U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werd deze vraag om uitleg via videoconferentie behandeld.

De heer Janssens heeft het woord.

De Vlaamse regering kende aan de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) een projectsubsidie van 500.000 euro toe voor het project ‘Ondersteuning van de lokale preventie van gewelddadige radicalisering en polarisatie’. De periode waarop de subsidie betrekking heeft, loopt van 15 januari 2021 tot en met 14 januari 2025. Dat bedrag van 500.000 euro komt boven op de 2 miljoen euro die eerder al op 25 september 2020 toegekend werd aan de VVSG in het kader van de maatregelen voor economische en maatschappelijke relance na corona, voor de ondersteuning van lokale besturen in het kader van de preventie van extremisme en polarisatie.

De VVSG krijgt die ondersteuning omdat zij voor de Vlaamse Regering een partner is in de aanpak van extremisme, omdat lokale besturen het dichtst bij de burger staan en zo het beste zorgwekkende ontwikkelingen tijdig kunnen signaleren en daarop desnoods kunnen reageren. In dat kader vergaart de VVSG kennis over polarisatie en extremisme en zij wil die kennis vervolgens delen met lokale besturen. Opvallend daarbij is dat de focus van de VVSG nagenoeg eenzijdig ligt op wat men ‘rechts-extremisme’ noemt. Hoewel ik een trotse rechtse politicus ben, voel ik mij geenszins aangesproken door de term ‘extremisme’. Mijn vraag is ook niet ingegeven vanuit de insteek ‘wie het schoentje past, trekke het aan’. Maar ik kan helaas niet om de bittere vaststelling heen dat ik, nochtans als democratisch verkozen politicus op de lijst van een partij die de democratie als enige oplossing ziet voor het oplossen van maatschappelijke problemen, door politieke tegenstanders geheel onterecht in de hoek van het extremisme geduwd word.

Ook de VVSG lijkt met een webinarreeks dat spel mee te spelen. Op de website van de VVSG is het met een vergrootglas zoeken naar links-extremisme. Er is wel een manifeste focus op wat men rechts-extremisme noemt, met talrijke artikels erover en nu zelfs uiteindelijk een webinarreeks genaamd: ‘De opkomst en aanpak van off- en online rechts-extremisme’. Ook in die webinarreeks werd één groot amalgaam gemaakt, zoals gebruikelijk is in media en politiek, van rechts-extremisme en Vlaams Belang, alsook van politieke overtuiging en politiek geweld. In een powerpoint van de VVSG zelf werd zowaar de officiële Vlaamse vlag met daarop de Vlaamse Leeuw zelfs gebruikt als het teken van radicalisering, naast de definitie van het woord.

Dat is voor mij een brug te ver, zeker voor een organisatie die functioneert dankzij het geld van de Vlaamse overheid en van de Vlaamse belastingbetaler.

Minister, hoe beoordeelt u de eenzijdige focus op rechts-extremisme van de VVSG, die nochtans met Vlaamse subsidies functioneert, terwijl daar voorlopig gelukkig weinig geld van lijkt uit te gaan? Waarom wordt het links-extremisme, dat veel manifester tot geweld aanzet, zoals vorig jaar naar aanleiding van de ‘Black Lives Matter’-protesten en recent naar aanleiding van de dood van een jongeman in een Brusselse cel, volledig onderbelicht gelaten? Waarom is er een webinarreeks over rechts-extremisme, terwijl er geen sprake is van een gelijkaardige reeks over links of anders geïnspireerd extremisme?

Hoe beoordeelt u het amalgaam ter gelegenheid van de webinarreeks die door de VVSG wordt gemaakt, van enerzijds politiek geweld en rechts-extremisme en anderzijds vreedzame politieke overtuigingen, een democratische politieke partij die in het Vlaams Parlement is vertegenwoordigd en het Vlaams-nationaal gedachtegoed? Hoe beoordeelt u de associatie van een Vlaams symbool als de leeuwenvlag met te bestrijden radicalisering?

