de handen van de regering, naar het parlement. Groen wil oplossingen. Deze chaos en dit geruzie moet stoppen. Onderwijs is zo fundamenteel, u hebt een verpletterende verantwoordelijkheid. (Applaus bij Groen en sp.a)

De voorzitter

Mevrouw Helsen heeft het woord.

Kathleen Helsen (CD&V)

Voorzitter, minister, minister-president, er is al heel veel van gedachten gewisseld over het masterplan onderwijs, over de hervorming van het secundair onderwijs, over de modernisering van het onderwijs, en zopas hebben ouders zich in de diepte uitgelaten over de hervorming van het secundair onderwijs. Daar is niets mis mee. Voor ons is het geen enkel probleem om vandaag nog eens te stellen waar het op staat. Ik zal het onmiddellijk hebben over de feiten.

De collega’s hebben er al bij stilgestaan. Onze onderwijsresultaten zijn goed. We hebben kwalitatief sterk onderwijs, maar we zien dat we achteruitgaan op verschillende vlakken. Het is niet enkel en alleen een achteruitgang ten opzichte van onszelf, maar ook ten opzichte van andere regio’s. Zowel de zwakpresterende als de sterkpresterende leerlingen gaan achteruit. Dat is een oranje knipperlicht dat er ons moet toe dwingen om te bekijken hoe we deze achteruitgang kunnen aanpakken.

We stellen ook vast dat de overgang tussen het basis- en het secundair onderwijs niet altijd even vlot verloopt. We zien dat de ongekwalificeerde uitstroom nog altijd te groot is. We moeten dat aanpakken. We zien dat er nog steeds negatief gekeken wordt naar de tso- en bso-opleidingen die sterk en goed zijn, en die onze arbeidsmarkt enorm nodig heeft. Die herwaardering moeten we realiseren.

Daarom werd er een masterplan opgemaakt. Dat werd in de vorige legislatuur goedgekeurd door CD&V, de N-VA en sp.a. Het regeerakkoord werd mede ondertekend door Open Vld.

De voorzitter

Mevrouw Gennez heeft het woord.

Ik ben het absoluut eens met mevrouw Helsen, er zijn akkoorden gesloten die de basis vormen voor de hervorming. Ik vraag me af wat u vindt van de demarche van uw collega’s van Open Vld. Ze zeggen eigenlijk dat dit een vodje papier is. Dat ze een regeerakkoord gesloten hebben waar ze niet mee over onderhandeld hebben, dat wisten we al. We wisten nog niet dat ze het niet hadden gelezen en toch ondertekend. Hoe ziet u de realisatie van die hervorming?

Kathleen Helsen (CD&V)

Mevrouw Gennez, het masterplan is duidelijk. In het masterplan staan 25 duidelijke doelen vooropgesteld, zowel met betrekking tot het secundair onderwijs als tot het basisonderwijs. We hebben in het masterplan niet alleen de doelen bepaald, maar ook vastgelegd welke concrete maatregelen we willen nemen.

Ik kan u zeggen dat diverse maatregelen reeds uitgevoerd zijn, dat er heel wat in voorbereiding zijn en dat het belangrijk is dat we dit masterplan verder uitrollen.

We hebben ook heel duidelijk kunnen vaststellen dat er een duidelijke ondersteuning is voor de uitvoering van dit masterplan. Zowel onderwijskundigen als de scholierenkoepel hebben heel duidelijk te kennen gegeven dat ze het belangrijk vinden dat het masterplan uitgevoerd wordt. Wij zullen ons daar ook voor blijven inzetten.

Momenteel zijn we binnen de meerderheid reeds meerdere weken in overleg. We zijn vragende partij om dat overleg voort te zetten. We willen daarbij heel duidelijke doelen vooropstellen.

Mevrouw Helsen, ik wil u toch even herinneren aan wat er vandaag is gebeurd. Iedereen van de meerderheid rammelt hier nu een lesje af en doet alsof er geen vuiltje aan de lucht is, maar ik heb mevrouw Rutten toch horen zeggen, zelfs daarnet nog in Villa Politica, dat als er geen aanpassingen zijn, ze dit masterplan niet zal ondertekenen.

U bent hier nu het masterplan aan het uitleggen en aan het verbeteren, maar u vergeet dat een regeringspartij, een coalitiepartner van u, zegt dit niet te willen uitvoeren of ondertekenen. Ik weet niet wat u eigenlijk aan het zeggen bent, mevrouw Helsen. (Applaus bij Groen en bij sp.a)

Kathleen Helsen (CD&V)

Mevrouw Meuleman, ik ben aan het zeggen dat ik heel duidelijk vooropstel wat de feiten zijn en dat we duidelijke akkoorden hebben gesloten. Daar staat in dat het masterplan gerealiseerd wordt. We zijn binnen de meerderheid volop aan het bekijken hoe we het verder zullen uitrollen. Wij vinden het belangrijk dat de doelen die vooropgesteld zijn, ook behouden blijven. We moeten ze goed voor ogen blijven houden.

Ik heb al gezegd wat een belangrijk doel is: de degelijke vorming die elke leerling moet krijgen in het secundair onderwijs, maar ook een heel duidelijke oriëntering en begeleiding van elke leerling binnen dat onderwijs.

Ik heb het beeld vorige legislatuur moeten gebruiken en ik moet het nu opnieuw gebruiken: de Titanic zonk en het orkest speelde voort.

Dat is nu weer aan het gebeuren. Dat kan niet. Dat willen de leerkrachten niet. Ons onderwijs is meer waard. Er moet een duidelijke visie komen van de Vlaamse Regering met één standpunt, uit één mond. Zo regeren regeringen. Zo niet, is dit geen Vlaamse Regering, maar een kleuterklas, een verdeelde ploeg en daarmee kunnen wij niet verder. (Applaus bij Groen en sp.a)

Joris Vandenbroucke (sp·a)

Mevrouw Helsen, u bent u al de tweede eminente onderwijsspecialist van de meerderheid die bewijst de dossiers goed te kennen. Net zoals de heer Daniëls hebt u mooi de krachtlijnen geschetst van het masterplan. We zijn het daar uiteraard over eens. U hebt er nog aan toegevoegd wie het er allemaal mee eens is in het parlement, in de regering en buiten het parlement.

Het probleem is natuurlijk dat uw coalitiepartner, Open Vld, het niet eens is met dat masterplan! Ik heb gehoord en gelezen wat mevrouw Rutten zegt, namelijk dat haar partij geen handtekening zet onder dit masterplan – uiteraard heeft ze dat anderhalf jaar geleden wel al gedaan, maar dat vergeten we voor het gemak even. Mevrouw Rutten zegt dat ze het fundamenteel oneens is met dat masterplan. Ze werpt nu een aantal ballonnetjes op: meer differentiatie in het lager onderwijs en een ‘viermaal vier’-systeem.

Blijkbaar is er al heel lang overleg binnen de meerderheid. Liggen die ideeën op tafel? Ik heb ze nog niet gezien. Ik heb de minister-president vandaag horen zeggen dat ook hij nog geen ideeën van de liberalen op de regeringstafel heeft zien liggen. U bent al anderhalf jaar bezig, mijn vraag is dan ook heel eenvoudig. Hebt u kennis van de voorstellen van Open Vld en in welke mate zijn ze compatibel met het masterplan, dat de partij mee heeft ondertekend? (Applaus bij sp.a en Groen)

Kathleen Helsen (CD&V)

U geeft differentiatie als voorbeeld. En ja, dat is opgenomen in het masterplan, we zijn het erover eens dat differentiatie meer dan ooit belangrijk is. We willen net op dat punt het verschil maken: meer differentiatie in het secundair onderwijs willen wij heel duidelijk realiseren. Het is opgenomen in het masterplan, het is er een belangrijk onderdeel van. We willen binnen de eerste graad de verkennende oriënterende rol ten volle laten spelen en differentiatie is daar een heel belangrijk element van. (Opmerkingen van Joris Vandenbroucke)

Ook dat, ook de differentiatie binnen het lager onderwijs staat in het masterplan! Het is er heel duidelijk in opgenomen. We zijn het er met de meerderheid unaniem over eens dat het cruciaal is. Niemand stelt in vraag dat we moeten bekijken hoe we via een proeftuin in die derde graad van het lager onderwijs in de toekomst die differentiatie kunnen doorvoeren, op welke manier dat binnen het basisonderwijs kan worden gerealiseerd. Dat staat in het masterplan. Dat heeft uw fractie mee goedgekeurd en daar staan we binnen de meerderheid ten volle met zijn allen achter.

De voorzitter

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

Collega’s, ik wil u toch eens confronteren met een passage uit het masterplan die over het basisonderwijs gaat. We willen de “differentiatie-inspanningen in het hele basisonderwijs consolideren en waar nodig versterken, zowel binnen als buiten de klas en zowel remediërend als uitdagend. In de 3de graad BaO wordt de differentiatie nog versterkt door de sterke leerlingen meer uit te dagen en de zwakkere leerlingen de kans te geven de eindtermen te behalen”. Dat staat letterlijk in het masterplan.

