U bent hier

De voorzitter

Wegens de coronamaatregelen werd deze vraag om uitleg via videoconferentie behandeld.

De heer De Bruyn heeft het woord.

Minister, collega’s, van water naar bermen, het is in deze commissie maar een kleine stap. Het probleem dat ik vandaag wil aankaarten, is velen onder jullie bekend. Er is een aantal decennia geleden hard gestreden voor het Bermbesluit dat een gepast antwoord moest bieden op het platspuiten van onze bermen, wat toen gebruikelijk was.

Het Bermbesluit staat toe dat er vanaf 15 juni wordt gemaaid zodat de voorjaarsbloeiers alle tijd hebben om zaad te vormen en te verspreiden met het oog op de biodiversiteit, maar ook dat er om veiligheidsredenen, en dan gaat het vooral om verkeersveiligheidsredenen, vroeger kan worden gemaaid.

Wie de voorbije weken rondreed in Vlaanderen, zag dat blijkbaar heel veel plaatsen nood hebben aan die veiligheidsmaaibeurt, want kilometerslang werden we geconfronteerd met gemaaide bermen, en dat ver voor 15 juni. Dat kan uiteraard niet de bedoeling zijn en het lijkt dan ook dat heel wat gemeenten die veiligheidsmaaibeurt iets te gemakkelijk hanteren om gewoon het werk verdeeld te krijgen, waar ik nog wel enig begrip voor kan opbrengen.

Minister, wat kunt en zult u doen om die steden en gemeenten die het nu niet te nauw nemen met de correcte toepassing van het Bermbesluit aan te sporen om dat toch te doen?

Lokale besturen kunnen een subsidie ontvangen voor de opmaak of evaluatie van een bermbeheerplan op voorwaarde dat dit is goedgekeurd door het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB). Hoeveel gemeenten hebben een dergelijk bermbeheerplan? Bestaat daarin een evolutie, met andere woorden, is deze methode de afgelopen jaren populairder geworden bij de gemeenten?

Overtreding van artikel 6 wordt gestraft overeenkomstig de artikelen 44 en 47 van de wet van 12 juli 1973 op het natuurbehoud. Kunt u verduidelijken wie sanctioneert en hoe vaak dit gebeurt?

Niet alleen de gemeenten maar ook gewestelijke instanties, provincies en waterwegbeheerders maaien. In hoeverre passen zij het Bermbesluit correct toe? Hebt u daar zicht op? Werden de laatste jaren nog inbreuken vastgesteld?

Bestaat er een netwerk waar goede praktijkvoorbeelden kunnen worden uitgewisseld? Er zijn immers wel een aantal gemeenten die het Bermbesluit op een zeer verstandige manier toepassen.

De voorzitter

Minister Demir heeft het woord.

Minister Zuhal Demir

De bevoegdheid voor het handhaven van deze wetgeving ligt bij de Natuurinspectie van Natuur en Bos en de politie. Natuur en Bos heeft in 2010 een eerste keer een sensibiliseringscampagne gevoerd ten aanzien van de gemeenten. Begin mei van dit jaar werden een aantal gemeenten opnieuw aangeschreven om hen specifiek te wijzen op de kernpunten van het Bermbesluit. Dit specifiek schrijven was gericht aan gemeenten waar er in het verleden overtredingen werden vastgesteld. We hebben dus zeer gericht gewerkt.

Voor het brede publiek was er eind mei een post op sociale media waarin het nut van het Bermbesluit uit de doeken werd gedaan. Dat bericht werd massaal  bekeken en geapprecieerd en begin juni werd een gerichte digitale nieuwsbrief naar de openbare besturen gezonden.

Naast veiligheid zijn er ook diverse ecologische redenen om in een aantal gevallen een berm vroeger te maaien. Zo leerde ik dat een berm vroeger dan 15 juni gemaaid moet worden wanneer de berm te voedselrijk is en men wil verschralen om zo de bloemenrijkdom te vergroten. Meer informatie over het ecologisch bermbeheer is ook terug te vinden op de websites van het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV) en van het ANB.

Het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) heeft in 2017 een nieuwe methodiek uitgewerkt waarmee bermen vlotter en accurater kunnen worden geïnventariseerd met het oog op het opmaken van een bermbeheerplan of het aanpassen van het gevoerde beheer.

