U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werd deze vraag om uitleg via videoconferentie behandeld.

De heer Janssens heeft het woord.

Een groot deel van de Turkse gemeenschap die in Vlaanderen woont, heeft het vizier nog altijd gericht op het land van herkomst, leest en volg vooral Turkse kranten en media en staat dus erg onder invloed van de Turkse leiders en in het bijzonder van de dictatoriale president Erdogan. Alleen al in deze legislatuur zagen we bijvoorbeeld jeugdvoetbalploegen een Turkse militaire groet brengen, werden in uw stad Mechelen negationistische pamfletten uitgedeeld door de extremistische Grijze Wolven en werden politici met de dood bedreigd als ze stelling innamen over de nefaste invloed van Erdogan op de hier wonende Turken.

Een verzwarende factor daarbij is vaak Diyanet, het Turkse ministerie van Religieuze Zaken, dat vertakkingen heeft in heel wat Europese landen en helaas ook hier in Vlaanderen. Het Vlaams regeerakkoord zegt nochtans dat we organisaties die segregatie in de hand werken, niet langer subsidiëren. U zegt als minister van Inburgering ook dat u de buitenlandse invloeden in lokale geloofsgemeenschappen wilt tegengaan. U vindt ook dat dat niet kan. Ook andere ministers in de Vlaamse Regering hebben bij eerdere vragen in het Vlaams Parlement bevestigd dat organisaties die zich terugplooien op hun etnisch-culturele afkomst en segregatie in de hand werken, niet langer mogen worden gesubsidieerd. Alleen blijft het vooralsnog bij woorden en gebeurt er in de praktijk niets.

Een schoolvoorbeeld van die segregerende organisaties is Diyanet. Er zijn al andere incidenten en precedenten geweest, maar de Yunus Emremoskee is wat dat betreft een slecht voorbeeld. De moskee ligt in Genk, werd in 2009 door Marino Keulen erkend en ontvangt al sinds 2010 belastinggeld. Ze wordt gesubsidieerd met meer dan 50.000 euro Limburgs belastinggeld per jaar, ondertussen dus al ruim een half miljoen euro. De moskee deelt op sociale media voortdurend berichten van Diyanet, die, zoals u weet, door de Staatsveiligheid als de lange arm van Erdogan beschouwd wordt. Hoeveel ze ook door de Limburgse belastingbetaler gefinancierd wordt, is het duidelijk dat haar loyauteit altijd bij Erdogan zal liggen. Wie even de tijd neemt om die sociale media te bekijken, merkt meteen op dat die erkende Diyanetmoskee zaken in beeld brengt die in tegenstrijd zijn, niet alleen met de erkenningscriteria, maar ook met alles waarvoor inburgering en integratie zouden moeten staan.

Zo worden er koranlessen voor minderjarigen georganiseerd. Op verschillende foto’s vallen gesluierde jonge meisjes van 5, 6, 7 jaar te zien. In de raad van bestuur van de Diyanetmoskee is er duidelijk affiniteit met en steun voor de Grijze Wolven en worden buitenlandse conflicten naar Vlaanderen gehaald. Niemand minder dan de voorzitter van de Yunus Emremoskee heeft op sociale media al verschillende berichten en foto’s gedeeld waarin hij zijn steunt betuigt aan de Grijze Wolven. De Grijze Wolven geloven in de superioriteit van de Turkse etniciteit en zijn al meermaals betrokken geweest bij aanslagen op personen die niet met hun extreme gedachtegang akkoord gaan. Diezelfde Grijze Wolven zijn in onze buurlanden als organisatie verboden vanwege hun link met het terrorisme. Van die organisatie is de voorzitter van de raad van bestuur van de Yunus Emremoskee dus een aanhanger.

Diezelfde voorzitter deelt ook berichten op sociale media in de zin dat Kirkoek Turks is en Turks zal blijven. Kirkoek, de stad in de Koerdische regio van Irak, is een van de steden waar Erdogan controle over wil, terwijl de Koerden in Turkije massaal onderdrukt worden. Ook andere leden van de raad van bestuur houden zich bezig met buitenlandse conflicten. Dat zijn veel zaken, minister, die mijns inziens niet thuishoren in een door de overheid erkende en gefinancierde organisatie. Derhalve heb ik de volgende vragen.

