U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werd deze vraag om uitleg via videoconferentie behandeld.

De heer Vandenberghe heeft het woord.

‘Statiegeld? Yes We Can!’ Met deze slogan zijn we afgelopen week samen met 140 gemeenten, bedrijven en organisaties in België en Nederland een nieuwe campagne gestart voor de invoering van statiegeld op plastic flessen en blikjes. Dat bedoel ik met mensen meekrijgen in het verhaal en hen niet alleen maar beboeten en met de vinger wijzen.

Steeds meer burgers sluiten zich aan bij onze alliantie en de roep om eindelijk werk te maken van een regelgeving rond statiegeld. Vlaamse bedrijven en organisaties als Ecopower, Algemeen Boerensyndicaat, Bond Beter Leefmilieu, Gents Milieufront, Proper Strand Lopers, Conscious Crew, het waterschap Oostkustpolder en Nature & Progrès pleiten resoluut voor de invoering van statiegeld. Maar ook dertien Vlaamse gemeenten hebben al ingetekend – ik zal ze niet allemaal opsommen. Uiteraard is ook mijn eigen gemeente, Bredene, erbij. Het zou er nog maar aan mankeren, want ik pleit er al vele jaren voor.

Zoals u weet, is mijn fractie al veel langer pleitbezorger van het invoeren van statiegeld in Vlaanderen. Ikzelf word, als burgemeester van Bredene, dagelijks geconfronteerd met de enorme hoeveelheden zwerfvuil en de hoge opruimkosten die hiermee gepaard gaan. De cijfers in de vorige vraag spraken toch boekdelen? Daarnaast is er ook de onaanvaardbare vervuiling van straten, bermen en rivieren in heel Vlaanderen door plastic drankflessen en drankblikjes.

Uit recent cijfermateriaal van de vrijwilligers van Zwerfvuil.net blijkt dat ongeveer 80 procent van het zwerfvuil na een dagje opruimen bestond uit blikjes. Ongeveer de helft daarvan waren blikjes bier van het merk Jupiler. Het is slechts een illustratie van het potentieel aan zwerfvuil dat simpelweg vermeden kan worden wanneer in heel Vlaanderen statiegeld zou worden ingevoerd.

Dat statiegeld een bijzonder krachtig instrument is in de strijd tegen zwerfvuil bewijzen overigens ook de 39 landen en regio’s overal ter wereld die het al geruime tijd of korte tijd geleden hebben ingevoerd. De recyclingcijfers voor plastic flessen en blikjes in die landen bedragen meer dan 90 procent. Geen enkele andere maatregel bereikt een score van meer dan 90 procent. Het is duidelijk dat statiegeld een structurele oplossing kan zijn om het zwerfvuil te verminderen.

In het regeerakkoord van de Federale Regering staat dat er mag en moet worden werk gemaakt van een statiegeldsysteem, en ook de Brusselse en Waalse regeringen geven aan van plan te zijn om statiegeld in te voeren. Dit moet voor u toch vooral een signaal en een ruggensteun zijn om werk te maken van het statiegeldsysteem – voor zover dit signaal nog nodig is.

Minister, naar aanleiding van mijn vorige vraag om uitleg gaf u aan dat u zou overleggen met uw federale collega’s over statiegeld en dat u ook met alle actoren wilt overleggen. Hebt u intussen al samengezeten met de ministers van de andere overheden? Hebt u al stappen vooruitgezet, niet alleen met het oog op conclusies maar ook in de richting van een stappenplan, om maatregelen te nemen?

U hebt ook al meermaals gezegd dat u niet meer zou wachten tot eind 2023 om het verpakkingsplan te evalueren. Vandaar mijn uitdrukkelijke vraag of u de hand wilt reiken naar mij, naar ons, naar iedereen die hier achter staat. Nu kunt u het voortouw nemen als Vlaams minister. U moet niet meer wachten en u moet niet veel meer overleggen. U kunt nu zeggen dat statiegeld de enige oplossing is om de cijfers terug te dringen. U kunt meegaan in dit verhaal en uw nek ervoor uitsteken. Bent u daartoe bereid?

Minister Demir heeft het woord.

