U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werd deze vraag om uitleg via videoconferentie behandeld.

De heer De Meester heeft het woord.

Voorzitter, collega's, minister, de afgelopen weken vonden verschillende debatten plaats in het Vlaams Parlement over het al dan niet invoeren van praktijktesten. U gaf tijdens de plenaire vergadering te verstaan dat u dat debat niet zo nuttig vond omdat u werkt aan een tool om discriminatie op de private huurmarkt tegen te gaan. Er wordt voor verhuurders een instrument uitgewerkt dat hen zou moeten helpen om vooroordelen aan de kant te schuiven. Het is dus een tool die discriminatieproblemen op de huurmarkt zou oplossen.

Minister, welke voorstellen liggen momenteel op tafel voor de opmaak van die tool tegen discriminatie? Hoe wilt u er met die tool voor zorgen dat verhuurders vooroordelen aan de kant schuiven?

Wanneer wilt u deze tool tegen discriminatie invoeren? Hoe zult u die evalueren?

Verwacht u dat deze tool tegen discriminatie even efficiënt zal zijn als praktijktesten in het bestrijden van discriminatie op de woonmarkt?

Minister Diependaele heeft het woord.

Minister Matthias Diependaele

Mijnheer De Meester, ik ben zeer blij met uw vraag en ik ben blij dat er dan toch iemand geluisterd heeft en op zijn minst de cognitieve opening heeft gemaakt voor het idee dat er misschien toch iets beter zou bestaan dan praktijktesten. Ik zal het met zeer veel plezier toelichten.

Vooreerst wil ik stellen dat de huidige tool ontwikkeld wordt door de Confederatie van Immobiliënberoepen (CIB) zelf en dat dit kadert in hun opdracht van zelfregulering. Het is dus niet zo dat het Vlaams Gewest dit ontwikkelt en ter beschikking stelt. Er is wel voortdurend overleg. Ik heb er zelf ook al mee samen gezeten. Het gaat over de tool CLEE. Er hangt een projectsubsidie aan vast die ze hebben toegekend gekregen voor het ontwikkelen van die tool.

Het project heeft als doel het verhuurproces en de kandidaatstelling van de verhuurder te objectiveren en te uniformiseren. Concreet gaat het over de uitbouw van een digitaal platform waarop kandidaat-huurders een huurdersprofiel kunnen aanmaken dat gebaseerd is op een aantal objectieve elementen. Zo wordt de solvabiliteitscheck en -berekening op een neutrale manier in kaart gebracht en voorgelegd aan de verhuurder. Ook over andere discriminatiegevoelige aspecten, zoals de naam van de huurder, is zeer grondig nagedacht en zijn er stappen gezet richting neutraliteit en objectiviteit. Op die manier worden vooroordelen opzijgezet.

Het aangemaakte huurprofiel kan vervolgens op verschillende manieren worden gebruikt. De kandidaat-huurder kan via het huurprofiel op zoek gaan naar huurpanden die aansluiten bij zijn profiel. Het kan dus ook een instrument zijn voor de huurder, om hem te helpen bij zijn zoektocht op de huurmarkt. Het project onderzoekt daarvoor de mogelijkheid om de website te laten matchen met zoekertjessites, maar dat is in tweede orde. In deze fase is het de bedoeling dat het huurprofiel de zoektocht stuurt en faciliteert.

Daarnaast kan men zich met het huurprofiel kandidaat stellen voor een woning. Het huurprofiel, dat wordt uitgewerkt naar aanleiding van de ingegeven data, wordt dan als een objectief document ter beschikking gesteld.

Het is niet aan mij om die tool in te voeren. We zitten daar wel over samen, maar de tool  wordt ontworpen door CIB en in eerste instantie uitgerold in de professionele immosector. We hopen dat te doen in het najaar van 2020.

Vorige week nog hebben we daarover samengezeten. Het zit heel goed in elkaar en is veelbelovend. Maar het is nog niet helemaal rond, er wordt nog aan voortgewerkt.

Aan de subsidiëring werd de voorwaarde verbonden om een begeleidingsgroep uit te werken waarin de verschillende gebruikersgroepen worden betrokken, maar ook bijvoorbeeld Unia. Unia zit dus ook in die begeleidingsgroep. Daar wordt de concrete uitwerking van het huurdersprofiel besproken, maar kan ook de verdere opvolging gebeuren.  