Bent u op de hoogte van die praktijken, die de integratie manifest tegenwerken en in tegenspraak zijn met de erkenningscriteria en van de haatdragende uitingen van de voorzitter en andere leden van de raad van bestuur van die erkende moskee op sociale media? Zo ja, vindt u dat allemaal aanvaardbaar?

Hebt u al contact met de Staatsveiligheid of met de federale minister van Justitie over de Genkse Diyanetmoskee?

Zult u een onderzoek instellen naar de betrokken moskee en een of meerdere leden van de raad van bestuur?

Zijn die praktijken en uitingen volgens u niet in strijd met de erkenningsvoorwaarden van het Eredienstendecreet? Zo ja, acht u het opportuun om een procedure tot intrekking van de erkenning van deze moskee in Genk op te starten?

Minister Somers heeft het woord.

Minister Bart Somers

Dank voor uw vraag, mijnheer Janssens. Eerst en vooral wil ik wat duidelijkheid creëren. Als minister van Binnenlands Bestuur ben ik conform het Eredienstendecreet alleen bevoegd voor de erkende lokale islamitische gemeenschap Yunus Emre, die de rechtsvorm heeft van een openbare instelling met rechtspersoonlijkheid, het zogenaamde bestuur van de eredienst. Ik ben niet bevoegd om onderzoeken in te stellen naar leden van de raad van bestuur van de moskee-vzw Yunus Emre waarover u spreekt. De moskee-vzw Yunus Emre en de erkende islamitische geloofsgemeenschap Yunus Emre zijn twee volledig van elkaar onderscheiden rechtspersonen. Ten aanzien van de vzw waarover u spreekt, heb ik geen enkele juridische bevoegdheid om mijn administratie te gelasten daartegen een onderzoek in te stellen, toch niet binnen het huidige decretale kader.

U geeft aan dat de voorzitter en de adjunct-penningmeester van de raad van bestuur van de moskee-vzw Yunus Emre bepaalde berichten op sociale media gepost hebben die volgens u problematisch zouden zijn. Als u effectief in het bezit bent van concrete bewijzen of aanwijzingen van handelingen die bepaalde bestuursleden van de betrokken moskee-vzw hebben gesteld en die een bedreiging kunnen vormen voor de openbare orde of aanzetten tot haat, dan wil ik u vragen om daarvan onmiddellijk aangifte te doen bij de bevoegde instanties, zoals de lokale politie of de Genkse burgemeester.

Conform artikel 133 van de Nieuwe Gemeentewet is de burgemeester verantwoordelijk voor het handhaven van de openbare veiligheid binnen zijn gemeente. Als de betrokken vzw en haar bestuursleden waarover u spreekt een gevaar vormen, dan kan de burgemeester gepaste maatregelen nemen, bijvoorbeeld de vzw tijdelijk sluiten.

U kunt ook een aangifte doen rechtstreeks bij het Openbaar Ministerie dat conform artikel 2:113 van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen bij de ondernemingsrechtbank de gerechtelijke ontbinding van een vzw kan vorderen wegens het stellen van handelingen die in strijd zijn met de openbare orde.

Wat betreft de erkende lokale geloofsgemeenschap Yunus Emre, dus niet de vzw, heeft het Agentschap Binnenlands Bestuur mij bevestigd dat het tot op heden geen bezwarende informatie over de erkende islamitische geloofsgemeenschap Yunus Emre heeft ontvangen vanuit de veiligheidsdiensten, zoals de Staatsveiligheid en de politiediensten. Evenmin werden aan het Agentschap Binnenlands Bestuur inbreuken op de erkenningscriteria door de erkende lokale geloofsgemeenschap Yunus Emre gesignaleerd door de lokale toezichthoudende overheden, in dit geval de stad Genk, het provinciebestuur van Limburg en de provinciegouverneur.

Aangezien er geen meldingen zijn vanuit de veiligheidsdiensten en de toezichthoudende overheden, waren er tot op heden geen redenen voor het Agentschap Binnenlands Bestuur om een administratief onderzoek op te starten naar mogelijke inbreuken op de erkenningscriteria door de erkende islamitische lokale geloofsgemeenschap Yunus Emre uit Genk.