Minister Zuhal Demir

Over statiegeld heeft nog geen overleg plaatsgevonden met de federale collega’s. We wilden de resultaten afwachten van de door de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij (OVAM) recent uitgevoerde tussentijdse evaluatie van het verpakkings- en zwerfvuilplan. Daaruit blijkt dat de hoeveelheid zwerfvuil in Vlaanderen in 2019 is gestegen ten opzichte van 2015 en 2017. Eerder is overeengekomen dat we 2015 beschouwen als nulmeting. De zwerfvuilhoeveelheid lag in 2019 ongeveer 10 procent hoger dan in 2015, terwijl we in 2022 een daling nastreven van 20 procent ten opzichte van 2015. Deze hoeveelheid wordt om de twee jaar gemeten. De volgende meting zal plaatsvinden in 2021. De resultaten daarvan zullen bekend zijn eind 2022.

De netheidsindex wordt elk jaar gemeten. Daaruit leiden we over de periode 2014-2019 geen significante verbetering af.

Positief is dat we de doelstellingen voor de afbouw van het gebruik van lichte plastic draagtassen halen. We stellen ook vast dat er meer afval in de publieke vuilnisbakken terechtkomt dan op de grond. Daar staat tegenover dat er ook meer zwerfvuil op de grond is terechtgekomen. De verklaring voor deze toename is volgens OVAM vooral te zoeken in het feit dat de out-of-home consumptie verder blijft stijgen. De Vlaming is een goede sorteerder – dat moeten we ook benadrukken –, tot hij zijn huis verlaat. 

De monitoring van maatregelen in de coachingtrajecten van Mooimakers toont ook aan dat we op heel wat hotspots positieve resultaten halen. Maar de algemene achteruitgang met 14 procent is heel slecht.

De resultaten zijn dus onvoldoende. De afgesproken acties worden wel uitgevoerd, maar het lopende beleid volstaat niet. Het zal voor de producenten een grote opgave zijn om de zwerfvuildoelstellingen van 2022 nog te halen. Ik ga ondertussen niet niets doen. Dat zou heel raar zijn. Ik zal begin 2021 een rondetafel organiseren met lokale besturen en producenten om hen te engageren tot bijkomende maatregelen tegen zwerfvuil. De werking van Mooimakers heeft een mooie verdienste, maar ik denk dat we dat meer moeten oriënteren op handhaving, terwijl het nu eerder op preventie is.

Iedereen weet intussen wel wat hij moet doen met zijn blikjes, kauwgum en sigarettenpeuken – nog zaken die het straatbeeld enorm veel pijn doen. Er is in het verleden heel veel ingezet op preventie, zeker met Mooimakers. Dat waren altijd heel mooie campagnes en alles wat u wilt. Ik heb met hen begin 2021 een gesprek om te bekijken hoe we ons kunnen oriënteren op handhaving. Zo voorzie ik in het operationeel plan voor 2021 dat we de Mooimakers-subsidies afhankelijk zullen maken van de door de gemeenten geleverde handhavingsinspanningen. Het is heel belangrijk dat er ook lokaal wordt gehandhaafd. Dat is ook een vaststelling. De lokale besturen zeggen dat het moeilijk is om iemand op heterdaad te betrappen. Ik vind het heel belangrijk dat de gemeenten dat nu effectief gaan doen. Men moet handhaven en beboeten. Ik heb aan de federale collega’s gevraagd om die GAS-boetes van 350 euro naar 500 euro op te trekken. We moeten beter en sneller kunnen optreden tegen overtreders. Handhaven op zwerfvuil is niet evident, we moeten dus de handhaving op zich makkelijker maken.

We onderzoeken hoe we het de gewestelijke handhavers gemakkelijker kunnen maken om zwerfvuil en sluikstort mee te nemen in hun takenpakket. We moeten ook werk maken van een nog betere samenwerking met de parketten, zodat we vermijden dat pv’s worden geseponeerd.

Het is in eerste instantie een lokale aangelegenheid, maar ik ben wel aan het bekijken hoe we de gewestelijke handhavers erbij kunnen betrekken. Ook de producenten zullen hun verantwoordelijkheid moeten opnemen. De milieukost zal integraal worden doorgerekend naar hen.

