U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werd deze vraag om uitleg via videoconferentie behandeld.

De heer De Reuse heeft het woord.

Het tekort aan huisartsen in Vlaanderen laat zich steeds meer voelen met alle gevolgen van bereikbaarheid en beschikbaarheid van dien. De zomer is al begonnen, en de grote toeristische zomerperiode staat vanaf volgende week voor de deur. Dan komt het tekort aan huisartsen extra in beeld in onze toeristische gebieden. Van de Vlaamse Kust over onze kunststeden tot in de Limburgse fietsprovincie. Op heel wat plaatsen in Vlaanderen dus. In de zomermaanden concentreren er zich heel wat toeristen, mensen die ook medische zorgen nodig hebben.

In al die streken komt het probleem van de beschikbaarheid van huisartsen en van de eerste lijn in de zorg dan extra naar boven. Door een stijging van het aantal tijdelijke inwoners in deze gebieden stijgt de druk op de lokale huisartsen en ondervinden zelfs de vaste inwoners moeilijkheden om bij een huisarts te geraken. Om hieraan te verhelpen probeert men allerhande pistes uit te dokteren om het aantal beschikbare huisartsen daar tijdelijk te verhogen.

Minister, van welke projecten om tijdelijk het aantal beschikbare huisartsen in toeristische gebieden en centra te verhogen bent u op de hoogte? Neemt u contact op om deze projecten mee op te volgen en nadien te evalueren?

Denkt u erover na om op een gecoördineerde manier en ook proactief het tijdelijke tekort aan huisartsen in de toeristische zones aan te pakken?

Ziet u in een van de proefprojecten een aanzet voor een structurele oplossing voor het algemene tekort aan huisartsen?

Minister Beke heeft het woord.

Minister Wouter Beke

Het Besluit van de Vlaamse Regering van 26 juni 2015 specificeert de verschillende opdrachten van de huisartsenkringen. Een van hun opdrachten is om de toegankelijkheid van huisartsgeneeskunde voor alle patiënten van de huisartsenzone te optimaliseren. Huisartsenkringen hebben de autonomie om zelf initiatieven te ontwikkelen om het huisartsentekort op te vangen. Via de huisartsenkringen word ik op de hoogte gehouden van allerlei initiatieven om het huisartsentekort op te vangen en kan ik zo ook de verschillende projecten opvolgen en evalueren.

Het probleem van het huisartsentekort is breder dan enkel de toeristische streken. Samen met de beroepsvereniging werk ik een plan van aanpak uit om het huisartsentekort in Vlaanderen in kaart te brengen. Daarna kunnen er gerichte acties worden opgezet om de capaciteit binnen de huisartsensector te verhogen.

Hoe dat juist moet gebeuren, is nog onderwerp van discussie. Vast staat wel dat ik zal inzetten op het stimuleren van samenwerking binnen en buiten de beroepsgroep. Het hervormen van het bestaande impulsfonds is een van de instrumenten die ik daarvoor zal inzetten.

Zoals ik aangaf, moet het huisartsentekort niet alleen in de toeristische gebieden worden bekeken, maar in een bredere context worden geëvalueerd en aangepakt. De evaluatie van de proefprojecten aan de kust via de huisartsenkringen kan misschien inspiratie opleveren voor het opstellen van een globaal plan van aanpak.

Weldra wordt ook de Vlaamse Planningscommissie opgestart. Die zal ook adviezen uitbrengen over de wenselijke subquota van artsen en tandartsen in Vlaanderen.

De heer De Reuse heeft het woord.

Minister, ik hoef u niet te vertellen dat het vanaf de komende week aan de Vlaamse kust heel druk zal zijn. U haalde het al aan. Het gemeentebestuur van De Panne lanceert een proefproject ‘Summerdoc’ om de acute nood aan huisartsen in de zomer op te vangen aan dit deel van de Vlaamse kust. Via het project kan een zomerdokter meerdere weken aan de slag en neemt tijdelijk een rol op in de vakantieplaats. Dat is mogelijk door een samenwerking met de lokale huisartsen en de huisartsenkring. Op die manier bieden ze extra ondersteuning. De inwoners en de bezoekers kunnen genieten van een continue kwalitatieve zorg, ook tijdens de zomerperiode. Het bestuur biedt inderdaad, naar analogie van wat al het geval is in Portugal en op cruiseschepen, dokters die meerdere weken aan de slag willen gaan, een aantrekkelijk pakket van een vakantieverblijf met het gezin, een mooie werkomgeving en een abonnement voor verschillende sportverenigingen aan. In De Panne is dat concreet een ticket voor Plopsaland en elektrische fietsen. U verwijst daar ook naar. Hoe staat u er tegenover dat artsen op die manier worden aangetrokken?

