U bent hier

Grondwettelijk Hof

Gebouw van het Grondwettelijk Hof, op de Koudenberg in BrusselHet Grondwettelijk Hof is het enige rechtscollege in België dat mag nagaan of een wet, een decreet of een ordonnantie in overeenstemming is met de Grondwet.

Elke persoon die er belang bij heeft, de regeringen en de voorzitters van de wetgevende vergaderingen kunnen het Hof vragen een wet, decreet of ordonnantie volledig of gedeeltelijk te vernietigen. Ze kunnen eventueel ook de schorsing ervan vragen.

Ook elke rechtbank kan zich tot het Grondwettelijk Hof wenden, wanneer er in een concreet geschil twijfels rijzen over de grondwettigheid van een wet die de rechtbank moet toepassen.

Het Grondwettelijk Hof waakt over drie belangrijke principes:

  • dat de wetten, decreten en ordonnanties binnen de bevoegdheden blijven die de Grondwet en enkele bijzondere wetten aan de verschillende wetgevers gegeven hebben;
  • dat de wetten, decreten en ordonnanties de grondwetsartikelen respecteren over de rechten en de vrijheden van alle Belgen, over het invoeren van belastingen, en over de bescherming van vreemdelingen op het Belgische grondgebied ;
  • dat de wetten, decreten en ordonnanties het beginsel van de federale loyauteit respecteren.

Het Hof kan wetten, decreten en ordonnanties schorsen: dat betekent dat ze tijdelijk niet toegepast mogen worden. Het Hof kan ze ook vernietigen: dan mogen ze definitief niet meer toegepast worden, het is alsof ze nooit bestaan hebben. Wanneer een rechtbank een vraag gesteld heeft, zal het Hof antwoorden op de vraag of de betwiste wet grondwettig is.

Tot 7 mei 2007 heette het Grondwettelijk Hof "Arbitragehof". In documenten van het Vlaams Parlement die ouder zijn, komt die term dus nog voor.

Zie ook: website van het Grondwettelijk Hof