Is de tool al dan niet beter dan de praktijktesten? Het is mij er vooral om te doen een systeem uit te werken waarbij het probleem zelf wordt aangepakt, zodat we er effectief voor kunnen zorgen dat beide partijen op de huurmarkt op een objectievere manier naar elkaar toe groeien. Dit lijkt mij daartoe zeker een goed instrument te zijn. Het is een veelbelovend instrument. Zoals gezegd, moet het nog helemaal rond geraken in de loop van het najaar.

De heer De Meester heeft het woord.

Minister, ik heb nog een paar vragen om verduidelijking. Wordt de tool in heel de sector uitgerold? Of is dit een soort van tool die wordt aangeboden en waarop immokantoren  dan wel of niet kunnen intekenen?

Is er enige vorm van controle, van evaluatie voorzien? Of wordt de tool gewoon ter beschikking gesteld en is de kous daarmee af?

De heer Veys heeft het woord.

Mijn fractie wil hier niet opnieuw de hele discussie over de praktijktesten voeren. Ik begrijp dat de minister iets aan het uitwerken is. We zijn blij dat er iets gebeurt. Maar we zullen er natuurlijk wel waakzaam op toezien dat dat een goed instrument is. Het is nog even wachten.

Minister, hebt u een idee van de timing?

Mevrouw Sminate heeft het woord.

Het is natuurlijk moeilijk om nog iets toe te voegen na zo'n volledige uitgebreide toelichting. Maar ik merk in deze commissie dat de toon over dit thema enigszins veranderd is en inderdaad, ook redelijk positief is over het initiatief dat de minister op tafel legt – of alleszins voorstelt, want het is geen initiatief van de Vlaamse Regering zelf, het komt vanuit de sector. Op zich is het al een zeer goed punt dat het iets is dat vanuit henzelf wordt ontwikkeld. 

Ik heb begrepen dat kandidaat-huurders op een heel objectieve manier een profiel kunnen aanmaken dat gebaseerd is op neutraliteit. En dat is exact wat we willen.  Want als we blijven discussiëren over de praktijktesten die in sommige hoofden blijven spelen, dan ga je voor een systeem waarbij je er zeker van bent dat iedereen een bezoek zal krijgen, maar waarbij het resultaat, namelijk een effectieve verhuring, dikwijls nog uitblijft.

En wat ben je er dan mee? Ik denk dat met de tool die hier ontwikkeld wordt, toch naar een gedragswijziging wordt gestreefd. Dat is nodig. Ik ben dan ook heel benieuwd naar de resultaten daarvan. Ik richt mij naar de voorzitter met de vraag om hier in de commissie een demonstratie van die tool te krijgen.

Mevrouw Moerenhout heeft het woord.

Ik heb twee vragen. Begrijp ik het goed dat het een digitale tool is? Wordt daarbij rekening gehouden met mensen die digitaal niet zo onderlegd zijn? Is dat geen beperking voor het toepassen van deze methode?

Mijn tweede vraag gaat over de zelfregulering van de sector. Op het einde van de vorige regeerperiode hebben de Verenigde (private) Eigenaars onder leiding van Katelijne D’Hauwers miljoenen subsidies aangeboden gekregen om een zelfreguleringstraject uit te werken, zo ongeveer wat het CIB nu aan het doen is – wat een goed initiatief is van het CIB. De Verenigde Eigenaars stonden daar toen erg weigerachtig tegenover. Zij wilden de subsidie niet, maar zij hebben die toch gekregen, miljoenen euro belastinggeld. Mijn vraag is dan ook of de Verenigde Eigenaars eveneens een voorstel hebben uitgewerkt.

Minister Diependaele heeft het woord.

Minister Matthias Diependaele

Vooreerst wil ik, antwoordend op de heer De Meester, het volgende stellen. Heel die discussie die de laatste weken en maanden is gevoerd, is naar mijn aanvoelen meer een symbooldiscussie dan een debat over inhoud. Voorts wordt in de discussie ervan uitgegaan dat het probleem de huurder betreft – en dat is ook zo. Degene die gediscrimineerd wordt, die het slachtoffer is, is de huurder. In de discussie was alleen daarvoor oog. Maar dat is een zeer eenzijdige benadering. Door alleen oog te hebben voor de ene partij komt er geen oplossing.

We moeten ook kijken naar de andere partij, naar de verhuurder, want dat is de partij waarvan het gedrag moet worden bijgesteld. Er moet dringend ook gekeken worden naar de belangen van de verhuurder, naar de redenen waarom de verhuurder optreedt op een manier die wij afkeuren. Die oefening mocht in heel het debat niet gemaakt worden en dat wil ik nu wel doen. Hoe kunnen we de verhuurder een instrument geven waarmee zijn belangen het best gediend worden en hij aangespoord wordt om niet te discrimineren? Hoe kunnen wij maken dat de eigenaar geen redenen meer heeft om te discrimineren? Hij wil een huurder die zijn eigendom proper houdt, de huur betaalt, enzovoort.

