U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werd deze vraag om uitleg via videoconferentie behandeld.

Mevrouw Ryheul heeft het woord.

Op maandag 29 juni vernam ik dat de Franse lijnbus tussen Duinkerken en het station van De Panne, dat eigenlijk in de deelgemeente Adinkerke ligt, niet langer tot in Vlaanderen doorrijdt. Dat zou beslist zijn door de burgemeester van Duinkerken, Patrice Vergriete. Sinds vrijdag 26 juni moeten alle busreizigers dus afstappen in Bray-Dunes en te voet naar De Panne gaan. Aangezien tussen beide plaatsen nog een vrij omvangrijk duingebied ligt, komt dat neer op een wandeling van ruim vier kilometer.

De burgemeester van De Panne, Bram Degrieck, noemde de maatregel al een probleem voor heel wat Franse werknemers die in Plopsaland De Panne werken. Er werken ook veel Fransen in de horeca aan onze Vlaamse kust. Maar ook omgekeerd kunnen Vlamingen de dienst gebruiken voor woon-werkverkeer of om hun vrije tijd door te brengen aan de Frans-Vlaamse kust. In het kader van de zomervakantie die intussen begonnen is, is dit dus zeker geen interessante maatregel. Velen waren dan ook compleet verrast door de plotse beslissing.

In Frankrijk wordt de bus voor een deel betaald door Franse bedrijven. Keolis baatte in onderaanneming voor DK’bus het busvervoer richting Adinkerke uit. Navraag van buurtbewoners bij de chauffeurs leerde dat het de Duinkerkse stadsregio, de Communauté Urbaine de Dunkerque (CUD) zou zijn die tegenwerkt.

Vanuit het gemeentebestuur van De Panne kwam het antwoord dat zij niet op de hoogte werden gesteld en dus totaal niets te zeggen hadden over deze inkorting van het traject van de bussen van Keolis.

Ik heb volgende vragen. Minister. Hoe evalueert u dit stopzetten van het grensoverschrijdend busvervoer door de Franse autoriteiten? Werd De Lijn op de hoogte gebracht van deze beslissing? Zal het departement Mobiliteit in overleg treden met de betrokken Noord-Franse instanties om de beslissing ongedaan te maken? Ik denk hierbij aan de burgemeester van Duinkerke, het bestuur van de CUD, en eventueel vertegenwoordigers van het departement. Zullen er ter compensatie extra Lijnbussen worden ingezet op het traject? Indien ja, welke meerkost betekent dit voor De Lijn?

Minister, welke eventuele andere initiatieven neemt u om het grensoverschrijdend openbaar vervoer in de regio te bevorderen?

Minister Peeters heeft het woord.

Minister Lydia Peeters

Mevrouw Ryheul, ik was even verrast als u dat de grensoverschrijdende bediening in De Panne na de heropening van de grenzen op 15 juni 2020 niet is hervat. Die eenzijdige beslissing van de CUD heeft ons allemaal, ook de gemeente De Panne, verrast. Noch De Lijn, noch het Departement Mobiliteit en Openbare Werken zijn hiervan in kennis gesteld. Als in het verleden afspraken zijn gemaakt en iemand die afspraken niet meer wil honoreren, is het niet meer dan logisch dat minstens voorafgaand overleg nodig is. Dat heeft niet plaatsgevonden.

Er is contact opgenomen met de mensen van de CUD en op 2 juli 2020 heeft in het gemeentehuis van De Panne een vergadering plaatsgevonden. De CUD heeft toen laten weten het verkeer vanaf 7 juli 2020 te zullen hernemen. We hebben inmiddels vernomen dat dit is gebeurd en ik hoop dat u dit kunt bevestigen. De bediening zou sinds 7 juli 2020 volwaardig zijn hernomen. Er zijn weinig gebruikers aan Vlaamse kant. Het gaat vooral om trafiek van Frankrijk naar Vlaanderen, vooral mensen die in de horeca of in Plopsaland zijn tewerkgesteld.

Aangezien het de intentie is de buslijn opnieuw tot aan het station van De Panne te laten doorrijden, zijn extra bussen van De Lijn niet nodig. Er is geen sprake van een meerkost voor De Lijn.

Het grensoverschrijdend vervoer moet in de toekomst verder in de vervoerregio worden uitgetekend. Wat het vervoer op maat betreft, moet worden nagegaan of er al dan niet verdere initiatieven moeten worden uitgevoerd. Het is in eerste instantie aan de vervoerregio om dit uit te werken.

Mevrouw Ryheul heeft het woord.

Minister, ik was nog niet op de hoogte van het feit dat deze lijn opnieuw werkzaam is. Dat is fijn om te horen. Aangezien het reizen dichtbij huis ten gevolge van de coronacrisis wordt aangemoedigd, zou het misschien interessant zijn in de zomer meer grensoverschrijdende lijnen in te zetten. De aansluiting tussen steden in West-Vlaanderen en Frans-Vlaanderen is quasi onbestaande. Ik denk dan aan de lijn tussen Poperinge en Kassel, tussen Veurne en Sint-Winoksbergen of tussen Menen en Halewijn. Ik zie Noord-Fransen vaak de bus naar Halewijn nemen om dan een kilometer naar Menen te stappen en lijn 40 in de richting van Kortrijk te nemen. Zoals u zelf hebt aangehaald, zal dat een taak van de vervoerregio worden.

Mevrouw Fournier heeft het woord.

Voorzitter, dit thema is in deze commissie de voorbije maanden al een paar keer aan bod gekomen. Ik spring even van de kust naar Kortrijk, binnen dezelfde provincie. Op 13 februari 2020 heb ik een vraag om uitleg over de grensoverschrijdende mobiliteit in de Eurometropool Rijsel-Kortrijk-Doornik gesteld. Het gaat om 2,1 miljoen inwoners, een grens van 84 kilometer en 160.000 grensoverschrijdende verplaatsingen per werkdag, transitverkeer niet inbegrepen.