Welke initiatieven zult u, tot slot, nemen om te garanderen dat Vlaamse subsidies effectief worden gebruikt in de strijd tegen gewelddadig extremisme en niet worden misbruikt om een politieke strekking die een groot gedeelte van het Vlaams electoraat vertegenwoordigt te stigmatiseren en te criminaliseren?

Minister Somers heeft het woord.

Minister Bart Somers

Voorzitter, de VVSG is een belangenbehartiger, kennisdeler en netwerkorganisatie voor lokale besturen die sinds 2015 een subsidie met betrekking tot extremisme en polarisatie krijgt. De VVSG heeft aandacht voor alle vormen van extremisme, ongeacht of ze op politieke of religieuze overtuigingen of op een ‘single issue’, zoals het klimaat, zijn gebaseerd. De VVSG heeft ook aandacht voor polarisatie. Uit een onderzoek door het Vlaams Vredesinstituut is gebleken dat de VVSG die rol goed vervult en dat de lokale besturen tevreden zijn over de werking van de VVSG.

De organisatie van een webinarreeks over rechts-extremisme is op basis van een aantal belangrijke bevindingen ontstaan. Uit de cijfers van het Coördinatieorgaan voor de dreigingsanalyse (OCAD) blijkt dat er een verontrustende toename van rechts-extremistische radicalisering is. De Veiligheid van de Staat heeft in zijn jaarrapport een gelijkaardig beeld weergegeven en volgt onder meer 28 rechts-extremistische haatpredikers en 21 potentieel gewelddadige rechts-extremisten. Tot slot is uit een bevraging van de VVSG bij de lokale besturen gebleken dat rechts-extremisme een grote toename kent.

In 2018 heeft slechts een op de vijf Vlaamse gemeenten verklaard met extreemrechtse signalen te worden geconfronteerd. Nu is dat al een op de drie, namelijk 33 procent van de bevraagde gemeenten. Dit bevragingsstaal is representatief, want 150 van de 300 gemeenten zijn bevraagd. Hieruit blijkt dat 33 procent met rechts-extremisme en slechts 5 procent met links-extremisme wordt geconfronteerd. Er is minstens een kwantitatief verschil in het aantal gemeenten dat, in vergelijking met links-extremisme, met rechts-extremisme wordt geconfronteerd. Bovendien heeft 67 procent van die 33 procent der Vlaamse gemeenten verklaard een toename van rechts-extremisme te hebben gezien.

Dit is een van de redenen waarom de VVSG volgens mij terecht heeft gemeend de lokale besturen vormingssessies te moeten aanbieden, net zoals in het verleden is gebeurd met betrekking tot moslimextremisme.

Aan het begin van de vorming heeft de VVSG nadrukkelijk benadrukt dat ze zich niet op politieke partijen wil focussen en geen gedachtepolitie wil installeren: “Politieke partijen werken binnen het democratische stelsel. We maken ons vooral bezorgd over de tendens dat groepen en individuen, ongeacht hun ideologische denkkader in onze maatschappij geweld promoten of gebruiken om hun doel te bereiken.

Rechts-extremisme blijkt volgens veiligheids-en inlichtingendiensten de afgelopen jaren enorm te zijn toegenomen. Daarom willen wij onze steden en gemeenten juist bewust maken van deze zorgwekkende tendens, zonder in een kramp te schieten of op te treden als gedachtepolitie.” Tevens werden de termen ‘extreemrechts’ en ‘rechts-extremisme’ uitdrukkelijk omschreven. Extreemrechts werd omschreven als een ideologie met een set van ideeën over hoe de wereld is, hoe deze moet zijn en hoe het moet veranderen. Rechts-extremisme werd omschreven als de bereidheid om geweld te gebruiken, in combinatie met een extreemrechtse ideologie. Beide werden dus onderscheiden.

