Search in Vlaams Parlement

Vanaf dit schooljaar zullen het onderwijsveld, de Netwerken Geestelijke Gezondheid en de eerstelijnszones sterker met elkaar gaan samenwerken. Hierdoor zullen leerlingen meer psychologische ondersteuning kunnen krijgen. Hoe zullen de Centra voor Leerlingenbegeleiding (CLB’s) hierbij betrokken worden? En komt er extra ondersteuning voor leerkrachten? Die vragen kreeg Vlaams minister van Onderwijs, Ben Weyts, afgelopen donderdag in de Commissie voor Onderwijs. 

Vragen van de commissieleden

Uit onderzoek blijkt dat het aantal leerlingen met psychologische problemen toeneemt. Daarom rees de afgelopen periode de vraag naar meer aandacht voor mentale gezondheid bij leerlingen. Om die problematiek het hoofd te bieden, zullen het onderwijsveld, de Netwerken Geestelijke Gezondheid en de eerstelijnszones voortaan intensiever  samenwerken. Hierdoor zullen meer psychologen ondersteuning kunnen bieden aan leerlingen via groeps- of individuele sessies. 
 
Dit juichte commissielid Loes Vandromme (cd&v) toe: "Jongeren die psychologische hulp nodig hebben, zullen sneller en makkelijker kunnen worden geholpen”, stelde ze aan het begin van haar betoog in de commissievergadering. Toch wenste ze van bevoegd minister Ben Weyts meer duidelijkheid over het kostenplaatje en de rol die de CLB's en de leerkrachten in het versterkte samenwerkingsverband zullen spelen: “Maar hoeveel deze hulp precies zal kosten, is nog niet duidelijk. En hoe worden de CLB’s en leerkrachten betrokken?”, klonk het. 
 
Ook commissielid Kathleen Krekels (N-VA) vroeg de minister om toelichting: “Is hier vooraf overleg gepleegd met alle bevoegde ministers? Ik denk hierbij bijvoorbeeld aan de minister van Welzijn. Aan welke voorwaarden moeten leerlingen voldoen om beroep te kunnen doen op psychologische ondersteuning?”

Vlaams minister voor Onderwijs reageert

In zijn antwoorden gaf minister Ben Weyts aan dat het de opdracht van de CLB’s en scholen is om kwaliteitsvolle leerlingenbegeleiding te organiseren op vier vlakken: leren en studeren, onderwijsloopbaan, psychisch en sociaal functioneren en preventieve gezondheidszorg. “De CLB’s werken hiervoor kosteloos voor de leerling, ouders en school. En ze werken samen met externe hulpverlening, waarbij ze instaan voor de coördinatie tussen het CLB, de school en externe partners. Soms is er meer gespecialiseerde hulp nodig die de CLB’s zelf niet kunnen geven”, lichtte hij toe. 

Voorts bevestigde hij dat hij hierover overlegde met alle noodzakelijke stakeholders: “De voorbije maanden zijn er gesprekken geweest tussen FOD Volksgezondheid, het kabinet van federaal minister Frank Vandenbroucke, het departement Onderwijs, de CLB-sector en mijn kabinet. We bekeken hoe deze maatregel gerealiseerd kan worden op het terrein, in het verlengde van de leerlingenbegeleiding en met respect voor elke actor", aldus de minister. 

Wat betreft de mogelijke rol die de CLB's in het nieuwe verhaal zullen spelen, onderscheidde de minister drie mogelijke scenario's:  "Eén: het CLB kan doorverwijzen naar een zelfstandig klinisch psycholoog, die remgeld zal aanrekenen. Twee: het CLB kan een samenwerking met een centrum voor geestelijke gezondheidszorg opzetten. In uitzonderlijke gevallen kan het CLB voorzien in de locatie van de zorg. Hierbij komt het remgeld te vervallen. En tot slot, drie: het CLB kan zelf een conventie afsluiten met een netwerk voor geestelijke gezondheidszorg of klinisch psycholoog. Het CLB treedt dan op als werkgever en aangezien het kosteloos werkt voor de leerling, ouders en school wordt er geen remgeld aangerekend.” 

Ten slotte bevestigde minister Weyts ook dat leerkrachten zullen kunnen rekenen op ondersteuning: “Leerkrachten kunnen ondersteund worden om hun kennis en vaardigheden te versterken om adequaat in te spelen op de signalen van kinderen en jongeren omtrent hun mentaal welzijn. Dat gebeurt steeds in afstemming met het CLB.” 

Herbekijk het debat in de commissie

Relevante themas

Onderwijs en vorming

Onderwijs en Vorming

Scroll to top