Met de federale collega’s en de andere gewesten zal ik het gesprek aangaan. Ik verwijs ook naar het regeerakkoord: “De Vlaamse regering zal alle afspraken gemaakt in het Verpakkingsplan 2.0 uitvoeren, waaronder de evaluatie eind 2023 en de daaraan gekoppelde consequenties, namelijk dat indien de doelstellingen nog steeds niet significant gehaald worden, de sector gevraagd zal worden om statiegeld te organiseren of een veralgemeend beloningssysteem in te voeren.”

Het regeerakkoord houdt een stok achter de deur en spreekt enerzijds over statiegeld en anderzijds over een beloningssysteem. Ik zal mij houden aan het regeerakkoord, maar ik ga sowieso een tussentijdse evaluatie maken eind 2022 en de nodige voorbereidingen treffen, zodat we in 2023 niet opeens worden geconfronteerd met iets wat we al wisten op basis van de cijfers die we nu kennen.

Tot slot wil ik er toch nog op wijzen dat we vandaag een performant inzamelsysteem hebben: de blauwe zakken. Onze inzamelpercentages liggen al hoog. Statiegeld kan een oplossing bieden voor blikjes enzovoort, maar de problematiek van de peuken, de kauwgom enzovoort is daarmee niet opgelost. Ik wil komen tot een systeem waarmee je ook de peuken en de kauwgom, de koekjesverpakkingen en dergelijke kunt aanpakken. Het beste systeem is een systeem dat alles omvat.

In eerste instantie wil ik volgend jaar die hogere GAS-boetes effectief handhaven. Dat wordt nu onvoldoende gedaan. Ik vind dat heel frustrerend. Het zou gemakkelijk zijn om dat over te slaan. Maar neen, ik wil dat in 2021-2022 vragen aan de lokale besturen en de subsidies daaraan koppelen. De lokale besturen die niet handhaven, krijgen geen subsidies. Ondertussen wil ik het overleg opstarten met de lokale besturen en producenten, die milieukosten doorrekenen, en tegelijkertijd voorbereidingen treffen. Met de cijfers die we vandaag kennen, collega Vandenberghe: een achteruitgang met 15 procent. En dan zit het coronazwerfvuil daar nog niet in! Dat zullen we pas volgend jaar weten. Ik houd mijn hart vast. Als we zien wat er vandaag aan zwerfvuil op de grond ligt...

Ik ga met de federale collega’s en met de andere gewesten in gesprek. Er komt een tussenevaluatie in 2022. Ondertussen treffen we de nodige voorbereidingen.

De heer Vandenberghe heeft het woord.

Minister, ik dank u voor uw uitgebreide toelichting. Het doet me enorm veel plezier dat u uw best doet en veel inspanningen doet. Ik vind het heel nobel, maar ik heb een beetje de indruk dat het doekjes voor het bloeden zijn. Er is een uitdrukking die zegt ‘Zachte heelmeesters maken stinkende wonden’ en daar ben ik een beetje bang voor.

U zegt dat u zich houdt aan het regeerakkoord. Ik begrijp dat, maar een gemeente heeft ook een meerjarenplan dat we goedkeuren in het begin van de legislatuur. Als men merkt dat bepaalde zaken of strategische doelstellingen niet worden gehaald, dan stuurt men dat meerjarenplan bij. Beleidsvoerend vermogen is dat men dan aanpast. Ik vind het dus geen juist argument om te zeggen dat men zich houdt aan het regeerakkoord.

Met de cijfers van vandaag weet u perfect dat u de doelstellingen in 2023 niet zult halen. U weet dat. Men moet geen grote wiskundige zijn om te zien dat men het niet zal halen in 2023. Waarom dan nog wachten tot 2023 om dan statiegeld in te voeren wetende dat men het dan toch zal moeten doen? Met al die dingen die u nu naar voren schuift, zult u het niet halen. Nogmaals, de andere landen bewijzen dat het invoeren van statiegeld de recyclage van blikjes en flesjes verhoogt tot 90 procent. In heel uw voorstel en uw nota is er geen enkele oplossing die daaraan tegemoet komt. U weet dat het invoeren van statiegeld in 2023 er toch zal moeten komen. Waarom wacht u dus nog tot 2023 en zegt u dat u het regeerakkoord zult uitvoeren? Neen, het regeerakkoord moet worden bijgestuurd op basis van de cijfers die u vandaag van OVAM hebt gekregen. Dat is adequaat beleid voeren en proactief beleid voeren en aanpassen aan de orde van de dag zoals het vandaag is.

