U bent hier

Commissievergadering

dinsdag 13 januari 2015, 14.00u

Voorzitter
van Valerie Taeldeman aan minister Joke Schauvliege
711 (2014-2015)

Mevrouw Taeldeman heeft het woord.

Mevrouw Valerie Taeldeman (CD&V)

Voorzitter, minister, collega’s, ik hoop dat aan de hand van mijn vraag de rust weerkeert in deze commissie.

Minister, graag had ik u een vraag gesteld over het jaarverslag Luchtkwaliteit van de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM). Het betreft de luchtkwaliteit in het Vlaamse Gewest in 2013. Het vat de resultaten van de luchtkwaliteitsmetingen van de VMM samen. Naast de trend van de verschillende verontreinigende stoffen, komen ook de geografische spreiding en de belangrijkste aandachtspunten voor Vlaanderen aan bod.

De luchtkwaliteit heeft vanzelfsprekend een enorme impact op onze gezondheid. Vandaar dat ik graag een aantal vragen hierover wil stellen.

Kunt u de belangrijkste resultaten van de luchtkwaliteitsmetingen 2013 toelichten? Zijn er opmerkelijke verschillen waar te nemen ten opzichte van de vorige jaren? Kunt u ook de meest opvallende geografische verschillen duiden?

Bent u van plan om op basis van de meetresultaten bijkomende maatregelen te treffen?

Minister Schauvliege heeft het woord.

Voorzitter, minister, collega’s, als we de voorbije jaren bekijken, is het inderdaad zo dat de luchtkwaliteit in Vlaanderen verbeterd is. Uit de luchtkwaliteitsmetingen van 2013 blijkt ook dat Vlaanderen de Europese doelstellingen voor heel wat stoffen haalt.

De gemeten concentraties van zwaveldioxides, koolstofmonoxide, lood en benzeen respecteerden de Europese grenswaarden. Voor de luchtverontreinigende stoffen fijn stof, stikstofdioxide en ozon worden in 2013 nog te hoge concentraties gemeten. We zijn er dus nog niet. Heel lokaal zijn er nog problemen met pcb’s en dioxinen en met de zware metalen arseen en cadmium. Wat betreft fijn stof voldoet Vlaanderen al jaren aan de Europese jaargrenswaarde van 40 microgram per kubieke meter. De trend is al een hele tijd aan de gang, er is een systematische verbetering. Na een stagnatie en zelfs een stijging in de periode 1999-2003, is er sinds 2004 permanent een dalende trend merkbaar. Dat is goed nieuws.

In 2013 voldeed Vlaanderen nog niet aan de Europese daggrenswaarde voor fijn stof. Er is dus een verschil tussen de jaargrenswaarde en de daggrenswaarde voor fijn stof. Concreet werd bij drie meetstations, met name in Roeselare, Evergem en Borgerhout, de daggrenswaarde van 50 microgram per kubieke meter op meer dan 35 dagen overschreden. Ook hier is de trend dalend.

De voorlopige cijfers – ze staan dus nog niet in een verslag – geven aan dat de daggrenswaarde in 2014 bij geen enkel meetstation werd overschreden. Ook daar merken we dus een positieve trend. We zouden voor de eerste keer aan de daggrenswaarde voldoen. We moeten de definitieve cijfers nog afwachten, maar de trend is er. Het is positief dat de inspanningen die we met zijn allen leveren, ook resultaten opleveren.

Voor wat betreft stikstofdioxide zijn we ook op goede weg, maar we staan nog voor uitdagingen. Het betreft vooral de agglomeratie Antwerpen en de Antwerpse haven. We hebben uitstel gevraagd aan Europa om aan de voorwaarden te voldoen, maar vanaf 2015 moeten alle Vlaamse meetstations voldoen aan de Europese jaargrenswaarde van 40 microgram per kubieke meter. In 2013 voldeden we er dus nog niet aan in twee meetstations.

De ozonconcentraties bleven laag in 2013. De Europese streefwaarden voor de bescherming van de volksgezondheid en voor de bescherming van de vegetatie werden ruim gehaald. Er is slechts één keer een overschrijding geweest, in juli.