Wat de vraag betreft of die praktijken en uitingen niet in strijd zijn met de huidige en toekomstige erkenningsvoorwaarden van het Eredienstendecreet: zoals ik aangaf, hebben ik noch mijn administratie weet van enige inbreuken door de erkende islamitische gemeenschap Yunus Emre, die onder mijn bevoegdheid valt. Tegenover de vzw Yunus Emre waarover u spreekt, kan ik uiteraard geen procedures opstarten.

In het nieuwe Erkenningsdecreet, dat er voor de zomer komt en van kracht is op 1 september 2021, heb ik wel ingeschreven dat erkende lokale geloofsgemeenschappen transparant moeten zijn over de juridische entiteiten, bijvoorbeeld een vzw, waarmee ze verbonden zijn. De bedoeling van dit nieuwe erkenningscriterium is dat gecontroleerd kan worden of verenigingen verbonden aan een erkende lokale geloofsgemeenschap via bepaalde financiering of ondersteuning afbreuk doen aan de onafhankelijkheid van een erkende lokale geloofsgemeenschap. De Vlaamse Informatie- en Screeningsdienst, die vanaf 1 september 2021 operationeel is, zal daarop nauw toezien. Ook zal die Screeningsdienst op eigen initiatief op het terrein controles verrichten bij erkende lokale geloofsgemeenschappen. Daarbij zal hij, overeenkomstig het nieuwe artikel 23, ook informatie kunnen opvragen van die juridische entiteiten waarmee de lokale geloofsgemeenschap verbonden is. Als die entiteiten de goede werking en het voldoen aan de erkenningsvoorwaarden van de lokale geloofsgemeenschap bezwaren, kan dat als reden gebruikt worden om de erkenning van de lokale geloofsgemeenschap in te trekken of een andere sanctie op te leggen. Als er duidelijke links zijn tussen de vzw en de lokale geloofsgemeenschap en de vzw neemt acties die ervoor zorgen dat de geloofsgemeenschap niet voldoet aan de erkenningscriteria en de voorwaarden of dat de goede werking wordt doorbroken, dan kan dat binnen het nieuwe juridische kader als een reden worden gebruikt om daartegen op te treden op basis van informatie van de Vlaamse Informatie- en Screeningsdienst. In het huidige kader is dat niet mogelijk.

De heer Janssens heeft het woord.

Dank u, minister. Ik weet niet wat u nog allemaal zult verzinnen om uw verantwoordelijkheid niet te nemen over die nefaste invloed die van Diyanet-Turkije en Diyanet-België uitgaat op de Turken die hier in Vlaanderen wonen. U zegt dat de vzw en de lokale geloofsgemeenschap twee van elkaar onderscheiden rechtspersonen zijn. Dat kunnen twee juridisch te onderscheiden entiteiten zijn, maar in de praktijk – en dat weet u evengoed als ik – zijn dat overlappingen. Het gaat over dezelfde mensen die de moskee frequenteren en in de vzw vertegenwoordigd zijn.

Ik heb verwezen naar de bewijzen. U hebt heel veel personeelsleden tot uw beschikking. Die kunnen via de sociale media dezelfde opzoekingen doen als ik heb gedaan. Daaruit blijkt dat er koranlessen voor minderjarigen worden georganiseerd in die moskee, dat er gesluierde heel jonge meisjes, van 5 of 6 jaar, met hoofddoek te zien zijn in de koranlessen in die moskee, dat er links zijn met de Grijze Wolven, een extremistische organisatie die in de buurlanden verboden is, en ga zo maar verder. U komt er zelfs niet toe om u daarover als minister van Inburgering uit te spreken.

We hebben hier in Vlaanderen op dit moment nog dertien erkende Diyanetmoskeeën. Eén erkenning is al ingetrokken tijdens de vorige legislatuur. Een procedure tot intrekking loopt nog. Minister, u hebt die opgestart, maar tot nader order hebt u daar nog altijd geen beslissing over genomen. Dat is telkens opnieuw naar aanleiding van berichten die vanuit Diyanet-Turkije worden gedeeld. Het is dan ook overduidelijk dat er met deze organisatie en haar moskeeën en leden een probleem is, maar dat de Vlaamse Regering daar al jarenlang blind voor blijft en de ogen sluit voor de anti-Vlaamse en antiwesterse woorden en daden die dergelijke Diyanetmoskeeën verspreiden. Ik vind dat onaanvaardbaar.

