U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werden deze vragen om uitleg via videoconferentie behandeld.

Mevrouw Schryvers heeft het woord.

Voorzitter, mijn twee vragen om uitleg sluiten bij elkaar aan, maar door het paasreces is er een tijdspanne tussen het indienen ervan.

Sinds 6 april zijn de zelftesten beschikbaar bij de apotheek. Het is de bedoeling dat de apothekers daarbij een adviserende rol opnemen, niet enkel met betrekking tot het juist afnemen van de zelftest maar ook omtrent de stappen die gezet moeten worden wanneer het resultaat positief blijkt te zijn. Ook via de website www.info-coronavirus.be wordt informatie gegeven over de te volgen stappen.

De huidige procedure, zoals gecommuniceerd door de overheid, schrijft voor dat een positief testresultaat altijd bevestigd moet worden door een PCR-test, die wordt afgenomen door de huisarts of via een testcentrum. Mensen die positief testen met een zelftest moeten dus een afspraak maken bij de huisarts of ze moeten telefonisch een activatiecode aanvragen waarmee ze vervolgens terechtkunnen in een testcentrum. Indien de PCR-test een positief resultaat geeft, dan wordt het contactonderzoek opgestart.

In antwoord op een recente schriftelijke vraag die ik stelde over de manier waarop er wordt verzekerd dat een positief resultaat van een zelftest wordt opgenomen in de databank voor contactopsporing, antwoordde u, minister, dat de mogelijkheid tot opname al is voorzien in de databank. In het Interfederaal Comité Tracing en Testing zou ook worden bekeken of en hoe de burger zelf toegang kan worden gegeven tot de databank om een positief testresultaat toe te voegen.

Aangezien het virus nog altijd sterk circuleert in de maatschappij, is het niet ondenkbaar dat er de komende weken nog heel wat mensen zullen zijn die effectief positief zullen testen na afname van de COVID-19-zelftest. Het is dan ook essentieel dat deze positieve resultaten zonder vertraging de nodige opvolging krijgen. Dat was het eerste deel van mijn vraag.

Het tweede deel van mijn vraag gaat over de toepassing van de testen zelf. Tijdens de commissievergadering van 23 maart hadden we het al over de groep van mensen die lijden aan een ernstige ziekte of mensen die zich in een palliatieve fase bevinden en de mogelijkheden die de inzet van sneltesten zou kunnen hebben om mensen op een veilige manier te laten samenkomen.

Minister, toen antwoordde u dat de geldende maatregelen ook van toepassing zijn op de palliatieve zorg. Toch denk ik dat we, gezien de evoluties en de beschikbaarheid van zelf- en sneltesten, voor die groep van mensen toch wat extra menselijkheid aan de dag zouden kunnen leggen. Indien men niet op een gepaste manier afscheid kan nemen van een geliefde, kan dat immers levenslang verdriet en trauma’s teweegbrengen.

Vlaanderen is bevoegd voor de contactopsporing en heeft al enkele maanden kunnen anticiperen op de beschikbaarheid van zelftesten.

Ik heb daarover de volgende vragen, minister.

Welke voorbereidingen zijn er getroffen om te verzekeren dat een positieve zelftest ook de nodige opvolging krijgt?

Is het momenteel zo dat een PCR-test niet altijd meer nodig is na een positieve zelftest? Of is dat nog wel altijd nodig?

Hoe wordt de koppeling van de uitslagen van de zelftesten met de contactopsporing gemaakt?

Wat zullen de aanbevelingen zijn omtrent het gebruik van de zelftesten?

Wie kan er momenteel een positieve zelftest toevoegen aan de databank voor contactopsporing?

Is er al uitsluitsel over het onderzoek van het Interfederaal Comité Tracing en Testing over de mogelijkheid om burgers ook zelf een positief testresultaat te laten toevoegen aan de databank? Wat waren daarvan de resultaten?

