U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werd deze vraag om uitleg via videoconferentie behandeld.

Mevrouw Coudyser heeft het woord.

Eind vorige maand raakte bekend dat de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België (KMSK), een van onze federale wetenschappelijke instellingen, hun afdeling Oude Kunst, met werken van onze Vlaamse meesters zoals Pieter Bruegel de Oude, Rubens, Jordaens, Memling, Dirk Bouts, maar ook de Hollandse meesters Rembrandt van Rijn en Frans Hals, voor een half jaar zouden sluiten.

Ze kampen naar eigen zeggen met een tekort aan bewakers, en tegelijkertijd moest het Fin-de-Siècle Museum opnieuw kunnen openen en moesten twee tijdelijke tentoonstellingen uit de startblokken moesten schieten: een rond het werk van Alechinsky en een andere tijdelijke tentoonstelling over de Aboriginalkunst.

Ik vind dat de cultuurredacteur Jan Van Hove in zijn artikel in De Standaard terechte opmerkingen maakte: ‘Kun je je voorstellen dat het Louvre de zaal met de Mona Lisa zou sluiten? Of dat het Musée d'Orsay zou moeten wijken voor een tijdelijke tentoonstelling, zonder hun Franse impressionisten nog te tonen?’

Natuurlijk, de keuze van het museum ligt bij de museumdirecteur, die onder het beheer van de federale overheid valt. Vlaanderen heeft daar dus op zich weinig mee te maken, ware het niet dat het eigenlijk nog pijnlijker wordt. Niet enkel worden die Vlaamse meesters nu niet meer getoond, net zo min aan Vlamingen als aan internationale bezoekers van de stad, die toch ook onze hoofdstad is, maar vooral omdat Toerisme Vlaanderen de afgelopen jaren toch heel wat financiële inspanningen geleverd heeft binnen die verhaallijn van de Vlaamse meesters. Ik dacht dat men 1,6 miljoen euro gegeven heeft aan de restauratie en opfrissing van net die zaal. Daarnaast heeft men een digitale Bruegelbeleving opgezet, en ervoor gezorgd dat er een thematische ontvangstbalie was. Als ik dan hoor dat men nu net dié zaal sluit wegens het gebrek aan suppoosten, dan vind ik dat eigenlijk een verbijsterend teken van hoe men naar Vlaanderen kijkt, en met welk dedain men naar Vlaanderen durft te kijken.

Als ik dan gisteren, tijdens de hoorzitting in de Werkgroep Institutionele Zaken, directeur Verbergt hoorde zeggen dat de samenwerking met Toerisme Vlaanderen als een voorbeeld gezien moet worden van hoe Vlaanderen meer betrokken kan en moet worden bij federale musea, dan vond ik dat eigenlijk een kaakslag. Is het echt de bedoeling dat Vlaanderen geld geeft, en dat anderen alle beslissingen nemen, die dan eigenlijk weer tegen de Vlamingen zijn? Ik vraag me echt af of dit nu nog slecht beheer is – of is het slechte wil?

Vandaar dat ik u enkele vragen wil stellen. Hebt u, als minister, dit aangekaart met de bevoegde staatssecretaris voor Wetenschapsbeleid? Of heeft het agentschap Toerisme Vlaanderen dit aangekaart bij de directie van het museum? Werden in het kader van dat overleg dan nieuwe afspraken gemaakt met het oog op een snellere heropening van die zaal, zodat de Vlaamse meesters wél weer zichtbaar zijn?

Heeft Toerisme Vlaanderen überhaupt instrumenten in handen ten aanzien van het museum, waarbij het aanwenden van onze Vlaamse middelen toch moet leiden tot het opnieuw toegankelijk maken van de kunstwerken van die Vlaamse meesters? Zo ja, over welke instrumenten beschikken wij, en kunnen wij die nu inzetten?

