U bent hier

Commissievergadering

woensdag 24 juni 2015, 10.00u

Voorzitter
van Jos De Meyer aan minister Joke Schauvliege
2538 (2014-2015)
De voorzitter

De heer De Meyer heeft het woord.

De heer Jos De Meyer (CD&V)

Voorzitter, minister, collega’s, voor het reces eraan komt, wil ik nog even aandacht vragen voor een sector die het bijzonder moeilijk heeft. De varkenshouderij is in Vlaanderen goed voor 40 procent van de economische waarde van dierlijke productie. Varkens vertegenwoordigen 1,46 miljard euro productiewaarde, tegenover 3,56 miljard euro voor alle dierlijke producten samen en 5,48 miljard euro voor heel de Vlaamse landbouwsector. Dit om te wijzen op het economisch belang van de sector, die jaar na jaar een positief saldo op de handelsbalans realiseert, en die 1 procent van de wereldproductie en 5 procent van de totale Europese varkensproductie vertegenwoordigt.

Hoe is de situatie van de varkenshouders? Het Prijzenobservatorium zocht dat uit voor een actualisatie van zijn studie over de varkenskolom. Blijkt nu dat er tussen 2007 en 2013 niets is verdiend op zeugen- en gesloten varkensbedrijven. Alleen door geen vergoeding voor eigen arbeid aan te rekenen, geraken die varkenshouders op papier uit de rode cijfers.

De varkenshouderij wordt de jongste jaren gekenmerkt door een sterke concentratietendens. Tussen 2000 en 2013 nam de varkensstapel in ons land veel minder snel af (afgerond 11 procent minder) dan het aantal varkensbedrijven (bijna 50 procent minder). Het gemiddeld aantal varkens per bedrijf nam daardoor toe tot 1273 in 2013, een stijging met 77 procent ten opzichte van 2000.

Aan de kostenzijde neemt varkensvoeder de grootste hap uit het budget op de drie types varkensbedrijven (49 procent bij fokvarkensbedrijven, 52 procent bij vetmestbedrijven en 64 procent bij gesloten bedrijven). De varkensboer betaalde vorig jaar gemiddeld 40 procent meer voor varkensvoeder dan in 2006, terwijl de opbrengstprijs voor een varkenskarkas op nagenoeg hetzelfde niveau bleef. Tussen 2006 en 2013 bleef het financieel resultaat zonder vergoeding voor eigen arbeid voor zeugenbedrijven negatief, met uitzondering van 2009 en 2012. Het resultaat inclusief vergoeding voor eigen arbeid is over de hele beschouwde periode negatief.

Er was ondertussen ook een lichtpuntje. Federaal minister van Landbouw Willy Borsus heeft in China een memorandum ondertekend om de export van Belgisch varkensvlees naar China te bevorderen. Het document moet de lijst uitbreiden van Belgische bedrijven die naar China mogen exporteren. “We hebben door het Russische embargo vastgesteld dat de export van onze landbouwproducten op wereldschaal van cruciaal belang is voor onze producenten”, zegt Borsus. Aanwezig zijn op een markt als China is een echte stap voorwaarts. Meer Belgische bedrijven zullen voortaan hun varkensvlees naar China kunnen exporteren. Dat is belangrijk, alhoewel we weten dat één vogel de lente niet maakt. Het is nu aan de slachthuizen om hier verder werk van te maken.

Minister, in het begin van deze legislatuur hebt u een uitermate complex dossier overgenomen van de vorige minister.

U hebt heel wat inspanningen gedaan, maar ik vond het wenselijk dat we bij het einde van dit eerste werkjaar hier nog even aandacht voor vroegen.

Minister, ik had graag een overzicht van de inspanningen die geleverd zijn. Welke mogelijke stappen kunnen er de volgende maanden worden gezet? Welke perspectieven kunnen we de varkenshouders op korte en lange termijn bieden, en zeker aan de potentiële jonge starters?

De voorzitter

De heer Vanderjeugd heeft het woord.

