U bent hier

De heer Bertels heeft het woord.

De heer Jan Bertels (sp·a)

Zoals de waarschijnlijk aan de minister bekende resolutie over het ontwikkelen en bevorderen van diepe geothermie in Vlaanderen aantoont, is dat een duurzame vorm van energieopwekking met een groot potentieel voor Vlaanderen. Zowel in de Kempen – in de provincies Limburg en Antwerpen – als in delen van West-Vlaanderen, leent de bodemsamenstelling zich voor geothermische boringen. In een publicatie van december 2012 wijst de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) op de mogelijkheden en de benodigdheden om in Vlaanderen aan geothermiewinning te doen.

Diepe geothermie is een troef voor de regio Kempen, een regio die inzake tewerkstelling al hard is getroffen door de slabakkende economie. Geothermie was en is opgenomen als slimme investering in recente streekpacten en ook in het Dynamisch Actieplan Kempen (DYNAK), zoals het ook voordien stond in de streekpacten van RESOC-Kempen (regionaal sociaal-economisch overlegcomité). Het is een plan dat ook op steun zou moeten kunnen rekenen van de huidige Vlaamse Regering, zoals ook het geval was met de vorige Vlaamse Regering.

Er zijn plannen voor testen en boringen in het kader van geothermie. Er staan twee concrete projecten op stapel in de Antwerpse Kempen. Een aanpassing van de Vlaamse regelgeving is evenwel nodig opdat de plannen snel kunnen worden geconcretiseerd. Deze wijziging van de regelgeving is dringend nodig om de investeringen, die bijdragen tot een klimaatvriendelijke samenleving en tot nieuwe en duurzame tewerkstelling in onze streek, niet mis te lopen.

Minister, welke rol ziet u weggelegd voor geothermie in Vlaanderen? Hoever staat u met de uitwerking van een beleid en concrete regelgeving inzake het concessiebeleid voor geothermie, conferatur de voormelde resolutie waarin uitdrukkelijk werd gevraagd om de regelgeving te verfijnen en aan te passen? Erkent u het dringend karakter van voormeld concessiebeleid? Welke timing en aanpak kunt u garanderen aan de potentiële investeerders, die wachten op een sein van de Vlaamse Regering?

De heer Van Miert heeft het woord.

Inzake duiding en omkadering van geothermie sluit ik me volledig aan bij het betoog van de heer Bertels. Dat behoeft geen verdere uitleg. Ik sluit me ook aan bij zijn vragen en wil er nog enkele vragen aan toevoegen.

Minister, heeft Vlaanderen de ambitie om op termijn een soort van structuurplan voor de geothermische bronnen te bewerkstelligen waarop toekomstige projecten en vergunningen kunnen voortbouwen? Is er al een eenduidig besluit genomen over de al dan niet toepassing van milieueffectenrapporten voor diepe geothermieprojecten? Hoe staat u tegenover het implementeren van een eenstapsprocedure waarbij de opsporings- en winningsvergunning in één procedure worden vervat? Wat is de stand van zaken op het onderzoek van de GEOHEAT-app over de economische haalbaarheid van geothermieprojecten?

De heer Bothuyne heeft het woord.

Iedereen in dit halfrond is overtuigd van het potentieel en de mogelijkheden van geothermie, ook in Vlaanderen. We hebben in april 2014 nog een voorstel van resolutie goedgekeurd met daarin elementen die vandaag terugkomen in de vraag om uitleg. Ook in de discussie over de beleidsnota hebben we hierover gepraat.

Minister, u gaf aan dat u werkt in de richting van een concessiesysteem voor geothermie. De ondergrond is druk bevraagd dezer dagen. Er worden opties bekeken voor CO2-opslag, eventueel voor gasopslag. Een goede ordening van onze ondergrond is zeker aan de orde.

