U bent hier

De heer De Ro heeft het woord.

De heer Jo De Ro (Open Vld)

Voorzitter, minister, collega’s, de problematiek die ik wil schetsen, leeft in de Vlaamse Rand, en ik zal u proberen aan te tonen waarom.

Lokale besturen zijn voor de Vlaamse Regering prioritaire partners in de realisatie van de doelstellingen van het integratiebeleid. De Vlaamse Regering keurde op 26 oktober 2012 dan ook het besluit tot uitvoering van diverse bepalingen van het decreet van 28 april 1998 betreffende het Vlaamse integratiebeleid definitief goed. Dat besluit regelt de bepalingen die van toepassing zijn op de lokale integratiesubsidie voor de steden en gemeenten, vanaf de beleidscyclus 2014-2019.

In uitvoering van het besluit van 26 oktober 2012 ondertekende toenmalig minister Bourgeois op 4 november 2013 het ministerieel besluit waarin de lijst van steden en gemeenten werd opgenomen die in aanmerking komen voor een lokale integratiesubsidie voor de beleidscyclus 2014-2019. In dat ministerieel besluit werd het groei- en krimppad vastgelegd voor de jaarlijkse subsidies voor de beleidscyclus 2014-2019.

Verschillende gemeenten en steden zagen in de loop van deze legislatuur hun jaarlijkse subsidie stevig stijgen of dalen. De bedragen zijn bepaald op basis van de bepalingen van de eerder vernoemde beslissingen van de Vlaamse Regering en stoelen op objectieve parameters: het aantal mensen van vreemde afkomst in de gemeente, het percentage van mensen van vreemde afkomst ten opzichte van de totale bevolking enzovoort.

In het regeerakkoord lezen we echter de volgende passage: “We integreren volgende sectorale subsidies aan lokale besturen in het Gemeentefonds: lokaal cultuurbeleid, lokaal jeugdbeleid, lokaal sportbeleid, flankerend onderwijsbeleid, bestrijding kinderarmoede, gemeentelijke ontwikkelingssamenwerking, integratiesubsidies. De verdeling van het totale bedrag dat hierdoor wordt toegevoegd aan het Gemeentefonds, zal gebeuren overeenkomstig het aandeel dat de gemeenten in 2014 krijgen uit al deze subsidieregelingen samen.”

Omdat de bepaling in het regeerakkoord niet strookt met het voorgestelde groei- en krimppad voor de lokale integratiemiddelen, wil ik u de volgende vragen stellen, minister. Wordt het vooropgestelde groei- en krimppad voor de lokale integratiesubsidies verlaten en worden de subsidies daadwerkelijk geblokkeerd op het niveau van 2014, zoals een bepaalde lezing van het regeerakkoord zou kunnen aangeven? Zo ja, waarom wordt er afgestapt van de objectieve criteria om de hoogte van de lokale integratiesubsidies te bepalen? Zal er in de toekomst dan geen aanpassing meer mogelijk zijn van deze subsidies?

Minister Homans heeft het woord.

Mijnheer De Ro, twee weken geleden hebben we hier al een soortgelijk debat gehad naar aanleiding van een vraag van collega Robeyns, maar ik wil uiteraard wel nog eens duidelijk op uw vraag antwoorden.

Het is inderdaad zo dat er pas vanaf 2014 een aantal objectieve criteria zijn vastgelegd voor het toekennen van de sectorale subsidie integratie. U hebt er zelf een aantal aangehaald. Een ander voorbeeld zijn de achterstandsindicatoren en dergelijke meer.

Er is ook heel duidelijk een groeipad of een krimppad afgesproken voor de desbetreffende gemeente. Zoals twee weken geleden al duidelijk is gezegd, zal de integratie van de sectorale subsidies in het Gemeentefonds een oefening zijn die gebeurt per 1 januari 2016. Dat jaar 2014 slaat gewoon op de verdeling, omdat we niet wilden dat voor de sectorale subsidies dezelfde verdeelsleutel werd gehanteerd als voor het Gemeentefonds. Anders zouden bepaalde gemeenten daar nadeel van ondervinden.

Ik heb toen ook heel duidelijk gezegd dat het de individuele verantwoordelijkheid van elke bevoegde minister is om voor de sectorale subsidies te bepalen wat zij of hij daarmee gaat doen. Wat mijn twee sectorale subsidies betreft, integratie en kinderarmoede, heb ik niet gekozen voor besparing. Het groeipad blijft behouden, ook voor de integratiesubsidie.

Ik neem aan dat u zeer geïnteresseerd bent om te weten wat het groeipad concreet betekent voor de stad Vilvoorde. Ik ben zo vrij geweest om die cijfers even op te vragen. In 2014 hebt u een sectorale subsidie van 132.000 euro, in 2016 zult u een sectorale subsidie integratie krijgen van 189.000 euro. Het groeipad wordt dus niet verlaten. Het jaartal 2014 slaat gewoon op de criteria die worden gehanteerd voor het toekennen van subsidies.

De heer De Ro heeft het woord.

De heer Jo De Ro (Open Vld)

Bedankt voor de geruststelling, minister. Er is nog een tweede aspect aan die beslissing. Er is in uw bevoegdheid een tweede luik, om nog extra gemeenten aan de oorspronkelijke lijst van toenmalig minister Geert Bourgeois toe te voegen. In de brief die een aantal gemeenten gekregen hebben – in de Rand gaat het dan om Drogenbos, Overijse en Hoeilaart – wordt vermeld dat, als zij een beroep willen doen op die integratiemiddelen, zij ook de nodige bewijzen moeten leveren en een dossier indienen.

Worden die gemeenten nog altijd meegenomen in die oefening? Of zullen zij wel de besparingen voelen?

Minister Homans heeft het woord.

Ik ken niet van alle gemeenten de cijfers uit het hoofd. U kunt die cijfers wel schriftelijk opvragen.

In 2014 zijn er objectieve criteria uitgestippeld. Daarvoor gebeurde dat gewoon zoals het historisch gegroeid was. Minister Bourgeois heeft bij ministerieel besluit beslist om vanaf 2014 rekening te houden met objectieve criteria. Wat dat nu concreet betekent voor de gemeenten die u aanhaalt, weet ik niet. Ik zeg alleen dat er op de sectorale subsidie integratie niet bespaard zal worden en dat de afgesproken groeipaden of krimppaden gerespecteerd zullen worden.

De heer Jo De Ro (Open Vld)

Ik zal mijn vraag verduidelijken, minister. De gemeenten waar Vilvoorde toe behoort en waar mijn vraag over gaat, zijn eind 2013 vastgesteld. Er is een tussentijdse instapmogelijkheid voor andere gemeenten, en daar zijn ook wel wat gemeenten bij met serieuze bedragen.

Voor de collega’s die daar afgunstig naar kijken: die zijn ook gebaseerd op het type inwoners dat we hebben. Deze middelen moeten we kunnen inzetten om die mensen verder te helpen bij hun integratie in onze stad en onze regio. Vandaar de vraag van gemeenten zoals Overijse, Drogenbos en Hoeilaart om, hoewel ze niet in die eerste groep zaten maar toen wel nog een bericht kregen van voormalig minister Geert Bourgeois op 21 of 22 mei, te weten of die tussentijdse instap ook gevrijwaard is. Minister, als u mij deze bijkomende vraag schriftelijk moet bevestigen, dan is dat voor mij ook goed. Dat zou ook de ongerustheid wegnemen.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.