U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werd deze vraag om uitleg via videoconferentie behandeld.

Mevrouw Moerenhout is ondertussen aanwezig. Mevrouw Moerenhout heeft het woord.

Dank u voorzitter, goedemorgen allemaal. Mijn excuses dat ik de vraag over het hoofd had gezien. De reden is dat ik die vraag eigenlijk had ingediend bij de commissie Inburgering, bij minister Somers, maar ze is doorverwezen naar u, minister Peeters. Ik ben dus ook heel benieuwd naar uw antwoord, ik neem aan dat u dus meer kunt helpen in deze problematiek. De problematiek die ik wil aanhalen is de volgende.

Er zijn bij Inburgering heel wat wijzigingen op til. Er komen een hele resem plichten bij voor nieuwe inburgeraars. Een inburgeringstraject zorgt ervoor dat zo veel mogelijk nieuwkomers snel en goed kunnen integreren. Daarbij is een job vinden een heel belangrijk onderdeel. Dat is ook iets dat uw collega, minister Somers, heel vaak, en terecht, herhaalt. Een job vinden is een belangrijk onderdeel. Zo hebt u ook met de Vlaamse Regering beslist om nieuwkomers verplicht te laten inschrijven bij VDAB. Op zich is dat een goede stap, laat het me zo zeggen. Maar het is ook van essentieel belang om er als Vlaamse Regering voor te zorgen dat alle drempels die er zijn, die een toegang tot de arbeidsmarkt bemoeilijken, weggewerkt worden.

En dan haal ik bij dezen graag één concrete maar heel belangrijke drempel aan: het behalen van het rijbewijs. Het behalen van het rijbewijs is eigenlijk een belangrijke drempel geworden voor veel nieuwkomers en anderstaligen om een weg te vinden naar de arbeidsmarkt.

Het beschikken over een rijbewijs is nog steeds vaak een belangrijke troef op de arbeidsmarkt, voor heel wat jobs. De laatste jaren ging er heel veel aandacht naar het versterken van de kennis van het Nederlands om de toegang tot de arbeidsmarkt voor nieuwkomers te vergemakkelijken, en terecht, dat staat buiten discussie. Maar in de praktijk zien we – en daar krijgen we heel wat signalen over binnen – dat het bezit van een rijbewijs, vooral wanneer het om laaggeschoold werk gaat, eigenlijk minstens even belangrijk is voor deze mensen om een job te kunnen vinden.

Maar, en daar knelt het schoentje, de mogelijkheden om rijexamens te tolken, werden de afgelopen jaren afgebouwd. Dat is heel recent, want dat is een beslissing geweest helemaal op het einde van de vorige legislatuur, door mevrouw Homans, als ik me niet vergis. Dat gaat dus nog maar over een jaar, of twee jaar. Daardoor is het rijexamen voor veel nieuwkomers een taalexamen geworden. Nochtans is het doel van een rijexamen het testen van de rijvaardigheid, niet de kennis van het Nederlands. Dat moeten we toch uit elkaar houden.

Minister, bent u zich bewust van de uitdagingen en de bijkomende drempels die het afbouwen van tolkmogelijkheden tijdens rijexamens veroorzaakte? Zult u stappen ondernemen om deze drempels weg te werken en zo de toegang tot de arbeidsmarkt voor nieuwkomers te vergemakkelijken?

We hebben al een aantal suggesties binnengekregen van mensen die daar dag in, dag uit mee bezig zijn. Zij denken bijvoorbeeld aan het uitbreiden van de mogelijkheden om een vertraagd theorie-examen af te leggen, het verschaffen van duidelijkere informatie – ook voor VDAB-bemiddelaars en OCMW-medewerkers – over de erkenningsprocedure van buitenlandse rijbewijzen. Maar volgens ons zal het ook essentieel zijn om kritisch te bekijken hoe het theoretische en praktische examen opnieuw toegankelijker gemaakt kunnen worden. Want dit is wel degelijk een heel recent probleem. Daarvoor zal er ingezet moeten worden op meertalige ondersteuning tijdens de rijopleiding en tijdens de rijexamens. Dat is nodig als we allemaal het doel nastreven – dat hoop ik toch – dat nieuwkomers zo snel mogelijk op de arbeidsmarkt kunnen geraken. Minister, is dit iets waar u voor openstaat, en wilt u op die manier aan de slag met deze heel recente problematiek, of ziet u andere mogelijkheden die u kunt ondernemen om deze problemen aan te pakken?