Zullen burgers ook zelf een positieve zelftest kunnen toevoegen aan de databank voor contactopsporing? Zo ja, vanaf wanneer zal dat mogelijk zijn? Hoe zal ervoor gezorgd worden dat mensen die positief testten, dat ook effectief doen? Daar hangt namelijk natuurlijk veel van af.

Bestaan er recente gegevens over de door het Federaal Agentschap voor geneesmiddelen en gezondheidsproducten (FAGG) goedgekeurde COVID-19-zelftest en de resultaten daarvan? Zijn er veel vals-positieve testresultaten, die het noodzakelijk maken dat een positief resultaat geverifieerd wordt met een PCR-test?

Hoe kan met de inzet van snel- en zelftesten het contact met mensen die in de laatste fase van hun leven zijn en die in ziekenhuizen en voorzieningen verblijven, toch kwalitatiever worden ingevuld?

Welke invloed kan de inzet van snel- en zelftesten hebben op het bezoek in zorgvoorzieningen zoals revalidatiecentra, psychiatrische ziekenhuizen en algemene ziekenhuizen?

De heer Daniëls heeft het woord.

Minister, collega’s, ik heb in het verleden ook al vragen gesteld in verband met sneltesten. We kunnen blij zijn: op 24 maart 2021, iets minder dan een maand geleden, werd eindelijk het federaal koninklijk besluit met betrekking tot de snelle antigeentesten bekendgemaakt. Collega’s, ik zeg ‘eindelijk’ omdat we daar al lang vragende partij voor waren en ook omdat die sneltesten in het buitenland al veel werden gebruikt. Eigenlijk is de kern van onze strategie om corona/COVID-19 aan te pakken testen, testen, testen. Dat is de kern van de zaak.

We kunnen deze testen nu breed inzetten als screeningsinstrument zonder daarbij medische handelingen te moeten stellen. Niet onbelangrijk om mee te geven, is dat sneltesten snel zijn op twee manieren: ofwel geven ze snel resultaat, namelijk binnen de vijftien minuten, ofwel kunnen ze heel snel worden afgenomen – de zogenaamde zelftesten – waardoor een grote groep op korte tijd getest kan worden, al moeten de tests wel nog naar een lab. Bij PCR is geen van beide zaken het geval: die testen vereisen een vrij invasieve en uitgebreide handeling en moeten ook nog naar een lab.

In de strategie die we hebben van vaccineren, contacteren en isoleren, is testen een cruciaal onderdeel. Met deze wending in de teststrategie, van sneltesten en zelftesten, kunnen we in Vlaanderen veel sneller en veel beter screenen en gericht ingrijpen indien nodig. Daarover gaat het.

Collega’s, in het koninklijk besluit staat dat apothekers de zelftesten kunnen afleveren aan personen op de volgende voorwaarden: “de zelftests zijn bedoeld voor zelfafname en zelfanalyse en komen op een door het FAGG vastgestelde lijst”. Ten tweede: “de apotheker informeert de persoon over het gebruik van de zelftest en wijst de persoon erop dat hij in geval van een positief resultaat een arts dient te contacteren”. Dat is belangrijk. Ten derde: “de zelftest wordt afgeleverd binnen een voor het publiek opengestelde apotheek”.

Collega’s, we weten ondertussen dat er tot op de datum van 19 april – gisteren dus –207.068 testen werden afgeleverd die werden geregistreerd via Farmalux. Maar het is niet verplicht om die te registratie te doen bij aflevering. Ze is wel aanbevolen. Dat maakt dat we er geen volledig zicht op hebben hoeveel testen er nu werkelijk in roulatie zijn.

Ook niet onbelangrijk is het advies dat apothekers daarbij geven: één, over het juiste gebruik, twee, over hoe je het juist moet aflezen. En drie – ook collega Schryvers verwijst daarnaar – als men positief test, moet men nog altijd een handeling doen. Als je het zelf test, moet er, om het effectief geregistreerd te krijgen, om het in de app te krijgen, wel nog iets gebeuren.