Bermbeheerplannen zijn langlopende plannen. Om na te gaan hoeveel gemeenten beschikken over een bermbeheerplan dat nog geldig is, is opzoekingswerk nodig. We hebben tussen het moment waarop u uw vraag heeft ingediend en vandaag nog niet alles kunnen opvragen.

Wat de jaren 2016 tot en met 2019 betreft, beschikken we over een databank die we onmiddellijk kunnen raadplegen.

We zien dat er daar nog maar zeven gemeenten zijn. Daarnaast werden er tijdens die periode verschillende beheersplannen van provincies, het AWV en De Vlaamse Waterweg (DVW) goedgekeurd.

De Natuurinspectie kan overtredingen vaststellen. Ook de politie kan dat doen. Bij mijn weten is er in 2019 één proces-verbaal opgesteld tegen de gemeente Wingene wegens schending van het Bermbesluit. De Natuurinspectie heeft de laatste jaren geen andere openbare instanties geverbaliseerd voor overtredingen op het Bermbesluit.

Binnen de Vlaamse overheid is al jaren een werkgroep Ecologisch bermbeheer actief, getrokken door het AWV, met vertegenwoordigers van het departement Omgeving. Hierin worden de praktische uitvoering en de processen rond het beheer van de vegetatie in de bermen langs gewest- en autosnelwegen besproken. Daarnaast bestaat er een informeel netwerk van experten die hun kennis ad hoc inbrengen.

Het departement Omgeving maakte ook een Leidraad natuurtechniek die online te raadplegen is.

De voorzitter

De heer De Bruyn heeft het woord.

Minister, ik dank u voor uw antwoord. Ik heb er alle begrip voor dat er, in het korte tijdsbestek tussen het stellen van de vraag en het beantwoorden ervan, geen volledige inventaris kon worden opgemaakt van gemeenten met een bermbeheerplan. Het zou fijn zijn indien het werk, op het ogenblik dat het is gebeurd, dan ook wordt overgemaakt aan de politie. Dat zou ik wel waarderen. Omdat ik nogal geloof in het opmaken van die bermbeheerplannen en we in de cijfers voor 2016-2019 merken dat slechts een beperkt aantal gemeenten daarvan heeft gebruikgemaakt, denk ik dat daarop inzetten een goede manier is om het toch wat ongebreidelde veiligheidsmaaien dat we nu zien wat in te perken. Ik vind het jammer voor de gemeente Wingene dat ze hier nu met naam wordt genoemd, want ik ben ervan overtuigd dat er meer gemeentes zijn dan de gemeente Wingene die het de voorbije maanden en jaren niet zo nauw hebben genomen met de bepaling van het Bermdecreet, al zijn ze dan niet gesanctioneerd. Het beperkte aantal pv’s dat werd opgemaakt, correspondeert in geen enkel opzicht met het aantal overtredingen. Daar ben ik vrij zeker van. 

Minister, ik zou u ook durven te vragen om erover na te denken of het niet zinvol is om die algemene sensibilisering, die er blijkbaar in 2010 is geweest naar alle gemeenten, te herhalen. Dat zou goed zijn, denk ik. Het is uiteraard zinvol om gemeenten die recent in overtreding gingen, eraan te herinneren dat dat niet voor herhaling vatbaar is, maar ik denk dat een bredere campagne naar meerdere gemeenten ook aangewezen is.

En dan is er iets dat mij echt heeft verbaasd, namelijk dat het voortijdig maaien ook kan gebeuren als men de verschraling in de hand wil werken. Ik dacht dat vooral het afvoeren van het maaisel daarin bepalend was en niet of dat dan vóór of na 15 juni moet gebeuren. Dat was voor mij in ieder geval een nieuw gegeven. Ik dacht dat we die verschraling vooral in de hand werkten door het maaisel af te voeren. Maar goed, dat is misschien eerder een technische vraag die ook op een later tijdstip kan worden beantwoord. 

De voorzitter

Mevrouw Schauvliege heeft het woord.

Collega’s, minister, ik sluit graag aan bij deze vraag. Want ook ik stel elke dag inbreuken op het Bermdecreet en het Bermbesluit vast. En het verwondert mij eigenlijk niet dat er slechts één gemeente een pv heeft gekregen, want er wordt daarop inderdaad nauwelijks handhaving toegepast.