Minister Peeters heeft het woord.

Minister Lydia Peeters

Dank u wel, mevrouw Moerenhout, voor uw vraag, en uiteraard ook welkom in deze commissie.

Ik ben me er zeker wel van bewust dat een rijbewijs een belangrijke troef is op de arbeidsmarkt, en dat we wat dat betreft iedereen de mogelijkheid moeten kunnen geven om zo snel mogelijk een rijbewijs te halen. We zijn daarop volop aan het inzetten, en we willen nog wel een aantal wijzigingen doorvoeren. Ik ben het ook volledig met u eens dat een rijexamen de rijvaardigheid moet evalueren en niet de taalkennis. In de vorige legislatuur heeft men inderdaad een wijziging doorgevoerd.

 

De situatie was zo dat voor 1 maart 2017 men in verschillende examencentra terecht kon en dat men daar gebruik kon maken van een beëdigd tolk voor dertig verschillende talen. Bepaalde van die tolken, aangesteld door de rijexamencentra zelf, werden soms maar een keer per jaar of zelfs nooit opgeroepen. In maart 2017 is men daarvan afgestapt. De bijstand door een tolk op het rijexamen is dan beperkt tot het Duits, Engels en Frans. Ik ben er mij van bewust dat dit niet altijd heel evident is. De vereiste bijstand door een beëdigd tolk bemoeilijkt soms ook wel de flexibiliteit. Daarom heeft de Vlaamse Regering vorige week een besluit tot aanpassing van de rijopleiding principieel goedgekeurd. Het rijexamen wordt gemoderniseerd. Er wordt voortaan gewerkt met audiovertaling. Anno 2021 moeten wij ten volle op inzetten op digitale middelen. Die audiovertaling is er vandaag voor Frans, Engels en Duits, maar dat heel flexibele systeem kan in de toekomst uitgebreid worden met andere talen. Daarover wil ik zeker in overleg gaan, om te kijken of er voldoende draagvlak voor is.

Een rijbewijs is zeer belangrijk op de arbeidsmarkt. Ik wil al het mogelijke doen om mensen die het Nederlands niet machtig zijn, te ondersteunen bij zowel het theoretische als het praktijkexamen, met audiovertaling. Het aantal talen kan daarin gemakkelijk uitgebreid worden.

Wat betreft uw vraag over de erkenning van buitenlandse rijbewijzen: dat is een federale bevoegdheid. U moet die vraag dus voorleggen aan mijn federale collega.

Mevrouw Moerenhout heeft het woord.

Uw antwoord is leuk om te horen. U hebt gelijk dat het rijexamen geen taalexamen mag worden. De vragen die gesteld worden zijn veelal multiple choice. Zij gaan bijvoorbeeld over het verschil tussen rijstrook en rijbaan, en dat is een voorbeeld van een vraag die niet de rijvaardigheid van nieuwkomers test. Er zijn heel wat sectoren, zoals de logistieke sector, verpakkingsbedrijven, de bouw en de landbouw, die echt mensen kunnen gebruiken waarbij rijvaardigheid belangrijker is dan de kennis van het Nederlands. Daarmee wil ik niet zeggen dat de kennis van de Nederlandse taal niet belangrijk is. Ik onderschrijf dat die ontzettend belangrijk is.