Minister, hoever staat het ondertussen met uw werk? Minister van Energie, mevrouw Turtelboom, erkent ook voluit het potentieel van geothermie. Ze stelt investeringssteun in het vooruitzicht. Midden dit jaar wil ze een oproep doen. Is er al overleg geweest met u, minister, om die twee beleidsinspanningen op elkaar af te stemmen? Het is hoe dan ook belangrijk om zo een eenduidig Vlaams beleid te kunnen voeren.

De heer Danen heeft het woord.

Geothermie is al geregeld de revue gepasseerd. Het kan een interessante energiebron zijn voor Vlaanderen. Minister, u hebt in het verleden gezegd dat men bezig is om de Vlaamse ondergrond in kaart te brengen. Wat is de stand van zaken daarvan? Het een kun je niet zonder het ander bekijken.

Minister Turtelboom heeft het voorbije weekend een geothermische installatie bezocht. Dat lijkt heel interessant. Ze koppelt dat ook aan het energiepact. Misschien moet ik mijn vraag aan haar stellen.

Ik zou dus willen oproepen om daar niet te gefragmenteerd werk van te maken maar om het samen te bekijken en de krachten te bundelen om het kansen te geven.

Mevrouw Peeters heeft het woord.

Mevrouw Lydia Peeters (Open Vld)

Voorzitter, ik wil me aansluiten bij alle positieve opmerkingen rond geothermie. Mensen van Voka en een aantal burgemeesters hebben inderdaad recentelijk een bezoek gebracht aan Beieren om te zien hoever men daar staat. We weten dat op dit ogenblik de VITO bezig is om in de provincie Limburg geothermische onderzoek te voeren, een project dat vorig jaar is opgestart. De metingen zijn nu gebeurd en ik dacht dat we tegen juni de resultaten ervan zouden mogen ontvangen.

Ik wil namens onze fractie duidelijk stellen dat we zeker het hele verhaal rond de geothermie mee opvolgen en als extra groene energie toejuichen. Ik heb begrepen dat de firma Janssen op zeer korte termijn zelf op haar eigen terreinen als privaatproject wil starten met geothermie. Dat zou zeker ook al een goed proefproject zijn. Uiteraard wachten we ook de resultaten af van het VITO-onderzoek, tenzij u daar vandaag al iets meer over zou vertellen.

Ik wil deze vraagstelling graag ondersteunen, zeker vanuit de Kempen. Ik denk dat iedereen vanuit de Kempen, van Limburg of Antwerpen, fier is op de Kempen. We spreken over de stille Kempen, maar die hebben misschien wel meer in hun mars in de toekomst op energievlak dan we in eerste instantie zouden denken.

Vorige legislatuur is er in deze commissie een resolutie opgemaakt na een aantal plaatsbezoeken in het buitenland, waarbij kamerbreed is aangegeven dat we er alle belang bij hebben om deze technologie op een goede manier aan te pakken en te onderzoeken wat ze zou kunnen betekenen in de toekomst. Er is in de bespreking van de beleidsnota al verwezen naar geothermie. Ik ben blij dat u duidelijk het belang van geothermie hebt onderstreept, alsook de concessies in de diepe ondergrond. We moeten bekijken welke aanpassingen ten aanzien van het Vlaams reglement betreffende de milieuvergunning (VLAREM) nodig zijn om de techniek zo optimaal mogelijk te kunnen uitrollen.

Minister, in vorige debatten hebben wij aangegeven dat het belangrijk is om de ondergrond optimaal te kunnen opdelen en concessies te kunnen verdelen en dat we wetenschappelijk onderzoek en ervaringen moeten bundelen in een kenniscentrum. Alle boringen die gebeuren, moeten we in het kenniscentrum brengen. Op basis daarvan zouden we eventueel ook wijzigingen of bijsturingen kunnen doen. Minister, wat is de stand van zaken ten aanzien van het kenniscentrum? Ontvangt u de nodige output om te zien waar allemaal rekening mee moet worden gehouden om de wetgeving aan te passen? U hebt aangegeven dat u in 2015 met voorstellen zou willen komen. Ik ben net zoals de collega’s benieuwd naar de stand van zaken daarvan.