Ik zal de voordelen van statiegeld nog eens opnoemen, ze zijn gewoon heel duidelijk: minder zwerfvuil, betere recyclagecijfers tot 90 procent, een mooie en propere natuur en vooral minder verspilling van belastinggeld voor het opruimen van het zwerfafval. Dat zijn de voordelen. Ik weet niet welke andere acties nog meer voordelen geven.

Waar ik me wel aan stoor, is dat u zegt dat de lokale overheden nog meer moeten inzetten op het handhaven. Wij doen dat al heel hard, maar ik kan niet bij iedereen die iets weggooit, een politieagent zetten of een GAS-ambtenaar zetten. Mensen kijken al goed om zich heen wanneer ze iets weggooien. De lokale besturen doen dus al heel wat inspanningen, doen al heel veel en smeken u om ondersteund te worden met duidelijke structurele maatregelen. Daarbij is de invoering van statiegeld echt wel de belangrijkste.

Minister, waarom wacht u tot 2023 om statiegeld in te voeren, wetende dat de resultaten in 2023 toch nog altijd slecht zullen zijn?

De heer Van Rooy heeft het woord.

Mijnheer Vandenberghe, ik moet zeggen dat ik uw tussenkomst nogal hypocriet vind. Ik verwijs naar het verhogen van handhaving en draconische boetes; minister Demir verwijst er ook naar. Zij is in gesprek gegaan met de federale collega's om de GAS-boetes te verhogen van 350 naar 500 euro, wat volgens mij veel te weinig is, maar het is een stap in de goede richting. U noemt dat doekjes voor het bloeden en u gebruikt zelf de zegswijze ‘Zachte heelmeesters maken stinkende wonden’. U bent die stinkende wonden aan het maken, want u moet inderdaad, als burgemeester, de handhaving draconisch maken voor zwerfvuil. Het is blijkbaar wel mogelijk als het gaat over coronamaatregelen; dan worden er duizenden en tienduizenden boetes in bepaalde gemeenten uitgeschreven. Wel, doe zulke handhaving ook op het achterlaten van zwerfvuil. Neem het van mij aan.

U geeft het voorbeeld van Jupilerblikjes. Minister Demir heeft ook hier gelijk dat men het meeste zwerfvuil niet oplost met statiegeld; het gaat over sigarettenpeuken, over afval van koekjes en chips, glazen flessen van champagne en wijn op het strand. Minister Demir heeft er ook op gewezen dat de netheidsindex niet verbetert. Kijk eens naar het buitenland, naar Singapore: daar heeft men draconische boetes ingevoerd, daar doet men aan draconische handhaving, daar is het kraaknet, mijnheer Vandenberghe. Daar moet men niet meer meten hoeveel zwerfvuil er ligt, want er ligt simpelweg geen zwerfvuil. Dat is de realiteit.

Als u dat als burgemeester niet onder ogen ziet, dan zult u hier over tien jaar opnieuw zitten – als u dan tenminste nog verkozen bent – en zeggen dat het zwerfvuil blijft toenemen. Dat zal inderdaad blijven gebeuren als er zachte heelmeesters aan het werk blijven, zoals u, die hun stinkende wonden maken.

Mevrouw Rombouts heeft het woord.

Collega's, ik wil me kort aansluiten bij deze vraag.

Wat ons allen zorgen baart, is het feit dat het zwerfvuil opnieuw toeneemt. De cijfers evolueren negatief: plus 10 procent en dat is niet niks. De doelstelling is min 20 procent. Er is dus eigenlijk een kloof van 30 procent, wat een gigantische uitdaging is. We moeten ons dus de terechte vraag stellen of dit haalbaar is.

Hebt u al overleg gehad met de producentenorganisaties om na te gaan op welke manier zij die kloof willen dichten en de trend willen keren? Wat gaan zij in deze omstandigheden extra ondernemen en/of kan Vlaanderen hen ondersteunen om de doelstelling toch te realiseren? Welke afspraken zijn er dan gemaakt?

