U bent hier

Mevrouw Bastiaens heeft het woord.

Caroline Bastiaens (CD&V)

Minister, zaterdag start de jaarlijkse Week van de Vrijwilliger. Dit jaar is het motto ‘Jij bent onze nummer 1’. Dat is een heel goed gekozen en treffende boodschap, want wat zou Vlaanderen zijn zonder het engagement en de belangeloze inzet van talrijke mensen in diverse sectoren?

Onlangs bracht de Koning Boudewijnstichting een rapport uit met heel wat interessant cijfermateriaal. Daaruit blijkt dat meer dan 1 miljoen Vlamingen een vrijwillig engagement hebben opgenomen. Gemiddeld besteden zij daar vier uur per week aan. Dat zijn cijfers waarbij wij best wel eens stil kunnen en mogen staan. We moeten ook aandacht hebben voor de diversiteit achter die cijfers. We kennen allemaal de vrijetijdsector waarin heel wat vrijwilligers actief zijn. Maar er zijn ook mensen die een engagement hebben opgenomen in het onderwijs, in natuurbescherming of in verenigingen die actief zijn rond bijvoorbeeld armoede en vluchtelingen.

De Week van de Vrijwilliger is ondertussen toe aan zijn dertigste editie. Dat is een stevige traditie. Maar het mag natuurlijk niet beperkt blijven tot een mooie campagne één keer per jaar of tot een schouderklopje, onder andere vanuit dit parlement. Er moeten ook daden volgen in het ondersteunen en beschermen van die vrijwilligers en verenigingen.

Minister, vorig jaar hebt u als coördinerend minister gezegd dat u werk wilt maken van een vrijwilligersbeleid dat gestoeld is op drie assen: het statuut van de vrijwilliger; het beperken van de regulitis waarmee heel wat verenigingen en vrijwilligers ondanks alle inspanningen nog geconfronteerd worden; en het samenbrengen van informatie voor en door vrijwilligers. Minister, wat is de concrete stand van zaken hierin? Welke concrete maatregelen hebt u al genomen of zult u daarin binnenkort nemen?

Minister Gatz heeft het woord.

Minister Sven Gatz

Mevrouw Bastiaens, met de Week van de Vrijwilliger was het mij duidelijk dat u op de afspraak zou zijn. Dat siert u. Dat ben ik gelukkig ook, want het is inderdaad wel degelijk de bedoeling dat we vandaag nieuwe stappen kunnen zetten en aankondigen om met betrekking tot dat gecoördineerd vrijwilligersbeleid vooruitgang te boeken.

U hebt het juist aangegeven: het statuut van de vrijwilliger is een zaak – niet uitsluitend maar vooral – van het federale niveau. Informatie voor de vrijwilliger is in grote mate een zaak van het Vlaamse niveau. De regulitis, een beetje overal, kan ook op het gemeentelijke niveau meespelen. Ik heb mij de voorbije weken en maanden het hoofd gebroken over hoe ik als minister voor het gecoördineerde vrijwilligersbeleid dit moeras – wat het toch wel een beetje is – veilig kan oversteken, veilig niet voor mezelf maar voor de sector.

Een vlot dat me daarbij zou kunnen helpen, bestaat inderdaad uit de drie net genoemde inhoudelijke assen en uit de drie bevoegdheidsdomeinen. Op die manier moeten we bekijken welke de prioriteiten zijn die we met betrekking tot statuut, informatie en regulitis in elk beleidsdomein – federaal, Vlaams en gemeentelijk – kunnen uitwerken.

Dat is nu zo goed als klaar. Dat zal zeer binnenkort op de agenda van de regering komen. We zullen de komende maanden aan een actieplan werken. Dat zal heel belangrijk zijn. Wij zullen keuzes moeten maken wat we eerst doen. Daarom sprak ik over een moeras: er zijn misschien wel vijftig of honderd dingen te doen. Het zal nog een afweging zijn wat we eerst zullen doen. Het regulitisdossier van De Ambrassade zal mij daar zeker bij helpen wat betreft de jeugdsector. Maar u weet dat de vrijwilligerssector breder is dan alleen maar de jeugdwerking. Ook daar zullen we bekijken wat de prioriteiten zijn per inhoudelijk gegeven en per bevoegdheidsdomein.

We zijn daarmee zo goed als klaar. We kunnen er de komende maanden hard aan werken, zowel op het terrein als met een stuurgroep, die dat verticaal en horizontaal – want dat komt er ook nog eens bij – in de goede richting kan sturen.

Caroline Bastiaens (CD&V)

Minister, ik ben tevreden dat u los van de gecoördineerde aanpak wilt komen tot concrete acties. Dat is inderdaad heel belangrijk. We kunnen stap voor stap het verschil maken zodat de mensen die zich engageren in allerlei sectoren, dat in alle vrijheid kunnen doen.