Er zijn vragen gesteld wat er met de projecten zal gebeuren die vandaag al zouden willen starten. Heb ik het goed begrepen – dat is althans de vraag van de resolutie – dat erin voorzien is dat onderzoeksprojecten een beroep kunnen doen op uitzonderingsmaatregelen? Kunnen onderzoeksprojecten wel degelijk starten zonder dat daarvoor vandaag alle wetgeving al bijgestuurd is? We willen immers net op basis van dat onderzoek leren en zien op welke manier de wetgeving moet worden aangepast.

Minister, we hebben in de resolutie heel wat vragen gesteld. Het gaat niet alleen over de diepe ondergrond en VLAREM, maar ook over energieprestatie en binnenklimaat (EPB) en over het kenniscentrum waar ook andere ministers voor verantwoordelijk zijn. Hoe wordt diepe geothermie in zijn totaliteit aangepakt in de Vlaamse Regering? Hoe wordt dat verder opgevolgd?

Minister Schauvliege heeft het woord.

Collega’s, ik ben blij dat een overgrote meerderheid, inclusief mezelf, gelooft in de geothermie in Vlaanderen. Het is trouwens niet zo nieuw, het wordt al toegepast. De ondiepe geothermie is vandaag al gangbaar in Vlaanderen. De diepe geothermie wordt nog niet benut. Daar moeten we volop verder op inzetten. We geloven dat dat een heel welkome verbreding is van de energiemix. Dat is ook bevestigd in de resolutie van het Vlaams Parlement en staat trouwens heel prominent in mijn beleidsnota.

Wat kunnen wij doen vanuit onze bevoegdheid, in dit geval Omgeving? Het gaat natuurlijk over de natuurlijke rijkdommen. Wij moeten zorgen dat we kunnen faciliteren, dat de nodige decretale aanpassingen gebeuren en dat we de ondergrond goed in kaart brengen. Beide aspecten zijn hier aan bod gekomen. Een sterke kennis van die ondergrond is nodig. We zijn bezig met het aanbieden van informatie via de Databank Ondergrond Vlaanderen en het uitwerken van een structuurvisie diepe ondergrond.

Voor ondiepe geothermie bestaat er nu reeds een aangepast regelgevend kader. Dat is gebeurd via het Milieuvergunningendecreet en VLAREM I. Voor diepe geothermie wordt op dit moment binnen onze diensten een voorontwerp van decreet tot wijziging van het decreet Diepe Ondergrond uitgewerkt. Dat is in uitvoering van de resolutie van het parlement.

Een eerste voorontwerp werd eind januari voorgelegd aan een klankbordgroep met verschillende belanghebbenden en natuurlijk ook experten, als een soort toetsing die vanuit het veld kan gebeuren. Op basis van die insteek is men dit voorontwerp aan het herwerken. Naast dat decreet Diepe Ondergrond, dat moet worden aangepast, zijn ook het Milieuvergunningendecreet en VLAREM I en II van toepassing, zowel voor de ruimtelijke als de milieuaspecten. In een volgende stap zullen ook daar de relevante bepalingen moeten worden aangepast. Die worden op dit moment in kaart gebracht.

Er wordt zeker niet getalmd. We doen verder om te zorgen dat ook de geothermie in de diepe ondergrond kan worden gerealiseerd. Het is belangrijk om goed onderbouwde afwegingen te maken over de opmerkingen en suggesties die in de klankbordwerkgroep zijn geformuleerd. Het is goed dat we op die manier te werk gaan en dat ook goed aftoetsen.

Het voorontwerp van decreet inzake diepe geothermie wordt opgevat als een soort van derde luik aan het decreet Diepe Ondergrond. Naast de winning van koolwaterstoffen en opslag van CO2, is het een nieuwe toepassing. Het is noodzakelijk om ook negatieve interferenties met andere initiatieven in de diepe ondergrond goed in kaart te brengen. Daarvoor is de structuurvisie van belang. Daarom pakken we dat planmatig aan.

