U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werd deze vraag om uitleg via videoconferentie behandeld.

Mevrouw Wouters heeft het woord.

Minister, heel wat jongeren in Vlaanderen schijnen te kampen met depressieve gedachten. Een bevraging van de Vlaamse Jeugdraad toont aan dat Vlaamse kinderen en jongeren van een vijftal thema’s wakker liggen, waaronder ook het thema mentaal welzijn. In de gesprekken die de 50 vrijwilligers van de Jeugdraad voerden met 1103 jongeren uit heel Vlaanderen kwamen dan ook onderwerpen zoals depressie, angst en zelfmoord aan bod. De jongeren ervaren ook een enorme druk van de maatschappij om steeds maar te moeten presteren en hun verantwoordelijkheid te moeten nemen. Dit gaat dan ook ten koste van hun mentale welzijn.

Momenteel wordt er een studie uitgevoerd om het effect van een serious game, genaamd Silver, voor het versterken van de geestelijke gezondheid bij jongeren na te gaan. Dit prototype werd ontwikkeld op vraag van de vorige minister van Welzijn. Een serious game is een computerspel waarmee men poogt de geestelijke gezondheid te versterken bij jongeren tussen twaalf en zestien jaar. Door het spelen van het spel zouden ze bepaalde skills kunnen trainen om zo hun mentale veerkracht te versterken.

Minister, hebt u zicht op hoeveel scholen zich hebben aangemeld om mee te doen aan de evaluatie van deze game? Aan de hand van welke criteria zal deze game geëvalueerd worden en wie zal deze evaluatie uitvoeren? Wat zal er gebeuren met de resultaten van dit onderzoek? Hoe zal de game worden gepromoot? Gaat u in overleg met de minister van Onderwijs om ervoor te zorgen dat er ook op scholen meer aandacht komt voor het mentale welzijn van jongeren?

Uit de bevraging door de Vlaamse Jeugdraad blijkt dat Tele-Onthaal nog te weinig gekend is bij de jongeren. Welke initiatieven neemt u om ervoor te zorgen dat gratis initiatieven voor hulpverlening zoals Tele-Onthaal beter gekend worden bij de jongeren?

Minister Beke heeft het woord.

Minister Wouter Beke

Onze partnerorganisatie het Vlaams Expertisecentrum Suïcidepreventie (VLESP) verspreidde net voor de zomer via sociale media en nieuwsbrieven een open oproep aan scholen met de vraag wie interesse heeft om deel te nemen aan de evaluatie van de game.

Hierop hebben 38 scholen interesse getoond. Deze scholen werden nadien gecontacteerd en geïnformeerd over de evaluatie. Tot nu toe hebben 9 scholen zich geëngageerd om daadwerkelijk deel te nemen aan de evaluatie. In totaal zullen minstens 90 klassen uit de eerste en tweede graad verspreid over alle onderwijsvormen deelnemen aan de evaluatie.

Het VLESP zal de game evalueren aan de hand van een cluster gerandomiseerd gecontroleerd onderzoek. In de eerste plaats zullen ze nagaan in hoeverre het spelen van de game leidt tot een verbetering van de emotieregulatie-strategieën bij jongeren. Daarnaast zullen ze nagaan of de game een positief effect heeft op copingvaardigheden, de aanwezigheid van denkfouten, depressieve symptomen en suïcidale gedachten. Uiteindelijk zullen de jongeren ook gevraagd worden naar hun tevredenheid omtrent de game.

De resultaten van het onderzoek zullen verwerkt worden in een rapport dat voorgesteld zal worden aan het agentschap Zorg en Gezondheid en mijn kabinet. Op basis van de resultaten zal bepaald worden hoe de game geïmplementeerd zal worden. Het project loopt tot midden december dit jaar, het eindverslag verwachten we midden maart 2021.

Na de lancering zal de game actief gepromoot worden via verschillende media zoals pers, nieuwsbrieven, sociale media en lezingen. Daarnaast worden nog andere pistes verkend voor verspreiding zoals een tournee via bioscopen, culturele centra en bibliotheken. Het voornaamste kanaal voor implementatie is het onderwijs. Voor hen zal documentatiemateriaal ontwikkeld worden. Als tweede doelgroep richten we ons op bepaalde actoren binnen jeugdwelzijnswerk. Het VLESP zal ook samenwerken met een communicatiebureau om de game zo breed mogelijk te promoten.