De aanpassingen die u wilt doorvoeren, klinken hoopvol. U gaat werken met audiovertaling. U gaat moderniseren. U kondigt een mogelijke uitbreiding van de talen aan. Over welke talen gaat dat dan of wat gaan de criteria zijn om extra talen te selecteren? Wat is de timing van de modernisering? Ik vraag dat omdat het vandaag toch wel een acuut probleem is. We krijgen vandaag heel wat concrete getuigenissen van waar het een probleem is.

De heer Verheyden heeft het woord.

Ik wil zeker niet de discussie over inburgeringstrajecten en integratie openen. Dat is voor andere commissies. Maar het lijkt mij toch wel evident dat de taal toch wel de basis is van integratie en de poort is om zich te kunnen ontwikkelen in Vlaanderen. 

Sta me toe het toch een beetje vreemd te vinden dat de collega van Groen hier net komt pleiten om de toegang tot onze rijbewijzen gemakkelijker te maken. Ik had eigenlijk verwacht dat men hier zou pleiten voor een betere uitbouw van het openbaar vervoer, maar goed.

Vanaf 1 maart 2017 konden examens dus afgelegd worden in het Nederlands, met bijstand van een beëdigd tolk Frans, Duits of Engels. Ik denk dat dat toch al heel wat was. Ik vraag me af of we nu alles op een presenteerblaadje moeten aanreiken aan nieuwkomers. Waarom zou men dan nog enige moeite gaan doen om gewoon nog maar het Nederlands te leren? Het is primordiaal dat buitenlanders toch wel een basiskennis van het Nederlands hebben om zich op een veilige manier in ons verkeer te begeven. En er zijn mogelijkheden om je voor te bereiden op dat rijexamen. Bijvoorbeeld bij Encora, het grootste centrum voor volwassenenonderwijs in de regio Antwerpen, leert men in twintig weken alles over de wegcode in België, en dat alles tegen zeer democratische prijzen, waarin eventueel voor een stuk tegemoet wordt gekomen. Je leert daar alle Nederlandse woorden die je moet kennen voor een rijexamen. Je doet daar online tests zoals op het echte examen. Je krijgt een handboek met de laatste versie van de wegcode. Je krijgt inderdaad geen certificaat, maar je bent dan wel klaar voor het theoretische rijexamen B en je wordt geholpen met de theorie in het Nederlands. Bovendien studeer je in die lessen samen de antwoorden voor dat theoretische rijexamen B. Het is voor de studenten ook een extra motivatie om het Nederlands beter te leren kennen en zo meer en betere kansen te hebben op de arbeidsmarkt.

Bovendien is een minimum aan Nederlandse taalvaardigheid ook een noodzakelijkheid voor de verkeersveiligheid, aangezien er ook talrijke gebods- en verbodstekens gepaard gaan met woorden. In onze schoolomgevingen heb je bijvoorbeeld de bordjes ‘Graag traag’. Als je dat niet kunt lezen of als je niet weet wat dat betekent, wat kom je dan eigenlijk in ons verkeer doen? Dan ben je ronduit een gevaar in het verkeer. Ik denk dat we van deze burgers toch wel een minimum aan inspanning mogen vragen om onze taal in het kader van de verkeersveiligheid te begrijpen.

Minister Peeters heeft het woord.

Minister Lydia Peeters

Bedankt voor de bijkomende vragen. Voor mij gaat het hier over de rijopleiding en over mensen faciliteren om zo snel mogelijk een rijbewijs te halen. Dat staat los van het hele inburgeringsverhaal. Dat wil ik toch eerst even meegeven.

Er wordt gezegd dat het openbaar vervoer dan maar wat meer moet worden uitgebreid. We weten dat we ook ellenlange lijsten van knelpuntberoepen hebben waarvoor een rijbewijs juist nodig is. In die zin wil ik mensen zeker faciliteren om zo snel mogelijk een rijbewijs te halen, omdat dat inderdaad een extra troef kan zijn op de arbeidsmarkt.