Het klopt dat de Vlaamse Leeuw in een van de presentaties werd gebruikt. Hierbij heeft de desbetreffende Nederlandse spreekster onmiddellijk duiding gegeven om hierover geen misverstanden te laten ontstaan. In Nederland maakt de spreekster gebruik van de Nederlandse vlag in haar presentatie, die ze bij deze dus had vervangen door de Vlaamse vlag. Hiermee wilde ze het gebruik van symbolen verduidelijken en hoe bepaalde extremistische groepen zichzelf die symboliek toe-eigenen. Bijvoorbeeld Islamitische Staat (IS) maakt in haar propaganda gebruik van symboliek gelinkt aan de islam of rechts-extremisme doet dit soms met de Vlaamse Leeuw. Ook de Belgische vlag was opgenomen in de presentatie.

Ik vind dat trouwens zelf ook heel erg dat extremisten de Vlaamse vlag misbruiken voor hun politieke doelstellingen. Ik vind dat dus bijzonder jammer dat mijn en onze vlag door gewelddadige extremisten misbruikt wordt. Dat degouteert mij. Maar voor mij is het wel duidelijk dat ik een onderscheid maak tussen een vlag en diegenen die zich die vlag toe-eigenen. Ik vind het net goed dat duidelijk wordt gemaakt dat extremisten vaak mainstream symbolen proberen te reframen. De geschiedenis heeft ons dat geleerd; IS heeft ons dat geleerd. Elke vorm van extremisme doet dat. Het is net belangrijk dat steden en gemeenten, wanneer zij hiermee worden geconfronteerd, heel goed begrijpen dat het een bedreiging is wanneer een vlag die ons allen dierbaar is, wordt gereframed en hergebruikt. Dat is voor velen de opstap om mee te gaan in een extremistisch ideeëngoed.

Ikzelf voel me niet aangesproken wanneer men in een setting probeert duidelijk te maken dat symbolen, die ook voor mij belangrijk zijn en die mij genegen zijn, kunnen worden gebruikt en misbruikt door extremisten die zelfs gewelddadig zijn. Voor mij is het onderscheid duidelijk en ik denk dat het ook bij die uiteenzetting duidelijk is gemaakt.

Ik heb hiermee een aantal elementen van antwoord gegeven op de vraag waarom de VVSG dit heeft georganiseerd en wat de beweegredenen zijn. Ik heb geprobeerd een zekere duiding te geven aan een invulling, zoals ik ze heb begrepen, en hoe de VVSG heeft geprobeerd om duidelijk te maken hoe rechts-extremistische organisaties werken, zoals in het verleden en vandaag ook nog, men probeert duidelijk te maken hoe moslimextremistische organisaties werken. Wanneer links-extremistische organisaties meer opgeld maken, zal men daar ook de nodige aandacht aan geven.

De heer Janssens heeft het woord.

Minister, ik heb onlangs de VVSG uitgenodigd in de commissie Radicalisering, waar ik voorzitter ben, om toelichting te komen geven over de lokale aanpak van gewelddadige radicalisering. Ik ben ervan overtuigd dat de VVSG, in samenwerking met de lokale besturen, inderdaad goed geplaatst is om allerhande zorgwekkende toestanden te signaleren, maar het moet wel gebeuren vanuit een neutrale positie. Niet politiek gekleurd, waarbij het ene extremisme wordt uitvergroot, veroordeeld en aangepakt, en het andere wordt geminimaliseerd, vergoelijkt, of helemaal met rust gelaten.

U verwijst naar cijfers van het OCAD en de Staatsveiligheid. Die zijn onlangs ook in de commissie Radicalisering toegelicht. Wat zie ik? Als het over rechts-extremisme gaat, gaat het over zo’n 25 personen.

Zowel bij links-extremisme als bij aanhangers van Black Lives Matter en zeker bij islamitisch terrorisme, gaat het om een veelvoud van die personen. Toch vindt de VVSG, net zoals de Vlaamse Regering, het blijkbaar nodig om die focus te verleggen naar rechts-extremisme, of zogenaamd rechts-extremisme, waarmee meteen ook een politieke tegenstrever verdacht wordt gemaakt. Want ik heb alle presentaties gezien die gebruikt werden in die webinar van de VVSG. Daarbij werd echt een amalgaam gemaakt van zowel rechts-extremisme als extreemrechts en het Vlaams Belang, waarbij democratische politieke actie vergeleken wordt met politiek geweld. Alles wordt op een hoop gegooid. Men gaat veelvuldig kort door de bocht.