Verder wil ik nog iets aanhalen. Screeningsinstrumenten zijn iets anders dan: ‘Ik voel mij grieperig en ik neem nu een test.’ Dat wil ik hier echt benadrukken: wanneer we een ruime screening willen doen, moet je eigenlijk twee keer per week een zelftest doen, ongeacht of je nu van jezelf vindt dat je wel of niet ziek bent. Dan pas kunnen we echt naar een screening gaan. En het af en toe eens doen, om te kijken of naar aanleiding van een risicocontact... Tja, dan kun je beter meteen een PCR-test laten afnemen. Dan is die duidelijkheid er.

Minister, hoe zult u die zelf- en sneltesten als preventieve maatregel uitrollen in Vlaanderen? Wat is de grotere campagne daarachter?

Welke sectoren acht u prioritair in het gebruik van zelfsneltesten?

Vanaf wanneer zullen die testen beschikbaar zijn in Vlaanderen? Daarop is het antwoord al gegeven: ze zijn in de apotheken. Maar is er een groep waarvoor we ze ruimer of meer gericht willen inzetten?

Ik dank u alvast voor uw antwoord.

Minister Beke heeft het woord.

Minister Wouter Beke

Collega’s, de kans op een vals-positief testresultaat wordt weergegeven via de score voor de specificiteit van een test. De specificiteit drukt uit bij hoeveel procent van de personen die niet besmet zijn met het coronavirus, de test ook effectief een negatief resultaat oplevert. Een van de goedkeuringscriteria van het FAGG is een score voor de specificiteit van minimum 99 procent. De beoordeling van dit criterium door het FAGG gebeurt uitsluitend op basis van gegevens aangeleverd door de fabrikant zelf. Onafhankelijke wetenschappelijke studies die deze testen valideren, wijzen doorgaans op wat lagere waarden. Zelfs bij tests die door het FAGG werden goedgekeurd, blijft de verificatie van een positief resultaat via een PCR-test dus nodig.

De bevestiging door een PCR-test is bovendien ook nodig omdat de contactopsporing enkel wordt opgestart bij een positieve PCR-test.

Het is momenteel niet mogelijk voor burgers om zelf het resultaat van hun zelftest te registreren in de centrale databank. Daarom dient een positief resultaat op een zelftest te worden bevestigd door een PCR-test, zodat bij bevestiging de contactopsporing zal en kan starten.

Indien de zelftest is afgenomen in het kader van het repetitief testen op de werkvloer, gebeurt dat onder de verantwoordelijkheid van een arbeidsarts. De arbeidsarts maakt dan, op basis van de klinische en epidemiologische context, een inschatting of de test al dan niet moet worden bevestigd door een PCR-test.

Wie een positieve zelftest aflegt, neemt contact op met de huisarts of met het callcenter contacttracing via het nummer 02/214.19.19. De callcenter agent zal gegevens opvragen en ook, conform het daartoe ontwikkelde script, een activatiecode geven waarmee de betrokkene een PCR-test kan laten afnemen in een testcentrum.

Het is dus ofwel een arts ofwel een callcenter agent die een positieve zelftest zal toevoegen aan de databank. Aangezien een bevestiging via een PCR-test noodzakelijk is, zal dit finaal via dat kanaal al dan niet worden herbevestigd.

Het Interfederaal Comité Tracing en Testing stelt nog niet voor om burgers zelf een positief testresultaat te laten toevoegen aan de databank.

Burgers zullen geen mogelijkheid krijgen om zelf in de databank te schrijven. Er worden momenteel aanpassingen gedaan aan de app Coronalert, zodat het resultaat van alle soorten testen, ook zelftesten, kan worden ingebracht in de app. Dat zal toelaten om ook bij een positieve zelftest, antigeensneltest, speekselsneltest en uiteraard PCR-test, de onbekende hoogrisicocontacten te verwittigen via de app.

In tegenstelling tot in andere landen is de verkoop van zelftesten in de supermarkt niet toegestaan in België. De verkoop van deze testen is daarentegen beperkt tot de apotheek, zodat advies en informatie met betrekking tot het gebruik ervan kan worden verstrekt.

