U bent hier

Commissievergadering

donderdag 18 maart 2021, 9.52u

Voorzitter
van Maxim Veys aan minister Matthias Diependaele
2429 (2020-2021)

– Wegens de coronamaatregelen werd deze vraag om uitleg via videoconferentie behandeld.

De heer Veys heeft het woord.

Vorige week hadden we het in de plenaire vergadering over een geval van vermoedelijke homohaat. Een van de vaststellingen die we toen, over alle partijgrenzen heen, hebben gemaakt is dat dat hoogstwaarschijnlijk geen op zichzelf staand feit is, maar dagelijkse realiteit, ook in Vlaanderen. We horen heel vaak in berichten dat mensen van de lgbtqi-gemeenschap verwijten krijgen op straat, dat er scheldwoorden naar hun hoofd worden geslingerd en zelfs fysiek geweld is geen uitzondering.

Ik heb vorige week van alle partijen de algemene oproep gehoord dat dit om collectieve actie vraagt. We moeten op alle niveaus aan de slag gaan om ervoor te zorgen dat de lgbtqi-gemeenschap zich veilig kan voelen en ook om alle vormen van fobie en discriminatie ten opzichte van hen aan banden te kunnen leggen.

Ook op de woonmarkt is geaardheid niet zelden een bron van discriminatie. Minister, beschikt u over concrete cijfers inzake discriminatie van lgtbqi+-personen op de woonmarkt? In het groot woononderzoek van 2013 werd gepolst naar de houding van verhuurders ten opzichte van personen met een migratieachtergrond en van sociaal-economisch zwakkere groepen, maar niet ten opzichte van de regenbooggemeenschap. U gaf in uw antwoord op een eerdere vraag aan dat in de nieuwe woonsurvey, gepland voor 2023, de vraag naar discriminatoire praktijken zal worden opgenomen. Zal hierin het in kaart brengen van discriminatie ten aanzien van lgbtqi+-personen worden opgenomen?

Een van de elementen in uw aanpak van discriminatie op de huurwoningmarkt zijn de lokale meldpunten in alle IGS-gemeenten (intergemeentelijke samenwerkingsverbanden). Deze moeten dit jaar operationeel zijn. Wat is de stand van zaken van deze meldpunten? Worden binnen deze meldpunten meldingen van discriminatie op basis van geaardheid of genderspecifiek opgesomd? Hoe worden meldingen van discriminatie op basis van geaardheid of gender opgevolgd?

Daarnaast kondigde de Vlaamse Regering aan te starten met correspondentietesten – sommige mensen zouden dat praktijktesten durven noemen. Minister, u koos voor een andere piste. U koos ervoor om op de huurmarkt te werken met zelfregulering, de zogenaamde Clee-tool. Op welke manier denkt u dat deze aanpak zal werken tegen de discriminatie van lgtbqi+? Zult u de discriminatie ten opzichte van die gemeenschap meenemen naar uw verdere overleg met de Confederatie van Immobiliënberoepen (CIB)?

Minister Diependaele heeft het woord.

Minister Matthias Diependaele

Collega Veys, ik beschik momenteel niet over concrete cijfers inzake discriminatie van lgtbqi+-personen op de woningmarkt. Het kan een optie zijn om dat te bevragen in de woonsurvey van 2023. De opmaak van de vragenlijst zal in de loop van dit jaar gebeuren. Het is natuurlijk wel wikken en wegen welke vragen zullen worden opgenomen om de duurtijd van de vragenlijst binnen haalbare grenzen te houden. U weet ook dat hoe meer vragen zo’n lijst bevat, hoe minder ze allemaal worden ingevuld. We willen een zo ruim mogelijke bevraging doen. We moeten dat dus goed afwegen. Daarvoor hebben we experten, die dat mee opvolgen. We moeten daar voorzichtig in zijn.

Uit de jaarlijkse cijferverslagen van Unia kunnen we wel afleiden dat bij huisvesting een pak minder dossiers worden geopend vanwege discriminatie op grond van seksuele geaardheid in vergelijking met discriminatie op grond van raciale criteria, vermogen of handicap. Dat is een vaststelling waarmee we zeker rekening moeten houden bij het opmaken van de vragenlijst, bij de afweging of we die vragen er al dan niet aan zullen toevoegen. Dat wordt later dit jaar voorbereid.