Met een Vlaamse Regering die in haar regeerakkoord heeft opgenomen dat ze zou optreden tegen organisaties die segregatie in de hand werken, had ik gehoopt dat u de daad bij het woord zou voegen. Maar ik stel vast dat daar helaas tot op heden niets van in huis komt.

Mevrouw Sminate heeft het woord.

Collega, ik dank u voor de vraag.

Minister, dit is alweer een redelijk hallucinant verhaal van een Diyanetmoskee. We zijn er natuurlijk allemaal van overtuigd dat, indien het klopt dat de erkenningsvoorwaarden zijn geschonden, u als minister moet optreden. Ik denk dat niemand daarover twijfelt, ik denk dat u daar zelf ook niet over twijfelt.

We zijn het er allemaal over eens dat geloofsgemeenschappen onafhankelijk moeten kunnen werken, zowel financieel als religieus. Dat is ook de insteek geweest van het nieuwe Erkenningsdecreet. Zij moeten absoluut niet fungeren als lange arm van landen als Marokko, Turkije of andere. Die Diyanetmoskeeën moeten er gewoon uit, zo simpel is dat.

U zegt dat u geen signalen hebt gekregen dat er iets verkeerd zou zijn gelopen, en ik geloof dat ook. Maar misschien zijn die er wel. En dan hoop ik dat we die in de toekomst sneller zullen detecteren, dankzij de inspectiedienst die zal worden opgericht. We hebben het vorige week nog gehad over de bevoegdheden van die inspecteurs. Als ik hoor welke uitgebreide bevoegdheden zij zullen hebben, dan ben ik ervan overtuigd dat zij die rotte appels er ook uit zullen krijgen. Ik ben daar heel optimistisch over. Ik benadruk nogmaals dat de oprichting van de Screeningsdienst extreem belangrijk is in dit verhaal. Wij zullen dat in het najaar verder mee op de voet volgen, net zoals u dat zult doen, minister.

Minister Somers heeft het woord.

Minister Bart Somers

Mijnheer Janssens, het is evident dat zolang het nieuwe decreet er niet is, ik ook niet kan functioneren binnen het nieuwe decretale kader. Wij maken dat nieuwe decreet niet zomaar omdat we een nieuw decreet willen maken, maar omdat we hebben vastgesteld dat we binnen de bestaande regelgeving onvoldoende instrumenten hebben om consequent te kunnen optreden tegen die geloofsgemeenschappen die zich niet aan de spelregels houden. Daarom hebben we twee belangrijke zaken gedaan.

Ten eerste bouwen we, zoals mevrouw Sminate zei, een Informatie- en Screeningsdienst uit, die voldoende bevoegdheden, ook politionele, heeft om informatie te kunnen vergaren en een juiste foto te kunnen maken van wat daar gebeurt. Ten tweede moet de scope waarmee we kunnen optreden en kijken naar een dergelijke geloofsgemeenschap, worden verbreed. Vandaag wordt alleen naar de geloofsgemeenschap gekeken. Wat wij vragen in het nieuwe ontwerp van decreet, dat binnen enkele weken aan het parlement zal worden voorgelegd, is dat men niet alleen naar de lokale geloofsgemeenschap kijkt, maar dat de geloofsgemeenschap ook aangeeft met wie en welke organisaties zij banden heeft, wie eigenaar is van het gebouw waarin ze zit. Verder moet zij een register bijhouden van haar financiën, bijvoorbeeld van wie ze giften krijgt. Op die manier verbreden we de scope waarop we een organisatie kunnen evalueren. In dit geval zou dat betekenen dat in het nieuwe decreet ook die vzw een element kan worden voor de beoordeling van de geloofsgemeenschap. Het is niet zo dat de raad van bestuur van de vzw en de moskee een een-op-eenrelatie hebben in dit geval.

Wat ik vandaag kan doen, op basis van uw vraag, is mijn diensten en de politionele diensten bevragen of zij weet en kennis hebben van elementen waardoor we de erkenning van de moskee in twijfel zouden kunnen trekken en waardoor wij genoodzaakt zouden zijn om actie te ondernemen op het vlak van de erkenning van de moskee. De veiligheidsdiensten en de administratie Binnenlands Bestuur hebben die vraag negatief beantwoord.

