U bent hier

Stemmingen

Bij een stemming in commissie of plenaire vergadering heeft een volksvertegenwoordiger drie mogelijkheden: hij stemt voor, hij stemt tegen of hij onthoudt zich (dan spreekt hij zich niet uit over het onderwerp). 

Stemmen gebeurt op verschillende manieren:

  • door handopsteking (in commissie);
  • bij zitten en opstaan;
  • door hoofdelijke stemming (met de stemmachine of bij naamafroeping);
  • door een geheime stemming (met de stemmachine of met stembriefjes in de urne);
  • door eenparige instemming (als de voorzitter vaststelt dat iedereen het eens is met een voorstel).

De parlementsleden stemmen over:

Een stemming is pas geldig als er voldoende volksvertegenwoordigers aanwezig zijn. Dat heet het "quorum". Het quorum is in het Vlaams Parlement in de regel een meerderheid van de Vlaamse volksvertegenwoordigers (de helft plus één). Om te bepalen of het quorum bereikt is, wordt een onthouding meegeteld.

Bij de helft plus één stem wordt het voorstel aangenomen, anders wordt het verworpen. Soms is een bijzondere meerderheid nodig als goedkeuring : twee derde van de stemmen bij voorstellen en ontwerpen van bijzonder decreet, en zelfs drie vierde van de stemmen bijvoorbeeld bij een motie betreffende een belangenconflict.