De apotheek informeert de burger ook over de te ondernemen stappen bij een positief testresultaat, zowel mondeling als via een flyer die door het commissariaat werd opgesteld.

Daarnaast zijn er via het web info en instructies gepubliceerd, zowel door het agentschap Zorg en Gezondheid, alsook op de federale webpagina met informatie over het coronavirus.

Een positieve zelftest moet steeds worden bevestigd door een PCR-test. Enerzijds om een vals-positief resultaat uit te sluiten en anderzijds omdat de contactopsporing enkel kan worden opgestart bij een positieve PCR-test. Die koppeling wordt gemaakt doordat een positief resultaat op een zelftest moet worden bevestigd door een PCR-test.

Zoals ik aangaf, worden er momenteel aanpassingen gedaan aan de app Coronalert, zodat het resultaat van alle soorten testen kan worden ingebracht in de app. Er wordt gemikt op de tweede helft mei om dit operationeel te hebben.

Een zelftest is nog niet geschikt om te testen in het geval van symptomen of klachten of na een hoogrisicocontact. Hiervoor dienen de huisartsen te worden gecontacteerd.

Bij een positief resultaat op een zelftest dient men onmiddellijk in isolatie te gaan. Een positief resultaat dient steeds te worden bevestigd door een PCR-test. Als dit positief resultaat wordt bevestigd, wordt het contactonderzoek opgestart. Men blijft dan minstens tien dagen in isolatie.

Bij personen die minder dan drie maanden geleden besmet waren met COVID-19, bevestigd door een positieve PCR-test, is een test niet nuttig. Dat geldt ook voor een zelftest.

In deze fase van de pandemie is het niet aan de orde om de inzet van snel- en zelftesten te koppelen aan het beperken of versoepelen van bepaalde maatregelen in specifieke settings.

Sneltesten en zelftesten moeten worden gezien als een aanvulling van de bestaande teststrategie en voorzorgsmaatregelen en niet als een vervanging ervan.

Sneltesten en zelftesten kunnen de bestaande maatregelen niet vervangen. Een negatief resultaat op een sneltest of een zelftest biedt geen garantie dat de geteste bezoeker niet besmettelijk is en kan daarom niet worden gekoppeld aan versoepelde maatregelen voor bezoekers in zorgvoorzieningen.

Sneltesten worden momenteel al aangeboden aan residentiële zorgvoorzieningen in Vlaanderen om bezoekers te testen. Deze screening van bezoekers heeft als doel te voorkomen dat een positieve en sterk besmettelijke persoon de kwetsbare bewoners besmet.

Bezoekers met een positief resultaat worden dus niet toegelaten. Een negatief resultaat sluit echter niet uit dat de bezoeker alsnog infectieus is. Een geteste bezoeker met een negatief resultaat moet dus, net zoals een niet-geteste bezoeker, nog steeds de geldende voorzorgsmaatregelen in acht blijven nemen.

De interfederale Taskforce en de interfederale advies- en overlegorganen rond het testbeleid in België, met name de Risk Assessment Group (RAG) Testing en de Taskforce Testing, hebben een aangepast testbeleid uitgewerkt, dat op 29 maart werd gepresenteerd door het coronacommissariaat. Daarin wordt, naast de klassieke indicaties voor testen, nadrukkelijk het repetitief testen in bedrijven en scholen naar voren geschoven als tweede en derde verdedigingslinie.

Testen met zelftesten wordt dus als potentieel nuttig beschouwd op voorwaarde dat het is ingebed in een bredere strategie.

Preventief testen met zelftesten is nuttig in essentiële sectoren waar een continuering van de dienstverlening gewaarborgd moet blijven en waar de inzet van antigeensneltesten moeilijk te organiseren valt doordat er sprake is van wisselende werkorganisaties of omdat het regelmatig aanwezig zijn van een arbeidsarts of medisch geschoolde om de testen af te nemen praktisch niet haalbaar is, bijvoorbeeld in het onderwijs of de kinderopvang.