U legt veel nadruk op handhaving. Handhaving is zeer terecht een onderdeel, maar ik ben ervan overtuigd dat het niet het enige is. Ik ben geïnteresseerd of er een correlatie is tussen die gemeenten die vandaag nog geen handhavingsbeleid hebben en de netheidsbarometer en/of het aandeel zwerfvuil. Ziet u in de praktijk een correlatie? Het kan misschien ondersteunend en sensibiliserend zijn voor gemeenten om hen aan te zetten tot een effectief handhavingsbeleid.

Minister, vorige week heb ik u bevraagd over coronagerelateerd zwerfvuil. Nu wordt de ruimere problematiek aangehaald. De cijfers zijn zeker niet gunstig geëvolueerd. Jammer, want er zijn wel heel wat inspanningen geleverd. De Mooimakers zijn gekend; hele mooie campagnes maar het is duidelijk dat er nog een tandje zal moeten worden bij gestoken om de doelstellingen te behalen. U hebt er ook heel duidelijk op gewezen.

Het is belangrijk dat er een nauw contact is met de producenten, er ook regelmatig wordt geëvalueerd en ze er ook op worden gewezen dat op deze manier de doelstellingen niet worden gehaald.

Er moet dus een heel duidelijk signaal worden gegeven dat het menens is. Het regeerakkoord is heel duidelijk. Ik kijk uit naar het resultaat van het overleg dat u binnenkort zult hebben met de producenten.

Ik kijk vooral ook uit naar de fractietelling. Collega Vandenberghe haalt cijfers aan, volumecijfers. Er is natuurlijk een heel groot verschil tussen het aantal stuks zwerfvuil en de intentie om bijvoorbeeld een sigarettenpeuk op de grond te gooien. Het negatieve gedrag is er wel. Het gedragssturend karakter is heel belangrijk en daarvoor zijn de fractietellingen heel belangrijk. Ik heb begrepen dat die tellingen wat achterstand hebben en dat ze pas eind 2021 bekend zullen zijn. De resultaten zijn heel belangrijk om bij te sturen.

Als u mijn tussenkomsten van de voorbije jaren gaat lezen, weet u dat ik altijd fel heb gehamerd op de kauwgomindustrie, op de tabaksindustrie die ook over de brug moeten komen. Ik weet dat er al heel wat gesprekken mee zijn gevoerd, maar er is nog werk aan de winkel. Daarvoor zijn opnieuw die fractietellingen van heel groot belang. Ik kijk dus uit naar de resultaten.

Ik wil het ook even hebben over de handhaving. U weet dat wij in mijn gemeente extra inzetten op handhaving en dat wij ook het reglement van de intercommunale, toegespitst op sluikstorten, hebben aangepast naar sluikstorten en zwerfvuil. Ik denk dat daar meer aandacht aan moet worden gegeven omdat het niet overal gebeurt. Men vindt dat zwerfvuil vaak moeilijk te beboeten is, maar niets is minder waar. Bij sluikstorten vindt men soms een nummerplaat of iets anders.Het feit dat er camera's zijn, het feit dat mensen weten dat er een verhoogde pakkans is, werkt.

Ik ben blij dat u op mijn suggestie bent ingegaan. De intercommunales moeten er extra op worden gewezen dat u de druk wenst te verhogen zodat gemeentebesturen meer aandacht vestigen op handhaving van zwerfvuil en niet alleen van sluikstorten. Boetes zijn van heel groot belang en natuurlijk ook de communicatie hierover. Het moet goed worden aangeduid zodat mensen het weten. Vlaanderen kan hierbij een hulp zijn om dit te versterken.

Ik kijk dus uit naar de verdere tellingen, de evaluaties en een goed beleid om eindelijk gedragssturend te kunnen werken en de zwerfvuilproblematiek gericht te kunnen aanpakken.

Minister Demir heeft het woord.

Minister Zuhal Demir

Voorzitter, collega's, de netheidsbarometer verbetert wel lokaal bij gemeenten die in een coachingstraject zitten, waar ook handhaving inzit. We zien dus lokale effecten van een sterke zwerfvuilaanpak, maar dit vertaalt zich nog niet over de hele gemeente.

Projecten met camera's zijn veelbelovend. Collega De Vroe verwees er ook naar. Vlaanderen ondersteunt dit ook.

