U bent hier

De voorzitter

Algemene bespreking

Dames en heren, aan de orde is het ontwerp van decreet houdende instemming met het Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Vlaamse Gewest betreffende de aanleg van de Nieuwe Sluis Terneuzen, ondertekend te Terneuzen op 5 februari 2015.

De algemene bespreking is geopend.

De heer Hendrickx, verslaggever, heeft het woord.

Marc Hendrickx (N-VA)

Tijdens de uiteenzetting over dit verdrag wees minister Ben Weyts op het belang van deze sluis voor de economische groei in Vlaanderen. Dankzij deze sluis zullen schepen tot 120.000 ton de Gentse haven kunnen bereiken. De nieuwe sluis zal 2,5 meter dieper, 15 meter breder en 137 meter langer zijn dan de bestaande Westsluis. Schepen zullen de sluis ook sneller kunnen passeren. Volgens de verwachtingen van het Planbureau zou het vrachtverkeer tegen 2030 met 50 percent groeien. Dat maakt de scheepvaart nog belangrijker als alternatief voor het wegverkeer. Het gaat om een investering van ongeveer 1 miljard euro. Binnen de investeringsagenda van de Vlaamse Regering zijn dergelijke grootscheepse projecten mogelijk geworden dankzij de besparingen op andere domeinen.

Dan kom ik tot de onderhandelingen met Nederland. De werken gebeuren in samenwerking met Nederland, de sluis ligt immers op Nederlands grondgebied. De onderhandelingen over de aanleg van deze sluis namen ongeveer tien jaar in beslag. De politieke afspraken waren vervat in een besluit van het Politiek College van de Vlaams-Nederlandse Scheldecommissie van 19 maart 2012. Een onderhandelingsdelegatie van de Vlaamse Regering onder leiding van Wivina Demeester heeft die politieke afspraken verankerd in een verdrag. De onderhandelingen werden afgerond op 27 oktober 2014 en het verdrag werd ondertekend op 5 februari 2015. Met dit ontwerp van decreet verleent het Vlaams Parlement zijn instemming aan dit verdrag.

Wat betreft de inhoud van het verdrag: het gaat over de scope van het project, de voorbereidingen, de aanleg en het infrastructureel beheer van de sluis gedurende dertig jaar. Daarbij worden ook de voorziene afmetingen aangeduid en het feit dat de aanbesteding zal gebeuren volgens het principe ‘Design and Build’. Nederland zorgt voor de aanbesteding en Vlaanderen draagt het grootste deel van de kosten.

Het verdrag bevat ook afspraken over de btw. Vlaanderen moet instaan voor de meerkosten van eventuele kanaalaanpassingen en van het beheer en het onderhoud op Nederlands grondgebied.

De Strategische Adviesraad internationaal Vlaanderen (SARiV) heeft geen advies gegeven over dit voorontwerp van decreet gezien zijn formele opheffing. De Mobiliteitsraad van Vlaanderen (MORA) heeft een positief advies uitgebracht. De raad ziet de realisatie van de nieuwe sluis als een opportuniteit voor de logistieke positie en de welvaart van Vlaanderen.

De Raad van State maakte naar aanleiding van de vereenvoudigde wijzigingsprocedure de opmerking dat het beter zou zijn om dergelijke wijzigingen niet alleen mee te delen aan het Vlaams Parlement, maar om ook te voorzien in een mechanisme waardoor het Vlaams Parlement zich tegen dergelijke wijzigingen kan verzetten. Die bepaling in het advies heeft de parlementsvoorzitter geïnspireerd tot een reactie en een schrijven aan de leden van de commissie.

De Vlaamse Regering is om principiële redenen niet volledig op die opmerking van de Raad van State ingegaan. Het gaat volgens de minister immers om louter operationele en technische aanpassingen in het kader van de bouw van de sluis, die bovendien binnen de budgettaire randvoorwaarden blijven. Dat zijn bovendien ook typische activiteiten van de uitvoerende macht: ook in een louter binnenlandse context wordt daarvoor niet de goedkeuring van het parlement gevraagd. Bovendien dreigde een onevenwicht in de verdragsrelatie met de Nederlandse partner, want een dergelijk mechanisme bestaat niet aan Nederlandse kant. De invoering ervan in Vlaanderen zou dus tot enige onzekerheid kunnen leiden bij de Nederlandse verdragspartners.

De minister verwijst daarbij naar de eerdere goedkeuring in deze commissie van gelijkaardige bepalingen. De minister heeft zich ertoe geëngageerd om het Vlaams Parlement op de hoogte te brengen van de strekking van de wijzigingen alvorens ze in werking treden. Het controlerecht van het parlement speelt dus te allen tijde. De volksvertegenwoordigers kunnen de klassieke instrumenten voor dat controlerecht aanwenden.

