U bent hier

De voorzitter

De heer De Gucht heeft het woord.

Voorzitter, minister, vanaf volgend schooljaar zal het onderwijslandschap in Vlaanderen één school rijker zijn. In Maleizen komt vanaf 1 september de Ignatiusschool, genoemd naar de oprichter van de jezuïetenorde. 14 juni was er alvast een opendeurdag. Directeur en leraar Kris Clauw gaf er mee wat er van hen verwacht mag worden. De school zal nadrukkelijk aandacht hebben voor het katholieke geloof. Zo zullen de leerlingen godsdienstles krijgen volgens de Mechelse catechismus van voor 1954. De meeste leraars zijn bovendien overtuigd lid van Pro Familia, een oerconservatieve organisatie die ervoor pleit abortus, euthanasie, het homohuwelijk en draagmoederschap af te schaffen. De organisatie financiert zelfs mee de school.

De school zal daarom een privéschool worden. Op die manier kunnen ze in alle vrijheid invulling geven aan hun religieuze project. Wel hebben ze een erkenningsaanvraag ingediend bij het ministerie van Onderwijs zodat ze erkende attesten en diploma’s kunnen uitreiken. De studenten zullen met andere woorden afstuderen met een erkend diploma zonder dat er controle is geweest op de kwaliteit van het lesaanbod.

Minister, bent u een voorstander van eng religieuze private onderwijsprojecten zoals dit van de nieuw opgerichte conservatief katholieke school in Maleizen? Klopt het dat deze school een erkenningsaanvraag heeft ingediend? Indien ja, wanneer zal zij in dat geval ten laatste een antwoord krijgen?

De voorzitter

De heer Van Dijck heeft het woord.

Deze vraag is een terechte vraag, maar is al meermaals gesteld. Het ging dan niet over deze religie maar over een andere.

Je kunt het op dezelfde manier inkleden wanneer het gaat over een school waar er wordt lesgegeven in de joodse traditie of de islamschool waarover het een paar weken geleden ging.

Zonder een waardering uit te spreken over het een of het ander denk ik dat de criteria in Vlaanderen vrij duidelijk zijn, zowel met de erkenning als met de subsidiëring. Er worden kwaliteitseisen gesteld en er zijn eindtermen en ontwikkelingsdoelen. In het verleden botsten we met meer religieus geïnspireerde scholen ook wel eens op het feit dat men een aantal waarden, normen en principes niet meenam in de school en derhalve ook geen erkenning kreeg. Dat situeert zich niet in een of andere godsdienst, maar in verschillende godsdiensten.

Dat was de bemerking die ik daaraan wil koppelen. Ik kijk met belangstelling uit naar de concrete antwoorden over deze casus. Nogmaals, ik denk dat onze regelgeving stringent is. Ik wil een pleidooi houden om dat ook zo te houden.

De voorzitter

De heer De Gucht heeft het woord.

Mijnheer Van Dijck, het eerste deel van mijn eerste vraag luidde als volgt: “Bent u een voorstander van eng religieuze private onderwijsprojecten, zoals …”. Het is dus niet zo dat ik het enkel beperk tot deze religie. Ik heb het over alle ideologische of religieuze scholen in Vlaanderen.

De voorzitter

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

Mijnheer De Gucht, ik wil ingaan op uw laatste opmerking. Ik ben een grote, grote fan van het grondwettelijk gewaarborgd principe van de vrijheid van onderwijs, ook wat de inrichting betreft. Elke rechtspersoon of natuurlijke persoon heeft het recht om een school op te starten. Ik heb dat in de plenaire vergadering ook al een aantal keren gezegd.

Het is pas indien deze school een erkenning en eventueel een financiering/subsidiëring beoogt door de overheid, dat de inrichter moet voldoen aan de decretaal bepaalde erkennings- en/of financierings- of subsidiëringsvoorwaarden.

Voor het secundair onderwijs zijn die voorwaarden vastgelegd in de artikelen 14 en 15 van de Codex Secundair Onderwijs. Ik geef u enkele erkenningsvoorwaarden mee. Ten eerste moet de school gevestigd zijn in gebouwen en lokalen die aan een aantal voorwaarden voldoen op het vlak van hygiëne, veiligheid en bewoonbaarheid. Ten tweede moet de school beschikken over voldoende didactisch materiaal en over een aangepaste schooluitrusting. Ten derde moet ze bepalingen naleven over de onderwijstaal en de taalkennis van het personeel. Ten vierde moet ze beantwoorden aan een hele rits decretale en reglementaire bepalingen inzake eindtermen, ontwikkelingsdoelen – want daarvoor worden ook soms afwijkingen gevraagd –, specifieke eindtermen of met ingang van een door de Vlaamse Regering te bepalen datum de erkende onderwijskwalificaties, leerplannen en handelingsplannen. Als school in het geheel van haar werking moet ze ten slotte ook de internationaalrechtelijke en grondwettelijke beginselen op het gebied van de rechten van de mens en van het kind in het bijzonder eerbiedigen.