De raamovereenkomst voor de aankoop van zelftesten is gepubliceerd. De limietdatum voor ontvangst van de offertes is 16 april 2021. Men schat in dat een eerste deel zelftesten vanaf mei beschikbaar kan zijn.

De zelftesten die aangekocht worden door de Vlaamse overheid, zullen worden ingezet in het onderwijs, de kinderopvang en een aantal diensten van de Vlaamse overheid.

De lokale besturen zullen kunnen aansluiten bij de raamovereenkomst. Zij zullen deze testen dan zelf financieren.

Mevrouw Schryvers heeft het woord.

Minister, ik dank u voor uw antwoord. Dat is een duidelijk antwoord. Ik noteer dat die PCR-test altijd nodig blijft, in opvolging van een positieve zelftest. Dat is nodig om de contactopsporing haar werk te laten doen. Dan is het natuurlijk van groot belang om erop toe te zien dat mensen met zo’n positieve zelftest dat ook effectief doen. Daar schuilt een grote informatie- en opvolgingstaak bij de overheid. Vanzelfsprekend kan ook de apotheker hierin een grote rol spelen wanneer hij de toelichting geeft aan de mensen die de zelftest kopen. Dat is natuurlijk effectief nodig, want anders heeft die zelftest weinig resultaat, behalve dat de betrokkene weet dat hij een besmetting heeft opgelopen.

Minister, ik noteer ook dat het niet de bedoeling is dat mensen zelf een positieve test zullen kunnen ingeven in de databank voor de contactopsporing, maar dat het wel de bedoeling is om dat vanaf half mei mogelijk te maken in de app Coronalert. Zo kunnen meer mensen ervan op de hoogte worden gebracht dat er een besmetting werd opgelopen.

Ik heb geen verdere bijkomende vragen.

De heer Daniëls heeft het woord.

Minister, het is duidelijk – en ik vind het ook goed – dat individuele burgers niet in de databank kunnen beginnen te schrijven. We moeten dat zuiver houden. De link tussen een zelftest, een sneltest, en nadien een PCR-test ter bevestiging, om dan alles in gang te zetten, is een goede zaak.

Twee, die app wordt aangepast zodat de mensen dat wel kunnen registreren voor zichzelf. Op die manier worden diegenen die nauw in contact zijn geweest, verwittigd. Ook dat is een goede zaak. Want, collega’s, ten eerste, als we verder willen versoepelen, zijn die zelftesten essentieel in het kader van screening. En ten tweede, het grootste probleem dat we nog steeds hebben, zijn de asymptomatische superverspreiders. Dat is eigenlijk ons grootste probleem. Mensen die zich ziek voelen, gaan meestal naar de dokter of doen een zelftest, gaan naar een testcentrum en laten een PCR-test afnemen. Die hebben we, die ondervangen we. Maar die asymptomatische superverspreiders, die hebben we niet. Hetzelfde geldt voor mensen die gaan werken op de werkvloer en voor wie het niet mogelijk is om aan thuiswerk te doen. We zouden hen maximaal moeten kunnen onderscheppen.

Minister, ik heb nog een aantal bijkomende vragen. Eén, ik woon zelf in een grensregio. Het is altijd afwachten hoe het zal gaan wanneer mensen vanuit dit land de grens oversteken. Maar ook omgekeerd: mensen winkelen over de grens, wonen over de grens, gezinnen zitten over de grens. Is het een piste om te vermijden dat er opnieuw problemen ontstaan rond grenspendelaars? Sommige landen vragen een negatieve PCR-test. Dat duurt opnieuw dagen, het betekent een serieuze kost. Is het een optie om grenspendelaars daarin mee te nemen?

Twee, u sprak daarnet over aanbestedingen, groepsaankopen. Lopen die al? Kan iedereen daarop inschrijven? Daarmee bedoel ik: niet alleen residentiële settings, maar ook verenigingen, jeugdverenigingen. Kunnen zij daar ook op inschrijven? Hoe moet dat?