Lokaal, in de nabije omgeving van een aantal bedrijven, zijn er nog enkele overschrijdingen van de Europese streefwaarden voor arseen en cadmium. De jaargemiddelde grenswaarde voor lood in fijn stof en de streefwaarde voor nikkel in fijn stof werden wel gehaald. Voor dioxines en pcb’s geven de metingen een aantal lokale verhogingen aan. Ook daar weten we dat ze vaak te wijten zijn aan lokale concentraties.

Het rapport toont aan dat het gevoerde beleid effectief resultaat oplevert. We moeten de bestaande actieplannen verder uitvoeren. Als nieuwe initiatieven zich aandienen of opportuniteiten zich voordoen, nemen we natuurlijk maatregelen.

Het Vlaams Luchtkwaliteitsplan dat in maart 2012 werd goedgekeurd, wordt uitgevoerd. Dit plan werd opgesteld in functie van de parameter stikstofdioxide, maar het heeft ook een positief effect op de fijnstofconcentraties. De 72 maatregelen zijn beleidsdomeinoverschrijdend, maar de grote focus ligt op het verkeer. De hervorming van de belasting op de inverkeerstelling (BIV) is een van de maatregelen. U weet dat ook het dynamisch verkeersmanagement, de uitbouw van trajectcontroles, het gebruik van walstroom – we hebben al projecten goedgekeurd –, de kilometerheffing en de uitbouw van een milieuvriendelijk buspark heel belangrijk zijn.

Verhoogde concentraties van fijn stof en stikstofdioxides worden in specifieke regio’s gemeten. Ik denk dan in het bijzonder aan Antwerpen en Gent. Voor Antwerpen werd in februari 2014 een geactualiseerd luchtactieplan goedgekeurd dat door mijn administratie samen met de stad Antwerpen en het Gemeentelijk Havenbedrijf Antwerpen werd opgesteld. Die opmaak is ook bezig in Gent. We zijn daarmee gestart in april 2014.

Daarnaast voorziet het Vlaams regeerakkoord in een aantal belangrijke maatregelen zoals de hervorming van de jaarlijkse verkeersbelasting en het faciliteren van lage-emissiezones voor Vlaamse steden en gemeenten. We hebben daar recent een beslissing genomen.

Wat de zware metalen betreft, zien we dat de evoluties van de concentraties op de meeste meetposten gunstig zijn. Emissiereducerende maatregelen in industriële omgevingen werpen hun vruchten af.

Wat ozon betreft, worden de huidige Europese streefwaarden gerespecteerd. Een Vlaams actieplan zal echter niet volstaan om de langetermijndoelstellingen te halen. Het is noodzakelijk om de uitstoot van ozon, namelijk stikstofoxide en vluchtige organische stoffen, in het hele noordelijke halfrond te verminderen. We hebben heel wat grensoverschrijdende effecten wat dat betreft.

Iedereen weet dat luchtverontreiniging niet stopt aan de grens. Ook andere Europese regio’s kampen nog met problemen om een aantal doelstellingen inzake luchtkwaliteit te halen. Het jaarrapport van de VMM vermeldt dat een derde van de zones voor luchtkwaliteitsbeheer in de Europese Unie de grenswaarden voor fijn stof overschrijdt. In een kwart van de zones liggen de stikstofdioxideconcentraties hoger dan de grenswaarden. Een geharmoniseerde Europese aanpak blijft dan ook belangrijk.

Op een bepaald moment waren er plannen binnen Europa om die waarden af te zwakken. We hebben het signaal gegeven aan de Europese Commissie dat dit op een verantwoorde manier moet gebeuren. Het is belangrijk dat Europa het initiatief neemt om daar op een technisch, economisch en maatschappelijk haalbare manier mee om te gaan. We moeten echter ook voldoende aandacht hebben voor een goede luchtkwaliteit. Dat is voor ons een voorwaarde om de luchtkwaliteit in Vlaanderen maar ook in Europa te verbeteren.

Mevrouw Taeldeman heeft het woord.