Mijnheer De Gucht, indien de school geen erkenning zou aanvragen, kan ze als vorm van huisonderwijs de leerplicht van de leerlingen die ervoor kiezen, invullen. In dat geval zal de onderwijsinspectie nagaan of aan de minimumvereisten voor huisonderwijs wordt voldaan. Sowieso is er dus iets van controle.

Klopt het dat de school een aanvraag tot erkenning heeft ingediend? Ja, dat klopt. De school heeft op 23 maart 2015 een aanvraag tot erkenning ingediend bij het Agentschap voor Onderwijsdiensten. Ze heeft op 7 april 2015 ook een rectificatie ingediend. Die aanvraag is – conform het kwaliteitsdecreet – voor advies aan de onderwijsinspectie overgemaakt.

Artikel 35 van het kwaliteitsdecreet bepaalt dat de inspectie ter plaatse een onderzoek instelt naar het vervullen van de erkenningsvoorwaarden. Na dat onderzoek bezorgt de onderwijsinspectie een rapport met een advies over de erkenning aan de Vlaamse Regering. Dat rapport moet uiterlijk zes maanden na de aanvraag tot erkenning worden bekendgemaakt, zo niet wordt het advies geacht gunstig te zijn. We moeten er dus wel voor zorgen dat men binnen de tijd klaar is.

Concreet betekent dit dat uiterlijk op 6 december 2015 de beslissing bekend moet zijn. Dat is de huidige procedure die nu loopt en die zal worden gevolgd.

De voorzitter

De heer De Gucht heeft het woord.

Minister, ik dank u voor uw antwoorden.

Ik heb verschillende zaken gelezen over deze school, over de manier waarop zij willen omgaan met onder andere seksuele opvoeding, de manier waarop zij willen omgaan met de wetenschappen en de manier waarop men tegenover de ontwikkeling van de mens staat en daarbij uitgaat van creationisme. Hoe zult u daarmee omgaan als ze morgen zouden kunnen overgaan tot erkenning? Ik vind eerlijk gezegd dat het bijzonder vreemd zou zijn indien deze school zou worden erkend. Als ze zou worden erkend, hoe staat u daar dan tegenover? Zult u daarin dan al dan niet tussenkomen?

De voorzitter

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

Mijnheer De Gucht, dat is een zeer hypothetische vraag. Als minister moet ik nu de procedure laten lopen. Dat betekent dat de inspectie haar werk moet doen en dat er een advies moet komen.

Ik heb u net gezegd dat een hele rits voorwaarden moet worden vervuld, ook wat de eindtermen betreft. Ik raad u aan om eens bij al mijn voorgangers te kijken welke aanvragen er zijn ingediend om af te wijken van de eindtermen en wie op welk moment die afwijking heeft goedgekeurd. Ik heb al verrassende manieren ontdekt over de manier waarop je die eindtermen moet halen. Ik zal er mij nu, mijnheer De Gucht, niet over uitspreken of het al dan niet moet worden erkend.

Er is vrijheid van onderwijs, er is een Kwaliteitsdecreet, de inspectie moet nu advies uitbrengen, we zullen zien wat de procedure nu brengt. Ik ga ervan uit dat het zoals in vele andere scholen het geval is, belangrijk zal zijn dat men zich voluit engageert om de eindtermen en ontwikkelingsdoelen te halen.

Verder heb ik daar niet veel over te zeggen, gelet op het feit dat de inspectie nog met het onderzoek bezig is.

Wij hebben enkele weken – het kan al maanden zijn – geleden in de plenaire vergadering een korte discussie gehad over de vrijheid van onderwijs naar aanleiding van een islamschool. Ik richt me niet speciaal tot u, minister, het verbaast me in het algemeen dat men tegenover een islamschool met dezelfde creationistische redeneringen veel angstiger staat dan tegenover een katholieke school. De reacties op de oprichting van deze school zijn veel heviger. Het is niet omdat men vanuit een religie vertrekt die in deze contreien door de eeuwen heen beleden is door een grote meerderheid van de bevolking, dat we daar niet even nauwkeurig moeten opletten dat de leerlingen die daar gevormd worden, op een goede manier in de huidige samenleving kunnen staan.

De voorzitter

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.