Er moet me vandaag iets van het hart. Er zijn hier zonder uitzondering mensen op het spreekgestoelte komen staan die ook de bijeenkomsten van de interkabinettenwerkgroepen en de meerderheidsoverlegmomenten met heel veel inzet en heel veel dossierkennis mee begeleiden. Ik zal niet aanvaarden dat wat we inhoudelijk op dit ogenblik met veel ernst aan het voorbereiden zijn, wordt weggezet als politieke spelletjes, en ik ben er bijzonder ongelukkig over dat vandaag een partijvoorzitter in de krant de indruk gaf dat ze met nieuwe voorstellen komt die in geen enkel plan staan, want het gros van die voorstellen staan erin. Laten we dus alstublieft niet spelen. (Applaus bij CD&V)

Voorzitter, ik ben het uiteraard eens met het citaat van de minister. Dat klopt als een bus. We moeten dan vaststellen dat ze bij Open Vld bij het ondertekenen van het regeerakkoord niet alleen dat document niet hebben gelezen, maar dat ze ook het masterplan niet hebben gelezen, waarop ze dan nu zo’n harde kritiek geven. Dan is de vraag: wat wil men nu eigenlijk? Differentiatie in het basisonderwijs is inderdaad mogelijk. In tweets zegt mevrouw Rutten helemaal achter de aanbevelingen van het ouderpanel te staan dat de minister organiseert. Wel, die aanbevelingen zijn nogal duidelijk. Men gaat voor een brede eerste graad, met domeinscholen, met een definitieve studiekeuze op 14 jaar, met een herwaardering van tso en bso en dus een afschaffing van die vormen aso, bso en tso. En wat zegt Open Vld? Weet u wat, beste ouders? Aso, bso en tso, laat dat maar bestaan. Weet u wat, beste ouders? Die brede eerste graad, dat is voor ons niet belangrijk: wij willen vier-maal-viermodules. Dat zijn zestien jaar, dat is heel veel. Collega’s, de voorstellen van Open Vld zijn niet compatibel met het masterplan, tenzij ze het niet hebben begrepen of niet gelezen.

Mevrouw Rutten, ik zou één oproep willen doen. U hebt zeer constructieve collega’s: de heer De Ro en mevrouw Brusseel denken dag na dag mee na in de commissie over hoe we die noodzakelijke hervorming van dat secundair onderwijs kunnen realiseren. Er is veel overeenstemming, maar wat u nu doet, is heel het onderwijsveld ongerust maken. U gedraagt zich als een pyromaan op een hooizolder. We hebben met al deze partijen en met heel veel maatschappelijke stakeholders, met de netten, met de vakbonden, met de werkgevers, een steil trapje beklommen, heel moeizaam. Nu zouden we inderdaad het comfort moeten vinden om dat ook uit te rollen. Daar wacht men op. Als u echter met één vingerknip zegt dat het eigenlijk maar om te lachen was, dan lacht u eigenlijk al die tienduizenden leraars, die honderdduizenden ouders en die miljoenen leerlingen in hun gezicht uit. (Applaus bij sp.a en Groen)

Minister Hilde Crevits

Mevrouw Gennez, bedankt. Ik ben het eens met een deel van uw betoog, maar ik wil u toch op één punt corrigeren, tenzij ik u verkeerd heb begrepen. Het masterplan dat we in de vorige legislatuur hebben goedgekeurd, was geen socialistische eenheidsworst. Het was ten eerste niet een plan van de socialisten alleen, maar van de drie partijen die in de regering zaten. Ten tweede was het ook geen eenheidsworst.

Als u vandaag zegt dat we naar een brede eerste graad gaan, zoals die ooit werd geformuleerd, dan kan ik u zeggen: dat wordt het niet! Het masterplan betekent: differentiëren en oriënteren. Dat is wat collega Helsen heeft gezegd en zo gaan we dat uitvoeren. U moet dus ook het masterplan correct citeren.   

De voorzitter

De heer Rzoska heeft het woord.

Af en toe vraag ik mij af, onder deze glazen stolp die, nu het donker wordt, niet langer doorschijnend is, wat voor theaterstuk ik hier aanschouw. Straks ga ik naar de boekvoorstelling van collega Van Rompuy. Maar voor een goed onderwijsdebat, zeker als één van de coalitiepartners buiten de lijnen begint te kleuren, wou ik nog even blijven. Eerlijk gezegd, kan ik niet goed meer volgen. We zitten hier met een actualiteitsdebat dat vakkundig opgepookt is vanuit een meerderheidspartij. Mevrouw Rutten, u bent daarmee begonnen en u hebt er dan nog een slag bovenop gedaan. Ik vraag me trouwens af waar uw viceminister-president Turtelboom zit. Minister Gatz deed er vanochtend op de radio ook nog een uitspraak bovenop, namelijk dat er vijftien keer werd vergaderd zonder een meter vooruitgang te boeken en dat het dan misschien goed was om het debat inhoudelijk open te gooien. Minister Crevits reageerde daarop als volgt: “Ik ben verrast dat de voorzitter van Open Vld zich nu lanceert als woordvoerder van Onderwijs. De teneur van het artikel en de scherpte staan haaks op de gesprekken die we voeren. De modernisering is zo belangrijk dat ze weinig politieke ruzie verdraagt. Er is een regeerakkoord dat Open Vld met volle goesting heeft getekend.” 

Mevrouw Rutten, ik vraag het u rechtstreeks: wat is hiervan eigenlijk de bedoeling? Waarom wijden we hier een avondvergadering aan? Het enige wat ik tot nu toe kan concluderen, tenzij u mij van het tegendeel kunt overtuigen, is dat u blijkbaar iets nodig had om uw kandidatuur als voorzitter te versterken. (Applaus)

We organiseren een actualiteitsdebat zodat u zich nog eens kan profileren. Misschien ontneemt u zo mogelijke tegenkandidaten de goesting om mee te dingen, maar ik hoop dat er toch nog zullen opstaan.          

De voorzitter

Mevrouw Rutten heeft het woord.

Voorzitter, ik ben ontroerd door de betrokkenheid van de heer Rzoska, maar als onze voorzittersverkiezing hem zo boeit, kan ik hem een lidkaart aanbevelen en dan kan hij mee komen kiezen.

Mijnheer Rzoska, u hebt dit debat gevraagd, we voeren dit debat en ik zal op de tribune ons punt maken. Als we als partij een punt wil maken, staan we daarvoor op één lijn en ik heb er geen problemen mee om dat punt hier straks op de tribune te maken.

Collega’s, het gaat om ons allerbelangrijkste goed. We hebben geen grondstoffen. We zijn logistiek interessant gelegen, maar op onze wegen staan we meer stil dan we vooruit gaan. We hebben wel mensen met competenties en hersenen. (Gelach)

Voorzitter, ik raak blijkbaar een gevoelige snaar…

De voorzitter

Aan een ontlading van het parlement kan ik niets doen, daarvoor ben ik niet verantwoordelijk. (Gelach. Applaus)

Gaat u verder met uw betoog.

Dus als we over onderwijs spreken, in de regering en hier, vind ik dat dit Vlaams Parlement, dat voor 100 procent bevoegd is voor onderwijs, ambitie mag tonen in wat het wil. We mogen hier ambitie tonen in wat we hervormen. Dat was mijn boodschap in de krant, en dat is mijn boodschap hier en nu. Wat ik zeg, is dat de problemen die we vandaag zien in het secundair onderwijs, beginnen in het kleuteronderwijs en in het basisonderwijs. Dat is zoals met de wortels van een boom. Als de basis niet goed zit, dan komt het met de bovenbouw niet goed. Je mag tien onderwijshervormingen van het secundair doen, als de basis niet goed zit, dan lukt het niet. Dat is mijn boodschap.

Open Vld is vragende partij, ik zal het hier nog eens herhalen, om kinderen vanaf 2,5 of 3 jaar naar school te laten gaan. Elk kind dat niet naar school gaat in de kleuterklas, heeft een grotere kans om nadien zonder diploma de school te verlaten. Elk kind dat in het basisonderwijs zijn start mist, heeft nadien de kans om fout te lopen. Daar zal geen enkele hervorming van het secundair onderwijs iets aan veranderen, als je niet eerst die basis aanpakt. U mag zich daar druk over maken, u mag van mij vinden dat u het over voorzittersverkiezingen moet hebben, u mag van mij vinden dat u moet klagen over een debat dat u zelf hebt gevraagd, u mag van mij klagen over stijl of wat dan ook, maar de essentie is: als we het probleem niet bij de basis gaan aanpakken, als we het probleem niet bij de wortels aanpakken, dan lossen we het nooit op, wat we elkaar ook proberen wijs te maken. (Applaus bij Open Vld)

Minister Hilde Crevits

Ik was niet van plan om te reageren, maar ik ga het nu toch doen. U hebt me eigenlijk een beetje geschoffeerd daarnet. U hebt gezegd: als onderwijs zo belangrijk is, dan verwachten we wat ambitie. Wel, eigenlijk moet u misschien eens starten met alle stukken te lezen. Ik heb u deze middag gehoord in het nieuws op de televisie, op het VRT-journaal. U hebt daar letterlijk – en ik heb drie keer opnieuw gekeken, omdat ik niet geloofde wat u zei – gezegd: “in het regeerakkoord staat welgeteld één zin over onderwijs”. Mevrouw Rutten, bekijk het opnieuw, u hebt gezegd: in het regeerakkoord staat één zin over onderwijs.