Ik heb u al uitgenodigd om, als u elementen hebt binnen het huidige decretale kader, die over te maken aan het parket of aan het lokale bestuur zodat de politie daarmee aan de slag kan. Hier ligt immers ook een verantwoordelijkheid inzake openbare orde bij de burgemeester. Dat is een eerste element.

Een tweede element is dat bij de beoordeling van een dossier – en ik geef u een voorbeeld – het geven van koranlessen aan minderjarigen niet tegen de erkenningsvoorwaarden is. Dat is ook binnen de joodse of christelijke gemeenschap niet tegen de erkenningsvoorwaarden. De elementen waarop we beoordelen, zijn inderdaad buitenlandse invloeden, het aanzetten tot haat, extremistisch taalgebruik en dergelijke meer. Wanneer een geloofsgemeenschap banden zou hebben met de Grijze Wolven en die mensen zitten in de raad van bestuur, dan is dat inderdaad een grond om vast te stellen dat de erkenningsvoorwaarden geschonden zijn. Die Grijze Wolven zijn nu eenmaal een extremistische organisatie, dat is evident. Maar wanneer ik bij de veiligheidsdiensten op basis van uw vraagstelling informeer of zij concrete elementen hebben dat dit binnen de moskee, binnen de erkende geloofsgemeenschap aanwezig is, en hun antwoord is negatief, dan moet ik daarmee aan de slag. Ik leef binnen een democratische rechtsorde, ik kan daar niet buiten treden. Maar ik kan er wel voor zorgen dat we een sterkere informatiepositie hebben.

Ook in de toekomst, wanneer een Informatie- en Screeningsdienst binnen zoveel jaar aan de minister van Binnenlands Bestuur – ikzelf of een opvolger – zegt dat er op basis van hun informatie niets fout is, zal die dienst werken ter verdediging van de geloofsgemeenschap. Het is dus niet omdat er een Screenings- en Informatiedienst is dat elk gerucht ook gestaafd zal zijn. Ik zeg niet dat u over geruchten praat, maar die Informatie- en Screeningsdienst zal daarover een objectieve foto kunnen maken en ons daar objectief over kunnen informeren. Vandaag stellen we die vraag aan de veiligheidsdiensten die al op het terrein aanwezig zijn. Ze zijn daarover duidelijk geweest tegen mij en tegen mijn diensten, namelijk dat zij op dit moment geen informatie hebben die de erkenningsvoorwaarden voor deze geloofsgemeenschap in twijfel trekken.

U zegt dat ik dat de vorige keer ook heb gezegd maar ik heb ook vorige keer ook gezegd dat we moeten wachten op het nieuwe decreet. Dat zal op 1 september 2021 in werking treden.

De heer Janssens heeft het woord.

Minister, we moeten blijkbaar alle heil verwachten van de toekomstige Screeningdienst en het toekomstige decreet, maar sta me toch toe om daar sceptisch over te zijn.

U zegt dat er geen signalen zijn of dat u geen signalen of elementen bereiken dat er een probleem zou zijn met die Genkse Diyanetmoskee. Die signalen zijn er dan allicht niet omdat er gewoon niet naar gezocht wordt. Men wil de islamitische, de Turkse gemeenschap niet voor het hoofd stoten. Men hanteert blijkbaar dezelfde politiek binnen de veiligheidsdiensten en binnen de politiek als de Genkse burgemeester. Men steekt liever de kop in het zand voor de nefaste invloed die van die Diyanetmoskeeën uitgaat naar de in Genk of in Vlaanderen wonende Turken. Men wil dat gewoon niet geweten of gezien hebben.

U bent dan toch wel de minister die verantwoordelijk is voor de naleving van de erkenningsvoorwaarden in de moskeeën. En dus is steun aan een extremistische organisatie zoals de Grijze Wolven blijkbaar geen probleem voor de minister van Inburgering, de minister die bevoegd is voor de naleving van erkenningscriteria. Van koranlessen gaat blijkbaar geen buitenlandse invloed uit. Koranlessen voor minderjarigen moeten kunnen. Gesluierde jonge meisjes, dat moet allemaal kunnen. Dat is geen probleem voor deze Vlaamse Regering. Maar we moeten allemaal uitkijken naar de Screeningsdienst en naar het nieuwe decreet, waarna men eens in actie zou schieten. Ik neem daar akte van, minister, maar ik hecht er weinig geloof aan.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.