U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werden deze vragen om uitleg via videoconferentie behandeld.

Collega's, de heer Ronse stelt voor om zijn vraag om uitleg 3117 te koppelen aan de reeds gekoppelde vragen om uitleg 3120, 3293 en 3315. Dat zijn ook twee vragen van de heer Ronse en een vraag van de heer Annouri.

Collega Ronse, u krijgt het woord voor al uw vragen.

Voorzitter, het is leuk dat ik gekoppeld ben aan de fractieleider van Groen in Antwerpen die hier ook interim-voorzitter was. Ik denk dat het logisch is dat mijn drie vragen worden gekoppeld. Ze zijn gespreid in de tijd gesteld maar ze gaan allemaal over hetzelfde thema en dezelfde zorg. We hebben het er al een aantal keren over gehad.

Op een bepaald moment waren er meer dan 1 miljoen tijdelijk werklozen. Dat aantal is nu serieus teruggedrongen. Toch zijn er nog een aantal zaken die mij een beetje bezorgd maken. Voor alle duidelijkheid: ik wil helemaal niet met het vingertje wijzen naar de minister om te zeggen dat een en ander niet zou zijn gebeurd, integendeel. Ik denk dat de minister en de Vlaamse Regering vrij snel hebben geschakeld, maar er zijn toch een aantal zaken die ons allemaal heel alert moeten houden.

Uit een schriftelijke vraag van voor de zomer heb ik geleerd dat van de COVID-vacatures die in de eerste golf met #covidvacature werden gepubliceerd, maar 14 procent is ingevuld. Dat is bitter weinig, zeker als men weet dat er op dat moment nog een serieuze piek van tijdelijk werklozen was.

Vorige week is er door u en VDAB bekendgemaakt dat er 120.000 tijdelijk werklozen zullen worden opgevolgd en begeleid. Dat is zonder meer historisch. Het is voor de eerste keer in de geschiedenis dat tijdelijk werklozen zullen worden opgevolgd. Dat heeft ook te maken met de mogelijkheden die het VDAB-decreet heeft geboden. Wat mij een beetje verontrust – wij hebben het daar trouwens ook al over gehad –, is de starheid van het systeem. Men kan ze niet opbellen; het moet via mail of brief gebeuren. We hadden die machtiging al voor de zomer gekregen en pas in september kan VDAB in actie schieten. Ik heb begrepen dat dat is omdat de machtiging niet formeel was toegekend.

Wat ik eigenlijk wil zeggen is, is het volgende. Ik merk dat ook op de werkvloer want samen met collega De Vreese doe ik elke vrijdag bedrijfsbezoeken in West-Vlaanderen. We stellen vast dat in hoofde van ondernemers en werkgevers, in hoofde van mensen die op tijdelijke werkloosheid staan, het systeem van het linken van tijdelijk werklozen aan vacatures die op dit moment dringend moeten worden ingevuld, nog niet op punt staat. De praktijk is niet wat op papier staat. Op papier oogt het allemaal goed: ze gaan een mail en een brief krijgen. In de praktijk werkt dat systeem nog niet. Daarom vond ik het belangrijk om dat in deze commissie onder ons aller aandacht te brengen. De vraag is hoe we dat in beweging zullen krijgen.

VDAB krijgt nu een jaar, geloof ik, om een gepersonaliseerde site uit te werken die via artificiële intelligentie opleidingsvoorstellen zal doen aan mensen in functie van hun loopbaan.

Ik denk dat die tool ook handig en zeer bruikbaar zal zijn in het linken van mensen in tijdelijke werkloosheid aan vacatures die er op dit moment zijn, maar ook in het versterken van mensen in tijdelijke werkloosheid. Er zijn mensen die nu toch al sinds maart tegen wil en dank thuis zitten. Het is belangrijk dat we hen direct met de juiste opleidingen versterken en hun de juiste kansen geven. Ook dat wilde ik onder de aandacht brengen.

Ik vat mijn drie vragen om uitleg samen: op papier hebben we alles klaar om die mensen te begeleiden, maar in de praktijk, denk ik, werkt het nog niet, is het nog te log. Op welke manier kunnen we dat ook in de praktijk goed omzetten?

De heer Annouri heeft het woord.