Ik vind dat u zich daar, net als wij, tegen moet verzetten, omdat dit niet de taak of de opdracht van een instantie als de VVSG kan en mag zijn. Die moet een vereniging zijn van alle mandatarissen van de Vlaamse steden en gemeenten en dus ook van die honderden lokale mandatarissen van nog altijd de tweede grootste partij van Vlaanderen, het Vlaams Belang. Dat in een presentatie een Vlaamse Leeuw gebruikt wordt, die op voorhand ongetwijfeld door iedereen beschouwd werd als symbool van rechts-extremisme, en afgebeeld wordt naast de definitie ‘radicalisering’, vind ik totaal ongepast.

Ik weet dat u zich al lang niet meer aangesproken voelt door uw Vlaams-nationalistische verleden. U bent uitmuntend in het verbergen van dat verleden. Misschien moet u zich binnenkort zelfs zorgen maken dat uw partij door Gwendolyn Rutten wordt omgetoverd in een communistische partij, dat u in de focus van extreemlinks komt.

Minister, de focus bij de VVSG ligt disproportioneel verkeerd. Het kan niet zijn dat een dagelijks bestuur, dat bij de VVSG bestaat uit uitvoerende mandatarissen van N-VA, CD&V, Open Vld, Groen en sp.a, via de subsidiëring van de Vlaamse overheid de tweede grootste partij van het Vlaams Parlement op een totaal ongepaste en onjuiste manier in diskrediet brengt, verdacht maakt of in de hoek van extremisme duwt. Ik hoop dat u erover waakt dat dat zich niet meer herhaalt.

Mijnheer Janssens, ik ga me niet uitspreken over de inhoud, maar mag ik u toch vragen – het was gisteren ook onderwerp van debat in het Uitgebreid Bureau, waarvan ik geen lid ben, maar u wel – om u alstublieft aan de spreektijd te houden.

Mevrouw Sminate heeft het woord.

Minister, ik denk dat we allemaal heel positief zijn over het werk dat de VVSG verricht omtrent radicalisering, maar ik heb al heel vaak in deze commissie gezegd dat we aandacht moeten hebben voor alle vormen van radicalisering, en vooral dan de gewelddadige vorm. Ik vind niet dat we mogen verzanden in een discussie over één bepaalde vorm van radicalisering of polarisering. Uiteraard zijn dat ook signalen die opgevangen moeten worden. Maar onze focus in het Vlaams Parlement moet blijvend liggen op die gewelddadige component. U zegt dat er een toename is van rechts-extremisme, maar tegelijkertijd werd in die desbetreffende commissie ook gezegd dat die vorm in ons land vooralsnog niet gewelddadig is. Enkel daarop focussen, zorgt volgens mij net voor meer polarisering. De vraagstelling bewijst het zelfs.

Ik denk dat het dus belangrijk is om niet te veralgemenen en bijvoorbeeld de Vlaamse vlag zeker ook niet te misbruiken in deze discussies, want voor mij staat die juist symbool voor een open en tolerante samenleving, en voor u ook, denk ik. Dus als – maar ik spreek echt in voorwaardelijke wijs – het zou kloppen dat daar verwarring over ontstaan zou zijn, dan moet dat wel duidelijk gemaakt worden. Ik denk dat u daar ook gevoelig voor bent en dat u desgevallend dat signaal toch het best zou doorgeven aan de VVSG.

De heer Tommelein heeft het woord.

Er is genoeg bewijs voorhanden dat er wel degelijk een probleem is met rechts-extremisme in ons land. Ook op de Global Terrorism Index wijst men al enkele jaren op die stijging. Het rapport signaleert ook dat de coronapandemie voor extreemrechts brandstof is gebleken voor het verder verspreiden van haatboodschappen. We zijn helaas nog getuige geweest van het feit dat bepaalde woorden kunnen aanzetten tot haat en geweld toen de privéwoning van onze premier werd beklad met hakenkruizen.