Specifiek voor de serious game heeft het VLESP reeds overlegd met de ICT-beleidsmedewerker bij het Departement Onderwijs en Vorming dat het beleid rond gaming opvolgt en het VLESP zal helpen bij het implementeren en dissemineren van de game in de setting onderwijs. Ook werd de game voorgesteld en enthousiast onthaald op de Commissie Onderwijs en Samenleving. Met deze partners zal het VLESP verder nagaan hoe de implementatie en verspreiding binnen Onderwijs efficiënt en effectief kan verlopen.

In het algemeen is aandacht voor mentaal welzijn van jongeren op school uiteraard de opdracht van velen. In het kader van ‘health in all policies’ is er regelmatig afstemming tussen het agentschap Zorg en Gezondheid en het Departement Onderwijs over mentaal welzijn in de setting onderwijs om elkaar op de hoogte te houden van acties en beleidslijnen en een goede afstemming te verkrijgen. 

Momenteel wordt de laatste hand gelegd aan de online tool ‘Mijn Gezonde School’. Deze methodiek helpt een school om stap voor stap van losse acties tot een samenhangend preventief gezondheidsbeleid te komen. Diverse thema’s zijn daarin opgenomen waaronder ook mentaal welbevinden. De tool stimuleert de school om een beleid omtrent mentaal welbevinden uit te werken en reikt aan scholen concrete handvatten aan. Het is echter belangrijk dat er aan een samenhangend preventief gezondheidsbeleid gewerkt wordt, immers een goede fysieke gezondheid komt ook de mentale gezondheid ten goede. 

Ook het CLB heeft een belangrijke taak om te waken over de geestelijke gezondheid van jongeren. Sinds het nieuwe decreet Leerlingenbegeleiding, uit 2018, moeten CLB’s tijdens systematische contactmomenten met leerlingen meer aandacht hebben voor geestelijke gezondheid en andere leefstijlaspecten. Om het CLB hierbij een houvast aan te bieden, ontwikkelde de Vlaamse Wetenschappelijke Vereniging voor Jeugdgezondheidszorg (VWVJ), onze partnerorganisatie voor preventieve jeugdgezondheidszorg voor schoolgaande kinderen en jongeren, de methodiek ‘Gezond leven? Check het even!’. 

In het kader van het systematisch contactmoment in het derde middelbaar is deze methodiek een ondersteuning voor de CLB’s om alle leerlingen te bevragen op vlak van leefstijlaspecten zoals geestelijke gezondheid, middelengebruik, seksuele gezondheid, enzovoort.

Deze bevraging heeft tot doel de leerlingen bewust te maken van het eigen gedrag, door te verwijzen naar relevante websites, en, als er zorgwekkende antwoorden zijn, het gesprek hierover aan te gaan in kader van het systematisch contact dat erop volgt. CLB-medewerkers worden ook gevormd in motivationele gespreksvoering over de onderwerpen in de vragenlijst. 

COVID-19 heeft ook zijn impact op het welzijn van de leerlingen. Samen met Zorg en Gezondheid en het Departement Onderwijs bekijken we momenteel de mogelijkheden om dit schooljaar nog in een extra ondersteunend aanbod te voorzien rond mentaal welzijn gericht naar zowel leerlingen als leerkrachten.

In dat kader heeft het Vlaams Instituut Gezond Leven een snelle bevraging gedaan bij leerkrachten en onderwijskoepels om de noden aan ondersteuning te verhelderen. De Vlaamse Scholierenkoepel houdt deze week ook een bevraging bij leerlingen over de start van het schooljaar, waarin verschillende thema’s bevraagd worden, waaronder mentaal welbevinden. Ook de uitkomsten van die bevraging zullen we mee in overweging nemen.

Awel is voor jongeren de meest aangewezen hulplijn, in die zin vind ik het niet zo vreemd dat Tele-Onthaal weinig bekend is bij jongeren. Over de bekendmaking van Awel kan mijn collega minister Dalle bevoegd voor Jeugd u meer vertellen. We hebben in elk geval in de afgelopen maanden kunnen vaststellen dat er bij Awel een stijging was van het aantal oproepen en chatgesprekken.