Ik heb het regeerakkoord bij me. Als dat de wijde wereld ingaat, dan zou u een punt hebben. Ons Vlaams onderwijs verdient heel veel aandacht van deze regering. We geven die aandacht ook. Er staan negen pagina’s in, in het korte regeerakkoord, over het onderwijs, en er is een apart hoofdstuk over het basisonderwijs, waarin bepalingen zijn opgenomen over hoe we het met de kleutertjes gaan doen. Ik zal het u voorlezen: “We zetten in op een maximale participatie aan het kleuteronderwijs. Kinderen vanaf 3 jaar willen we zoveel mogelijk daadwerkelijk naar school doen gaan”. U hebt dat goedgekeurd. (Applaus bij CD&V, de N-VA, sp.a, Groen en Vlaams Belang)

Mevrouw Rutten, ik ga verder: u verwijst vervolgens naar die ene zin, in andere interviews, over het masterplan. Achter die ene zin zitten 27 pagina’s, zorgzaam samengesteld, vol maatregelen, 71 in totaal, die moeten worden uitgevoerd. Als daarover al 17 vergaderingen zijn gevoerd, dan ben ik daar eigenlijk trots op. Ze worden met heel veel zorg, door heel deskundige mensen gevoerd en besproken. Ik hoop dat er nog 15, 17 of 20 vergaderingen over ons onderwijs gaan, want het is inderdaad het allerbelangrijkste wat we hebben. (Applaus bij CD&V en de N-VA)

Mevrouw Crevits, u bent een uitstekende minister van Onderwijs. Daar mag wat mij betreft ook een flink applaus voor gegeven worden. U hoeft zich op geen enkel moment persoonlijk aangesproken te voelen door wat ik zeg. Mijn mening gaat over de inhoud en niet over u als persoon. Het siert u dat u het onderwijs enorm in uw hart draagt. Dat siert u, en ik wou dat dat voor iedereen op de banken evenzeer zou tellen.

Maar ik heb blijkbaar een snaar geraakt. Ik heb blijkbaar iets gezegd, namelijk dat dat zogenaamde masterplan – waarvoor in de vorige legislatuur stoelen en banken door dit parlement zijn gevlogen, waarover ruzie is gemaakt met een voorzitter die hier niet durfde komen zitten om zijn mening te zeggen, maar die in het Koffiehuis stond – een compromis is tussen socialisten en nationalisten, en dat het eigenlijk geen duidelijke visie heeft getoond.

En wie vandaag geluisterd heeft, heeft dat ook gehoord. Met permissie gezegd, ik heb mevrouw Gennez horen pleiten voor een masterplan waarin een brede eerste graad is opgenomen, waarin de studiekeuze wordt uitgesteld tot 14 jaar. Ik heb daarnet de N-VA horen pleiten voor datzelfde masterplan waarin differentiatie vooropstaat en je al van in de lagere school kunt kiezen. Kijk, hetzelfde plan op twee manieren uitgelegd.

Het siert u, minister, dat u een weg zoekt. U hebt in ons een partner om die weg te zoeken. (Gelach)

Maar laten we dan stoppen met de hypocrisie. Er zijn zeventien vergaderingen geweest, niet alleen om het beter te maken, maar omdat er rond de pot werd gedraaid en we niet vooruit raakten. Zo simpel is dat, en u weet dat. Als wij dan de dingen bij naam noemen, raak ik blijkbaar een snaar.

Ik vraag één ding. Je gaat geen enkel probleem oplossen, je gaat niet met een beter onderwijs kunnen komen, als we niet beginnen te erkennen waar de problemen zitten. En ja, minister, er staan meer pagina’s over onderwijs in het regeerakkoord, maar er staat één zin over het masterplan. En in die zin staat heel duidelijk dat er met het werkveld, met het terrein en met alle actoren zal worden gesproken. U hebt dat gedaan. Het burgerinitiatief waarnaar verwezen is, is een van die initiatieven. Laten we die burgers dan ook ernstig nemen. Laten we met deze meerderheid, met deze tweederdemeerderheid, de kans nemen om hier meer ambitie te tonen en een goed onderwijstraject op tafel te leggen. Dat is mijn enige oproep. Als dat u allemaal kwaad maakt, dan vind ik het heel erg jammer dat een onderwijsdebat dit niveau niet kan overstijgen. (Applaus bij Open Vld)

De voorzitter

De heer Van Dijck heeft het woord.

Ik wil mij focussen op de inhoud. Ik betreur het enigszins dat na het betoog van collega Daniëls – waarin heel duidelijk de inhoudelijke klemtonen van dit masterplan gelegd werden, dat inderdaad ook oog heeft voor het basisonderwijs, niet alleen het secundair onderwijs, maar ook de voorbereiding op het hoger onderwijs – leden van de oppositie, met name mevrouw Meuleman, dan komen zeggen dat dat masterplan niet hoeft voor de N-VA, dat de N-VA dat niet wil uitvoeren. Ik zeg u dat wij die inhoud dagelijks aan het uitvoeren zijn. Als straks de oriëntatieproeven starten, is dat ook een uitvoering van zaken die in het masterplan staan. Dat gebeurt dagelijks.

Ik betreur ook dat mevrouw Gennez een wel zeer enge lezing van het masterplan geeft. Dat masterplan, mevrouw Gennez, is niet de nota-Pascal Smet waar we mee gestart zijn. Mevrouw Rutten zegt dat de stoelen door het parlement vlogen. Ja, er is inderdaad heftig gedebatteerd. Ik heb het ook meegemaakt dat er op basis van uitspraken die men mij in de mond legde, een actualiteitsdebat plaatsvond. Maar we spraken over de inhoud, geen enge lezing van uitgestelde studierichtingen en dergelijke.

Mijnheer Vandenbroucke, u probeert hier een tweespalt te zoeken tussen mensen die voor en mensen die tegen differentiatie zijn. Diegenen die over geen differentiatie spreken, zijn de laatste decennia wellicht niet meer in een school geweest. Ons onderwijs is doorspekt van differentiatie: differentiatie buiten de klas en differentiatie in de klas.

Minister, laat ons inderdaad verder werken. We zijn op de goede weg, met mensen die met inhoud bezig zijn, om dit masterplan uitvoering te geven, in het belang van de toekomst van ons onderwijs en van die honderdduizenden kinderen. (Applaus bij de meerderheid)

De voorzitter

De heer De Meyer heeft het woord.

Jos De Meyer (CD&V)

Voorzitter, minister, collega’s, gelukkig zijn schoolteams sterker dan deze politieke discussie. Als ik naar het onderwijsveld kijk, merk ik dat men in het basisonderwijs een aantal beslissingen van het masterplan volop aan het uitvoeren is. Als ik naar een aantal bewegingen in het secundair onderwijs kijk, dan zie ik eveneens stappen in de geest van het masterplan. Ik geef twee voorbeelden, het Oscar Romerocollege in Dendermonde en de Bernardusscholen in Oudenaarde: één sterker en ruimer schoolbestuur, herstructurering in domeinen, modernisering in functie van een duidelijk en sterk aanbod waarbij elke leerling centraal staat. Deze scholen vragen op korte termijn stimuli om deze processen voort te zetten en uiterlijk tegen 1 september 2018 een duidelijke en heldere visie waarbinnen zij hun modernisering beter kunnen inpassen zodat er grote rechtszekerheid is.

Mensen in het onderwijs wensen dat er op geen enkele manier gepoogd wordt politiek gewin te boeken op de kap van kinderen, kleinkinderen en ouders. Dat is hoe dan ook totaal onverantwoord en uit den boze. Laat dat duidelijk zijn.

Collega’s, ik citeer uit het Vlor-standpunt dat vandaag de wereld is ingestuurd naar aanleiding van de discussie: “Scholen, scholengemeenschappen en scholengroepen organiseren zich op dit moment om samen een brede eerste graad te kunnen aanbieden. In die scholen leeft het gevoel dat innovaties worden tegengehouden en dat incentives die werden beloofd, uitblijven.” Ben ik dan zo fout als ik zeg dat sp.a inderdaad voorstander is van een brede eerste graad, dat die niet in zijn totaliteit in het masterplan staat, maar dat heel veel scholen wel op die piste werken en dat zij nu worden ontmoedigd om voort te werken?