Deze structuurvisie zal een afwegingssystematiek moeten aanreiken die het mogelijk moet maken om keuzes te maken. Als er bijvoorbeeld twee projecten tegelijkertijd worden aangediend, moeten we een soort van toetsingskader hebben dat zegt wat een effect heeft op wat, wat eerst moet gebeuren en wat we vergunnen of niet. De ambitie reikt dus veel verder dan een structuurplan dat alleen geënt is op geothermie. Er wordt bijvoorbeeld gedacht over het opslaan van aardgas en er lopen ook studies over de berging van radioactief afval. Dat zijn maar een paar dingen waar we allemaal rekening mee moeten houden als we een structuurvisie voor de diepe ondergrond uitwerken.

De MER-plicht wordt geregeld door het besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004. Dat is een omzetting van Europese regelgeving. Het besluit geeft concreet een MER-plicht aan voor de diepboringen van geothermische projecten. Voor de eigenlijke exploitatie bevat het besluit geen concrete rubrieken. Daarin is ook niet voorzien in Europese richtlijnen. Er kunnen wel andere rubrieken van toepassing zijn, bijvoorbeeld over energieproductie of het onttrekken en aanvullen van grondwater. Het al of niet van toepassing zijn van deze rubrieken is verschillend van dossier tot dossier en afhankelijk van heel concrete vragen die er zijn.

Het is op dit ogenblik te vroeg om een uitspraak te doen over het implementeren van een eenstapsprocedure waarbij de opsporings- en de winningsvergunning in één procedure worden vervat. Ik wil daar niet op vooruitlopen. Op dit moment zijn we het voorontwerp aan het finaliseren. Dan zullen we daar verder over kunnen discussiëren in het parlement.

Het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie (LNE) is geen projectpartner van het Interreg-project GEOHEAT-app, maar heeft het project wel opgevolgd. Het project werd beëindigd in juni 2014. Alles is terug te vinden op de projectwebsite.

Collega’s, uiteraard is niet alleen Omgeving betrokken. Ook andere collega’s, uiteraard ook de minister bevoegd voor de energie, zijn bij deze initiatieven betrokken.

Het klopt dat er op dit moment een heel concreet project op ons afkomt van Janssen Pharmaceutica, dat met een aantal plannen rondloopt. Toen we daar bericht van kregen, hebben we heel snel het initiatief genomen om een werkgroep op te richten binnen de Vlaamse Regering zodat alle betrokken beleidsdomeinen goed afstemmen op elkaar en we kunnen bekijken hoe we omgaan met dergelijke projecten die zich nu aandienen We moeten dat vanuit een positieve ingesteldheid goed opvolgen en mogelijk maken in Vlaanderen, altijd binnen de bestaande krijtlijnen.

Van een echt kenniscentrum is nooit sprake geweest, voorzitter, wel van het feit dat wij alles goed in kaart moeten brengen en ervoor moeten zorgen dat we een afwegingskader hebben en weten wie wat aanvraagt. Daar wordt volop werk van gemaakt door onze diensten. Belangrijk is dat de verschillende betrokken beleidsdomeinen goed afstemmen en dat ze samen zitten. In de schoot van de Vlaamse Regering is de afspraak gemaakt dat het binnen de beleidsdomeinen en zelfs vanuit de kabinetten goed wordt opgevolgd om op die manier concrete vragen, die er nu al zijn, op een positieve manier te benaderen. U ziet dat we niet hebben stilgezeten en ondertussen volop werken aan het aangepast decretaal kader.

De heer Bertels heeft het woord.

De heer Jan Bertels (sp·a)

Minister, ik neem aan dat u gemerkt hebt aan de vragen, opmerkingen, steunbetuigingen en het geloof in geothermie, dat u zelf onderschrijft, dat het belangrijk is dat u wat inzicht kunt geven in een timing omtrent concrete acties die vanuit de Vlaamse Regering zullen volgen. Het algemeen antwoord waarvoor ik u dank, is leuk, maar geeft geen concrete voorzetten voor de concrete projecten die er zijn. Ik blijf een beetje op mijn honger. Vandaar mijn vraag of u iets specifieker kunt zijn inzake de timing naar aanleiding van de klankbordgroep omtrent het eerste voorontwerp van decreet.