In het verleden heeft men de werkwijze met tolken voor dertig talen teruggeschroefd, omdat men zich al eens vragen kon stellen over de objectiviteit en de wijze waarop de examens werden georganiseerd. Men heeft dat toen teruggeschroefd naar drie basistalen: Duits, Engels en Frans. Wij zetten nu volop in op de audiovertaling. Ik denk dat het anno 2021 logisch is dat we moderniseren en kiezen voor audiovertalingen. Die bieden enerzijds meer flexibiliteit voor de persoon die een rijbewijs wil halen, en anderzijds leggen ze ook veel meer objectiviteit aan de dag. Iedereen krijgt immers dezelfde vragen en antwoorden op dezelfde wijze vertaald. Dat kan dus zeker een goede bijdrage zijn aan de objectiviteit en de neutraliteit.

Als alles goedgekeurd wordt, is die audiovertaling er straks in het Frans, Engels en Duits, zoals de talen nu voorliggen. Maar omdat het objectiever is, denk ik dat men daar ook perfect nog een uitbreiding naar andere talen aan kan koppelen. Maar daaromtrent zal ik eerst nog de gesprekken moeten opstarten.

Mevrouw Moerenhout, u vroeg nog specifiek naar de timing. Het besluit is vorige week op de ministerraad van de Vlaamse Regering principieel goedgekeurd. Dat gaat nu naar de diverse adviesinstanties, waaronder ook de Raad van State. Zodra dat rond is, komt het terug op de ministerraad voor de definitieve goedkeuring en kunnen we ermee verder. Een heel exacte timing kan ik vandaag dus nog niet geven, maar ik hoop alleszins, samen met u, dat we dit er zo snel mogelijk door kunnen krijgen, zodat die audiovertaling er is en men zo op een flexibele, maar ook objectieve manier ook in een andere taal dan het Nederlands een rijexamen kan afleggen.

Mevrouw Moerenhout heeft het woord.

Collega Verheyden, uw argumenten raken kant noch wal. Ten eerste doorlopen heel veel nieuwkomers een dergelijk inburgeringstraject. Zij doen dat een jaar of twee, drie en spreken op het einde van de rit perfect Nederlands. Maar zij hebben op geen enkel moment binnen dat traject ondersteuning gekregen of het aanbod om een rijbewijs te halen. Het werkt ook andersom. Er is wel degelijk een lacune. Ten tweede, de lessen waarnaar u terecht verwijst zijn zeer goede lessen. In dat aanbod kun je een vooropleiding op de theorie van het rijbewijs volgen. Dat is heel vaak bij Basiseducatie. Maar daar zijn er immense wachtlijsten. En dat is overdag – dus kun je ook daar niet werken. Ik denk toch dat zeker uw partij nastreeft dat zoveel mogelijk nieuwkomers aan het werk geraken. Er is dus wel degelijk een lacune, die losstaat van het integratietraject.

Minister, ik vind het echt goed dat u wilt faciliteren om iedereen die hier is zo snel mogelijk een rijbewijs te laten behalen. Ik ben er zelf voorlopig wel voor gewonnen om als eerste stap te werken met zo’n audiovertaling. We zullen dat blijven opvolgen. U zegt dat u voor die andere talen de gesprekken nog moet starten. Ik wil u aanmoedigen om dat zo snel en efficiënt mogelijk te doen.

Ik moet ook nog vermelden dat er nog werk op de plank ligt voor uw collega’s, in de eerste plaats voor minister Somers. Ik heb al verwezen naar de lessen die te vol zitten. Er zijn ook nog pistes te bewandelen bij de OCMW’s, die de vertraagde theorie-examens meer kunnen stimuleren en aanmoedigen.

Voor deze problematiek zijn de gevolgen in de praktijk, zowel voor de nieuwkomers als voor de hele samenleving en ook voor de arbeidsmarkt, de logistieke sector, de verpakkingsbedrijven, de bouw, de landbouw, enzovoort, heel reëel. Dat is echt wel een belangrijk domein om met alle betrokken ministers aan te werken. Groen zal dit alvast blijven opvolgen. Maar, minister, ik wil u toch heel hard bedanken voor uw inspanningen. 

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is toegankelijk.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.