Ik citeerde daarnet de bevindingen van het ouderpanel van de Koning Boudewijnstichting, waarnaar u verwijst, mevrouw Rutten, en die u zegt ter harte te willen nemen.

Een eerste element is dat alle ouders die brede eerste graad vragen. Daarover is men het eens. Een tweede element is dat alle ouders het eens zijn over domeinscholen. Daarbij gaat het hierom: segregeer kinderen niet op basis van het feit of ze goed zijn met hun hoofd dan wel met hun handen. Segregeer niet in ons onderwijs, maar hou kinderen met verschillende talenten samen om dezelfde competenties voor het leven te ontwikkelen.

Een derde element is dat de onderwijsvormen aso, bso, tso en kso moeten verdwijnen en we af moeten van het stigma dat het tso en bso helaas en ten onrechte hebben. Alle ouders zijn het daarover eens.

Een vierde element is dat een meerderheid van de ouders – dus niet allemaal – wil dat de eerste graad in een ruimer perspectief wordt geplaatst, namelijk het perspectief van het modulair systeem van vier maal vier dat u zelf aandraagt.

Wat doet u, mevrouw Rutten? U legt de ambities van de ouders, waarover ze het eens zijn en waarover er unanimiteit is – de brede eerste graad, de domeinscholen en het afschaffen van de onderwijsvormen –, naast zich neer. Wat schuift u wel naar voren? Het element waarover discussie bestaat, het modulair systeem. Daarover is men het niet unaniem eens.

Ik heb de indruk dat u hetzelfde doet in uw regering. U zoekt polarisatie en conflict. Mijn indruk – maar u kunt mij tegenspreken – is dat u het in de media hebt over een uitgestoken hand, maar dat minister Crevits die uitgestoken hand eerder ervaart als een slag in het gezicht – en niet alleen zij, maar ook al die leraars en leerlingen die ons onderwijs vandaag rijk maken. (Applaus bij sp.a)

Mevrouw Rutten, u zei daarnet dat het masterplan een compromis is van enerzijds nationalisten en socialisten en dat het niet goed is om te proberen het onverzoenbare te verzoenen. Ik deel uw mening.

U hebt uw handtekening daaronder gezet, misschien wat te snel. Dat is spijtig. Maar iedereen kan zich eens vergissen, ik begrijp dat. (Gelach)

Nu wilt u het debat inhoudelijk voeren. Ik steun dat. Ik steun dat u het debat wilt opentrekken en inhoudelijk wilt voeren. Maar laat ons dan het echte debat voeren. We zijn het erover eens dat we het kleuter- en het lager onderwijs moeten versterken. Laat ons de middelen inzetten die vrijkomen in het kleuter- en lager onderwijs. We willen meer techniek en wetenschap in het basisonderwijs, het getuigschrift basisonderwijs moet sterker zijn enzovoort. Dat zijn allemaal zaken waarover we het met u over eens zijn. De echte vragen zijn echter wat we doen met het hiërarchische systeem, met het watervalsysteem dat ervoor zorgt dat jongeren niet kiezen op basis van hun talenten en interesses maar dat die keuze sociaal bepaald is.

Wat doen we, mijnheer Somers – u moet daar toch ook bezorgd over zijn – met die grote groep jongeren in onze steden, tot 25 procent, die de school verlaten zonder diploma en die een vogel zijn voor de kat op de arbeidsmarkt? Dat zijn de vragen die ons moeten bezighouden. Geeft het masterplan daar voor ons voldoende antwoord op? Neen. Maar zijn uw antwoorden, mevrouw Rutten, voldoende? Ook niet. Moeten we alleen structuren veranderen om te veranderen? Neen, absoluut niet. Maar moet er in het secundair onderwijs ook iets gebeuren? Ja, maar daar hoor ik u niets over zeggen. U verdrinkt de vis, u bent bezig over allerlei zaken die ook belangrijk zijn maar we moeten durven praten over het secundair onderwijs dat onze jongeren moet motiveren en hen de juiste keuzes moet doen maken. Zo niet, hebben we over een aantal jaren een reuzegroot probleem in ons Vlaams onderwijs en op onze arbeidsmarkt. En daar zou ik ook graag eens uw antwoorden op horen, mevrouw Rutten.

De voorzitter

En dan gaan we nu terug naar mevrouw Helsen.

Kathleen Helsen (CD&V)

Ik heb heel duidelijk gezegd wat de feiten zijn. Wij staan achter het masterplan en zullen dat uitvoeren. We zijn daar volop mee bezig. Over een aantal zaken die nog onvoldoende duidelijk zijn, voeren wij verder de gesprekken. Ik vind het belangrijk dat we duidelijkheid creëren ten aanzien van het onderwijsveld, dat wij voortwerken aan de modernisering van het secundair onderwijs en dat wij het masterplan uitvoeren.

Wij willen vandaag ook duidelijk stellen wat we zeker niet zullen doen. Wij zullen niet herbeginnen maar wij zullen verderwerken aan de akkoorden die zijn gesloten. Wij hebben hier een masterplan en een regeerakkoord goedgekeurd: wij willen daarnaar handelen en dat willen wij vandaag ook duidelijk maken aan het onderwijsveld. Het klopt dat op het terrein iedereen bezig is met de hervorming en de modernisering en vooruitkijkt. Vanuit het beleid moeten wij het onderwijsveld daarin ten volle ondersteunen. Ik vraag dat wij in alle ernst, zoals wij de voorbije weken en maanden hebben gedaan, ons werk voortzetten en onze verantwoordelijkheid nemen voor een mooie toekomst voor al onze jonge mensen in Vlaanderen. (Applaus bij de meerderheid)

De voorzitter

De heer Janssens heeft het woord.

Mevrouw Rutten, uw moment de gloire, na vanmorgen op de voorpagina van een krant gestaan te hebben, bleek vandaag toch van korte duur. Ik heb het hier nog niet vaak gezien dat een minister applaus krijgt op alle banken, gaande van links tot helemaal rechts wanneer die minister erop wijst dat ze het niet neemt dat iemand zichzelf tot inzet maakt – hier vandaag – van een parlementair debat. Want dat is wat u vandaag hebt gedaan, en dat was ook uw enige intentie. Als u zich dan een partner noemt van een minister wier plannen u openlijk en duidelijk bekritiseert, dan kunnen wij als oppositie beter gezamenlijk naar huis gaan.

Mevrouw Rutten, voor u gaat het helemaal niet over een masterplan onderwijs, voor u gaat het alleen over een masterplan voorzittersverkiezingen. Het zijn inderdaad voorzittersverkiezingen bij Open Vld, en Vlaanderen moet dat geweten hebben. En u hebt daar blijkbaar zelfs het regeerakkoord ondergeschikt aan gemaakt. U hebt het regeerakkoord naar de prullenmand verwezen, want daar komt uw voorstel eigenlijk op neer. Want zo’n regeerakkoord is, minister-president, zoals in het beste geval ook een regering geacht wordt te zijn, een en ondeelbaar. Wanneer men dan uit zo’n zorgvuldig opgebouwd kaartenhuis één kaart wegneemt, dat stuikt de hele constructie in elkaar.

Dat is zeker het geval wanneer afspraken worden herroepen over een belangrijke steunpilaar van die constructie. Minister van Onderwijs Crevits noemt de hervorming van het secundair onderwijs een cruciaal plan. Mevrouw Rutten, u betaalt alleen maar de prijs voor het toetreden tot een regering, alleen maar om erbij te zijn, zonder inhoudelijke input. De handtekening was na enkele minuten gezet, nadat u zelfs niet verder bent geraakt dan de inleiding tot het regeerakkoord. Veel vragen werden er niet gesteld, bemerkingen werden niet gemaakt, het belangrijkste was dat de ministerposten binnen waren en dat u erbij was. U hebt destijds iets gedaan waarvoor u nu en wellicht de rest van de legislatuur de prijs zult betalen.

De hervorming van het secundair onderwijs is niet nieuw, ze werd al in gang gezet door toenmalig minister Vandenbroucke, en nadien verder uitgewerkt in een oriëntatienota van Pascal Smet. Ik herinner me trouwens hoe de N-VA eind vorige legislatuur, nadat haar ministers mee over het masterplan hadden onderhandeld en de N-VA-parlementsleden waren meegegaan in die hervorming, plots op de rem ging staan. Voor sommige partijen primeren partijpolitieke spelletjes in dit dossier altijd al meer op het belang van onze kinderen.