Drie, u zegt dat de sneltesten momenteel al worden gebruikt, dat ze al ter beschikking zijn in residentiële sectoren. Hebt u er op dit moment zicht op hoeveel er werkelijk al van gebruikmaken? Ik dank u.

De heer De Reuse heeft het woord.

Minister, er zijn al heel wat vragen gesteld over zowel de sneltest als de zelftest. Ik heb nog een vraag over de zelftesten die wij in Vlaanderen ter beschikking stellen. We hadden er 1,1 miljoen aangekocht, die we ter beschikking zouden stellen van onze woonzorgcentra, onder andere om de bezoekmogelijkheden optimaal te kunnen uitbreiden. Ze hebben er heel wat op stock. Ik heb daar in het verleden al wat vragen over gesteld. Maar toen bleek dat de woonzorgcentra niet zo geneigd waren om die testen in te zetten, onder meer omdat ze hiervoor medisch geschoold personeel moeten inzetten.

Ook volgens het agentschap Zorg en Gezondheid begin maart waren er nog maar een 350.000-tal verdeeld en slechts een tienduizendtal effectief gebruikt. Mijn vraag is of de woonzorgcentra deze testen nu wel meer en beter inzetten. Hebt u daar indicaties van? Zullen we die testen op andere manieren aanwenden indien ze niet gebruikt worden in de woonzorgcentra?

De heer Vaneeckhout heeft het woord.

Ik blijf mij de vraag over de haalbaarheid stellen. Testing zal sowieso een belangrijk onderdeel zijn – je hoort me dus zeker niets anders zeggen –, maar het repetitief testen in allerlei contexten is niet overal even evident. We hebben de discussie gehad over het jeugdwerk bijvoorbeeld, waar blijkt dat professionele organisaties dat misschien wel kunnen bolwerken, maar voor organisaties die grotendeels draaien op vrijwilligers is het helemaal niet zo evident om dat allemaal te gaan doen. Ik hou bij dezen nog eens het pleidooi om in het uitwerken van de protocollen en in het opleggen van testing als voorwaarde om een aantal dingen te versoepelen, realiteitszin en voeling met de sector aan de dag te leggen. Maar ik maak me daar geen zorgen over, want ik weet dat u en minister Dalle daar enorm mee bezig zijn. Het lijkt me wel belangrijk om daar in allerlei sectoren rekening mee te houden.

Is er geen nood aan een extra motivatiecampagne om, als je zo'n zelftest afneemt, de resultaten daadwerkelijk ter harte te nemen? Ik maak me er wel zorgen over dat er groepen zullen zijn die goedbedoeld zo'n zelftest kopen maar plots ontdekken dat ze er echt mee zitten en het dan in alle stilte zullen laten liggen. Ik zeg niet dat er magische formules bestaan, maar misschien is het toch interessant om na te gaan of er geen onderzoek mogelijk is om dat fenomeen in kaart te brengen, zodat we dat in onze modellen kunnen meenemen.

Ik wil tot slot het pleidooi van mevrouw Schryvers ondersteunen om te onderzoeken hoe we via deze teststrategie de zeer penibele situatie van palliatieve mensen en hun omgeving draaglijker te maken. Ik vind het nog altijd zeer wrang dat men vijftig mensen kan ontvangen op een begrafenis, maar dat we er na een jaar nog steeds niet in slagen om in de paar weken daarvoor iets meer mogelijk te maken.

Mevrouw Wouters heeft het woord.

Zelftesten zijn een cruciaal onderdeel van de teststrategie, maar toch lazen we in de krant De Morgen een oproep tot voorzichtigheid. De testen zijn 80 procent betrouwbaar, enkel als ze juist worden afgenomen. Ik heb u hierover reeds een vraag gesteld in de commissie. Mijn vraag ging toen over de temperatuur, die heel belangrijk is bij het afnemen van de test, maar zo zijn er natuurlijk nog andere voorwaarden. De vrees bestaat dat heel veel mensen bij een negatief resultaat toch iets lakser zullen zijn.