In principe is in alle 255 gemeenten die bij een intergemeentelijk samenwerkingsverband zijn aangesloten op 1 januari 2021 een meldpunt van start gegaan. De meldpunten en de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden houden bij hoeveel meldingen ze krijgen. Hoe ze die meldingen opsplitsen, bepalen ze zelf. Aangezien de meldpunten pas op 1 januari 2021 zijn gestart, zullen we de eerste rapporteringen pas zien tijdens de evaluatie van het werkingsjaar 2021 in maart 2022.

De opdracht van de meldpunten is natuurlijk ervoor te zorgen dat de meldingen via het online meldingsformulier bij de bevoegde instantie terechtkomen. In de meeste gevallen zullen die meldingen worden opgevolgd door Unia, dat hiervoor bevoegd is. In heel wat gevallen gaat het om gender en die meldingen komen dan bij de Genderkamer van de Vlaamse Ombudsdienst terecht. Indien die gevallen toch bij Unia terechtkomen, zal Unia ze naar de Genderkamer van de Vlaamse Ombudsdienst doorsturen.

Het platform Clee beoogt de verhuurprocessen en vooral de kandidaatstelling te objectiveren en te uniformiseren. Een objectief huurdersprofiel neemt elk motief weg dat aanleiding tot discriminatie kan geven. De verwachting in verband met het objectief huurdersprofiel is dan ook dat de verhuurder geen discriminerende houding zal kunnen aannemen als hij een kandidaatstelling beoordeelt.

De geaardheid van een kandidaat-huurder is natuurlijk irrelevant voor het verhuurproces. Als het om discriminatie gaat, komen alle vormen van discriminatie aan bod, ook de discriminatie van lgbtqi+-personen.

De heer Veys heeft het woord.

Minister, ik dank u voor uw antwoord. U hebt vermeld dat er nu geen cijfers zijn en dat goed moet worden afgewogen hoeveel vragen in het volgend onderzoek zullen worden gesteld. Ik wil nog opmerken dat we voorzichtig moeten zijn. Vorige week hebben we tijdens het debat vastgesteld dat die specifieke groep heel vaak geen melding doet. Ze vragen zich heel vaak af of dat nog nut heeft. Als ik me niet vergis, heeft de Senaat enkele weken geleden een resolutie over anonieme meldingen van geweld mogelijk maakt. We moeten er rekening mee houden dat er niet enkel een onderrapportering is. Er is ook een ‘ondermelding’, wat heel slecht Nederlands is. Ook wat de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden betreft, moeten we met betrekking tot de meldingen en de registraties opletten dat we geen keizer-kosteroverheid worden. De ervaring leert ons echter dat het moeilijk is algemene conclusies te trekken als de registraties overal op een eigen manier worden verwerkt. Om het beleid te kunnen controleren en te kunnen aanpassen, is het belangrijk dat dit wat geüniformiseerd gebeurt.

Ik heb nog een paar specifieke vragen over de tool Clee. Ik weet niet of er nog nieuws over de uitrol is. In juli 2020 heeft de heer De Meester u hierover een vraag om uitleg gesteld. U hebt toen geantwoord dat nog stappen in de richting van neutraliteit en objectiviteit waren gezet en dat nog moest worden gesproken met de begeleidingscommissie, waar Unia deel van uitmaakt. Is dat al gebeurd? Wat is de algemene timing in verband met die tool? De heer De Meester heeft u toen ook gevraagd hoe u ervoor zou zorgen dat die tool zo breed mogelijk wordt gebruikt. Zijn er in dat verband al indicaties? Ik weet dat er is proefgedraaid. Is er al openheid? Wordt dat goed uitgerold? Denkt u dat alle verhuurders en makelaars hiervan gebruik zullen kunnen maken?

Mevrouw Sminate heeft het woord.

Voorzitter, ik ziet niet meteen de sterke link tussen het specifiek geval in Beveren en het probleem van discriminatie op de huurmarkt. Vooraleer de andere aanwezigen in een kramp schieten, erken ik uiteraard dat we geen enkele vorm van discriminatie mogen accepteren.

Ik kan vanuit de commissie Binnenlands Beleid bevestigen dat we in het jaarrapport van Unia effectief hebben kunnen lezen dat discriminatie omwille van geaardheid op de huurmarkt minder voorkomt dan andere vormen van discriminatie. Dat neemt niet weg dat we daar zeker aan moeten werken.