Er is in de resolutie effectief geen sprake van een kenniscentrum maar wel van een kennisplatform. Volgens mijn beperkte kennis van het Nederlands is daar weinig verschil in. Ik wil u het woord kennisplatform voorleggen in plaats van kenniscentrum.

U hebt een werkgroep opgericht binnen de Vlaamse Regering naar aanleiding van het relatief concrete project van Janssen Pharmaceutica. Beperkt die werkgroep zich specifiek tot dat project of kijkt u ook over de grenzen naar andere relatief concrete projecten in de buurt, versta VITO?

De heer Van Miert heeft het woord.

Minister, ook van mij dank voor uw uitgebreid antwoord. Ik wil u graag beleefd vragen om de dringendheid van deze hele zaak te blijven meenemen binnen de schoot van de Vlaamse Regering. Ik hoorde daarnet de voorzitter het hebben over een onderzoeksproject. Dat is één ding, maar Janssen Pharmaceutica is een andere zaak. Hoe vaak hebben wij in Vlaanderen de kans dat een privéondernemer wordt gevonden die 60 miljoen euro, misschien iets meer, kan en wil investeren? Net zoals de provincie Limburg met Ford een groot deel van zijn grondgebied tot ontwrichte zone heeft zien verklaren, zitten wij in de Kempen ook met een dergelijke situatie, vooral door een verlies van industriële en productiejobs. In dat kader moet de Vlaamse Regering de koe bij de horens vatten en een privéondernemer als Janssen Pharmaceutica het wettelijke kader bieden om zijn project verder uit te laten werken zodat er een dynamiek kan ontstaan rond dat project in de Kempen. Ik heb er alle vertrouwen in dat jullie binnen de werkgroep van de Vlaamse Regering hier een tandje bij zullen steken om tegemoet te komen aan de verzuchtingen van die ondernemer.

De heer Danen heeft het woord.

Minister, dank u voor het antwoord, hoewel ik niet helemaal tevreden ben met de teneur van het antwoord omdat het weinig concreet was op vele vlakken. Ik wil één element aanstippen. U sprak over een kenniscentrum of kennisplatform.

Ik had toch begrepen dat EnergyVille in Waterschei het kenniscentrum zou worden voor diepe geothermie. Als dat niet zo is, zou ik dat graag uitgeklaard zien. In het Strategisch Actieplan voor Limburg in het Kwadraat (SALK) is dat wel zo opgenomen.

De heer Bothuyne heeft het woord.

Of het nu een kennisplatform of -centrum is of nog iets anders, het is heel belangrijk dat alle actoren die actief met geothermie bezig zijn, zowel inzake kennis van de ondergrond als inzake energie, als de vragers van energie en warmte en het bedrijfsleven, hun kennis gaan delen. Dat is ook het opzet van het platform dat u, minister, hebt opgestart. Het is belangrijk om dat te bewaken. Als Janssen zo snel mogelijk de eerste boring gaat doen, moet de kennis die daaruit voortvloeit, worden gedeeld met andere actoren, met EnergyVille, met VITO, met alle andere betrokkenen en geïnteresseerden. De bedoeling is dat dit meer dan één project zal omvatten. De kennis van onze ondergrond is toch nog altijd vrij beperkt.

De collega’s vroegen naar een duidelijke timing en engagement. De minister heeft daarnet gezegd dat er een voorontwerp circuleert, dat er dus al concrete teksten zijn. Ik heb nog maar weinig ministers meer concrete antwoorden weten geven op een vraag naar een regelgevend initiatief. Ik ben bijzonder tevreden met dit antwoord.

Minister, nog even over het kennisplatform. In de resolutie is opgenomen dat een kennisplatform diepe geothermie onder regie van VITO wordt opgezet waarbij alle relevante actoren, zowel vanuit de overheid als vanuit de privésector, worden betrokken. Hoe draait dat kennisplatform ondertussen? Komt er output uit om de regelgeving eventueel bij te sturen? Dat was trouwens een van de bedoelingen van dat centrum.