Er is het hefboomproject, waarbij de subsidies bestemd waren voor de Bruegelervaring. Zijn die subsidies allemaal reeds uitbetaald? Mocht dat niet zo zijn, acht u het dan wenselijk om toch ten minste even die betaling on hold te zetten tot er meer duidelijkheid is over wat de toekomst is van die zaal van de Vlaamse meesters?

Zal dit voorval impact hebben op de samenwerking tussen Toerisme Vlaanderen en de federale musea? En dat niet enkel in het kader van dit project, maar ook naar toekomstige samenwerking, die toch breder gaan dan dit. De federale musea hebben belangrijke collecties, ze zitten in een internationale hoofdstad, en ik denk dat die collecties zo breed mogelijk getoond moeten kunnen worden.

Minister Demir heeft het woord.

Minister Zuhal Demir

Dank uw wel, collega Coudyser. Het is verbazingwekkend hoe de directie van de federale musea werkt, in dezen. Het tart alle verbeelding. Vandaar dat we proberen om het rationeel te bekijken. We zijn gaan kijken naar onze samenwerkingsovereenkomst.

Artikel 2, paragraaf 2 verplicht de KMSK om actief mee te werken aan ‘het netwerk van het Vlaamse Meestersprogramma en -sites onder impuls van Toerisme Vlaanderen’. Paragraaf 2 zegt ook heel duidelijk dat de begunstigde – dus de federale musea – zich ertoe verbindt om te voldoen aan volgende voorwaarden: actieve medewerking aan het netwerk van het Vlaamse Meestersprogramma en specifieke actieve geïntegreerde samenwerking met de andere Bruegelprojecten.

Door het zomaar sluiten van de afdeling Oude Kunst, zonder enig overleg, kan geargumenteerd worden dat de KMSK niet actief meewerkt, ons saboteert en de verbintenis gewoon niet nakomt. Volgens artikel 6, paragraaf 4, eerste streepje van de samenwerkingsovereenkomst is de KMSK er in dat geval toe verplicht de subsidies terug te betalen, al dan niet deels. We zijn nu die beide paragrafen aan het bekijken, om vervolgens op een rationele manier en puur op basis van het samenwerkingsakkoord dat we afgesloten hebben, naar de KMSK te gaan. De 1,6 miljoen euro was vooral in eerste instantie voorzien voor de vernieuwing van de Bruegelzaal, die ondertussen wel gerealiseerd is, en ook voor de verbetering van de bewegwijzering en de audiogids. Dat budget was daarvoor voorzien. Niet alles is betaald. Ik heb begrepen dat 250.000 euro nog niet uitbetaald is. We gaan dat ook nog niet uitbetalen. Maar wat ben je ermee als je de vernieuwing inzet en je zegt dat het past in ons Vlaams Meestersprogramma en de directie van het Koninklijk museum sluit de afdeling? Behalve dan voor Brad Pitt – ik heb begrepen dat hij ondertussen een rondleiding heeft gehad. Dat tart bij mijn weten alle verbeelding. We gaan dus een vriendelijke brief sturen – het zal nog geen deurwaarder zijn – om het museum te wijzen op de verplichtingen die men moet nakomen en die ook overeengekomen zijn.

Mevrouw Coudyser heeft het woord.

Dank u wel, minister. U handelt perfect. Net zoals wij vindt u ook dat deze houding alle verbeelding tart en dat het eigenlijk eerder sabotage is dan een positieve samenwerking. U bent dit aan het bekijken. In de samenwerkingsovereenkomst staan er inderdaad wel een aantal voorwaarden waarvan we duidelijk kunnen zien dat er niet aan voldaan wordt, al is het maar de actieve medewerking aan de projecten en een goede samenwerking voor het Bruegelproject specifiek. Het is goed dat er verder onderzoek gebeurt of die subsidies terugbetaald kunnen of moeten worden en dat we in elk geval de 250.000 euro die nog niet uitbetaald is, on hold zetten. Dan kan er hierover een brief vertrekken. Ik hoop dan ook op redelijkheid bij de directeur van het museum. Een samenwerking komt van twee kanten, en dat als je die eenzijdig verbreekt, moet je daar ook de gevolgen van dragen, ook al vind ik dat heel erg jammer voor Vlaanderen. Die Vlaamse meesters en ook andere zaken in die musea zouden echt getoond moeten worden, niet alleen aan Vlamingen, maar ook aan alle Belgen en alle bezoekers van ons land. U reageert zeer doortastend. Ik ben benieuwd naar het vervolg.