Het is dus van groot belang dat apothekers klanten dadelijk informeren over het gebruik van de test en over de eventuele risico's. Ik ben er zeker van dat heel wat apothekers hier voldoende aandacht aan besteden. Er zijn nu ongeveer 200.000 zelftesten verkocht. Zijn er vanuit de beroepsvereniging van apothekers en de Orde der Apothekers al opmerkingen of signalen gekomen over veelgestelde vragen vanuit de bevolking? Zo ja, hoe wordt daarmee omgegaan? Op welke manier wordt hier aandacht aan gegeven in het kader van preventie?

Mevrouw Saeys heeft het woord.

Er is voor gekozen om zelftesten te verkopen via de apothekers, en dat is een goede zaak, omdat we de mensen zeer goed moeten informeren over wat een zelftest juist inhoudt. We weten wel dat ze op termijn ook in grootwarenhuizen en dergelijke zullen worden verkocht. Dan zal het heel belangrijk zijn om daar extra rond te sensibiliseren dat het geen 100 procent zekerheid biedt en dat als je een positieve zelftest hebt, je nog altijd een PCR-test moet laten doen.

Ik heb nog een vraag over het gebruik van zelftesten in de woonzorgcentra. Ik merk hier lokaal dat er daar geen gebruik van is gemaakt. Ik vind het heel jammer, omdat ik nog altijd merk dat er een heel beperkte bezoekregeling is. Dat kon net een mogelijkheid hebben geboden om meer bezoek toe te laten. Hebt u daarvan cijfers? Hebt u er zicht op hoe vaak de sneltesten gebruikt zijn in de woonzorgcentra?

De heer Anaf heeft het woord.

Collega’s, die zelftesten zullen inderdaad heel erg belangrijk zijn in de komende periode, zeker nu de besmettingen minder hard dalen dan we met zijn allen hadden gehoopt. We weten dat die niet 100 procent sluitend zijn, maar ik deel een aantal zaken die hier worden gezegd niet. Het is een essentieel iets: 499 op 500 keer zul je wel een correct resultaat hebben. Dat kan ons enorm helpen om de verdoken transmissie bij mensen die asymptomatisch zijn te onderscheppen. Het zal ons in twee richtingen helpen: ten eerste om het aantal besmettingen naar beneden te brengen als we die zelftesten massaal inzetten in vooral de collectiviteiten, in de scholen, in de bedrijven om sneller te detecteren en ten tweede ook om hopelijk de volgende weken en maanden de stappen te kunnen zetten om weer het normale leven op te starten. In die twee gevallen zijn die zelftesten enorm belangrijk.

Ik pleit ervoor om die snel in te zetten. Ik vind het een beetje vreemd. Het is nu al weken hetzelfde. Elke keer wordt er verwezen naar het federale kader dat moest worden gecreëerd. Dat kader is er nu al een aantal weken en de testen van de Vlaamse Regering zijn er pas tegen 3 mei. Probeer daar toch wat sneller in te gaan. Het kan nu. Ik vraag me af waarom die testen nog niet worden ingezet en waarom die er pas vanaf 3 mei zullen zijn. Ik denk dat we echt geen tijd te verliezen hebben. We hebben er allemaal belang bij.

Minister Beke heeft het woord.

Minister Wouter Beke

Ik zal heel kort zijn, want we hebben daar al verschillende keren over gesproken. Ik zal nog even een aantal zaken verhelderen, want ik hoor hier over verschillende zaken spreken.

Wat de testen betreft, is de eerste defensielijn de PCR-test. De tweede lijn is het repetitief testen door zorgprofessionals. De derde lijn is het inzetten van de zogenaamde zelftesten, die ook verkrijgbaar zijn bij de apothekers.

