U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werd deze vraag om uitleg via videoconferentie behandeld.

Mevrouw Vandromme heeft het woord.

Minister, in het kader van nascholing rond professionalisering van lerarenteams stelt u om de twee jaar prioritaire thema’s vast om het beleid te ondersteunen. Een oproep nodigt geïnteresseerde organisaties uit om de gekozen thema’s te vertalen in een specifiek nascholingsaanbod voor leraren, directies, pedagogische begeleiders en lerarenopleiders. Daarna gebeurt een selectie van kwaliteitsvolle projecten.

Voor de schooljaren 2020-2021 en 2021-2022 werd gekozen voor het thema ‘begrijpend lezen voor lerarenteams basisonderwijs’, een goede keuze, als u het mij vraagt. Begrijpend lezen is een cruciale vaardigheid voor onderwijssucces, maatschappelijke participatie en levenslang leren enerzijds, en anderzijds merken we dat het taalvaardigheidsniveau in Vlaanderen daalt.

De oproep prioritaire nascholing rond begrijpend lezen leverde een zestal geselecteerde projecten op. De interesse bij de scholen bleek van bij de start enorm groot. We vernamen dat er zich bij die instanties ondertussen ongeveer 400 basisscholen kandidaat stelden. Helaas is er maar plaats voor ongeveer 150 scholen, als we ervan uitgaan dat er voor ieder project 20 tot 25 scholen kunnen intekenen. Ongeveer 250 scholen kunnen dus niet deelnemen aan de prioritaire nascholing. Dat is een gemiste kans.

Misschien hebben enkelen zich aangemeld voor de projectoproep ‘lezen op school’, waarvan de indiendatum verstreken en de selectieprocedure momenteel nog lopende is, maar hoogstwaarschijnlijk zal die oproep onmogelijk de andere 250 scholen kunnen bedienen. Bovendien zullen ook nog andere scholen interesse hebben in deze nascholing. Kortom, veel scholen willen zeer graag professionaliseren rond begrijpend lezen, maar de voorziene projectmiddelen lijken ontoereikend om tegemoet te komen aan de vraag.

In dat kader heb ik de volgende vragen voor u, minister. Overweegt u een nieuwe oproep rond prioritaire nascholingsprojecten, zodat meer organisaties kunnen intekenen en meer scholen kunnen werken rond dat thema?

De interesse bij de scholen om te werken rond begrijpend lezen is heel groot. Welke andere, bijkomende initiatieven zult u nemen om hen te helpen in dat professionaliseringsproces?

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Het klopt dat een groot aantal basisscholen zich kandidaat stelde om een traject te volgen rond het begrijpend lezen, en gelukkig maar, gelet op de resultaten van PIRLS (Progress in International Reading Literacy Study) en PISA (Programme for International Student Assessment). Dat is goed. Mijn administratie nam natuurlijk ook wel wat initiatieven om de appetijt wat te stimuleren. We hebben vorig jaar bijvoorbeeld een inspiratiedag Nederlands georganiseerd. In Klasse is er heel veel aandacht besteed aan lezen en aan Nederlands. We hebben ook de praktijkgids ‘Sleutels voor effectief begrijpend lezen’ in de focus gezet. Die gids is in opdracht van de Vlaamse Onderwijsraad (Vlor) en met steun van de Vlaamse overheid opgesteld door een consortium van onderzoekers van de UGent en de KU Leuven, met daarin heel concrete didactische aanpakken, stappenplannen en scenario’s die schoolteams echt kunnen inspireren bij een krachtige leesdidactiek in de klas. De geselecteerde projecten binnen zowel de prioritaire nascholing als de projecten ‘lezen op school’ baseren zich trouwens op die didactische sleutels.

Men had verwacht dat veel scholen zich zouden aanmelden. We hadden aanvankelijk een budget voorzien van 577.000 euro. Dat bleek niet te volstaan, omdat we een beetje slachtoffer waren van het succes. Daarom heb ik extra middelen vrijgemaakt. Ik heb daar nog 130.000 euro aan toegevoegd, door begrotingsmiddelen te verschuiven in de begroting 2020.

De grote interesse van de scholen wijst op een zekere ‘sense of urgency’: men is ook in het veld doordrongen van het acute karakter van het probleem. De scholen die alsnog uit de boot vielen, hebben de mogelijkheid om zich aan te melden bij een van de projecten rond ‘lezen op school’. Mijn administratie zal er ook op toezien dat die scholen zeker geïnformeerd worden over die mogelijkheid, en dat in samenwerking met de organisaties binnen de prioritaire nascholing en/of de organisaties binnen ‘lezen op school’. Een andere mogelijkheid is natuurlijk dat ze hun nascholingsmiddelen die ze jaarlijks ontvangen, aanwenden om bij een van de geselecteerde organisaties een professionaliseringstraject te kunnen volgen.