Uit de bevraging van de VVSG blijkt dat verschillende gemeenten aangeven dat ze signalen van polarisering ontvangen. Uit diezelfde bevraging blijkt dat slechts 31 procent van de bevraagde lokale besturen een specifiek beleid heeft rond radicalisering en polarisatie. Onder het motto ‘voorkomen is beter dan genezen’ vraag ik, minister, wat er zal gebeuren om de lokale besturen nog meer te stimuleren om hiervoor een beleid ontwikkelen.

De heer Vaneeckhout heeft het woord.

Collega's, uit eerder onderzoek van de VVSG in het najaar van vorig jaar blijkt dat er in ongeveer 60 procent van onze Vlaamse steden en gemeenten problemen zijn met polarisatie. Dat is niet overal enkel en alleen rechtse of extreemrechtse polarisatie, dat zijn ook andere vormen van polarisatie. Ik ben het over één zaak roerend eens met collega Sminate, en dat is dat iedere vorm van polarisatie moet worden aangepakt en opgevolgd. Uiteraard maakt het gewelddadige aspect het alleen maar des te prangender om daarmee aan de slag te gaan.

Ik wil vooral een pleidooi houden om van ons uit te vertrekken vanuit een vertrouwensverhouding met de VVSG. Daarin zijn driehonderd steden en gemeenten vertegenwoordigd. Zij houden de vinger aan de pols van wat er op het terrein nodig is op allerlei domeinen. Laat ons er dus van uitgaan dat zij beter dan wij weten wat er op het terrein leeft in die steden en gemeenten en daar op een adequate manier proberen een antwoord op te geven. Dat is alvast de benadering van de VVSG vanuit onze fractie.

De heer Veys heeft het woord.

Collega Janssens, u vraagt waarom er een specifieke webinarreeks is die enkel over rechts-extremisten handelt. Sta me toe om het wat vreemd te vinden dat u dat vraagt. U zei het zelf ook, u bent voorzitter van de commissie Radicalisering in het parlement. Dat wil zeggen – en u hebt het ook gezegd – dat u de rapporten hebt gezien waaruit duidelijk blijkt dat rechts-extremisme aan een opmars bezig is. Dan weet u ook dat het merendeel van de Vlaamse steden en gemeenten nog geen beleid ter zake heeft. Dan dit initiatief in vraag te stellen als voorzitter van de commissie Radicalisering, vind ik niet echt verantwoord. Maar er is natuurlijk een verklaring voor. Ik begrijp dat het voor u en uw partij wat moeilijk en gevoelig ligt om voluit tegen het rechts-extremisme te zijn. Collega, als we in de krant lezen dat mensen in de omgeving van uw partij in Servië, in Polen naar trainingskampen gaan, dan begrijp ik dat u daar liever over zwijgt. Maar als ik in de krant lees welk potentieel gevaar rond het rechts-extremisme hangt en ook rond uw partij, laten we niet onnozel doen, dan denk ik dat die vorming niets te vroeg komt.

Minister Somers heeft het woord.

Minister Bart Somers

Collega's, dank u voor uw tussenkomsten en inzichten. Ik wil heel duidelijk zijn: ik vind dat de VVSG hier doet wat ze moet doen. Ik neem daar geen woord van terug. Het grootste gevaar dat ons bedreigt, is dat wij onze kop in het zand steken voor vormen van gewelddadig extremisme. Dat is de fout die sommigen gemaakt hebben in 2015, op een moment dat het moslimextremisme de kop opstak. Dan hebben sommigen gezegd dat we dat moesten minimaliseren. Ik was een van de drie burgemeesters, samen met de heer Bonte en de heer De Wever, die toen naar federaal minister van Binnenlandse Zaken Milquet zijn gegaan, om daar op tafel te kloppen en te zeggen dat er iets bezig was dat werkelijk gevaarlijk was, dat er jongeren in Vlaanderen werden gerekruteerd om mee te gaan vechten met IS en dat we daarvoor een beleid moesten voeren. Dat was het begin van het deradicaliseringsbeleid. De eerste brochure die voor lokale besturen gemaakt is, om uit te leggen wat gewelddadige radicalisering is en waartoe dat kan leiden, is niet gemaakt door de Vlaamse overheid, niet door de federale overheid, maar door de steden Antwerpen, Mechelen en Vilvoorde. Die hebben toen vanuit het niets expertise moeten opbouwen.