In tegenstelling tot Open Vld nu en de N-VA toen, is het Vlaams Belang met betrekking tot de onderwijshervorming steeds duidelijk en eerlijk geweest. Het Vlaams Belang heeft zich als enige partij van meet af aan verzet tegen de socialistische hervormingsdrift. Wanneer de aanval van Open Vld op het masterplan zou zijn geïnspireerd door een bezorgdheid over de daling van de onderwijskwaliteit, wanneer de partij zich om deze reden zou kanten tegen het Masterplan, dan had ik daarvoor begrip gehad en had Open Vld kunnen rekenen op onze steun. Maar dat is helemaal niet het geval. U wilt zelfs nog verder gaan, u wilt nog meer gecontesteerde hervormingen doorvoeren, nog verder de rust in het onderwijs verstoren. U toont zich met uw demarche van vandaag alleen maar als een deloyale regeringspartner.

Met de eindeloze discussies over de onderwijshervorming in de vorige legislatuur en ook nu weer is er veel tijd verloren gegaan. Tijd die had kunnen worden gebruikt om oplossingen te zoeken voor de reële knelpunten in ons onderwijs die niemand ontkent, zoals de ongekwalificeerde uitstroom, de onderwaardering van tso en bso en leerkrachten die er vervroegd de brui aan geven. Het Vlaams Belang heeft altijd de kwaliteit van het gehele Vlaams onderwijs verdedigd. We willen behouden wat goed is, en verbeteren wat kan worden verbeterd.

Minister Crevits en minister-president, wat nu? Weet de Vlaamse Regering nog welke richting ze uit wil met ons onderwijs? U zult het wellicht nog weten, maar bent u ook nog gesteund door uw coalitiepartners?

Minister-president, u bent vandaag een aandachtige toeschouwer, maar we hebben u nog niet gehoord ondanks het feit dat ook uw stem in deze zaak belangrijk zou kunnen zijn. De doos van Pandora is geopend. Als een coalitiepartner cruciale elementen uit het regeerakkoord in vraag stelt, dan kunnen de volgende coalitiepartners in de rij komen staan om andere elementen uit het regeerakkoord eveneens in vraag te stellen. Minister-president, is uw regering nog wel in staat om een coherent beleid te voeren dat wordt gedragen door de regeringspartners? (Applaus bij het Vlaams Belang)

De voorzitter

De heer De Ro heeft het woord. (Opmerkingen)

Ik ben er niet verantwoordelijk voor wie voor Open Vld spreekt. De fractieleider heeft mij gevraagd dat de heer De Ro het woord mag voeren, dus krijgt de heer De Ro de tribune. (Opmerkingen)

Jo De Ro (Open Vld)

Collega Tobback, u moet in uw ontgoocheling wat consequent zijn. U kunt niet tien minuten geleden ontgoocheld zijn dat ik hier niet sta en nu bent u ontgoocheld dat ik hier wel sta. U moet een beetje consequent zijn, ook in het onderwijsdebat.

Collega’s, ik heb alles goed beluisterd. Minister, u was daarstraks in uw eer gekrenkt of u zei toch dat u zich geschoffeerd voelde. Als ik alles gehoord heb wat men mijn voorzitter verwijt, dan voelen wij ons met de hele fractie geschoffeerd. Wij kennen onze voorzitter van dag één en ze is van dag één met onderwijs bezig geweest. Vind ik dat erg of vindt mevrouw Brusseel als onderwijsspecialist het erg dat we een voorzitter hebben die in onderwijs is geïnteresseerd? Maar neen. Meer nog, als alle partijvoorzitters zo met onderwijs bezig zijn, scholen bezoeken, met leerkrachten praten, dan zou het onderwijs op dit moment hoger op de agenda staan. Dat is de realiteit. En ik ben er fier op dat mijn partij er mee voor zorgt dat onderwijs hoger op de agenda staat. (Applaus bij Open Vld)

Collega’s, goed opgeleide mensen – en mijn voorzitter heeft dat daarstraks zeer terecht opgemerkt – zijn Vlaanderens enige grondstof. Uiteraard hebben we sterk onderwijs. Wij hebben sterke mensen die al decennialang kunnen rekenen op een van de beste onderwijssystemen in de wereld, een systeem waar over de partijgrenzen heen aan is gebouwd en dat niemand kan claimen.

Maar de resultaten staan onder druk. Daar heeft elke spreker vandaag toch wel aandacht voor gehad. Laat ons niet vergeten dat er van die 27 pagina’s ook ettelijke gevuld zijn met welke de problemen zijn. Gemiddeld zijn die er. In delen van Vlaanderen – en ik kijk naar de burgemeester van Mechelen, naar mijn collega van Gent en ik ben zelf in Vilvoorde actief – is dat net nog scherper dan op andere plaatsen. We moeten dus ageren en optreden. Vlaanderen kan zich niet neerleggen bij een aantal fenomenen. Elk Vlaams parlementslid, de voorzitters van partijen, de ministers kunnen zich daar niet bij neerleggen en kunnen niet aan de zijlijn blijven staan. Integendeel, eigenlijk zou iedereen er veel sterker mee bezig moeten zijn.

Daar ligt de fundamentele reden voor de ambitie die de Vlaamse liberalen willen tonen bij deze onderwijshervorming. Wij willen sterke leerlingen meer uitdagen en wij willen leerlingen die, om welke reden dan ook, meer tijd en/of hulp nodig hebben, kansen bieden om hun talenten te ontplooien. Wij zijn ervan overtuigd dat als we die ambitie willen waarmaken, we de problemen moeten aanpakken bij de basis. Er zijn problemen die al zeer duidelijk zichtbaar zijn in het basisonderwijs en vooral in het kleuteronderwijs. En inderdaad, in het masterplan is aandacht voor het basisonderwijs. Weten de kleuterleidsters nu al, weten de mensen die met basisonderwijs bezig zijn waar we naartoe gaan, hoe we dat versterken en welke middelen we geven? Ik denk het niet. Het beleid van de afgelopen tien jaar, mevrouw Gennez, heeft daar zeker geen antwoord op gegeven. (Applaus bij Open Vld)

Een onderwijshervorming die te weinig nadruk legt op het kleuteronderwijs, dat fundament, is eigenlijk al van bij de start gedoemd om te falen. Wie zal daar het slachtoffer van zijn? Wij als parlement? De inrichters van onderwijs? Neen, als de onderwijshervorming niet zorgt voor een steviger fundament voor alle kinderen, dan zullen het de kinderen zijn die het slachtoffer zijn. En daar willen wij inderdaad aandacht voor vragen.

Voor ons komt het erop neer om in deze hervorming te kiezen voor maatwerk, voor vrijheid in de aanpak. Weg van de eenheidsworst. Minister, ik ben blij dat u dat nog eens heel duidelijk hebt gezegd. Er waren er die droomden van eenheidsworst, maar dat zal met deze Vlaamse Regering en met onze fractie niet waar zijn.

Willen wij als partij het masterplan weggooien? Willen wij van nul herbeginnen? Neen. Wij willen oprecht dat deze minister en deze Vlaamse Regering en deze historisch ruime meerderheid erin slagen om echte, fundamentele hervormingen te organiseren. 

De voorzitter

Mijnheer De Ro, ik denk dat mevrouw Gennez even wil reageren over die eenheidsworst.

Jo De Ro (Open Vld)

Ik zal seffens de eenheidsworst aan het woord laten, maar ik zou graag mijn punt maken. (Opmerkingen van Caroline Gennez en de voorzitter)

We moeten ook niet flauw doen. Het debat en het werk achter de schermen konden echt wel wat zuurstof en animo gebruiken. Anders zouden we na zoveel maanden echt niet verder hebben gestaan.

Wat betreft het veld ernstig nemen … We waren heel blij dat de minister de Koning Boudewijnstichting opdracht heeft gegeven om de ouders te betrekken, maar de zeer beperkte lezing die we daarnet hoorden, gaat toch voorbij aan dingen die er ook in staan. Er staat duidelijk in dat ouders vinden dat er meer geschakeld moet kunnen worden in onderwijs, dat werken en leren in alle onderwijsvormen moet kunnen, dat er niet één levensbeschouwing gekend moet worden maar meerdere, dat er minder klassieke blokken moeten zijn maar dat er meer met modules moet worden gewerkt. Wat heeft onze voorzitter anders gezegd? Wat zeggen mevrouw Brusseel en ikzelf anders dan wat daarin staat? We moeten dit ernstig nemen. Ik weet, collega’s van de sp.a-fractie, dat u luisteren naar de basis wel kent in woorden maar niet in daden. Open Vld heeft daar een trackrecord en we willen dit ernstig nemen.

Open Vld wil komen tot een goede en echte hervorming, een hervorming die ambitieus is en waar de lat voor iedereen hoog wordt gelegd en geen groepen worden vergeten. Alleen zo kunnen we terug aansluiten bij de top, alleen zo kunnen we terug aansluiting vinden bij de historische opdracht van ons onderwijs: alle kinderen hun talenten maximaal laten ontplooien zodat elke jonge volwassene zelf zijn leven en toekomst in handen kan nemen. Excellent onderwijs dat maximaal emancipeert, niet meer maar vooral niet minder. (Applaus bij Open Vld)

Joris Vandenbroucke (sp·a)

Dames en heren, tegenwoordig kun je liberalen herkennen aan hun ononderdrukbare neiging om het constant over socialisten te hebben. (Rumoer)

Het is bijna een pathologische reflex waarbij u telkens wanneer men in uw richting kijkt, begint te wijzen naar een ander. Dat is een houding – om het in onderwijstermen te zeggen – die thuishoort op de speelplaats van een kleuterschool.