Ik denk dat de minister daar zeker aan werkt met die langverwachte Clee-tool die uiteraard dat hele proces zal objectiveren. Ik heb daar heel hoge verwachtingen van en ik hoop daarvan heel snel het startschot te kunnen meemaken. Mijn bijkomende vraag is of er al enig zicht is op de timing van de lancering ervan.

Minister Diependaele heeft het woord.

Minister Matthias Diependaele

Eerst en vooral, mijnheer Veys, ik heb in alle eerlijkheid de discussie van vorige week, het debat in de plenaire vergadering, niet helemaal gevolgd. Ik stond op de achtergrond en dan volg je natuurlijk niet helemaal. Ik weet niet of het daarover gaat. Maar er is natuurlijk een verschil tussen een melding in dergelijke situaties, in het specifieke geval waar er naar verwezen wordt, en meldingen op de huurmarkt. Ik kan heel hard geloven dat niet alles gemeld wordt vanwege een zeker schaamtegevoel en dergelijke meer. Maar ik denk dat de kans op ‘ondermelding’, zoals u dat noemt – een goed gevonden woord -, bij een verhuursituatie kleiner is dan de kans op ‘ondermelding’ bij de gevallen die vorige week zijn besproken. Maar goed, er zijn al van die gevallen. We hebben die meldingen in elk geval nodig. Dat is heel duidelijk.

Wat betreft het platform Clee had ik zeer graag gehad dat het er sneller was. Volgens mij is dat een uitvinding die al veel vroeger moest gebeurd zijn. Dat heeft wat vertraging opgelopen door corona onder andere. Verder moeten er nog een paar juridisch-technische zaken uitgepraat worden voordat we de brede uitrol in de volledige sector kunnen doen. Dat is niet zo evident. De testfase loopt op dit moment, maar die zorgt er natuurlijk voor dat die pijnpunten verder weggewerkt kunnen worden. We zijn daarmee bezig. Ik hoop dat zo snel mogelijk te doen. Als het van mij afhangt, was die er al geweest. Maar we moeten zeker juridisch sterk in onze schoenen staan en daar zijn we op dit moment mee bezig.  

De heer Veys heeft het woord.

Collega Sminate verwees ernaar dat ze het verband niet ziet tussen de kwestie van vorige week in de plenaire vergadering en die hier. Dat wilde ik net benadrukken. Het is geen op zichzelf staand feit. De link is hier niet rechtstreeks, maar het is een algemeen feit dat discriminatie tegenover de lgtbqi+-gemeenschap – en daar gaat het in de pers al enkele weken over – in ieder hoekje van onze maatschappij zit. We zitten hier natuurlijk in de commissie Wonen, dus uiteraard denk ik dat we zeker op de huurmarkt ook moeten zorgen dat mensen van de lgbtqi+-gemeenschap zich ook daar veilig voelen en weten dat ze niet gediscrimineerd zullen worden in hun zoektocht naar het liefst een betaalbare woning. We baseren ons op de meldingen van Unia waar u naar verwijst, maar goed dat is ook maar een deel van de meldingen.

Een betere manier om dat na te gaan zou zijn om praktijktesten over heel Vlaanderen te doen. Wat zal het gevolg zijn? Er zullen ongetwijfeld praktijktesten komen via minister Somers. Er zijn gemeenten die dat al doen. Maar dat betekent eigenlijk dat de mensen van die gemeenschap van de Vlaamse Regering het signaal krijgen: we zullen niet overal goed weten of u wordt gediscrimineerd. Mijn fractie vindt dat een gemiste kans. We vinden dat iedereen vooruit moet kunnen gaan. We moeten stoppen met die discriminatie. Maar goed, daarmee vertel ik ook niets nieuws.

Minister en collega Sminate, ik hoor toch hoge verwachtingen over die Clee-tool. Het is jammer dat de uitrol wat uitblijft. Ik heb vorige keer in juli gezegd dat we die een kans willen geven, maar ik wil wel benadrukken dat we streng zullen zijn. Als het gaat over objectiviteit en neutraliteit, dan hoop ik toch dat we binnenkort een mooi resultaat zullen kunnen zien. We volgen dat zeker op. Ik hoop dat die Clee-tool iets zal kunnen oplossen om de discriminatie op de woningmarkt te kunnen tegengaan.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.