Mijnheer Vandenberghe, we zullen van mening blijven verschillen, maar ik blijf erbij dat handhaving van belang is. In de ‘Week van de handhaving’ werden slechts 148 gemeenten gedekt. Dat wil zeggen dat er nog heel wat gemeenten zijn – ongeveer de helft – die een tandje kunnen bij steken. Als ik mij niet vergis, heeft volgens onze gegevens Bredene niet meegedaan met de ‘Week van de handhaving’. Het is alleszins niet gerapporteerd. Misschien moet u dit eens nakijken en doorgeven als het nog eens gebeurt. U verwijst naar statiegeld en u denkt dat dat alles zal oplossen. Neen, de milieu-impact van sigarettenpeuken, kauwgom enzovoort is even groot. Het is voor u symbolisch van groot belang, maar als ik vaststel dat in de Week van de handhaving slechts 148 gemeenten gedekt zijn, sta me dan toe om te zeggen dat we er nog niet zijn. Ik heb niet gezegd dat ik nu achterover ga leunen en niets ga doen. Neen, ik ga de komende weken en maanden op verschillende fronten werken en handhaving is daar een element van.

Ik ga ook onderzoeken hoe we de gewestelijke handhavers kunnen inschakelen. Zoals u weet, kunnen zij enkel handhaven door middel van een pv op basis van het Milieuhandhavingsdecreet. Dat is een vrij omslachtige procedure, maar ik ben aan het onderzoeken hoe we de gewestelijke handhavers ook kunnen inzetten voor de meer simpele administratieve handhaving. Ik geloof er echt in dat, als je in een gemeente er heel strikt op inzet, het ook een effect heeft, ook gedragssturend is. Net zoals de camera's die Vlaanderen ondersteunt; we gaan daarmee verder. Ik kijk hoe we de gewestelijke handhavers kunnen inzetten.

We moeten de GAS-boetes verhogen en effectief GAS-boetes doen betalen, eventueel kiezen voor een alternatief, zoals mensen die zich schuldig hebben gemaakt aan het weggooien van zwerfvuil, zelf het zwerfvuil laten opruimen. In januari gaan we samenzitten met de producenten die hun verantwoordelijkheid moeten nemen. Zij zijn wel op de hoogte van de cijfers maar ik wil wel eens van hen horen hoe zij daarnaar kijken en wat zij denken nog bijkomend te moeten doen.

De fractietelling wordt inderdaad pas in 2021 verder uitgevoerd. Voor het overige heb ik nog eens een overleg met de tabakssector om zijn bijdrage te vergroten. Ik heb ook een overleg met de kauwgomsector. Dat is niet de eerste keer en het zal ook wel niet de laatste keer zijn. Dat zijn allemaal zaken die we in tussentijd zullen blijven doen.

Ik wil er wel op wijzen dat in dit land er nog nergens statiegeld is, collega Vandenberghe, ook niet in Wallonië of in Brussel. Elk gewest bekijkt hoe het dat doet. Ik heb niet gezegd dat ik niets ga doen. U hoort het misschien niet graag, maar ik blijf erbij dat wanneer slechts 148 gemeenten gedekt werden door de Week van de handhaving, en u komt zeggen dat u statiegeld wilt invoeren, ik dan zeg dat we ook gedragssturend moeten gaan werken. Als het volgend jaar ook zo is, dan wil dat zeggen dat 148 gemeenten in aanmerking zullen komen voor die subsidies, die ik zeer gericht wil inzetten. Ik wil lokale besturen belonen wanneer ze mensen die afval op de grond gooien, effectief bestraffen. Dat is gedrag dat we niet moeten aanvaarden en oké vinden. First things first. Dat wil zeggen dat ik iedereen, zowel lokale besturen als producenten, op zijn verantwoordelijkheid zal wijzen. Ondertussen is er een tussenevaluatie in 2022. Ik zal mijn voorbereiding wel treffen, daar moet u zich geen zorgen over maken. U moet niet denken dat ik aan het niksen ben, integendeel, het zou zeer fijn zijn wanneer iedereen zijn steentje bijdraagt om te komen tot een oplossing. Vlaanderen staat klaar. Wij voorzien heel wat, maar de gedragssturende tik is van cruciaal belang.