Die is later overgenomen door Vlaanderen en de federale overheid. En dan is men langzaam maar zeker – op een zeker moment in een versneld tempo, omdat men begreep hoe ernstig het was – daar een beleid op gaan voeren.

Ik heb een uitgesproken mening over een inclusief Vlaanderen, met gelijke kansen. Maar ik heb nooit mijn kop in het zand gestoken voor welke vorm van extremisme dan ook, of het nu van links, van rechts of uit islamitische achtergrond komt. Ik wil daar heel consequent in blijven. Dus op het moment dat de Staatsveiligheid, het OCAD en onze gemeentebesturen exact hetzelfde zeggen als in 2015, namelijk dat er een probleem aan het woekeren is dat bedreigend en potentieel gewelddadig is, dan hebben we de plicht, en heeft de VVSG de verantwoordelijkheid om haar leden goed te informeren. Ja, ook over rechts-extremisme, zonder enige rem. Zoals ze dat ook moet doen voor islamitisch extremisme, zoals ze dat moet doen voor links-extremisme. Ze moet dat duidelijk doen, niet omfloerst, niet met de handrem op. Ze moet helder, duidelijk en klaar zeggen waarover het gaat.

Mijnheer Janssens, de cijfers die u geeft, kloppen niet. Ik heb het onmiddellijk laten nakijken. Het OCAD spreekt over 29 rechts-extremistische haatpredikers tegen 7 links-extremistische haatpredikers. Het spreekt over 19 potentieel gevaarlijke gewelddadigers langs rechts-extremistische zijde en 4 langs links-extremistische. Die 4 zijn ook gevaarlijk, die moeten ook opgevolgd worden. Daar moet men ook over nadenken, daar moet men lokale besturen ook over informeren. Maar uit alle rapporten blijkt dat de grootste imminente dreiging die erbij gekomen is, boven op het islamitisch extremisme, het rechts-extremisme is.

De vlag, onze vlag, mijn vlag, de officiële vlag van de Vlaamse Gemeenschap, die me aan het hart ligt – ik moet daarvoor helemaal niet in het nest geboren zijn waarin ik geboren ben –, als liberaal en democraat. Die vlag is geen eigendom van nationalisten, die vlag is de eigendom van alle burgers van de Vlaamse Gemeenschap. Dat is ook mijn vlag. Dat is trouwens de fout die nationalisten soms maken: ze denken dat die vlag alleen van hen is, maar die vlag is van iedereen. Maar wie misbruikt die? Kijk vandaag in De Morgen, op bladzijde 8: een grote foto van iemand met een zware mitraillette en achter hem een Vlaamse Leeuw. Die persoon kent u, dat is een zekere Koen S. uit Temse. Hij volgt een cursus ‘Advanced Combined Firearms’. Die stond in 2018 op uw kieslijst. Een tweede mevrouw, die in dezelfde krant staat, Silvy Van B. uit Arendonk, gemeenteraadslid en provincieraadslid van uw partij, zegt dat ze vier cursussen in Polen heeft gevolgd, waaronder ‘Close Quarter Battle’, het bestormen van een gebouw. Op sociale media bevestigt ze: “hopen op het beste, maar voorbereiden op het ergste”. Sorry, dat zijn mensen van vlees en bloed. Die bestaan vandaag in Vlaanderen en die poseren met oorlogswapens, met achter zich de Vlaamse Leeuw. Wie misbruikt hier de Vlaamse Leeuw? Wie richt hier schade toe aan het imago van de Vlaamse Leeuw? Wie moet zich hiervoor verontschuldigen? Ik vind het een schande dat onze vlag, de vlag van de Vlaamse Gemeenschap, gekaapt wordt door rechts-extremisten en daardoor een smet laat op heel Vlaanderen. Die mensen zou u ter verantwoording moeten roepen en u kunt dat beter dan ik, want u hebt die mensen in uw partij gehad – in de mate dat ze er nu niet meer in zitten. Ze zijn zelfs mandataris geweest van uw partij. Ik heb nergens begrepen, nergens gelezen dat u ze al uit uw partij hebt gezet. Om nog maar niet te spreken over een parlementslid van uw partij dat zegt: “de dag van het geweld komt nog, maar ik weet welke kant voorbereid zal zijn”, ook met een wapen in zijn hand. Ook met een wapen in zijn hand.