Het is dus heel belangrijk dat we daar meer werk van maken. Ik nodig iedereen in de commissie uit om in zijn eigen gemeente en in de omliggende gemeenten te gaan kijken: je zult altijd een inbreuk op het Bermdecreet kunnen vaststellen. Daarom is het misschien niet zo'n goed idee om alleen gericht naar die ene gemeente te sensibiliseren, zoals ik daarnet begreep uit uw antwoord, minister. Want het lijkt me echt nodig dat naar alle gemeenten te doen.

Ik heb hier nog een bijkomende opmerking bij. De lokale besturen zijn één aspect. Daar is er heel wat werk aan de winkel. Maar ook de Vlaamse overheid past niet altijd dat Bermbesluit toe. Zowel bij het AWV als bij DVW heb ik inbreuken kunnen zien – op zicht, want ik heb de documenten natuurlijk niet kunnen raadplegen. Het gaat om maaibeurten die afwijken van de datum van 15 juni en waarvoor er geen bermbeheer is. Het lijkt mij dus ook wel écht nodig dat alle partners, en zeker de Vlaamse overheid, daarin het voorbeeld geven. Want je kunt de gemeenten niet met de vinger wijzen als je het zelf niet helemaal toepast. Ook daar is er heel veel werk aan de winkel. Zoals die lokale besturen worden gesensibiliseerd, moeten zeker ook de partners en onze eigen overheid worden gesensibiliseerd.

Ik kijk verder uit naar de cijfers die de heer De Bruyn heeft opgevraagd. Ze lijken mij op dit moment namelijk niet volledig te zijn.

De voorzitter

Minister Demir heeft het woord.

Minister Zuhal Demir

Collega's, wij zullen de cijfers overmaken aan de commissie, dat is geen probleem. Het bezorgt ons gewoon wat werk om ze te verzamelen.

Mevrouw Schauvliege, ik vind het wel raar dat u spreekt over een inbreuk op zicht. Als we hier straks allemaal gaan beginnen zeggen dat we een inbreuk op zicht hebben vastgesteld, dan vind ik dat zeer gevaarlijk. Ik vind dat dat niet past, voor niemand, en al zeker niet voor een volksvertegenwoordiger. Voor hetzelfde geld was daar een afwijking voorzien. Als u zegt dat er een inbreuk is, dan moet u dat melden en dan moet dat onderzocht worden. Maar op een inbreuk op zicht, sorry, daar ga ik echt niet op in. Ik vind het zelfs zeer populistisch om dat zo te stellen.

Uiteraard moeten de Vlaamse overheden ook voldoen aan hun verantwoordelijkheid. Als er inbreuken zijn, dan moeten die worden nagekeken. De lokale besturen hebben in dezen ook een verantwoordelijkheid. Zij zijn voor alle duidelijkheid verantwoordelijk voor hun bermbeheerplannen. Wij zullen met onze natuurinspecteurs kijken of we dat al dan niet nog verder moeten opdrijven. Het gemakkelijkste is natuurlijk dat de lokale besturen gewoon voldoen aan hun verplichtingen. Dan moeten we daar niet al te veel inspecteurs op af sturen. Ik zal het meenemen in het volgende gesprek met de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG).

De voorzitter

De heer De Bruyn heeft het woord.

De minister heeft alweer gewezen op het puike werk dat INBO hier verricht en kan leveren met een nieuwe manier om bermen te inventariseren, om te kijken naar de biologische waarde en diversiteit van die bermen, gekoppeld aan wat de minister in het antwoord op mijn laatste vraag heeft aangegeven, namelijk dat er een breed netwerk bestaat waarin expertise wordt uitgewisseld. Ik denk dat beide elementen moeten kunnen bijdragen tot meer gemeenten met een goedgekeurd bermbeheerplan, waarin dan ook een grotere diversiteit in het maaien kan worden opgenomen. Dat kan soms voor 15 juni worden gemaaid, dat kan soms ook lang na 15 juni worden gemaaid. Het instrument van het bermbeheerplan, met alle knowhow die INBO en anderen kunnen leveren, blijft voor mij de weg die we moeten bewandelen.

De voorzitter

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.