Minister, zoals collega Ronse al goed heeft toegelicht, kwam op woensdag 9 september eindelijk het bericht dat VDAB bijna 120.000 tijdelijk werklozen contacteert met een aanbod aan opleidingen, tijdelijke jobs en loopbaanbegeleiding om hen te laten kennismaken met het uitgebreide aanbod van VDAB en zijn partners. Ik vind het uiteraard goed nieuws dat het uitwisselen van die gegevens eindelijk op punt staat en ik vermoed dat er nu naar iedereen die op dit moment onder de tijdelijke werkloosheid valt, een mail of brief wordt gestuurd. Maar hoe gebeurt dit in de toekomst? Krijgt elke werknemer die tijdelijk werkloos is, meteen automatisch een mail of een brief? Of is er een minimum aantal dagen van tijdelijke werkloosheid? Wat als iemand meermaals tijdelijk werkloos is? Wordt die dan telkens opnieuw gecontacteerd?

U spreekt in uw communicatie ook over een aangepast opleidingsaanbod. Ik denk dat dit zeker nodig is, aangezien personen in tijdelijke werkloosheid in een heel andere situatie zitten dan iemand die werkzoekende is, niet enkel wat betreft opleiding maar ook wat betreft tijdelijke jobs. Op welke manier wordt de communicatie in de toekomst specifiek uitgerold? En waarin verschilt het aangepaste opleidingsaanbod van het reguliere opleidingsaanbod?

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

Collega’s, bedankt, ook voor het koppelen van de vragen. Dat is een goed idee omwille van een efficiënte tijdsbesteding.

Ik begin met de vraag om uitleg over de vernieuwde VDAB en de gepersonaliseerde website. De Vlaamse Regering heeft inderdaad de ambitie om de werkzaamheidsgraad op lange termijn drastisch te verhogen, elke werkgever een perspectief op talent te geven en elke burger bij te staan in zijn of haar loopbaan. Om dit te realiseren hebben we VDAB, met de goedkeuring van het kaderdecreet, benoemd als data-, loopbaan- en activeringsregisseur. Tijdens de ministerraad van 10 juli 2020 legde ik hierover een duidingsnota voor aan de Vlaamse Regering waarin de hordes die we moeten nemen, zoals verdiepingsdecreten, uitvoeringsbesluiten en machtigingen, werden toegelicht. De gepersonaliseerde website voor elke Vlaming maakte hier uiteraard deel van uit.

De doelstelling is om de website in verschillende fasen op te leveren, waarbij er na elke stap nieuwe VDAB-diensten zullen worden aangeboden. In een eerste fase wordt een gepersonaliseerde website opgezet waar een burger zich registreert en makkelijk kan navigeren naar de thema’s, jobs, opleidingen en oriëntering. Op basis van een cv of andere werkervaringen wordt er bepaald welke beroepen binnen het bereik liggen van een burger en wat de competentiekloof is. Ook wordt het dan snel duidelijk welke opleidingen er voorhanden zijn per voorgesteld beroep. Collega Annouri, dat gaat dus niet over nieuwe opleidingen, maar over bestaande opleidingen. Dat is een eerste stap, een relatief eenvoudige stap, maar desalniettemin een stap die we niet mogen onderschatten, want het gaat over veel mensen.

In een volgende fase willen we de reeds beschikbare loopbaandata op een gebruiksvriendelijke manier op één pagina visualiseren. De burger kan zijn profiel dan aanpassen en geheel of gedeeltelijk delen met werkgevers. Het hangt dus van de werknemer af wat hij of zij deelt met potentiële werkgevers. Dat betekent dat werkgevers op die manier interessante profielen kunnen bekijken. De mensen zelf krijgen vacatures te zien overeenkomstig de actuele loopbaandata.

VDAB wil uiteindelijk, in een derde fase, op maat van de klant opleidings- en loopbaansuggesties aanbieden conform de noden van mensen en de arbeidsmarkt. In een ideale wereld wordt iedere Vlaming zo ondersteund doorheen zijn loopbaan. Hiertoe maakte ik recent al enkele nieuwe toepassingen bekend die de werkzoekende of werkende zelf kan gebruiken.