De heer Brusselmans heeft het woord.

Ik maak even de oversteek vanuit de commissie Cultuur, omdat ik daar toch ook al enkele vragen over dit thema heb gesteld: wat is er in de KMSK Brussel aan de hand? Dat is symptomatisch voor dat hele federale non-beleid van alle archieven en museale collecties. Neem nu bijvoorbeeld het prestigieuze Museum voor Kunst & Geschiedenis (KMKG) in het Jubelkpark, met een van de grootste en interessantste museale collecties van het land. Dat knipte onlangs nog zo drastisch in zijn openingsuren dat dat eigenlijk de facto gesloten is. Ook daar is al jaren sprake van verouderde infrastructuur, vochtproblemen, mismanagement enzovoort. Minister, u zult dat wel weten, want u was trouwens ooit op federaal niveau nog bevoegd voor die KMSK, u heeft dat daar ook niet kunnen oplossen.

Nu wordt dan weer geld vergooid. Ik ben blij dat u mogelijkheden onderzoekt om dit deeltje van het probleem aan te pakken. Maar zoals collega Coudyser daarnet al zei, hebben we gisteren een lange zitting gehad met de Werkgroep Institutionele Zaken. En daar kwam dit onderwerp ook ter sprake. Mijn mond valt toch een beetje open als ik daar het standpunt van de N-VA hoor en dat dan vergelijk met wat hier onder meer wordt gezegd. Eigenlijk is onze partij de enige die pleit voor een splitsing van die musea, trouwens de enige oplossing die mogelijk is. Nochtans zei de minister-president enkele weken geleden, in antwoord op een vraag om uitleg van mezelf, dat hij elke overheveling naar Vlaanderen aanmoedigt, maar dat hij natuurlijk geen medewerking verwacht van Franstalige zijde. Omdat we gisteren iets anders gehoord hebben, stel ik de vraag nu aan u, minister Demir, of u die splitsing, in interministeriële overlegorganen of zelfs in overleg met uw minister-president, op tafel zult leggen. Want als we het standpunt van de N-VA van gisteren volgen, waarbij het Flageymodel de hemel in werd geprezen, dan voorspel ik u dat de Vlamingen straks wel weer gaan betalen, maar dat het de Franstaligen zijn die blijven bepalen.

Mevrouw Brouwers heeft het woord.

Met alles wat ik hier hoor, wil ik toch even aangeven dat de wij vanuit de CD&V-fractie wel vertrouwen hebben in dat federale regeerakkoord, dat een grondige hervorming van al die instellingen voorziet. We weten ook dat de huidige bevoegde staatssecretaris Dermine – de heer Brusselmans gaf terecht aan dat u daar vroeger zelf bevoegd voor was, minister – meteen van start is gegaan, alle instellingen heeft bezocht en heeft gevraagd om een masterplan op te stellen. Ik was gisteren zelf niet aanwezig, maar Bruno Verbergt heeft in de hoorzitting nog verteld dat hij ook vol vertrouwen uitkijkt naar dat nieuwe beleid.

En wat uw idee betreft, collega Brusselmans, om het allemaal maar te splitsen: de splitsing van deze federale instelling zou echt geen oplossing zijn. We hebben het daar nog al over gehad, inderdaad in de commissie Cultuur naar aanleiding van uw vraag. Wij vinden dat de gemeenschappen veel nauwer betrokken moeten worden, want daar zit alle expertise van erfgoed. We hopen dat we in die richting kunnen verdergaan. Maar dat er zich nu een probleem voordoet door het sluiten en zo, daar zijn we het wel over eens. Dat is op zich geen goede zaak. Maar ik wou nog even de puntjes op de i zetten wat die andere aspecten betreft.