Binnen uw bevoegdheidsdomeinen zijn er heel veel vrijwilligers actief. U hebt een heel aantal werven lopen, zoals het nieuwe decreet Sociaal-cultureel Werk en het Erfgoeddecreet. In die sectoren zijn enorm veel mensen actief in heemkundige kringen, in lokale musea en ook in de grote musea in de publiekswerking, in ondersteuning, als vrijwilliger. Ik zou de nodige aandacht willen vragen om hun in die sectoren een plek te geven die ze absoluut verdienen.

Mevrouw Idrissi heeft het woord.

Voorzitter, ik sluit me heel graag aan bij de terechte lofbetuigingen van mevrouw Bastiaens en minister Gatz voor al die vrijwilligers. De samenleving zou er totaal anders uitzien zonder die duizenden vrijwilligers die dag in dag uit hun steentje bijdragen.

Minister, het klopt dat u bijna exact een jaar geleden een conceptnota hebt aangekondigd voor het najaar. Ik ga ervan uit dat er een beetje vertraging op kan zitten. U spreekt niet meer van een conceptnota. Komt die er nog? Zal het een andere vorm aannemen?

Wat is voor u prioritair? U gaat een actieplan opstellen, maar waar gaat u het eerst de koe bij de horens vatten?

De heer Meremans heeft het woord.

Vorig jaar werd dezelfde vraag gesteld, en als ik het goed voorheb, is ook hetzelfde antwoord gekomen. Herhaling is misschien niet slecht.

U hebt een actieplan en een conceptnota aangekondigd, wellicht voor de maand mei. In de maand mei worden de mooiste kinderen geboren.

Ik heb daar enkele opmerkingen bij. Het transversaal gecoördineerd vrijwilligersbeleid, daar zijn we allemaal voor, maar op de twee niveaus: Vlaams en lokaal. Het provinciale luik gaat wegvallen, maar het lokale vrijwilligersloket moeten we steunen bij de steden en gemeenten. Waar het nog niet bestaat, moeten we het installeren. We streven naar een Vlaams expertisecentrum om de expertise te delen en de informatiekanalen te bundelen om te zorgen voor eenduidigheid en eenvormigheid. Er moet een helder statuut komen voor de vrijwilliger. Wat is een vrijwilligersstatuut? Wat is semiagorale arbeid? Nog een punt is de regulitis, die ligt gedeeltelijk aan het federale niveau. Welzijn, Cultuur en Jeugd zijn domeinen waar heel veel vrijwilligers werken op Vlaams niveau. Over de vrijwilligers moeten we ook federaal denken. Het zou fijn zijn om dit alles naar het Vlaams niveau over te hevelen. Dat is een langetermijnvisie.

Ik kijk uit naar uw conceptnota. Ik vermoed dat er acties in staan waarmee we duidelijk aan de slag kunnen.

Minister Sven Gatz

De conceptnota is wel degelijk klaar. Ze moet nu op de regering komen, zo snel mogelijk. Wat mij betreft kan dat zeker deze week nog. Het is de bedoeling dat we over de bevoegdheidsdomeinen heen en over de drie inhoudelijke assen een aantal acties formuleren. Die zijn er al wel, maar we moeten keuzes maken: wat doen we eerst?

De suggesties van de heer Meremans zijn goede ideeën. Ik zal ze nog concreter maken. We hebben hier de discussie gehad over de btw-plicht op de jeugdhuizen. Die hebben we niet kunnen afronden zoals we droomden, maar toch beter dan oorspronkelijk voorlag. Over zulke werven gaat het dus. Ik wil die heel concreet afzonderen. Over het actieplan moet ik nog verder overleggen met de verantwoordelijke sectoren.

Maar de conceptnota is klaar. We zitten nu op het ritme van 2016 dat we voor onszelf bepaald hadden. Het zal dus niet mei zijn, maar nu. In elk geval wil ik, na het verdere overleg met de kabinetten en departementen, dat al is opgestart, zeggen wat de prioriteiten zijn. Daar zal in dit parlement zeker nog discussie over zijn, want als men sommige dingen doet, doet men andere dingen niet of pas in tweede orde.

Caroline Bastiaens (CD&V)

Minister, ik kijk samen met de collega’s uit naar de acties die we concreet zullen kunnen maken.

Ik wil u nog twee bekommernissen meegeven. De eerste betreft het statuut. We moeten er absoluut waakzaam voor zijn dat vrijwilligers, vrijwilligers zijn. We moeten ons ervoor hoeden dat we met goedbedoelde acties niet nog meer regeltjes opleggen. Dat is niet de bedoeling, maar het kan wel een ongewenst neveneffect zijn.

Twee, we spreken heel vaak over de vrijwilligers, maar we mogen ook de verenigingen niet vergeten waarin ze actief zijn. Ook daar zou ik uw bijzondere aandacht voor willen vragen. (Applaus bij CD&V)

De actuele vraag is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.