Dat is eigenlijk het schema waar we voor staan. Hoe gaan we de actoren betrekken? We vertrekken uiteraard niet van een wit blad. VDAB heeft vanuit zijn ‘Samen sterk’-strategie een uitgebreid netwerk aan partnerschappen, waarbij nu al met een aantal overheden loopbaandata worden uitgewisseld, of persoonsdata, als de mensen daar toestemming voor geven. De actoren in die partnerschappen zullen worden betrokken in de vernieuwde visie rond de gepersonaliseerde website, waarbij we uitgaan van het principe dat de burger aan het stuur van zijn eigen loopbaan zit. Daar is dus nog heel veel werk aan. Dan heb je natuurlijk ook de link met de digitale ongeletterdheid. We hebben het er al uitgebreid over gehad dat we daar opleidingen moeten geven.

De criteria voor de AI-toepassing gaan over het volgende. Welke competenties heeft iemand? Welke competenties heeft iemand niet? Dat is dan de competentiekloof. En er is de beschrijving van de opleiding aan de hand van de competenties die door middel van die opleiding kunnen worden verworven. Maar ook daar is echt werk aan. U weet dat AI enorme mogelijkheden heeft, maar je moet er wel voor zorgen dat het goed werkt en dat je geen negatieve effecten hebt.

Dan kom ik bij de tijdelijk werklozen, waar beide collega’s, zij het met een lichtjes andere inkleuring, vragen over hebben gesteld. Collega Ronse, in vraag 3120 zegt u dat maar 14 procent van de COVID-vacatures in maart, april en mei ingevuld zijn. Ik heb mijn antwoord op de schriftelijke vraag nagekeken en daar wordt eigenlijk nergens melding gemaakt van die 14 procent. Ik denk dat u het aantal vervulde vacatures uit antwoord 2 gedeeld hebt door het aantal ontvangen vacatures uit antwoord 1. Ik heb eigenlijk gezegd dat je die twee niet met elkaar kunt vergelijken, omdat de tabellen een overzicht geven van het aantal vervulde COVID-vacatures. Die cijfers kunnen niet vergeleken worden, om twee redenen. Voor de vervulde vacatures kunnen enkel de vacatures in gedeeld beheer tussen VDAB en de werkgever in beschouwing worden genomen. Dat zijn die vacatures waar de werkgever effectief hulp vraagt van VDAB. De hashtag COVID-19 kan ook op een later moment toegevoegd of verwijderd worden. Je mag die twee dus niet door elkaar gaan delen. Het kan ook zijn dat men de hashtag dan plots verwijdert of gaat toevoegen. Ik wil niet te detaillistisch zijn, collega, maar het gaf een heel negatief beeld over wat er maar ingevuld is, en ik wil de mensen van VDAB die zich te pletter werken om dat allemaal in goede banen te leiden, ook een beetje beschermen wat dat betreft.

Dan kom ik bij de vervullingspercentages voor de vacatures COVID-19, zoals wij ze berekend hebben. Berekend op basis van het aantal afgehandelde vacatures rechtstreeks aan VDAB gemeld in het normaal economisch circuit zonder uitzendopdrachten en in gedeeld beheer door VDAB en werkgever, krijg je voor maart een vervullingspercentage van 34,7 procent. Dat is logisch, want het was toen pas gestart. Voor april is dat 64,7 procent, voor mei 79,4 procent, voor juni 89,9 procent, voor juli 83,7 procent en voor augustus 78,4 procent. Ik denk dus dat de bemiddelaars van VDAB in heel moeilijke tijden echt hun best hebben gedaan om werkzoekenden naar cruciale sectoren te leiden.

Het was een wat grote uitweiding over die 14 procent, collega Ronse, maar ik denk dat het ook logisch is dat ik daar wat duiding bij geef.

Collega’s, jullie hebben terecht druk gezet opdat VDAB zich proactief zou opstellen ten aanzien van mensen die tijdelijk werkloos zijn. We zijn vooreerst gestart met een specifiek op werklozen gerichte socialemediacampagne, ‘Blijf in beweging’, in juli en augustus. Ik had dat ook al aan jullie gezegd bij vorige vragen. De bedoeling was om de interesse van de tijdelijk werkloze uit te lokken met een opleidingsaanbod.

Vorige week is VDAB gestart met een maandelijkse gepersonaliseerde communicatie naar de tijdelijk werklozen; zo mogelijk via email, als het nodig is via de post. Het dienstverleningsaanbod van VDAB wordt hierbij in de kijker gezet en de klant wordt ertoe aangespoord zich in te schrijven bij VDAB. Hierbij wordt het volgende onder de aandacht gebracht: alles voor competentieversterking, de tijdelijke jobs, sollicitatietips, en loopbaanbegeleiding en -advies.

