U bent hier

De heer Caron heeft het woord.

Voorzitter, minister, geachte leden, we kennen het verhaal, denk ik. Ieder van ons heeft de aspergeoorlog tussen Lidl en Colruyt kunnen volgen. Lidl heeft, in een marktstrategie, denk ik, om zich te ontwikkelen als specialist in groenten en fruit, de prijs heel laag geduwd. In zijn traditie van het bieden van de laagste prijs heeft Colruyt dan ook zijn prijs verlaagd.

De vraag is wie daar beter van wordt. We hebben vernomen in de pers dat de asperges van de Lidl uit Nederland kwamen. Dat drukt heel sterk op de telers bij ons. Hoe moeten zij daartegenover staan? Is dit een nieuwe tendens? Is het een uiting van het probleem van de keten waarbij de grootdistributie de prijzen bepaalt en niet de markt van vraag en aanbod? Daardoor moeten kwekers onder de kostprijs leveren, wat overigens in dit land wettelijk mogelijk is.

Is het een trend? Dat is de kern van de problematiek. Voor groenten en fruiten wordt steeds minder gebruik gemaakt van de veilingen waar de marktprijs toch door vraag en aanbod wordt bepaald. Men werkt nu meer met globale contracten waarbij men een volume of hectare aankoopt. Ik kom uit een familie die dat decennialang heeft gedaan, met fantastische en ook droevige resultaten, afhankelijk van de opbrengst van de appelen of peren. Dat was een mooie illustratie. Als de marktprijs goed is en het aanbod klein, dan maakt men een fantastische winter. Het kan ook helemaal anders, het kan ook een dramatische winter zijn.

Ik ga niet op de zaken vooruitlopen. Ik ga niet verder in op de gevolgen voor het inkomen van de tuin- en landbouwers.

De supermarkten hebben de macht. 75 procent van onze groenten wordt via de supermarkten omgezet. Hun impact op de sector en de prijszetting wordt steeds groter. Het ketenoverleg probeert daar wat meer balans in te brengen. Werkt dat of niet? Dat is een cruciaal punt.

Een andere kwestie is: hoe kan men inspelen op de behoeften van de Vlaming? De Vlaming wil het liefst verse producten en producten van bij ons met een kwaliteitslabel. Kan het VLAM de oorsprong van de producten bewaken? Geef toe, de asperges van bij ons, dat is topkwaliteit. Daar zijn we heel goed in. Appelen ook, conferenceperen ook. Er zijn producten die typisch van bij ons zijn en waarmee we hoogwaardige kwaliteit kunnen leveren. Dat is een voorbeeld van zaken waar we volop kunnen op inzetten.

Minister, hoe reageert u op de recente aspergeoorlog tussen de Lidl en Colruyt? Deelt u mijn vermoeden dat het een tendens is naar een meer algemene prijzenslag in groenten en fruit? En bij uitbreiding in alle landbouwproducten? Acht u een snel anticiperend beleid hier nuttig ter bescherming van onze boeren? Kan de gedragscode voor faire relaties tussen aanbieders en kopers in de agrovoedingsketen beter worden ingezet? Kan er extra worden ingezet op onze kwaliteitslabels?

De vraag over de toezichthouder zal ik niet herhalen, dat is hier al genoeg aan bod geweest.

Het zijn de acties geweest van het Algemeen Boerensyndicaat (ABS) die de aandacht op de prijszetting hebben getrokken enkele maanden geleden. Die vonden nota bene plaats aan de deuren van de Lidl.

Mevrouw Joosen heeft het woord.

Voorzitter, minister, dames en heren, het debat over de prijszetting duurt allang. Ditmaal gaat het over de asperges, maar het zal niet het laatste onderwerp zijn.

Het ketenoverleg kent dus duidelijk zijn grenzen. We moeten op zoek naar een versterking van het overleg. Vorige keer hebben we als fractie nog eens aangehaald dat een afwachtende houding ter zake voor ons geen optie is.

Naar aanleiding van dat debat over de toezichthouder gaf u recent aan, minister, dat federaal minister van Economische Zaken Peeters aan een studie werkt die voor de zomer nog klaar zou zijn. Kunt u toelichten wat dat inhoudelijk precies behelst? Als er voor de zomer resultaten uit de bus komen, zouden wij daar als leden van de commissie Landbouw graag inzage in krijgen.

De heer Dochy heeft het woord.

Ik wil me zeker aansluiten bij de bloemlezing van onze kwaliteitsproducten door de heer Caron. Onze groenten en fruit zijn inderdaad wereldberoemd, maar ook onze varkens- en pluimveeproducten, evenals onze boter en kaas en alles. Al wat onze landbouwsector produceert is topkwaliteit. Ik ben blij dat u ook die promotie wilt voeren, mijnheer Caron.

Inderdaad, de prijszetting is iets anders. We zitten in een Europese context. Ik sluit me vooral aan bij mevrouw Joosen. Dit is inderdaad al aan bod gekomen in de commissie. Er is verwezen naar een studie van minister Peeters. Ik meen me te herinneren dat de minister heeft gewezen op de Europese context en dat het zou kunnen worden aangekaart op een Europese Landbouwraad.