Dus, u mag het mij niet kwalijk nemen, maar ik vind het een schijnheilig vertoon waarbij men gespeeld verontwaardigd is over het misbruik van de Vlaamse Leeuw in een cursus waar men uitlegt hoe onze vlag misbruikt kan worden door extremisten en hier wat valse tranen laat op de dag dat in een krant mensen gelinkt aan uw partij met oorlogswapens in de hand voor de Vlaamse Leeuw staan. Ik vind dat u in dezen weinig redenen hebt om te reclameren.

Ik ben echt geschokt hoe mensen die tot uw partij behoren, de Vlaamse Leeuw op die manier misbruiken.

De heer Janssens heeft het woord.

Minister, uw selectieve verontwaardiging en geschoktheid zijn in heel Vlaanderen bekend, niemand schrikt er nog van. U hebt ook meer spreektijd dan ik gekregen om dat hier met veel woorden en daden nogmaals duidelijk te maken. Maar ik ben in elk geval rechts zonder complex, maar vooral ook rechts zonder extremisme en zonder gewelddadig extremisme. En dus kan en zal ik echt niet tolereren dat een vereniging zoals de VVSG, die leeft van belastinggeld van de Vlaamse belastingbetaler, en ja, dus ook van de rechtse belastingbetaler, van de Vlaams Belangbelastingbetaler, dat belastinggeld gebruikt om een politieke partij, van welke strekking dan ook, onjuist voor te stellen en om politieke tegenstanders proberen te treffen, net zoals u dat doet, door uw ministeriabele functie te misbruiken en overheidsgeld te misbruiken om politieke tegenstanders te treffen. U doet heel veel pogingen in het parlement – als ik alle peilingen mag geloven, waarin mijn partij veruit dubbel zo groot is als de uwe, zijn dat helaas vergeefse pogingen – om een politieke tegenstrever verdacht te maken. U doet maar, maar de VVSG kan en mag dat spel niet meespelen.

En als u zegt dat we onze kop niet in het zand mogen steken en dat dus ook de VVSG dat niet mag doen, dan vraag ik u waar de webinars over het links-extremisme blijven, over het ‘Black Lives Matter’-extremisme, over het klimaatextremisme enzovoort. De focus moet, ook bij de VVSG en bij de Vlaamse overheid, liggen op gewelddadig extremisme. En dan vraag ik u waar dat gewelddadig rechts-extremisme is. Geef me één voorbeeld van een gewelddadig rechts-extremistisch incident in Vlaanderen. U kunt er helaas geen opnoemen. U wauwelt maar wat. U haalt er allerlei krantenartikelen bij die nergens op slaan, maar u hebt geen poot om op te staan. En dus roep ik zowel u als de VVSG op om te focussen op gewelddadig extremisme, dat vooralsnog niet uit rechtse politieke hoek komt, maar voornamelijk uit islamitische hoek.

Wat opmerkingen betreft over de spreektijd: ik pas het reglement toe. Daarin is de spreektijd vastgelegd voor de parlementsleden, niet voor de minister. Als u dat wilt veranderen, houdt niemand u tegen om voorstellen ter zake te doen aan het Uitgebreid Bureau. Ik probeer gewoon de orde te handhaven, collega's, zoals me dat wordt gevraagd.

Voor alle duidelijkheid, voorzitter, u hoeft zich niet aangesproken te voelen, want ik heb u niet aangesproken.

Het kwam bij mij nochtans zo over. Maar bij dezen zijn we het daar dus allemaal over eens.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.