Minister Demir heeft het woord.

Minister Zuhal Demir

Collega Brusselmans, u kunt natuurlijk veel zaken naar voren brengen, maar het is ook een kwestie om het erdoor te krijgen. Het klinkt misschien heel gemakkelijk om te zeggen dat u het zo en zo gaat doen, maar doe het maar eens. Ik wil dat nog eens zien. U weet ook dat dat allemaal zo niet werkt. Ik zou het dan ook appreciëren, mocht u gewoon met haalbare oplossingen komen. Ik ben zelf bevoegd geweest voor de federale musea, gedurende anderhalf jaar. Ik heb geprobeerd om zelfs in bruikleen te gaan, om zaken te kunnen uitlenen aan Vlaamse musea enzovoort. Maar dat was onbespreekbaar bij de MR. Ik geef u maar aan hoe moeilijk dat is.

Ik hoop gewoon dat in de komende jaren, vanaf het moment dat er opnieuw gesproken kan worden over meer bevoegdheden voor de regio's, dit dossier dan mee op tafel ligt. Maar in de tussentijd ga ik niet stilzitten. We hebben een goede samenwerkingsovereenkomst gemaakt, met goede bepalingen. Daar ga ik nu op terugvallen. Er worden zaken niet nageleefd. Dat kan natuurlijk niet. Men zegt altijd: goede vrienden, goede afspraken. In dezen hebben we goede afspraken, maar als de ene ze niet naleeft, behalve voor Brad Pitt, kan dat helemaal niet de bedoeling zijn. We hebben het juridische dus wel mee. Dat staat goed gestipuleerd in de overeenkomst. Ik zal daar nu achteraan gaan, om te kijken of we hem toch niet kunnen aanzetten, op basis van de overeenkomst, om het weer open te doen. En zo niet, gaan we kijken naar de centen. Een deel is nog niet uitbetaald. Als hij halsstarrig blijft zeggen dat hij sluit, dan moeten we natuurlijk ook onze gelden kunnen terugkrijgen. Dat wordt vervolgd.

Mevrouw Coudyser heeft het woord.

Wat specifiek deze case betreft, kan ik alleen maar zeggen dat wij hier, vanuit onze bevoegdheid, een samenwerking hebben willen opzetten, en dat er duidelijk weinig samenwerking is, waardoor we nu onze verantwoordelijkheid nemen om ervoor te zorgen dat die zalen opengaan en we die Vlaamse meesters kunnen zien. Ofwel zullen we aan de centen moeten zitten. Er is nog 250.000 euro niet uitbetaald; dat moeten we dan misschien niet meer doen. Als ze zo halsstarrig blijven, dan stipuleert de samenwerking inderdaad ook dat men wat al gegeven is, kan terugvorderen. Dat wordt dus vervolgd.

Om het debat even open te trekken: tijdens de hoorzittingen over de institutionele hervormingen kijkt men naar de toekomst, onder andere over hoe we in de toekomst verder gaan inzetten op die federale musea, die toch ook belangrijke collecties hebben voor Vlaanderen. En inderdaad, collega Brusselmans, splitsen is het laatste waar wij aan denken. Wij denken veeleer aan cobeheer: samen verantwoordelijkheid dragen vanuit de deelstaten. Dat betekent dat je samen beslissingen neemt en dat je, als je beslissingen neemt waar geld tegenover moet staan, dat geld ook geeft.

Alles wat ik hier nu zie, in dat voorbeeld, is op basis van ad-hocsamenwerkingen. Gelukkig hebben we die goede samenwerkingsovereenkomst gesloten. Maar als dat niet op een spontane en actieve medewerking kan rekenen, dan moet je naar andere manieren gaan. Dat is een toekomstverhaal dat we willen schrijven, maar dat we haalbaar en realiseerbaar willen maken.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.