Mijnheer De Ro, u maakt deel uit van een regering. U hebt wat meer duiding gegeven bij hetgeen mevrouw Rutten vanochtend heeft gezegd. Ze heeft gezegd: “Ofwel wordt het masterplan aangepast, ofwel doen we niet meer mee.” U hebt uitgelegd waarom het masterplan moet worden aangepast voor de liberalen.

Mijn vraag is en ik hoop dat er een antwoord komt van de twee regeringsleden: zult u het masterplan aanpassen? Ja of neen? 

Mijnheer De Ro, ik hoop dat het een slip of the tongue is, maar ik vond u wat hooghartig. We zijn hier ooit samen begonnen, en dat schept wel een band. Als je de programma’s erop naslaat, dan zie je dat elke partij en elke partijvoorzitter een uitgebreid onderwijsprogramma heeft omdat het inderdaad van belang is. Dat mag ook worden gezegd.

Ik heb voor u een concrete vraag en ook een voor de minister van Onderwijs. Mijnheer De Ro, uw voorzitter heeft deze morgen gezegd en deze namiddag nog eens: “Als het masterplan niet wordt aangepast, dan tekenen we niet.” Ik vraag u zeer concreet wat er niet in het masterplan staat en niet in het regeerakkoord dat u er met Open Vld in wilt? Anders snap ik de hele demarche niet. Minister, is er iets wat u vandaag hebt gehoord van Open Vld waarvan u zegt dat het niet in het regeerakkoord staat?

Ik wilde heel graag reageren op de aandacht die de heer De Ro samen met vele anderen wil besteden aan het basis- en kleuteronderwijs. We delen die aandacht, maar in de feiten zien we dat de regeringspartijen het alvast eens zijn over één ding, namelijk fors besparen in het hoger onderwijs, in het secundair onderwijs maar ook in het basis- en kleuteronderwijs. De middelen zijn maar liefst met 2,3 procent gedaald. U bewijst lippendienst aan iets om iets anders niet te moeten doen en tegelijkertijd zit u in de zakken van de mensen. Is dat constructief onderwijsbeleid? Dat durf ik in vraag te stellen.

Ik sluit me aan bij de collega’s Vandenbroucke en Rzoska. Ik hoor collega Rutten zeggen: ofwel wordt het aangepast, ofwel tekenen we niet. Ik hoor u zeggen, collega De Ro: we gaan het masterplan niet weggooien. Dat is al een heel andere toon. Ik hoor minister Crevits zeggen: we gaan dat integraal en in overleg met alle stakeholders uitvoeren. Minister-president, wat is het nu in godsnaam? Weet u het nog? Weet uw regering het nog? Weten uw partners het nog? Het onderwijsveld en de ouders begrijpen het alvast helemaal niet meer. (Applaus bij sp.a)

Ik had nog een vraag voor de heer De Ro, maar ik wil hem eerst nog het antwoord laten geven op de vraag van mijn fractieleider. Ik wil die nog eens herhalen: wat moet er worden aangepast in het masterplan voor Open Vld? Als hij mij dat duidelijk gezegd heeft – ik denk dat ik het antwoord ken –, dan wil ik daar graag nog op repliceren.

Jo De Ro (Open Vld)

Als wij ondervraagd worden over hervormingen in onderwijs, en het gaat over secundair onderwijs, dan hebben wij een jaar geleden, in het congres voor de verkiezingen, gezegd dat je moet beginnen waar de problemen zich stellen. Staan er in het regeerakkoord dingen die dat verhinderen? Neen. Zijn we er al? Hebben wij genoeg garanties? Als we op schoolbezoek gaan en we spreken met mensen uit het kleuteronderwijs over dat we hen beter gaan ondersteunen voor de uitdagingen waar we vandaag voor staan, dan zijn we er nog niet. Collega’s, mag het dat ook niet-ministers van onderwijs scholen bezoeken? Dat we geïnteresseerd zijn, dat we met mensen spreken, dat er dingen aan bod komen die wij willen veranderen?

Collega Rzoska zei daarjuist dat ik wat hooghartig klonk. Het is nochtans niet een van de eigenschappen die ik nastreef, Bjorn. Maar ik zal toch even wat chauvinistisch zijn. Dat kinderen vandaag op hun 2,5 jaar naar school gaan, daarvoor is één iemand in deze zaal – hij is er nu niet – verantwoordelijk. Dat is Herman De Croo. Dat er naast kleuterjuffen kinderverzorgsters staan in het onderwijs, daar is Marleen Vanderpoorten voor verantwoordelijk. Telkens, zowel in de jaren 70 als in de jaren 2000, was dat met steun van verschillende partijen die hier in het halfrond zitten. Waarom hebben we dat gedaan? Omdat we heel goed beseffen dat je bij de kleuters, bij de jongste leeftijd moeten beginnen. Wij voelden dat intuïtief aan. Ondertussen bevestigt de wetenschap jaar na jaar met nieuwe studies dat elke euro die we investeren in het jonge kind, of het nu in het domein van minister Vandeurzen bij de crèches is, of in het domein van collega Crevits bij het kleuteronderwijs, dat die het meeste opbrengt, dat daar de zwakste kinderen, de traagste kinderen, de kinderen die extra noden hebben, het grootste voordeel bij hebben, maar ook alle andere kinderen. Die tegenstelling van ofwel snel ofwel traag, ofwel de lat hoog ofwel de lat laag, die zien wij niet. Wij willen de lat voor iedereen hoog. En dat begint bij kleuteronderwijs. (Applaus bij Open Vld)

Mijnheer De Ro, op de vraag wat u precies in het masterplan wil dat er nu niet in staat, zal ik u het antwoord geven. U, of uw voorzitter, wil de modules in het basisonderwijs in het masterplan. Wat wil dat zeggen? Dat op een leeftijd van 10 jaar kinderen moeten kunnen worden afgezonderd via een module, om ze, als ze sterker zijn in wiskunde maar zwakker in taal, ze meer wiskunde te laten doen en minder taal. Omgekeerd ook: als ze beter zijn in taal, moeten ze apart kunnen zitten. U gaat ze scheiden vanaf de leeftijd van 10 jaar.

Mijnheer De Ro, wat is er mis met in het basisonderwijs te zeggen dat we tot 12 jaar willen dat alle kinderen een goede basis mee hebben, dat ze aan de start komen van het secundair onderwijs met zo veel mogelijk gelijke competenties en dat we ze op 10 jaar nog niet apart gaan zetten in modules? Dat we werken met kangoeroeklasjes? Dat we differentiëren in het basisonderwijs – we zijn daar nu al sterk in? Dat we daar nog meer op inzetten? Dat we, om het met een wetenschappelijk woord te zeggen, aan ‘early tracking’ gaan doen en gaan segregeren op de leeftijd van 10 jaar, zou zo nefast zijn. Dat gaat regelrecht in tegen alles wat de OESO zegt. De OESO zegt dat de meeste systemen de studiekeuze uitstellen tot 14 jaar en dat heeft goede resultaten voor de sociale gelijkheid, voor gelijke kansen in het onderwijs, waar we samen bezorgd voor zijn, maar dat heeft ook goede resultaten voor de sterke presteerders. Dat moeten we nastreven in plaats van kinderen vanaf 10 jaar via ‘early tracking’ al apart te zetten. Basisonderwijs moet voor iedereen sterk zijn. Dat is zo fout in het voorstel van Open Vld.

Jo De Ro (Open Vld)

Dat is zo fout in de lezing die u geeft van het voorstel van Open Vld, mevrouw Meuleman. Ik zal het nog één keer herhalen. Mijn voorzitter heeft het uitdrukkelijk gezegd, en mevrouw Brusseel en ikzelf hebben het ook al verschillende keren gezegd: onze partij wil aandacht voor kinderen die op een bepaald moment extra nood hebben aan extra aandacht. Ook daar kan ik voorbeelden geven van ons ‘track record’ in het onderwijsbeleid.

Men mag niet verhinderen dat kinderen die klaar zijn om sneller te gaan, uitgedaagd worden – of het nu in wiskunde is, in taal, in technologie of in wetenschappen. De discussie gaat hier vaak over ‘of’. Neen, wij zien het als ‘en’. Kinderen die moeten worden geprikkeld, moeten meer geprikkeld worden, en kinderen die extra hulp verdienen, moeten die hulp krijgen.