In een derde fase zetten wij in samenspraak met de sectoren met het grootste aantal tijdelijk werklozen een online opleidingsaanbod in de kijker. Daarvoor is dan wel de medewerking van de sectoren nodig.

Collega Annouri, waarin verschilt het aanbod voor tijdelijk werklozen van het reguliere aanbod? Voor de tijdelijk werklozen willen we focussen op korte modulaire opleidingen, zodat ook de niet volledig tijdelijk werklozen hieraan gemakkelijk kunnen deelnemen, want we zien dat het gemiddeld aantal dagen tijdelijke werkloosheid gedaald is tot zeven dagen per maand. Je kan dan ook niet zomaar een voltijdse dagopleiding aanbieden. Voltijds tijdelijk werklozen zijn er bijna niet meer. Maar voor wie een aantal dagen per week tijdelijk werkloos is, vind ik het nuttig te wijzen op de meerwaarde van opleidingen. Vandaar de focus op de korte modules. Die mensen zouden dat in hun periode van tijdelijke werkloosheid gemakkelijk moeten kunnen volgen.

Het opleidingsaanbod bij VDAB, maar ook andere opleidingsverstrekkers, is sinds de coronacrisis versneld gedigitaliseerd, zoals ik eerder vandaag al heb aangegeven. Ook de coaching van de cursisten gebeurt nu digitaal, wat ik ten zeerste apprecieer.

Collega Ronse, om op uw vraag over het uitlenen van tijdelijk werklozen te antwoorden: u weet u dat het ‘ter beschikking stellen van werknemers’ een federale bevoegdheid is. Maar ik vind dat we die transitie naar werk absoluut moeten ondersteunen. Collega Annouri stelt vandaag in deze commissie ook nog een vraag om uitleg – nr. 3314 – over deelplatformen voor werknemers. Die vraag had aan deze samengevoegde vragen gekoppeld kunnen worden, als nuttige aanvulling op de vraag van collega Ronse. Ik antwoord er straks op.

Tot slot kom ik tot uw laatste vraag, collega Ronse. Uw vraag is minder streng dan uw tweet van een tijdje geleden. U vraagt hoe het komt dat VDAB nu pas actie heeft ondernomen voor tijdelijk werklozen terwijl we toch al van 18 juni de machtiging hebben. Ik begrijp de vraag. Maar gegevens van 120.000 mensen verwerken waarvan men alleen de namen heeft doorgekregen, is een hele opdracht. Het opzoeken van eventuele mailadressen, van al aanwezige gegevens in het databestand enzovoort, vergt heel wat tijd. De nodige tijd heeft niet zozeer te maken met formalisme maar met een aantal praktische organisatorische zaken.

Ik wil nog benadrukken dat dankzij de goedkeuring van het besluit door het Vlaams Parlement VDAB de mogelijkheid heeft gekregen als activeringsregisseur een dienstverlening aan te bieden aan de doelgroep tijdelijk werklozen. Dat was voorheen niet mogelijk en is dus een nieuwe mijlpaal in het 31-jarig bestaan van VDAB.

De heer Ronse heeft het woord.

Ik heb twee opmerkingen. Ten eerste zou ik graag, schriftelijk, de wijze van berekening doorgestuurd krijgen van de invullingsgraad voor augustus van meer dan 80 percent. Voor alle duidelijkheid: ik vind die invullingsgraad goed. Ik ga ervan uit dat de berekening de juiste is maar wat bijkomende informatie zou welkom zijn. Ik vraag mij toch nog af met welke mensen die tijdelijke vacatures worden ingevuld. Betreft dat tijdelijk werklozen of niet-werkende werkzoekenden? Kan die informatie nagestuurd worden aan de commissieleden?

Wat de snelheid van schakelen betreft, was ik scherp in de tweet. Uw collega, onze voorzitter, heeft mij meteen tot de orde geroepen en aangegeven dat het de eerste keer is in de geschiedenis dat tijdelijk werklozen effectief worden begeleid. Wanneer men het hele plaatje bekijkt, dan zien we dat er sinds maart een heel grote groep tijdelijk werklozen is die we pas vanaf september kunnen bereiken, en dan nog slechts via mail of brief. We moeten dan ook allemaal in de spiegel kijken.