Bij de bespreking namen de leden Hendrickx, Kennes en Vanbesien het woord. Allen benadrukten de positieve gevolgen van het verdrag voor de binnenvaart, voor de Gentse haven, voor de logistieke positie van Vlaanderen en voor de Vlaamse economie in het algemeen. Ze wezen op het formele engagement van de minister om elke wijziging voor de inwerkingtreding ervan mee te delen aan het Vlaams Parlement. De heren Kennes en Vanbesien blijven het echter moeilijk hebben met deze, volgens hen, minimalistische oplossing van kennisgeving.

Dat leidde bij de artikelsgewijze stemming tot een eenparigheid van stemmen wat betreft artikelen 1 en 2 van het ontwerp van decreet, en tot 2 onthoudingen bij artikel 3. Bij de stemming over het geheel werd de tekst aangenomen met 10 stemmen bij 1 onthouding.

De voorzitter

De heer Van Overmeire heeft het woord.

Karim Van Overmeire (N-VA)

Voorzitter, collega’s, ik wil in de eerste plaats de verslaggever bedanken voor zijn heel volledig verslag. Ik heb een zijdelingse opmerking. In de toelichting wordt de voorgeschiedenis van het kanaal Gent-Terneuzen geschetst. In 1827 werd het kanaal opengesteld voor de scheepvaart. Dit sluit naadloos aan bij de resolutie ‘Willem I’ die in de vorige legislatuur werd goedgekeurd. Toenmalige collega’s van Rouveroij, Van Der Taelen en Bouckaert zouden het ons niet vergeven indien we niet in één zin even naar de voorgeschiedenis verwijzen. Voor de Gentenaars: in het STAM, het stadsmuseum van Gent, loopt een prachtige tentoonstelling die ook focust op de bouw van het kanaal.

We kunnen ons er alleen maar over verheugen dat tweehonderd jaar later de verhoudingen tussen Vlaanderen en Nederland van dien aard zijn dat een verdrag zoals dit, dat toch niet evident is voor Nederland, mogelijk wordt gemaakt. Het belang van de nieuwe sluis voor de logistieke positie van Gent, maar ook van Vlaanderen in zijn algemeenheid, is daarnet al door de heer Hendrickx geschetst.

De voorzitter

De heer De Clercq heeft het woord.

Mathias De Clercq (Open Vld)

Voorzitter, collega’s, het plenair goedkeuren van dit verdrag getuigt van een onwaarschijnlijk belang. Al decennialang wachten Gent, de Gentse haven, Oost-Vlaanderen en Vlaanderen op betere internationale competitiemogelijkheden, op bredere schepen, op meer tonnage en dergelijke meer. De haven is onze voordeur en onze achterdeur en kan 60.000 mensen bereiken voor tewerkstelling. Er zijn meer dan 300 bedrijven op een terrein van 10.000 voetbalvelden groot. Het verdrag is van een onwaarschijnlijk belang om onze competitie internationaal te kunnen behouden, om de bedrijven die er zijn perspectieven te bieden, om de bestaande tewerkstelling te verankeren en om nieuwe investeringen aan te trekken.

Het perspectief is nu al dat die sluis er komt. Minister, de eerste spadesteek zal inderdaad in 2017 worden gegeven, om dat tegen 2021 te kunnen realiseren. Ondanks de tegenvallende Europese financiering maakt deze regering er toch een punt van. Ik wil dat hier toch even zeggen. Ik vind het zeer belangrijk en zeer positief dat men er geen twijfel over laat bestaan dat men daarmee doorgaat.

Dit verdrag wordt hier vandaag ook plenair goedgekeurd. Dat is een onwaarschijnlijk belangrijk signaal voor de toekomst, voor de tewerkstelling. Ik hoop uit de grond van mijn hart dat dit kamerbreed kan, want hoe meer schepen Gent kunnen bereiken, hoe minder vrachtwagens er over de weg moeten gaan. Ik hoop dus echt op een kamerbrede goedkeuring, als een belangrijk signaal aan deze Vlaamse Regering dat ze samen met Nederland verder de krachten moet bundelen. Dit zal in 2021, na de Westsluis in 1968, een onwaarschijnlijk historisch momentum kennen, zodat we de tewerkstelling van die 60.000 mensen en nieuwe investeringen kunnen verankeren en aantrekken. (Applaus bij de meerderheid)

De voorzitter

Vraagt nog iemand het woord? (Neen)

De algemene bespreking is gesloten.

De voorzitter

Artikelsgewijze bespreking

Dames en heren, aan de orde is de artikelsgewijze bespreking van het ontwerp van decreet. (Zie Parl.St. Vl.Parl. 2014-15, nr. 417/1)

– De artikelen 1 tot en met 3 worden zonder opmerkingen aangenomen.

De artikelsgewijze bespreking is gesloten.

We zullen straks de hoofdelijke stemming over het ontwerp van decreet houden.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.