Een tweede punt waar u ook al zijdelings naar verwezen hebt, hebben we al vaak aangehaald, namelijk dat de vestigingspremie voor huisartsen in huisartsarme regio’s geschrapt is. U verwijst naar de gesprekken die lopende zijn met de beroepsvereniging en welke richting u uit wilt. Tot op heden hebben we daarover nog niet veel nieuws gehoord. Eind deze maand studeren er opnieuw huisartsen af. Het zal snel moeten gaan want anders zal er dit jaar geen enkele regeling zijn om huisartsen te stimuleren om zich te vestigen in huisartsarme regio’s. Hoe wilt u daar versneld op inzetten?

Mevrouw Saeys heeft het woord.

Het probleem van het huisartsentekort is al heel lang aan de gang en het verslechtert met de jaren. Dat komt ook door de populatie van huisartsen. Als je ziet dat in 2018 18,7 procent van de huisartsen 65-plus is, dan gaan de alarmbellen af. Nu studeren voornamelijk vrouwen af. Er wordt niet op dezelfde manier gewerkt als de oudere generatie. Vaak werken huisartsen deeltijds of vier vijfde. Er wordt vooral in groepspraktijken gewerkt om de balans tussen werk en privéleven te verbeteren, maar dat zorgt ervoor dat meerdere huisartsen het werk moeten opvangen. Daar knelt net het schoentje. Vaak hebben patiënten geen toegang meer tot een bepaalde huisarts. Er zijn heel veel patiëntenstops. Dat kan niet de bedoeling zijn. Eerstelijnsgeneeskunde moet toegankelijk zijn. Er zijn op dat vlak momenteel problemen.

Ook de belasting bij de huisartsen zelf is heel groot. We weten allemaal dat ze een verhoogd risico hebben op burn-out. Dat is voor een stuk logisch. Al die zaken versterken het probleem. Er zijn absoluut acties nodig. Het is heel goed dat er een evaluatie is, maar daar moeten acties aan gekoppeld worden. 

Mevrouw Sleurs heeft het woord.

Minister, ik heb inderdaad in verschillende parlementaire vragen deze problematiek aangekaart, zeker ook wat betreft de administratieve overlast. Op die vragen antwoordde u – en dat geeft u ook nu weer aan – onder andere met de hervorming van het Impulsfonds enzovoort, en dat het in het najaar toch wel aan bod zou komen. Er zou daar een rapport over komen, een evaluatie. Ik zou toch willen oproepen om deze timing te behouden. Hopelijk kunnen we kort na het reces, in het vroege najaar, deze hervormingen hier bespreken en kan er dus wel degelijk werk van worden gemaakt, om ook dit nijpend tekort te kunnen oplossen.

Minister Beke heeft het woord.

Minister Wouter Beke

Ik ben in overleg met de artsenvertegenwoordigers voor de hervorming van het Impulsfonds, om dat vorm te geven. Het project heeft wat vertraging opgelopen vanwege corona, dat zal u wel begrijpen. We willen absoluut samen met Domus Medica inzetten op een project waarin we het huisartsentekort goed in kaart willen brengen en kijken hoe we daar antwoorden op kunnen geven. Absoluut.

De heer Reuse heeft het woord.

Huisartsen werken deeltijds, hoor ik nu ook, of andere huisartsen doen nog een bijkomend beroep naast huisarts zijn. Misschien moeten we daar ook iets aan doen en hun beschikbaarheid vergroten. Iedereen kan zo zijn deeltje bijdragen.

Alle gekheid op een stokje, collega Saeys, het is inderdaad zo dat het algemeen erkend is dat de huisarts een zeer belangrijke schakel is in de eerste lijn. De minister zal dat als zoon van een huisarts ongetwijfeld wel weten. Een vlotte en snelle toegang tot deze schakel ontbreekt steeds meer en meer.

Minister, ik dring er samen met de collega’s op aan, dat u dringend met het overleg een tandje bij steekt. Na corona zal er dringend met resultaten voor de dag moeten worden gekomen om het probleem aan te pakken, niet enkel in de toeristische centra, maar ook in de huisartsenregio’s in Vlaanderen.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is toegankelijk.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.