Ik leidde mijn vraag in met te zeggen dat ik niemand met de vinger wijs, u niet, VDAB niet, de Vlaamse Regering niet, zelfs de Federale Regering niet, maar gewoon het systeem. Ik denk dat dit soort voorvallen ons moet leren conclusies te trekken die ons moeten toelaten om in de toekomst veel sneller te schakelen. Men krijgt eigenlijk niet uitgelegd aan mensen dat het zo lang heeft geduurd ondanks het feit dat iedereen – uzelf, uw administratie en zelfs het federale niveau – alle nodige stappen heeft gezet.

Ik denk dat onze opdracht partijoverschrijdend en kamerbreed erin bestaat om wekelijks terug te komen op de vraag hoe we nu moeten omgaan met de mensen die in tijdelijke werkloosheid zitten maar ook met de mensen die hun job zijn verloren door corona. Ook de brexit komt eraan en dat wordt in West-Vlaanderen een echte kaalslag. We verwachten files van vrachtwagens van Kortrijk tot Calais. Dat zal ook een enorme impact hebben op onze voedingsindustrie. Dat betekent dat we zeer snel zullen moeten kunnen schakelen om mensen toe te leiden naar jobs waar ze nuttig zijn en om mensen op te leiden. Bij VDAB zijn alle voorbereidingen daarvoor getroffen op IT-vlak. Ik stel voor dat we dit allemaal zeer goed monitoren. 

De heer Annouri heeft het woord.

Voorzitter, de twitterconversaties tussen u en de heer Ronse zijn soms zeer interessant om te volgen, goed dat ze ook een vervolg krijgen in deze commissie.

Minister, ik dank u voor uw antwoord. Het klopt voor een deel wat de heer Ronse zegt, namelijk dat het pas in september gebeurt, eindelijk, zoals ik in mijn inleiding heb gezegd. Het is wel goed dat dit gebeurt, dat die mensen extra ondersteuning krijgen en dat we hen in contact brengen met allerlei opportuniteiten of mogelijkheden die er zijn inzake opleiding. Op basis van de prognoses zal er de volgende maanden misschien nog meer nodig zijn en zullen misschien nog meer mensen daar gebruik van maken. In die zin is het goed dat het nu op deze manier wordt ingevoerd. Ik heb daar geen bijkomende vragen over.

Mevrouw Gennez heeft het woord.

Minister, ik heb een aantal bedenkingen. U weet dat wij de uitbreiding van de scope van VDAB steunen. Hoe meer mensen van nabij worden opgevolgd en hoe meer vorming en opleiding wordt aangeboden op maat van het profiel van de mensen die ofwel tijdelijk werkloos zijn, ofwel werkloos zijn en op zoek zijn naar een job, hoe beter. Dat is alvast een goede zaak.

Daarnaast wil ik toch nog eens aanstippen dat in de capaciteit van VDAB toch wel wat is gesnoeid. U weet dat ook en ook de gedelegeerd bestuurder heeft dat al een aantal keren aangebracht, ook in deze commissie. Wat sp.a betreft, is het absoluut belangrijk dat de prioritaire doelgroep de niet-werkende werkzoekenden blijven. Want hoe langer men echt werkloos is en hoe groter de afstand is tot de arbeidsmarkt, hoe moeilijker het wordt om die mensen alsnog te activeren. Het lijkt me daarbij ook belangrijk om in tweede orde zeker te focussen op die grote groep van tijdelijk werklozen die in permanente werkloosheid dreigt te sukkelen. Daar hebben we nu nog geen volledig beeld van, maar ik denk dat het ook de opdracht is van VDAB omdat dat te monitoren en dan sneller dan tot nu toe het geval was – en daar sluit ik me wel enigszins aan bij de heer Ronse – op de man en de vrouw te kunnen spelen en daar in een passend aanbod van vorming en opleiding te voorzien.