De heer Francesco Vanderjeugd (Open Vld)

Minister, toen we u begin februari vroegen om eventuele bijkomende maatregelen te overwegen om de noodlijdende varkenssector het hoofd te bieden, was het duidelijk dat daar niet in kon worden voorzien. Het viel ons eveneens op dat u in het horizontale debat, als het ging over de gemeenschappelijke marktordening, bij de Commissie toch wel meerdere malen hebt aangedrongen op een objectieve definitie van het begrip crisis – de commissaris had een ander oordeel daarover – en op de nood aan accurate parameters om de evolutie van het aanbod op de markt te kunnen volgen, zoals het aantal gedekte zeugen, het aantal biggen en jonge vleesvarkens, het aantal slachtingen en het gemiddelde slachtgewicht. U hebt dat dan ook kunnen aantonen met de cijfers die we in Vlaanderen hadden. Wat is de stand van zaken vandaag?

Tevens bleek dat voor het aantal parameters wel een wettelijke regeling bestaat, maar die wordt door een aantal lidstaten niet nageleefd. Zij doen geen effectieve rapportering volgens de vastgestelde deadline. Hebt u inmiddels bij de Europese Commissie ook aangedrongen op een betere opvolging? Is daar een verbetering merkbaar?

Met betrekking tot aandacht voor de Chinese markt – collega De Meyer haalde het al aan – zijn we eveneens tevreden dat ook dat in volle ontwikkeling is. In 2014 hebben we 30.000 ton export naar Rusland verloren vanwege de boycot, maar voor meer dan de helft van dit verlies is er een nieuwe afzetmarkt gevonden die zich situeert in onder meer China, Hongkong, de Filipijnen en Zuid-Korea. Welke zijn de vooruitzichten dankzij dat nieuwe akkoord dat ondertekend werd door minister Borsus? Worden er ook bijkomende initiatieven genomen naar de Australische markt, die ook aan belang heeft gewonnen?

Is er een wezenlijk verschil merkbaar dankzij de steun die vanuit Europa is gekomen, ook omdat velen uit Vlaanderen daar niet echt een beroep op konden doen? Wat is het merkbare verschil?

De voorzitter

De heer Caron heeft het woord.

De heer Bart Caron (Groen)

Ik heb een informatieve vraag bij de discussie, waar ik me vandaag niet in wil mengen. De vraag is eerder gericht aan de heer De Meyer dan aan de minister. Als we uitvoeren naar landen zoals China, die een ontwikkelingsniveau hebben dat lager is dan het onze, begrijp ik het economisch niet zo goed hoe het komt dat zij dat niet goedkoper kunnen produceren dan wij. Is het geen tijdelijke oplossing voor problemen waarbij men inlands, aldaar in de lageloonlanden in het oosten, geen hoog kwaliteitsniveau behaalt? Als ik kijk naar de productiesector in de industrie, is het fenomeen duidelijk zo. Wij voeren hoogwaardige producten uit. Dat is het enige wat ik als motief zou kunnen hebben, met name dat wij een kwaliteitsniveau bereiken dat ze ginds niet kunnen bereiken.

De voorzitter

De heer Engelbosch heeft het woord.

De heer Jelle Engelbosch (N-VA)

Minister, je moet opletten. China is één aspect. Collega De Meyer haalde dat al aan. China gaat nu inderdaad open, maar we mogen niet al onze eieren in één mand leggen. Als Rusland ons een les heeft geleerd, dan is het dat we moeten blijven zoeken naar nieuwe afzetmarkten. We mogen niet alle hoop op China vestigen, maar we moeten actief op zoek blijven gaan naar nieuwe afzetmarkten.

Als ik de vraag van collega De Meyer lees, dan is er wel hoop voor de gespecialiseerde varkensbedrijven. Die zijn wel nog winstgevend. Vandaar mijn bijkomende vraag aan u, minister: is er in ondersteuningsmogelijkheden voorzien om hier in Vlaanderen te specialiseren in speciale varkensrassen zodat we niet naar dat massaproduct blijven gaan en we ons echt kunnen onderscheiden van de rest van Europa inzake varkens?

De voorzitter

Minister Schauvliege heeft het woord.

Collega’s, het is een dossier dat deze commissie en uiteraard mezelf niet loslaat en waar we al heel veel gedachtewisselingen over gehad hebben. We blijven ook stappen zetten. Er zijn al heel wat maatregelen genomen.