Er zijn een aantal belangrijke zaken gezegd die verder voorwerp zijn van de bespreking en van de implementatie. Wat betreft de vraag van collega Wouters, heb ik vorige week contact gehad met het Vlaams Apothekers Netwerk om te vragen hoe die zelftesten liepen. Het liet me weten dat het aantal afgeleverde zelftesten tot nu toe tamelijk beperkt is gebleven. De reden waarom ik de drie defensielijnen inzake testen nog even naar voren breng, is dat er nogal wat onduidelijkheid bij de mensen is over de soorten van testen. Dat vereist toch wat pedagogie. In die zin vind ik het goed dat men voor die strategie heeft gekozen. Met welke vragen wordt men geconfronteerd? Als je symptomen hebt, moet je geen zelftest doen. Dan moet je overschakelen op een ander soort test. Hetzelfde geldt wanneer er een hoogrisicocontact is geweest. Ook wanneer je in een recente periode een besmetting hebt gehad, zijn de zelftesten niet de juiste. Sommigen zien de zelftesten als een toegangsticket voor het een of voor het andere, om op vakantie te gaan en dergelijke meer. Dat zijn ze niet. Sommigen denken ook dat ze met een negatief resultaat van een dergelijke zelftest een aantal maatregelen niet meer moeten respecteren, dat ze die mogen loslaten of er losser in zijn. Dat is ook niet het geval. Daar komt toch wel wat pedagogie bij kijken, en die moeten we ook verder in de implementatie meenemen.

Mevrouw Schryvers heeft het woord.

Ik denk dat zelftesten de komende periode toch wel een rol gaan spelen, en gelukkig ook kunnen spelen, met het oog op versoepelingen, maar ook voor de detectie van de superverspreiders, zeker nu we weten dat die Britse variant zoveel besmettelijker is. De informatie naar de bevolking is heel belangrijk. Wanneer moet je je laten testen? Over welk soort testen gaat het? Wat moet je doen in geval van positieve test? Ik heb ook die informatie doorgekregen vanuit het Vlaams Apothekers Netwerk dat ze voelen dat men daar op botst, dat de bevolking niet altijd even goed geïnformeerd is. Vandaar, minister, mijn vraag om daar zeker verder op in te zetten. De apothekers kunnen daar zeker een rol in spelen. Maar ook vanuit het beleid is het nodig om duidelijk te maken aan de bevolking wanneer men zich moet testen, welke de verschillende soorten testen zijn, en zeker dat men bij een positief testresultaat een PCR-test moet laten uitvoeren bij de huisarts of via de call agent een code moet krijgen.

Tot slot wil ik ook mijn pleidooi herhalen om, wanneer het mogelijk zou zijn, de sneltesten ook mee te gebruiken in het kader van versoepelingen. Ik verwijs naar mijn pleidooi van daarstraks – het is daarnet ook onderschreven door collega Vaneeckhout – voor mensen die in een palliatieve fase zijn, maar ook voor mensen die zeer zwaar ziek zijn en in een ziekenhuis verblijven en al lange tijd geen dichte familieleden meer kunnen ontmoeten.

De heer Daniëls heeft het woord.

Minister, ik stel vast dat het nu begint te gaan met die sneltesten. Het onderscheid tussen een PCR-test, een speekseltest, een zelftest en een sneltest – dat is ongeveer wat er op de markt is –, is wat we absoluut duidelijk moeten maken aan de mensen. Daar kan zeker de apotheker in helpen. Bij een positieve zelftest en sneltest moet men ook een PCR-test doen om heel de machinerie daarachter in gang te zetten. En ik wil ook echt blijven aandringen op de inzet ervan in alle mogelijke vormen van collectiviteiten als screeningsinstrument – dat is niet op één moment, maar op meerdere momenten –, zowel in het onderwijs als in woonzorgcentra en dergelijke meer, als onderdeel voor de verdere versoepelingen, ook in de bedrijfswereld. Dat is een van de manieren om ervoor te zorgen dat we het normale leven kunnen hernemen en er vooral die asymptomatische superverspreiders uit kunnen blijven halen, want dat is nog altijd cruciaal.

De vragen om uitleg zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.