Wat wij enigszins betreuren, is de focus op de digitale aanpak. Dat kan perfect ondersteunend zijn, maar het zou het meest renderen als mensen persoonlijke begeleiding kunnen krijgen. We leren uit onderzoek dat de meeste werkzoekenden zich dezelfde twintig jobs inbeelden die ze kunnen doen. Er zijn natuurlijk heel wat meer jobs die in de scope moeten worden opgenomen. Soms is het ook zaak om ‘the minds of men’ wat te verbreden, en ook dat is een opdracht van een performante VDAB. Een coachende VDAB met een verbrede scope, met als absolute prioriteit vorming en opleiding voor de niet-werkende werkzoekenden die allang in het systeem zitten, is een must. Als men tijdelijk werklozen wil benaderen, zeer graag, met een passend aanbod van opleiding en vorming, maar men moet zeker ook focussen op mensen die na tijdelijke werkloosheid door corona dreigen terecht te komen in permanente werkloosheid.

De heer Ongena heeft het woord.

Collega Gennez, u bent een schim van uzelf, niet figuurlijk maar letterlijk. We zien uw contouren wel, dat is door het tegenlicht van het raam achter u.

Ik zit in het parlement, thuis gaat het beter.

De begeleiding van mensen die vandaag al zonder job zitten en werkzoekend zijn, heeft voor u prioriteit op de begeleiding van tijdelijk werklozen. We zouden in staat moeten zijn om niet te moeten kiezen tussen die twee. We moeten in staat zijn om beide te doen. Uiteraard ligt de eerste opdracht van VDAB bij de mensen die nu al zonder job zitten. We weten en vrezen allemaal dat tijdelijke werkloosheid een voorspelling is van een echte werkloosheid. In het verleden hebben mensen gezegd dat we de problemen moeten oplossen als ze zich stellen, maar ik geloof dat we in dezen de problemen al wat op voorhand kunnen oplossen. In sommige sectoren zullen veel van de tijdelijk werklozen wel degelijk echt werkzoekend worden. Hoe sneller we die mensen nu kunnen bereiken in tijdelijke werkloosheid, hoe beter.

Ik was heel blij toen ik begin september vernam dat VDAB in actie was geschoten. We kennen het parcours. Ik ben de tel kwijt van al onze vragen in de commissies en plenaire vergaderingen over de begeleiding van de tijdelijk werklozen. Ik ben blij dat VDAB in actie is geschoten. Men zegt dat het wat beter en sneller kon, maar ik zie een halfvol in plaats van een halfleeg glas. We moeten vooruitkijken.

Minister, u hebt de verschillende fases geschetst. Ik heb begrepen dat er nu algemene maandelijkse – goed dat het repetitief is – informatie komt naar alle tijdelijk werklozen. In de volgende fase gaat u met de sectoren samenzitten. Ik zou er toch op willen aandringen om snel over te schakelen naar de vierde fase waarbij men aan maatwerk gaat doen voor de tijdelijk werkzoekenden. U hebt er zelf naar verwezen. Het is een zeer diverse groep, er zitten mensen bij die maar enkele dagen per maand tijdelijk werkloos zijn, waarschijnlijk in de sectoren die zodra de economie – hopelijk – weer heropleeft, weer vertrokken zijn. Er zitten ongetwijfeld mensen – en sectoren – bij die geen goede vooruitzichten hebben in de komende weken en maanden. Ze zullen waarschijnlijk op relatief korte tijd echt zonder job vallen.

Daarom is het goed dat men voor die tijdelijk werkzoekenden meer naar maatwerk gaat. Ik vraag u om die volgende stap snel te zetten in de mate van het mogelijke. Men moet nagaan wie allang in tijdelijke werkloosheid zit, en wie veel in tijdelijke werkloosheid zit. Misschien kan men hen apart benaderen en met hen bekijken of ze nood hebben aan begeleiding, andere vacatures of opleidingen. Men moet echt werk maken van maatwerk voor de tijdelijk werkzoekenden.

Ik ben blij dat het aanbod voor tijdelijk werklozen er is. Collega Ronse, in onze kleine Twitterdiscussie hadden we het er al over hoe belangrijk deze doorbraak is. Ik heb de cijfers van de RVA van januari 2019 bekeken; toen waren er ook 120.000 mensen tijdelijk werkloos, helemaal niet in een crisisperiode. Tijdelijke werkloosheid is iets wat structureel voorkomt op onze arbeidsmarkt. Die periodes van tijdelijke werkloosheid op een nuttige manier gebruiken, is een belangrijke doorbraak om de leercultuur in Vlaanderen te krijgen.