De heer Vandenberghe heeft het woord.

Voorzitter, laat me toch toe om een aantal dingen uit mijn tussenkomst die uit de context werden getrokken, duidelijk te stellen. Mijnheer Van Rooy, ofwel kent u het dossier onvoldoende, ofwel hebt u niet goed geluisterd naar mijn uiteenzetting. Ik vond de tussenkomsten van de collega’s De Vroe en Rombouts veel genuanceerder en wel op dossierkennis gestoeld. Het is natuurlijk een en-enverhaal, dat weet ik ook wel. Ik ben al van 2010 kustburgemeester en ik zit al van 1995 in een kustgemeente in de meerderheid. Ik weet ook wel dat het een en-enverhaal is. Wij hebben ook extra GAS-ambtenaren, wij geven ook opdracht aan de politie om boetes uit te schrijven, uiteraard. Dat wij niet hebben meegedaan aan de Week van de handhaving, dat kan wel zijn, maar dat wil niet zeggen dat wij daar geen inspanningen rond doen. Het is een en-enverhaal en het ene sluit het andere niet uit.

We mogen niet zeggen dat we het statiegeld niet invoeren omdat er door de lokale besturen meer moet worden gehandhaafd. Ik wil alleen het volgende duidelijk stellen. Dat heb je bij hondenpoep ook. Je kunt niet bij iedere hond een GAS-ambtenaar zetten. Je kunt natuurlijk camera's zetten, maar je kunt ook maar handhaven volgens de mogelijkheden van het bestuur. Dat wordt gedaan, ook buiten die 139 die misschien niet hebben meegedaan aan de Week van de handhaving. Ik ben geen hypocriet die zegt dat we het allemaal maar laten lopen. Neen, ik zeg gewoon dat het terugdringen van het zwerfvuil een en-enverhaal is. Jawel, handhaving, dat heb ik altijd verdedigd en dat doen wij ook in onze gemeente. U kunt dat natrekken. Wij doen proactieve acties, wij doen sensibilisering, wij doen handhaving, wij koppelen sensibiliserende acties aan handhaving. Daarnaast blijf ik erbij dat statiegeld een belangrijke en structurele aanvulling is om de hoeveelheid zwerfvuil exponentieel naar beneden te krijgen.

Het ene sluit het andere niet uit. Ik vind het politiek en intellectueel niet correct, collega Van Rooy, dat u zomaar alles op een hoop gooit, wat de collega's Rombouts en De Vroe niet hebben gedaan. Zij en de minister hebben dat veel genuanceerder aangebracht.

Minister, ik wil me ook eens naar u richten. Ik heb niet gezegd dat u niets hebt gedaan of dat u niets zult doen. Neen, ik heb u verdedigd. Ik vind dat men, in tegenstelling tot de vorige legislatuur en de vorige minister, wel initiatieven neemt, er wel mee vooruit wil gaan en wel proactief wil werken. Maar u mag mij niet kwalijk nemen dat, naast alle andere problematieken, ik blijf opkomen voor het standpunt van het invoeren van statiegeld omdat ik vind dat dit een structurele en belangrijke maatregel is. Daarnaast zijn er nog heel wat problematieken. We hebben het erover gehad toen u naar Bredene bent gekomen. Het moet een en-enverhaal zijn. Laat ons alstublieft niet aan politiek opbod doen en elkaar verwijten te weinig te doen. Neen, ik ben ervan overtuigd dat zowel de minister, als collega Rombouts, als collega De Vroe hetzelfde menen als wat ik heb verwoord, alleen hebben wij andere insteken. Wij willen het zwerfvuil in totaliteit verminderen. Maar, collega Van Rooy, ik vond uw tussenkomst niet alleen intellectueel maar ook politiek totaal oneerlijk en onjuist. Ik ben er niet van gediend dat u mijn woorden zomaar uit hun context trekt.

Maar oké, ik kijk positief naar de toekomst. Minister, in mij hebt u een positieve partner want mijn gemeente is een van de kustgemeenten die die cijfers wel naar beneden wil krijgen. Wat betreft de Week van de handhaving, zal ik vandaag nog met mijn diensten bekijken wat daar is misgelopen.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.