Vanuit Zelfmoord 1813 bereikt de chat voornamelijk de doelgroep jongeren. De belangrijkste bekendmaking gebeurt via de media, sociale media, Google Ads en via vormingen gericht op intermediairs die met jongeren werken.

We hebben dankzij het actieplan mentaal welzijn ‘Zorgen voor morgen’ extra kunnen investeren in diverse laagdrempelige hulplijnen zoals Awel, Tele-Onthaal en de Zelfmoordlijn, maar ook in 1712, De DrugLijn en nupraatikerover.be. Dat bleek heel belangrijk. Zij zijn immers een heel laagdrempelige vorm van hulpverlening en merkten meteen de effecten van de crisismaatregelen op de bevolking. Dankzij die incentive hebben ze hun openingsuren kunnen verruimen en meer kunnen investeren in hun vrijwilligerswerking, in opleidingen en bekendmaking.

Jongeren kunnen niet enkel terecht bij hulplijnen zoals Tele-Onthaal, Awel of Zelfmoord1813, maar kunnen ook gebruik maken van een gratis online aanbod: NokNok.be is een interactief platform, waar jongeren van 12 tot 16 jaar aan de hand van een zelftest een inschatting kunnen maken van hun mentale veerkracht. Er worden opdrachten en oefeningen aangeboden, waardoor ze ook op dit platform een aantal vaardigheden gelinkt aan hun mentale gezondheid en weerbaarheid kunnen aanleren en trainen.

NokNok.be wordt regelmatig via verschillende kanalen bij jongeren onder de aandacht gebracht. Begin oktober start er bijvoorbeeld een nieuwe bekendmakingscampagne waarbij vijf influencers via Instagram hun volgers oproepen om te surfen naar NokNok.be.

Mevrouw Wouters heeft het woord.

Minister, dank u wel voor het uitgebreide antwoord. Ik ben heel tevreden dat er toch zoveel aandacht wordt besteed aan het mentale welzijn van onze jongeren. Ik zou graag nog verder ingaan op de gratis initiatieven voor hulpverlening, zoals de Zelfmoordlijn. Ondanks werd aangekondigd dat het Vlaams Expertisecentrum Suïcidepreventie en het Centrum ter preventie van zelfdoding, de organisatie achter de zelfmoordlijn 1813, deze maand met een onderzoek naar de effecten van en de tevredenheid over een gesprek met de zelfmoord zou starten. Het is dan ook een initiatief dat enkel valt aan te moedigen en ons de nodige inzichten kan verschaffen om nog beter met deze problematiek om te gaan.

Minister, is er in het verleden al een gebruikersonderzoek gebeurd bij de Zelfmoordlijn? Zo ja, wat waren de resultaten? Hoe zullen de mensen worden aangespoord om deel te nemen aan het onderzoek?

De heer Parys heeft het woord.

Minister, tijdens de coronacrisis hebben enkele instanties, zoals 1712, het Centrum ter preventie van zelfdoding en Tele-Onthaal, hun openingsuren en hun digitaal aanbod uitgebreid. Ze hebben daar ook extra financiering voor gekregen tot 31 maart 2021. Ik had een vraag om uitleg ingediend die omgezet is naar een schriftelijke vraag, vanwege een verhindering tijdens de vorige commissievergadering. U hebt daarop geantwoord dat alvorens er wordt nagedacht over een uitbreiding, er een evaluatie moet komen van het uitgebreid dienstverleningsaanbod dat werd gerealiseerd. Hoe en wanneer zult u dat evalueren?

Minister Beke heeft het woord.

Minister Wouter Beke

Het antwoord op de vraag over het gebruikersonderzoek kan ik niet meteen geven. Ik zal vragen dat daar eens naar gekeken wordt.

Wat de uitbreiding in de evaluatie betreft, dat is inderdaad de bedoeling. We hebben dat nog niet geoperationaliseerd, maar het is wel de bedoeling dat we daar eerst naar kijken vooraleer we de volgende stappen zetten.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is toegankelijk.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.