Als ik goed ben ingelicht, is de volgende vergadering van de raad op 11 mei. Is er dienaangaande iets geagendeerd? Wat is de timing op dat vlak?

Minister Schauvliege heeft het woord.

Collega’s, ik denk dat we dezelfde bezorgdheid delen: dat zo’n prijzenoorlog geen goede zaak is. We zitten met een marktgegeven waar we niet zomaar kunnen op ingrijpen. We moeten er natuurlijk proberen voor te zorgen dat de producenten, vooral de kleine telers, en de consument niet de dupe zijn. Die laatste moet kunnen rekenen op gezonde en kwalitatieve producten.

We moeten natuurlijk ook opletten dat we binnen onze context werken en dat we niet ingrijpen in de markt, waarna Europa ons op de vingers zou komen tikken. Wat we vooral moeten doen, is de onderhandelingspositie en de marktmacht van de telers versterken, zodat zij samen een vuist kunnen vormen tegen de macht van de grote retailers, de supermarkten en dergelijke meer, die daar misbruik van zouden kunnen maken, want er zijn ook wel uitzonderingen.

Zoiets komt niet een-twee-drie tot stand. Het is een proces dat we moeten doorlopen. Vanuit mijn beleid zet ik sterk in op het aanmoedigen en oprichten van producenten- en brancheorganisaties. Zij kunnen door ons worden erkend en financieel ondersteund. Maar dat moet natuurlijk van onderuit groeien. Wij kunnen dat niet verplichten. Het is een aanvulling op het bestaande ketenoverleg. Een brancheorganisatie kan daar een toegevoegde waarde zijn. Een brancheorganisatie kan bestaan uit vertegenwoordigers van de productie en van de verwerking of verhandeling, met inbegrip van de distributie. Het juridische kader daarvoor bestaat, maar het initiatief moet dus uit de sector komen. Eerlijke mededingingsvoorwaarden en de verstoring van de markt zijn elementen die daar aan bod kunnen komen.

Ik heb onlangs overleg gehad met het ketenoverleg. We hebben dat daar ook besproken, alsook andere systemen om eventueel diverse ketenschakels samen te brengen. Dat kan allemaal bijdragen tot betere afstemming. Binnen het ketenoverleg werkt men ook aan een code. Men is daar nu volop mee bezig. Het is een initiatief dat vanuit het ketenoverleg groeit en verder wordt aangemoedigd.

Inzetten op de promotie van onze kwaliteitsvolle producten is natuurlijk ook essentieel. Asperges zijn een op-en-top kwalitatief Vlaams product. We doen daar ook veel inspanningen voor, en ook VLAM doet op dat vlak heel wat. Het kwaliteitslabel Flandria wordt heel sterk gepromoot in alle media. ‘Lekker van bij ons’ blijft de centrale VLAM-communicatie. We zien ook dat het kookplatform 1,3 miljoen bezoekers heeft op jaarbasis. Dat is toch niet min.

Mevrouw Joosen, de studie heeft betrekking op de varkenssector en gaat dus niet over alle sectoren. We hebben die studie nog niet binnen, maar als we die hebben, kan die uiteraard aan het parlement bezorgd worden en zullen we bekijken hoe we daar verder mee omgaan.

Ik wil tot slot nog de suggestie doen, voorzitter, om ook vanuit het parlement eens in gesprek te gaan met het ketenoverleg, en samen met hen eens te bekijken welke initiatieven er allemaal al genomen zijn. Ik vond dat in ieder geval een zeer boeiend gesprek. Het is een suggestie, voorzitter, het parlement zal daar wel in alle wijsheid over beslissen.

De heer Caron heeft het woord.

Bedankt, minister. Ik ben het eens met uw antwoord. Dat zijn vandaag de – weliswaar relatief beperkte – instrumenten waarop we kunnen inzetten.

Ik vind het een zeer interessante suggestie om met deze commissie ook eens in gesprek te gaan met het ketenoverleg.

We zullen dat bespreken bij de regeling van de werkzaamheden.

Ik wil daar twee dingen over zeggen: enerzijds kan het inzicht bij onszelf groeien, maar anderzijds is, zoals de minister al zei, het aanmoedigen van brancheoverleg en brancheorganisaties om belangen te verdedigen, een belangrijk instrument in de hele problematiek van prijszetting en prijzenslag. Ik ondersteun dat voluit, maar ik wil de betrokken partijen en de actoren in het veld graag eens horen.

Ik sluit me ook aan bij de vraag van mevrouw Joosen met betrekking tot die studie. Ook dat kunnen we bespreken bij de regeling van de werkzaamheden, voorzitter.

Mevrouw Joosen heeft het woord.

Minister, bedankt voor uw toelichtingen. Ik ben uiteraard blij dat we die studie ter beschikking kunnen krijgen. Ook al gaat het enkel over het segment van de varkenssector, het kan toch interessant zijn om te bekijken.

Verder vind ik het een heel goede suggestie om in gesprek te gaan met het ketenoverleg. Ik sluit me aan bij de vraag om dat gesprek te organiseren, want ondanks onze kwalitatieve producten blijf ik nog een beetje op mijn honger zitten.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.