De projecten die de status ‘onderzoek’ krijgen, hebben het voorrecht en de mogelijkheid om sneller van start te kunnen gaan, omdat ze door uitzonderingsmaatregelen op de regelgeving vervroegd zouden kunnen starten. Ik mag de status ‘onderzoek’ op Janssen plakken. Ik ben ervan overtuigd dat dat onderzoek voortgaat. Het is een privéfirma die mee het initiatief neemt. Als dat onder de status ‘onderzoek’ valt, kunnen ze versneld van start gaan. Ik weet welke weg een voorstel van resolutie hier moet afleggen. Ik zou willen dat als privéfirma’s klaarstaan om het onderzoek zo mee te ondersteunen, er versneld resultaat kan worden geboekt. Vandaar mijn vraag: klopt het dat onderzoeken zoals het project van Janssen sneller kunnen starten en eventueel gebruik kunnen maken van uitzonderingsmaatregelen om het onderzoek te stimuleren?

Minister Schauvliege heeft het woord.

Ik heb daarnet geprobeerd duidelijk te maken dat het kader zo goed als klaar is. Dat moeten we natuurlijk aan het parlement voorleggen. Het kon niet sneller. Het is ook goed om dat af te toetsen met alle experts. Nog een klein beetje geduld dus. De teksten circuleren al en we hopen daar snel mee naar het parlement te komen.

Daarnaast blijven we vanuit de werkgroep in de Vlaamse Regering met de verschillende betrokken beleidsdomeinen proberen om, als ze zich aandienen, concrete dossiers te faciliteren en uitzonderingen te maken in het kader van onderzoek. Het spreekt voor zich dat we daar op een positieve manier naar kijken.

Er is wat verwarring over kennisplatform, kenniscentrum, EnergyVille. Alles wordt een beetje door elkaar gehaspeld. Die kenniscel bestaat binnen VITO en werkt ook mee aan het kader dat we moeten uitwerken. Ze zitten ook mee aan tafel voor de proefprojecten. Ja, dat zit op het spoor.

Over EnergyVille is een duidelijke afspraak gemaakt in het SALK, dat wordt getrokken vanuit Energie. Ik ga ervan uit dat dat verder wordt opgevolgd. De concrete stand van zaken zou ik eens moeten navragen bij de minister van Energie. Binnen het SALK wordt alles goed opgevolgd. Er is een SALK-werkgroep die af en toe samenkomt. Daar wordt alles mooi opgelijst, en alle engagementen die worden genomen, worden verder opgevolgd. Het een hoeft het ander niet in de weg te staan. Beide zijn belangrijk. In EnergyVille zit meer dan alleen de diepe geothermie. Er zijn veel mogelijkheden in Limburg. Zowel de Kempen als Limburg mogen gerust zijn dat we geloven in die diepe geothermie. Vanuit de verschillende bevoegdheden in Vlaanderen kijken we daar op een positieve manier naar. We zullen een goed kader uitwerken, maar het zal ook van belang zijn om toetsingskaders te hebben zodat we niet lukraak iets goedkeuren, waarmee we dan in conflict komen met iets anders. Daarom is het belangrijk om dat kader goed in te stellen in overleg met alle actoren, zodat we er ook kunnen naar teruggrijpen. Daar wordt volop werk van gemaakt.

De heer Bertels heeft het woord.

De heer Jan Bertels (sp·a)

Geen enkele volksvertegenwoordiger vraagt holderdebolderwetgeving. We vragen wel dat er met bekwame spoed aan wordt gewerkt, en dat de werkgroep binnen de Vlaamse Regering, onafhankelijk van het decreetgevend werk dat eraan komt, in het kader van het concrete project van Janssen Pharmaceutica, een signaal geeft. Daar ontbreekt het deels aan. Men weet niet hoever men kan of mag gaan, waardoor men de indruk heeft dat men wordt afgeremd.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.