Tot slot wil ik er ook nog op wijzen dat de geselecteerde organisaties binnen de prioritaire nascholing inzetten op valorisatie, waardoor natuurlijk ook niet-deelnemende scholen toegang krijgen tot informatie, goede praktijkvoorbeelden, gehanteerde methodieken en relevante literatuur. Het blijft dus niet beperkt tot de deelnemende organisaties. Al die informatie wordt publiek en toegankelijk gemaakt voor alle scholen. Ik denk bijvoorbeeld ook aan een algemene studiedag, en sowieso via digitale weg.

Ik neem de vraag natuurlijk ter harte. Ik denk dat we al heel wat extra middelen voorzien hebben – via allerhande wegen, via projecten rond begrijpend lezen, maar evengoed de taalintegratietrajecten in de zomervakantie, nog boven op de zomerscholen – met de focus op Nederlands en op lezen. Ik zal ook in de volgende jaren elke gelegenheid te baat nemen om nog extra middelen, als ik die vind, uit te trekken ten voordele van Nederlands en zeker ten voordele van begrijpend lezen.

Mevrouw Vandromme heeft het woord.

Bedankt voor uw antwoord, minister. Ik denk dat scholen en iedereen die bekommerd is om het onderwijs, zich zorgen hebben gemaakt naar aanleiding van de berichten die verschenen over het niveau van het lezen en vooral het begrijpend lezen. We scoren met Vlaanderen niet zo goed rond levenslang leren. Ook bij de leerkrachten is er heel vaak het probleem dat er nog te weinig wordt ingezet op professionalisering. Maar als het over heel urgente problemen gaat, vindt men blijkbaar toch de weg om mogelijke bijscholingen te volgen.

U had het over de valorisatie, en dat is misschien nog wel het belangrijkste. Wat leert men op zo’n bijscholing? Welke goede praktijken worden er voorgesteld? Ik denk dat het de bedoeling kan zijn om die nog meer te verspreiden. Ik hoop dat u de onderwijsverstrekkers in de arm neemt om samen met de pedagogische begeleidingsdiensten datgene wat daar geleerd wordt, verder uit te dragen tot in elke school en elke klas.

Wij zijn met de N-VA-fractie natuurlijk bijzonder blij dat zoveel leerkrachten interesse hebben om nascholing te volgen in verband met begrijpend lezen. We zijn heel tevreden dat zoveel scholen daar massaal gebruik van maken. Het is goed dat u daar extra middelen voor vrijmaakt, minister. 130.000 euro, dat is niet niets. Het is bijzonder mooi dat die voorzien worden.

Ik heb nog een bijkomende vraag. Is er een stijgende trend te merken bij het aantal navormingen dat globaal wordt gevolgd? Hebt u daar zicht op?

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Dat is een kwestie van vraag en aanbod. Naarmate we het aanbod doen toenemen, zien we ook dat de vraag en de appetijt worden gestimuleerd. We hebben dat trachten te duiden via het overzicht van de initiatieven die we hebben genomen. Je ziet dat het nu echt is doorgedrongen in het veld. Men is zich bewust van de problematiek en toont een grote bereidheid om daar effectief iets aan te doen.

Ik kan nog meegeven, collega’s, dat ik nu net de goedkeuring heb gegeven voor de communicatie van de laatste draaiboeken voor september. We hebben daar nog lang over gediscussieerd, maar nu is alles afgeklopt. Ze zijn dus volledig klaar om in september uitgerold te worden. We moeten deze week nog afronden voor het hoger onderwijs. Het deeltijds kunstonderwijs (dko), het volwassenenonderwijs en de centra basiseducatie hebben we ook al rond. Het laatste wat we nog moeten doen voor volgend schooljaar, is het hoger onderwijs. Maar daarvoor hebben we de grote lijnen deze week ook al doorgenomen, zowel met de hogescholen als met de universiteiten. Dat zal dus ook wel landen. Ik verwacht dat dat misschien voor nu in het weekend zal zijn.

Mevrouw Vandromme heeft het woord.

Op goed nieuws kunnen we alleen maar positief reageren. Ik ben blij dat de draaiboeken er zijn en dat die er nog net zijn voordat de scholen helemaal sluiten en hopelijk in een welverdiende vakantiemodus kunnen gaan.

Lezen is heel belangrijk, minister. U vindt in onze fractie alvast een bondgenoot om een virus te verspreiden. We gaan zeker niet het coronavirus verder verspreiden, maar wel het leesvirus. Ik denk dat dat een goede basis is om dat begrijpend lezen verder vorm te geven, om elk kind de goesting om te lezen te geven of door te geven. Dat is alvast een boodschap die we kunnen meegeven: dat we dat leesvirus verder gaan verspreiden.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.