En ocharme, daar zijn amper drie grensoverschrijdende openbaarvervoersverbindingen.

Ondertussen heb ik ook een vraag gesteld aan minister Crevits over grensoverschrijdende arbeidsmobiliteit. Blijkt dat er toch nog meer dan 6000 Fransen in onze regio komen werken. De werkloosheid in West-Vlaanderen bedraagt 2 tot 3 procent, wat heel laag is. De werkloosheid in Henegouwen bedraagt tussen de 10 en 12 procent. We hebben dat aangekaart in de commissie. Ik vind het erg dat er geen betere afspraken zijn over busverbindingen tussen Frankrijk en Vlaanderen, tussen Frankrijk en Wallonië, en tussen Wallonië en Vlaanderen.

U zei in de commissie van 13 februari dat er bij de Waalse TEC en het Franse Ilévia duidelijk wordt gestipuleerd dat er geen opstappers meegenomen mogen worden aan haltes in Vlaanderen. Dat betekent dus dat er aan de haltes in Menen een bus passeert van de TEC of Ilévia richting station, maar dat er geen enkele opstapmogelijkheid is. Dat komt door het monopolie van De Lijn op het openbaar vervoer op Vlaams grondgebied. U zei dat er bijkomende gesprekken zouden zijn tussen de verschillende instanties. Zijn die er geweest om die mobiliteit toch mogelijk te maken?

U verwijst altijd naar de vervoerregio’s, maar ik ben het daar niet helemaal mee eens, om niet te zeggen dat ik het er helemaal niet mee eens ben. Ik denk niet dat het de taak is van een vervoerregio om binnen de eigen budgetten geld voor extra lijnen uit trekken. Ze kunnen het probleem eventueel wel aankaarten, maar ik vind niet dat het aan de vervoerregio's is om binnen de bestaande budgetten in extra grensoverschrijdende lijnen te voorzien. Bent u in overleg gegaan met Wallonië en Frankrijk om vanuit Vlaanderen grensoverschrijdende bussen mogelijk te maken?

Mevrouw Vandromme heeft het woord.

Minister, ik kom even naar deze commissie omdat ik grensbewoner bent. Ik woon in het verre Poperinge aan de grens. Het boeit mij dan ook om het dossier van dichterbij op te volgen. Mevrouw Fournier is onze expert, maar in dit heel specifieke dossier was ik wat nauwer betrokken. In overleg met haar kom ik dan ook graag even tussen.

We waren heel verrast te horen dat de buslijn werd stopgezet. Er is op 2 juli een overleg geweest. U geeft aan dat het probleem opgelost zou zijn, maar dat is enkel maar op korte termijn, met een akkoord dat er middelen gezocht zouden worden vanuit Vlaanderen om tegemoet te komen. Ik zou u willen vragen dat er niet gekeken wordt naar de vervoerregio zelf, maar dat er in extra middelen wordt voorzien, zoals er ook extra middelen zijn voor andere buslijnen, zoals de afspraken met de Nederlandse provincies Zeeland, Brabant en Limburg. Er zou na augustus nog een tweede overleg volgen. De bedoeling is dat er een regeling wordt uitgewerkt zoals met Nederland. De Europese groepering voor territoriale samenwerking (EGTS) kan zeker een overlegtafel zijn om de banden tussen Frankrijk en Vlaanderen nauwer aan te halen.

In het vervoersplan van de Westhoek zou er een ondertekend engagement zijn om een verbinding te maken met onder andere Armentiers en Hazebroek. Ook daar kunnen nog stappen worden gezet. Uw handtekening is al geplaatst, maar we kijken uit naar de uitvoering.

Minister Peeters heeft het woord.

Minister Lydia Peeters

Op 2 juli heeft op het gemeentehuis van De Panne een overleg plaatsgevonden met de CUD samen met mensen van het departement MOW, De Lijn, en van De Panne. Daar heeft de Franse delegatie een engagement gevraagd van de Vlaamse partners om samen een oplossing te zoeken. De CUD ging er immers van uit dat de Vlaamse werkgevers een grotere bijdrage zouden moeten leveren in de kosten van het woon-werkverkeer. De Vlaamse partners, zowel de gemeente De Panne als de Vlaamse instanties, verklaarden zich bereid daar verder over te gaan praten. Op basis daarvan is de bediening naar De Panne weer ten volle in bedrijf gesteld, met ingang van 7 juli.

Een en ander zal moeten worden opgevolgd. Maar in die kwestie moet de lokale vervoerregio optreden. Ik kan niet zomaar interfereren in de vervoerregio.

Vanuit Vlaanderen zijn er wel nog middelen vrijgemaakt om een aantal proefprojecten te organiseren, om bestaande lijnen te verlengen en te versterken en zo grensoverschrijdende trajecten mogelijk te maken. Het gaat hier om een totaalbedrag van 684.000 euro, vrijgemaakt door het departement MOW en de Dienstverlenende Vereniging Westhoek om daar grensoverschrijdend verkeer mogelijk te maken, in afwachting van de openbare vervoersplannen die vanaf eind 2021, begin 2022 moeten worden uitgerold. Maar nogmaals: de vervoerregio’s moeten daarbij betrokken worden en zij moeten het belang afwegen dat zij hechten aan deze dienst. In welke mate wil men dat? Past dit traject in het kern- of aanvullend net of in het vervoer op maat?

Mevrouw Ryheul heeft het woord.

Ik deel de bekommernis over het grensoverschrijdend vervoer met de minister.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.