De tool is nog niet klaar. Hij moet onder meer nog naar de begeleidingscommissie. Het is de bedoeling dat het een ruime tool wordt, in de eerste plaats gericht op de vastgoedsector zelf. Het CIB is daarmee bezig. Zij zullen dat aanbieden en het is de bedoeling dat ook de kleine eigenaars die tool zullen gebruiken. Maar ik besef dat dit niet vanzelfsprekend zal zijn. Mensen met een of twee huizen of appartementen, die ze bijvoorbeeld hebben geërfd, zijn vaak moeilijker te bereiken. In het najaar zou de tool moeten klaar zijn.

Mevrouw Moerenhout, u herhaalt telkens dat het om miljoenen euro’s gaat, maar die kregen de Verenigde Eigenaars niet alleen voor het uitwerken van dit systeem.

Zij hebben ook een convenant waar nog heel wat andere zaken in staan en waar ze zich moeten aan houden.

Ik ga ervan uit dat de tool ook kansen biedt aan verhuurders om geen kansen te missen. Ik denk dat verhuurders ook wel beseffen dat het in hun belang is om naar andere parameters te kijken dan huidskleur, achternaam of wat dan ook, om ervoor te zorgen dat ze een degelijke huurder hebben. Daar proberen wij nu op in te zetten. Zo is iedereen geholpen.

De heer De Meester heeft het woord.

Minister, het is net of u ontdekt dat de PVDA soms ook luistert en dat wij ook voor andere ideeën dan de onze een intellectuele opening maken. Uiteraard, zou ik zeggen. Misschien moet u die vooroordelen tegenover ‘de communisten’ aan de kant zetten. Misschien moet u daar eens een tool voor ontwikkelen, om die vooroordelen te helpen afbreken.

Het is superinteressant wat u vertelt. We zullen inderdaad zien wat het effect is van het nieuwe systeem, en of we het inderdaad zo positief kunnen beoordelen. Daar wil ik dan geen voorafname op doen.

Ik snap wel uw punt, dat verhuurders ook belangen hebben en redeneren vanuit hun belangen. Er zijn nog andere zaken belangrijk. Bijvoorbeeld de ontzorging van verhuurders via systemen van conventionering, om eigenaars te stimuleren om hun goed te verhuren. Maar er blijft natuurlijk dat punt van hardnekkige discriminatie. Op dat vlak blijf ik toch een beetje op mijn honger zitten. Maar goed, we zullen zien hoe het uiteindelijk uitdraait.

Voor alle duidelijkheid, mijn partij is nooit tegen zelfregulering op zich geweest. Zelfs praktijktesten dienen uiteindelijk om tot een soort van zelfregulering te komen. Dat is de ultieme doelstelling. Alleen volstaat het niet. Dat is de ervaring. Het klinkt goed dat het systeem nu wordt aangeboden. Het is de bedoeling dat het een brede en ruime tool wordt. Hij zal breed uitgerold worden in de sector. Maar de vraag is natuurlijk of je daarmee de minderheid zult bereiken van immokantoren die hardnekkig discrimineren. Het Gentse voorbeeld blijkt te bestaan. Gaan zij instappen in die tool? Dat is natuurlijk het probleem dat volgens mij blijft bestaan. Dat je een groot deel van de makelaars in dat systeem kunt trekken omdat ze zelf wel voelen dat er een probleem is en dat zij niet altijd hun eigen intuïtieve mechanismes door hebben en dat ze dat structureel willen aanpakken met zo’n tool: ik geloof dat je veel immokantoren daarvan kunt overtuigen. Maar de immokantoren die nu zeer bewust discrimineren, al dan niet op vraag van de eigenaars? Als die tool niet algemeen verplicht wordt, gaan zij blijven ontsnappen. Precies daarom heb je praktijktesten nodig: om die eruit te halen.

De meerderheidspartijen herhalen graag dat wij ervan uitgaan dat elke Vlaming racistisch is. Dat is absoluut niet het geval. Dat blijkt totaal niet uit die praktijktesten zelf. Het is maar een kleine minderheid. Maar hoe kun je die aanpakken met een vrijwillige tool? Waarom zou dat beter werken dan verplichte praktijktesten? Dat ontgaat mij nog even. We zullen zien wat het wordt.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.