U weet dat wij op Europees niveau inderdaad hebben gepleit voor een breed pakket aan maatregelen, waarbij ondersteuning van de markt via particuliere opslag geflankeerd werd door onder andere aanbodbeheersende maatregelen. U weet ook dat de Europese Commissie toen een andere keuze heeft gemaakt. Dat heeft ervoor gezorgd dat er een beetje stabiliteit kwam, maar dat heeft zeker geen grote oplossingen meegebracht vanuit Europa.

De voorbije maanden zijn we heel sterk blijven benadrukken dat overleg en contact met andere overheden wat betreft acties, ook cruciaal zijn. Als er bijvoorbeeld een Prijzenobservatorium is, is dat dankzij het feit dat wij vanuit onze diensten alle informatie aanleveren, goed samenwerken en zorgen dat we daar samen tot die oplossingen kunnen komen. We moeten ook de informatie goed blijven verspreiden. Er zijn constant contacten geweest en overleggroepen met alle verschillende actoren, zowel vanuit onze diensten maar ook vanuit het kabinet.

Vandaag zijn nieuwe steunmaatregelen vanuit Europa niet onmiddellijk aan de orde. We blijven wel de acute situatie benadrukken bij Europa, onder meer de vraag naar volledige en accurate marktinformatie. De commissie heeft hiervoor de afgelopen maanden wel inspanningen gedaan, maar dat kan nog altijd beter.

Je kunt dus stellen dat de varkenssector nog steeds in een heel kwetsbare situatie zit. De prijzen schommelen en op Europees niveau zien we een sterke stijging van het aanbod, wat de druk op de markt verhoogt. We mogen ons ook niet laten verleiden om mee te draaien in een spiraal van negatieve berichtgeving. Het is een algemeen gegeven dat de economische situatie cyclisch verloopt en we hopen dan ook dat er licht in de tunnel komt. Vandaag zijn er ook nog altijd ondernemende bedrijfsleiders binnen de varkenshouderij die het ook niet zo slecht doen. Dat is wat de heer Engelbosch ook al zei: een aantal bedrijven doet het goed, maar voor andere is het echt heel moeilijk. De nieuwe specialisaties zijn er. Er wordt ook onderzoek naar gedaan. We hebben er ook subsidies voor gegeven om onderzoek te doen naar speciale rassen, nichemarkten enzovoort.

Na een moeilijk 2014 is in het eerste kwartaal van 2015 de Belgische export licht gestegen. In het eerste kwartaal is er 2 procent meer geëxporteerd dan in 2014. De export naar derde landen loopt vlot. In het eerste kwartaal is er zelfs een stijging van meer dan 12 procent tot op het niveau van 2013.

U hebt ook gemerkt dat de federale collega, minister Borsus, samen met de diensten van het Federaal Voedselagentschap inderdaad ook een aantal stappen heeft gezet om vlot de export naar China mogelijk te maken. Vanuit Vlaanderen ondersteunen we de export van varkensvlees mee via het Belgian Meat Office (BMO), een onderdeel van het Vlaams Centrum voor Agro- en Visserijmarketing (VLAM). In april heeft de Europese Commissie 650.000 euro aan subsidies toegekend aan het Belgian Meat Office om een specifieke promotiecampagne op te zetten om varkensvlees naar Azië en Australië uit te voeren. Dit programma is van start gegaan en afgelopen week bezocht het BMO, samen met een aantal Belgische exporteurs, de SIAL-beurs in China om het varkensvlees daar te gaan promoten. Er worden dus heel wat inspanningen gedaan.

Ik vermeld ook graag nog een aantal andere initiatieven, gericht op de varkenshouderij. Er zijn de demoprojecten om bijvoorbeeld op basis van reductie van voedselgebruik de rendabiliteit te verhogen. Er is een studie rond diversificatie van de Vlaamse varkenshouderij. Dat sluit aan bij de vraag van collega Engelbosch. Er zouden opportuniteiten in zitten en de studie zou in het najaar klaar zijn. In april werd het ministerieel besluit met criteria voor de erkenning van producentenorganisaties definitief goedgekeurd zodat ze samen een vuist zouden kunnen maken. Er is veel aandacht voor jonge landbouwstarters in het nieuwe gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB). Er is de VLIF-steun voor bedrijfsovernames, maar ook nieuwe betalingsrechten uit de reserve. Ze kunnen ook gedurende vijf jaar een extra top-up krijgen op deze betalingsrechten. Het nieuwe bedrijfsadviessysteem KRATOS zet ook specifiek in op de jonge landbouwers.