De preventieve aanpak is bijzonder belangrijk, niet alleen met opleiding maar ook bijvoorbeeld met een aanbod van loopbaanbegeleiding. Ik vraag mij af op welke manier daarop wordt gereageerd. Hebben we inzage in de manier waarop mensen effectief gebruikmaken van de optie om hun eigen loopbaan vorm te geven?

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

Collega's, ik dank u voor de interesse, ook in de werkzaamheden. Dat is op zich heel positief. Ik ben het met heel veel zaken eens die jullie hebben aangehaald.

We zetten deze legislatuur heel sterk in op gegevensuitwisseling. Voorheen was dit niet mogelijk. De gegevens komen niet van Vlaanderen, maar van de federale instellingen. Het is een ongeziene situatie waarin we een nieuwe doelgroep moeten bereiken. U mag echt niet de indruk krijgen dat het met een vingerknip is geregeld. Het is iets compleet nieuws wat vroeger niet gebeurde en niet kon gebeuren. Het had misschien vroeger gebeurd moeten zijn, maar het is enorm wat VDAB nu presteert. Collega Annouri, wat ze op minder dan zes maanden hebben gerealiseerd, vind ik echt baanbrekend. Ik vind het echt spectaculair. Het is altijd makkelijk te zeggen dat het rapper moet, maar je moet eens zien hoe die gegevens aankomen en hoe ze correct moeten worden verwerkt. Het vraagt heel veel mankracht om dat te regelen.

Collega Ongena, over de prioriteiten: het en-enverhaal is helemaal op mijn lijf geschreven en nog meer op dat van mijn partij, zoals u weet. Het is in de ideale wereld inderdaad zo dat we niet zouden moeten kiezen tussen de ene en de andere. Ik voel dat sommigen vinden – maar jullie hebben dat niet gezegd – dat VDAB zich op haar kerntaken moet focussen: ‘Straks worden er mensen werkloos. Doe nu alleen dat en de rest kan wachten.’ Ik zou dat persoonlijk een historische vergissing vinden. Ik vind dat we een opleidingsoffensief moeten starten. Als we willen dat mensen zich herscholen van sectoren waar er veel werkloosheid is naar sectoren waar er veel werk is, dan moet VDAB die twee taken au sérieux kunnen nemen. Dat zal budgetten vragen. Er zijn er die zeggen dat je de budgetten van VDAB moet delen door het aantal werklozen, dat is gedaald en dus kan VDAB veel meer aan. De taken zijn ook heel sterk uitgebreid: het begeleiden van tijdelijk werklozen, opleidingen aanbieden, online opleidingen aanbieden. Dat vraagt ook enorme inspanningen.

Collega Ongena, ik vind dat die twee topics moeten blijven en ik voeg er zelfs een derde aan toe, waar sommigen onder jullie het soms ook over hebben. Ik vind dat we de groep die vandaag geen werk zoekt, geen werkloosheidsuitkering krijgt maar nog niet actief is op de arbeidsmarkt, ook in de focus moeten houden. Het gaat over mensen die niet de kans hebben om te werken. Men zou ook kunnen zeggen dat het straks niet nodig zal zijn. Neen, het is verdorie wel nodig. We moeten op die groepen blijven inzetten.

Voorzitter, we moeten ook inzetten op de mensen die een job hebben, gelukkig zijn, maar een andere oriëntering willen geven aan hun loopbaan en loopbaanbegeleiding.

We hebben een paar maanden geleden de voorwaarden voor de loopbaancheques een beetje verstrengd. Ik ga zeker een evaluatie van de impact laten maken omdat post-corona het wel zou kunnen dat een aantal voorwaarden die we hebben ingevoerd, net de doelgroep treffen die nu makkelijker werkloos wordt, zoals de pas afgestudeerden. Het is tijd om een korte evaluatie te maken.

De heer Ronse heeft het woord.

Minister, bedankt voor de uitgebreide toelichting. Ik herhaal de vraag of het mogelijk zou zijn om de berekening aan de commissie over te maken.

Minister Hilde Crevits

Ja, dat was eigenlijk het eerste wat ik had moeten zeggen. We gaan u die berekening zeker bezorgen. Dat was voor mij een evidentie, omdat het kabinet meeluistert.

Super! Dan rest mij nog één woord: een welgemeende dank u wel, minister.

De heer Annouri heeft het woord.

Ook namens mij bedankt voor het uitgebreide antwoord, minister, en voor de interessante discussie, collega’s.

De vragen om uitleg zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.