En nu we toch over ouders spreken: ouders vragen in diezelfde nota heel duidelijk dat er aandacht moet zijn voor wie vroeg wil kiezen, maar ook voor wie meer tijd nodig heeft. Mevrouw Meuleman, ofwel maakt u er een ‘of’ van, ofwel wilt u toch nog eens meegaan in onze redenering, dat we die twee groepen die nood hebben aan vernieuwing moeten bereiken.

Ik zal nog meer zeggen. Mevrouw Helsen, waarom nodigen we de mensen die aan dat burgerforum, dat burgerpanel, hebben meegewerkt hier niet uit? Burgers zijn hier altijd welkom, ze mogen dan op de publiekstribune zitten en, voorzitter, ze leren ons huis beter kennen. Maar misschien moeten we dat eens omdraaien en moeten we de mensen eens uitnodigen die de inspanning hebben geleverd op vraag van de minister en van de Koning Boudewijnstichting, om zeer nuttige voorstellen te doen die veel verder liggen dan de waan van de dag, waarvan we vaak zeggen dat dergelijke burgerfora daartoe leiden. We moeten de voorstellen die daarin staan, en die heus wel wat meer zijn dan wat mevrouw Gennez in haar lezing ervan suggereerde, aan bod laten komen. Wij willen de stem van de ouders hier luider laten klinken. Dat staat absoluut niet haaks op wat wij willen. (Applaus bij Open Vld)

Mijnheer De Ro, u zei daarnet dat jullie met jullie fracties naar de scholen gaan en overleg hebben met de basis. U merkt in de commissie toch dat wij dat ook doen. Wij brengen veel insteken naar de commissie. Die zijn ook heel vaak gebaseerd op bezoeken aan scholen, op gesprekken met directies, op gesprekken met leerkrachten, enzovoort. Het is niet helemaal correct om te zeggen dat alleen Open Vld dat doet.

U hebt het over sterkere leerlingen in de basisschool die andere pakketten moeten krijgen om geprikkeld te worden en om meer te kunnen doen, terwijl kinderen die het moeilijk hebben een aangepast traject moeten krijgen. Maar dat gebeurt al in het basisonderwijs! Die ver doorgedreven differentiatie tot en met het zesde leerjaar, zowel binnen als buiten de klas, gebeurt. De leerkrachten zijn daar de laatste jaren zo op geoefend, zij hebben daar trainingen voor gehad en nascholingen. Ook de digitale media zijn daar in de klas op afgestemd. In het basisonderwijs gebeurt dat.

Ik geloof niet in aparte trajecten vanaf 10 jaar. Ik heb gedurende meer dan tien jaar les gegeven in de derde graad. Ik ben tien jaar schooldirecteur geweest in een basisschool. Kinderen van 10 jaar kunnen dat niet. Het is al heel lastig om met 12 jaar een keuze te maken om naar de middelbare school te gaan. Dan is er al ondersteuning nodig van leerkrachten, ouders, enzoverder. Met 10 jaar kunnen de kinderen dat niet. Wetenschappelijke studies bevestigen dat. Als u spreekt met de basis, met de leerkrachten en directies van basisscholen, dan zult u dat ook merken. Ik sluit mij dus aan bij mevrouw Meuleman. Wat zij zegt, is correct. (Applaus bij sp.a en Groen)

Jo De Ro (Open Vld)

Mijnheer Vandenberghe, uw fractie en de laatste twee ministers die uw fractie als ministers van Onderwijs heeft geleverd, hebben dezelfde reflex gehad om te zeggen dat iets niet kan. Toen wij vanuit onze fractie vroegen om onderdelen van ofwel de laatste twee jaar van het lager onderwijs ofwel het begin van het secundair onderwijs ook al eens in een andere taal te geven, dan was de reactie, redelijk conservatief: ‘Neen, we gaan dat niet doen! Dat gaat niet! Vooral de zwakste kinderen zullen daar nadeel van hebben.’ Ik nodig u uit om eens samen naar een school in de buurt van uw thuisgemeente Bredene te gaan, naar Oostende, waar men wiskunde heeft gegeven in het Frans. Het adagium dat dat alleen maar voor de sterkste leerlingen prikkelend zou zijn om vooruit te gaan, klopt niet. We zien dat aan de resultaten. Het aantal B-attesten is daar op vier jaar tijd gedaald, en het is het enige wat in de aanpak verschilt.

Ik wil geen welles-nietesspelletje spelen, collega. Ik apprecieer uw optreden in de commissie en uw gesprekken op het terrein zeer sterk. Ik pleit wel voor zaken die nu misschien nog niet evident lijken maar in de praktijk al op bepaalde plaatsen tot goede resultaten leiden, voor de sterkste en voor de zwakste leerlingen. Voor die twee groepen wil mijn fractie voornamelijk gaan. (Applaus bij Open Vld)

Mijnheer De Ro, ik heb geen antwoord gekregen op mijn vraag. Ik stel vast dat u met veel goesting rond de pot aan het draaien bent. U hebt mij geen concreet antwoord gegeven op de vraag: wat moet er voor u nu in dat masterplan of het regeerakkoord komen dat er niet in staat? Dus ik kan niet anders, mijnheer De Ro, dan concluderen dat de hele vaudeville die u vandaag hebt opgevoerd, van deze morgen tot nu, alleen maar bewijst dat Open Vld niet nodig is in deze regering. Ik denk dat dat duidelijk is.

Jo De Ro (Open Vld)

We zijn hier samen binnengekomen, mijnheer Rzoska. U hebt beweerd dat het rond voorzittersverkiezingen zou draaien bij ons. Bij mijn weten, en ik kijk naar mijn collega’s, is er geen enkele tegenkandidaat. Dat is wel een rare situatie.

Nu maakt u weer zo’n rare kronkel. De discussies in de commissie Onderwijs gaan vaak wel over onderwijs. Dat is iets sterker dan wat ik hier vanavond van sommigen gehoord heb. (Applaus bij Open Vld)

De voorzitter

Minister Crevits, minister van Onderwijs, heeft het woord. Uw spreektijd is vijf minuten.

Minister Hilde Crevits

Collega’s, ik wil iedereen bedanken voor dit debat. Zo is onderwijs de hele dag lang in ieders belangstelling gebleven. Ik ben blij, mijnheer De Ro, dat u toch de woordvoerder blijft van uw fractie voor Onderwijs. (Applaus)

We werken al anderhalf jaar heel goed samen, ik hoop dat ook in de toekomst zo te houden. Ik ben ervan overtuigd dat dat zo zal blijven.

Collega’s, ik was deze namiddag op een Europese Raad van onderwijsministers. Het ging daar onder meer over het wapenen van onze jongeren voor de toekomst. Welke vaardigheden moeten ze hebben? Hoe kunnen we hen voorbereiden op de toekomst? Hoe kunnen we ervoor zorgen dat ze een kwalificatie halen? Het was inhoudelijk een leerrijke discussie.

Ik was trots om daar te kunnen melden dat we in Vlaanderen – en andere lidstaten kijken dan met open mond toe – een kleuterparticipatie hebben van bijna 100 procent. Dat is een schitterend cijfer. Dat zal dan wel, collega’s van Open Vld, de verdienste zijn van een andere minister van Onderwijs, maar het is vooral de verdienste van al die mensen die dagelijks enorme inspanningen leveren op het terrein. (Applaus bij CD&V, de N-VA en sp.a)

Dat gaat van de mensen van Kind en Gezin over de kleuterleiders en -leidsters over de verzorgers op school en de directies en schoolteams. Beste collega’s, ons onderwijs is goed, ik zou zelfs meer durven zeggen, het is top. Vandaar dat ik het wat spijtig vind dat we vandaag allemaal wat met onszelf bezig geweest zijn. Dat heeft ons onderwijs nu net niet nodig. Ik was dan ook heel blij, beste collega’s van Open Vld, toen we het regeerakkoord gesloten hebben en toen we de regering geformeerd hebben, dat het masterplan dat in de voorbije legislatuur op de steun kon rekenen van drie coalitiepartners, nu ook kan rekenen op de steun van een nieuwe coalitiepartner, namelijk deze in deze regering.

Ik heb de inhoudelijke opmerkingen vandaag gelezen. Als we even alle franjes aan de kant laten, over profilering, over het ermee in de aandacht komen, dan heb ik eigenlijk niet veel zaken gehoord die me grote zorgen baren.

Het masterplan voor het secundair onderwijs telt niet alleen 27 bladzijden, in die 27 bladzijden staan 71 maatregelen. Dat plan is dus niet op een blauwe maandag geschreven. Over dat plan werd maanden, zelfs jaren gediscussieerd. Als mensen vandaag dat plan met één pennentrek of met één grote zwaai in de vuilnisbak zouden willen gooien, dan vraag ik hun om dat alstublieft niet te doen. Het is bijzonder rijk en bijzonder waardevol.