Dat zijn de instrumenten waar wij over beschikken. We kunnen geen verdere steunmaatregelen geven zonder toestemming van Europa. De Europese Unie werkt dus aan de nieuwe cijfers, maar op dit moment zijn ze er nog niet. Minister Borsus heeft al een aantal oplossingen gevonden met de export naar China. We mogen ons wel niet enkel richten op China. We willen verschillende markten bespelen. Het is wel eigenaardig dat sommige markten maar geïnteresseerd zijn in bepaalde delen van een varken.

We blijven het dus opvolgen. We delen uw bezorgdheid en we blijven, binnen de mogelijkheden die we hebben, er alles aan doen om die sector zo veel mogelijk te ondersteunen.

De voorzitter

De heer De Meyer heeft het woord.

De heer Jos De Meyer (CD&V)

Minister, u hebt gelijk om nooit alle eieren in één mand te leggen. Dat heeft de recente geschiedenis al heel duidelijk bewezen.

Hoe meer afzetmarkten erbij komen voor een productie die het toch mee moet hebben van de afzet in het buitenland, hoe beter dat is. We weten dat China een bijzonder interessante markt kan zijn, zeker voor wat men noemt het vijfde kwartier van het varken. Dat wordt nu reeds naar daar uitgevoerd. Sommige slachterijen zijn erin gespecialiseerd. Elke nieuwe markt is dus een pluspunt. We weten ook dat onze situatie heel erg afhankelijk is van Duitsland. We voeren heel veel uit naar Duitsland, maar Duitsland heeft zelf ook een hoge productie en voert zelf ook uit. De marktsituatie in Duitsland heeft bijzonder grote repercussies op onze situatie.

Minister, u stelt terecht dat we moeten opletten met slecht nieuws omdat het de mensen ontmoedigt. Ik ben het daar volledig mee eens. Mijnheer Engelbosch, het is juist dat er een vrij grote spreiding is van de bedrijven als je hun winst-verliessituatie bekijkt. We mogen er toch niet blind voor zijn dat de officiële rapporten stellen dat vorig jaar slechts 16 procent een positief resultaat had. Dat is zeer weinig.

We weten ook dat de sector onder heel zware druk staat. Als er geen kentering gebeurt, wordt het jammer genoeg voor nog een aantal bedrijven onmogelijk om te overleven, vandaar dat een groot deel van deze bedrijfsleiders om hulp en om oplossingen schreeuwt. Uiteraard halen ze dat het liefst uit de markt, maar in de huidige situatie is dat uitermate moeilijk.

Minister, wij willen u verder aanmoedigen tot wat u ook het voorbije jaar al gedaan hebt om deze sector zeer alert te volgen en geen kansen voorbij te laten gaan om hem, binnen de Europese kaders, te volgen en te steunen.

De voorzitter

De heer Dochy heeft het woord.

Ik heb één facetje gemist in het antwoord van de minister. In het verleden was er ook het element van kostprijsbeperking door landbouwers. Ik meen mij te herinneren dat er toen gesuggereerd werd om te onderzoeken in welke mate er iets zou kunnen worden gedaan aan de Rendac-factuur. Vlaanderen draagt al een stuk bij in de factuur, maar er zou bekeken worden in welke mate er nog een extra duwtje zou kunnen worden gegeven, in functie van die kostprijsbeperking.

De voorzitter

Minister Schauvliege heeft het woord.

Die vraag over de Rendac-factuur is inderdaad gesteld. Ze heeft ook op tafel gelegen bij de begrotingsaanpassing, maar kon daar op weinig steun rekenen van de collega’s in andere partijen. Dat is dus niet aangenomen binnen de Vlaamse Regering. Maar volgende week zijn er hier in het parlement stemmingen over de begrotingsaanpassing. Het staat het parlement vrij om daar amendementen rond in te dienen.

De voorzitter

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.