Mevrouw Valerie Taeldeman (CD&V)

Minister, ik dank u voor uw uitgebreid antwoord. Ik meen te mogen concluderen dat de luchtkwaliteit in Vlaanderen wordt geruggensteund door een heel strenge Europese wetgeving voor uitstootbeperkingen en luchtkwaliteit. Die wetgeving werpt vruchten af. De gegevens van het onderzoek over de luchtkwaliteit in 2013 geven echter aan dat de concentraties van een aantal polluenten nog moeten afnemen om aan alle wettelijke bepalingen te voldoen. U hebt het gehad over fijn stof, stikstofdioxide en ozon.

U noemt drie gemeenten op waar de daggrenswaarde van fijn stof wordt overschreden. Blijkbaar wordt overal op alle meetpunten de jaargrenswaarde gerespecteerd behalve in die drie gemeenten. Daar is er een overschrijding van de daggrenswaarde van 2013. Is dat te wijten aan de industrie of aan de combinatie van verschillende factoren?

De heer Sanctorum heeft het woord.

De heer Hermes Sanctorum-Vandevoorde (Groen)

Minister, ik heb in de vraagstelling gezien dat het in de eerste plaats ging over de luchtkwaliteitsmeting in 2013 en het betreffende rapport. U hebt zelf een aantal zaken over 2014 en 2015 gezegd. U hebt verwezen naar het fameuze luchtkwaliteitsplan wanneer het gaat over het uitstel dat Europa ons verleent voor stikstofdioxide. Vanaf begin dit jaar gelden de Europese normen. De jaargrenswaarde voor stikstofdioxide ligt op 40 microgram per kubieke meter.

Het is intussen midden januari. U hebt daarnet zelf aangegeven dat we, zoals ik vreesde – herinner u mijn interpellaties en vragen om uitleg – die doelstelling niet zouden halen. Binnen Europa bestaat er een procedure voor het geval we onze engagementen niet nakomen. Hebt u van Europa al een verwittiging gekregen?

Minister Schauvliege heeft het woord.

Mijnheer Sanctorum, het antwoord op uw vraag is ‘neen’.

Mevrouw Taeldeman, die lokale overschrijdingen hebben specifiek met industrie te maken. We kunnen daar ook een opsplitsing maken. In Roeselare gaat het om bepaalde industriële activiteiten. In de Gentse Kanaalzone gaat het om een combinatie van verkeer, zwaar dieselgebruik van grote vrachtschepen met een grote uitstoot van fijn stof wanneer zij de haven binnenvaren, en bepaalde industriële activiteiten. Hetzelfde geldt voor de haven van Antwerpen. Dat is ook de reden waarom daarvoor maatregelen worden genomen in die specifieke actieplannen. Wanneer schepen in de haven liggen, is het de bedoeling dat zij hun dieselmotoren niet laten draaien om stroom te hebben aan boord. Zij kunnen ook inpluggen om elektriciteit te nemen zodat ze hun zware motoren niet moeten laten draaien en dus minder fijn stof uitstoten. Dat is maar een voorbeeld van de concrete maatregelen die worden genomen. Een ander voorbeeld is het overdekt laten plaatsvinden van bepaalde bulkactiviteiten zoals kolenterminals die veel fijn stof veroorzaken. Het natspuiten van dergelijke activiteiten en de implementatie van bepaalde technieken zijn opgenomen in die plannen die worden uitgevoerd. In Antwerpen maakt ook het initiatief over de lage-emissiezones daar deel van uit.

Mevrouw Taeldeman heeft het woord.

Mevrouw Valerie Taeldeman (CD&V)

Minister, u hebt gezegd dat in Gent en Antwerpen werk wordt gemaakt van de actualisatie van een aantal plannen over fijn stof. Is het mogelijk om ons die plannen, zodra zij op punt staan, via de commissiesecretaris te bezorgen?

Daar kan voor gezorgd worden.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

van Joris Vandenbroucke aan minister Joke Schauvliege
598 (2014-2015)
van Valerie Taeldeman aan minister Joke Schauvliege
643 (2014-2015)

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

zullen de commissiewerkzaamheden voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.