Beste collega’s – ik zei bijna ‘beste vrienden’ – als u een stand van zaken wilt over het masterplan – want ik hoor hier sommigen zeggen dat er nog niets gebeurd is, dat het een beetje traag gaat, dat we te veel aan het babbelen zijn –, dan verwijs ik heel graag naar een mededeling die nog niet zo lang geleden op de Vlaamse Regering werd goedgekeurd. Daarin wordt heel nauwkeurig beschreven waar we staan. 19 acties zijn volledig uitgerold. 18 acties zijn deels uitgevoerd, en daar hoorde onder meer de screening van de studierichtingen bij. Toen ik minister werd, was die er nog niet. We kunnen moeilijk spreken over hoe we de studierichtingen in de toekomst zullen organiseren, als we ze niet eens gescreend voor onze neus hebben liggen. 26 acties lopen nog. 8 acties moeten we nog doen. Daarin zit onder meer de nota over de bestuurlijke schaalvergroting. Daarin zit ook het zo gevoelige loopbaanpact waarmee we de leraren willen versterken. Daarin zit ook de hervorming van onze lerarenopleiding. Het zijn allemaal werven die zo belangrijk zijn om ons onderwijs sterker te maken.

Ik ben nu anderhalf jaar minister van Onderwijs. Er is al een hele weg afgelegd. Maar het secundair onderwijs moderniseren, dat is inderdaad een puzzel. Ik ben heel blij om te vernemen, mevrouw Gennez, dat scholen zich op het terrein aan het organiseren zijn, bijvoorbeeld om een middenschool te maken, om alle leerlingen van het eerste en tweede jaar secundair onderwijs samen te zetten en pas daarna te laten kiezen. Ik ben evenzeer gelukkig wanneer ik hoor dat scholen een technische campus maken waarin zowel het aso, het tso als het beroepsonderwijs lokalen en laboratoria zullen delen. Ik ben blij wanneer scholen zich organiseren als campus. Maar ik ben vooral blij wanneer scholen investeren in talenten en goede opleidingskansen voor jongeren. En het is goed dat ons Vlaams onderwijs daar volop mee bezig is.

Beste collega’s, de beleidsnota en het regeerakkoord bevatten een paar belangrijke woorden: vertrouwen, verantwoordelijkheid en autonomie geven aan scholen. Het eerste woord, vertrouwen, heeft vandaag een deuk gekregen, dat bleek toen ik de debatten hoorde. Maar betekent dat dat we nu niet verder kunnen gaan? Uiteraard niet. Het masterplan maakt onverkort deel uit van het Vlaams regeerakkoord en vormt dan ook – en ik spreek namens de hele regering – vandaag, maar ook morgen het kader waarbinnen ons secundair onderwijs vernieuwd wordt. Daar kan geen enkele twijfel over bestaan, en dat zullen we ook niet toelaten.

Wil dat zeggen, collega’s van de oppositie, dat er naast het masterplan geen enkele andere maatregel meer mogelijk is? Natuurlijk niet! Ik geef u een voorbeeldje. U bent aan het orakelen over het kleuteronderwijs, maar het is wel deze Vlaamse Regering die ervoor heeft gezorgd dat er voor alle anderstalige kleutertjes die binnenkomen in scholen, extra werkingsmiddelen zijn! Stond dat in het masterplan secundair onderwijs? Neen! Hebben wij dat als Vlaamse Regering beslist? Ja! Is dat strijdig met het masterplan secundair onderwijs? Neen! Dat zijn de antwoorden die we zoeken en die we zullen geven.

Mevrouw Rutten, ik was niet zo gelukkig met u vandaag, maar het is alweer een beetje verbeterd. Ik heb eigenlijk, mevrouw Rutten en mijnheer De Ro, niets horen zeggen dat fundamenteel in strijd is met het masterplan. Tenzij het inderdaad menens zou zijn dat elke Vlaamse lagere school vanaf nu of in de toekomst modulair georganiseerd moet zijn. Dat kan natuurlijk niet en dat staat ook niet in het masterplan. Mevrouw Meuleman heeft een punt: het zou nefast zijn als we elk kind al op 10 jaar zouden verplichten keuzes te maken.

Anderzijds staat wel in ons plan dat het van belang is dat we kinderen voldoende uitdagen. We weten allemaal dat in het vierde leerjaar sommige kinderen heel veel extra uitdagingen nodig hebben, en dat andere kinderen veeleer hun tekorten moeten wegwerken. Die twee zaken moeten we met elkaar verzoenen.

Geachte leden, er is inderdaad wel wat tijd nodig. Ik heb een paar maanden geleden gezegd dat we eind deze legislatuur moeten kunnen starten met de uitrol. Dat is dan vanaf het eerste middelbaar. Het zal niet sneller gaan, maar het mag ook niet trager gaan. Als sommigen zeggen dat het een beetje vastzit, dan is dat op zich geen slechte zaak. Ook met het masterplan moeten er nog grote knopen worden doorgehakt. Het is op een aantal punten niet zo duidelijk. We moeten bekijken hoe we jongeren zich kunnen laten oriënteren en tegelijk ook goed kunnen differentiëren. Dat zijn zaken die je niet zomaar op één dag oplost, maar ik heb er wel alle vertrouwen in dat dat ook zal kunnen.

Als u naar een timing vraagt, ook op dat punt is het masterplan duidelijk: in juni 2016 moet ons schema klaar zijn, en we werken volop met het oog daarop.

Beste leden, sommigen willen graag blauwe schooltjes. Ik wil vooral sterke schooltjes en zeker geen bont-en-blauwe schooltjes. (Applaus bij CD&V, N-VA en sp.a)

De voorzitter

Minister-president Bourgeois heeft het woord.

Minister-president Geert Bourgeois

Voorzitter, geachte leden, ik heb bewust gewacht tot op het einde van het debat. Ik heb me niet met de inhoud van het debat gemoeid, ook al had ik er zin in. Ook ministers-presidenten zijn geïnteresseerd in een sterk en een excellerend onderwijs. Naast mij zit echter een uitstekend minister van Onderwijs, die op het inhoudelijke debat is ingegaan. Alles wat collega Crevits heeft gezegd, heeft ze namens de hele regering gezegd. Dat wil ik beklemtonen.

We hebben met drie coalitiepartners een regeerakkoord gesloten. De drie coalitiepartners hebben ook dat regeerakkoord hier goedgekeurd. We gaan voor de uitvoering van dat regeerakkoord, en van dat regeerakkoord maakt een onderwijsluik deel uit, en in dat onderwijsluik zit het masterplan: misschien in één lijn, maar achter die ene lijn zit een uitgebalanceerd masterplan.

Ik heb vandaag de moeite gedaan om te luisteren naar alle onderwijsspecialisten. Ik denk dat je moeite moet doen om bij hen vandaag een analyse te ontdekken die niet al in het masterplan staat. Ik kan me vergissen, maar in grote lijnen staan die analyses in het masterplan. Wat meer is, het masterplan reikt oplossingen aan, uitgebalanceerde oplossingen. Ik ga niet op de inhoud in. Dat is beklemtoond door collega Crevits.

Tot slot wil ik beklemtonen dat ik vast van plan ben om dit regeerakkoord, dat ons allemaal bindt, ook uit te voeren, en dat ik ook de hand zal houden aan de uitvoering van dat regeerakkoord. (Applaus bij N-VA en CD&V en van Bart Somers en Gwendolyn Rutten)

Mevrouw Rutten, ik wil misschien toch even vragen of u tevreden bent. (Gelach)

Zijn de aanpassingen die u wilde vanmiddag duidelijk geworden, zodat u uw handtekening kunt zetten onder het masterplan en de Vlaamse Regering vrolijk kan doorgaan met dat masterplan? Daar was immers toch een probleem. U zei dat u dat niet zult doen, dat er aanpassingen moeten komen. Hebt u die voldoende gehoord? Bent u voldaan?

Mevrouw Meuleman, u hoeft zich geen zorgen te maken. Wat ik heb gehoord, is dat er op alle banken bereidheid is om de lat op het vlak van onderwijs hoog te leggen.

Ik herhaal: de discussies en het kader staan vast. De conclusies zijn er nog lang niet. We zullen dat debat voeren waar het gevoerd moet worden, binnen de regering. (Gelach)

De voorzitter

Mevrouw Rutten, nogmaals, die ontladingen heb ik niet de hand.

Ik zorg blijkbaar voor ontlading. Het is een goede zaak dat de ontlading gebeurd is. Dan kan het werk nu verder gaan. We zijn er nog lang niet, maar we gaan het wel constructief samen doen.

Voorzitter, ik hoop echt dat de verliezers van de dag nu niet de leerkrachten, de scholieren en de ouders zijn. Ik hoop dat er eindelijk verbetering komt in het onderwijs en dat de veranderingen die nodig zijn, er kunnen komen. Dit schouwspel kunnen we missen als kiespijn.

De voorzitter

Wenst iemand tot besluit van dit actualiteitsdebat een motie of een motie van wantrouwen in te dienen? (Neen)

Het debat is gesloten.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.