U bent hier

De heer Van Peteghem heeft het woord.

Vincent Van Peteghem (CD&V)

Voorzitter, minister, dit is misschien een wat meer theoretische vraag. Ik heb een artikel gelezen van een macro-economist bij Belfius over het systemisch risico voor de economie. Dat ging voornamelijk over het feit dat er door covid uiteraard negatieve kettingreacties zijn ontstaan. Zo had de sluiting van de horeca bijvoorbeeld meteen een impact op de leveranciers en op de voedingssector. Dat is toch wel heel sterk naar voren gekomen in deze crisis.

Dat principe van systemische risico’s is natuurlijk een bekend fenomeen. We hebben dat ook al bij de brexit gezien, en in de financiële sector. Na de financiële crisis hebben we de financiële sector opgelegd een aantal buffers aan te leggen om die systemische risico’s te vermijden.

De vraag is nu of wij, zeker met het oog op een eventuele tweede golf, niet moeten nagaan of we dat systemisch risico in de niet-financiële sectoren kunnen gaan beperken. Vandaar ook deze vraag.

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

Dank u wel, collega Van Peteghem, en welkom in deze commissie. U hoeft zich nooit te verontschuldigen voor het feit dat een vraag theoretisch is; alle vragen die aanvaard worden door de voorzitter, zijn zeer interessant, zo ook die van u.

Dus vragen die geweigerd worden, zijn niet relevant? (Gelach)

Minister Hilde Crevits

U weet dat ik verantwoordelijk ben voor een praktijktest die ik zelf uitgevoerd heb een aantal jaren geleden, dus ik ben nogal gevoelig voor de motivering die gekoppeld wordt aan een weigering. Ik ga er nu dus van uit dat, als een vraag geweigerd wordt, dat niet zonder reden is, collega Vande Reyde. Maar deze is niet geweigerd, dus het zal wel een interessante zijn.

We hebben in Vlaanderen een heel open, exportgerichte economie. Meestal is die blik op de wereld een troef, maar de coronacrisis heeft ons geleerd dat het ons ook kwetsbaar maakt, en dat mogen we niet negeren. De sluiting van één toeleverancier in Azië kan in onze geglobaliseerde wereld quasi onmiddellijk verstrekkende gevolgen hebben voor een kmo hier in Vlaanderen. Die openheid en verwevenheid zijn cruciaal voor onze welvaart, maar brengen belangrijke risico’s met zich mee.

Risico’s nemen en beheersen is onlosmakelijk verbonden met ondernemerschap; dat moeten we Vlaamse ondernemers niet leren. Maar het is van belang dat er een goed risicomanagement is en vandaag is dat vooral gericht op risico’s die een individuele onderneming van buitenaf bedreigen. Er gaat veel minder aandacht, collega’s, naar het risico dat het uitvallen van een onderneming of een sector inhoudt voor andere ondernemingen of voor de economie in haar geheel. Een van de zaken die de coronacrisis ons geleerd heeft, is dat zulke systeemrisico’s niet alleen in de financiële sector voorkomen, zoals collega Van Peteghem stelt.

Wat doen we en wat is er gedaan? Eerst en vooral heeft de Nationale Veiligheidsraad tijdens de lockdown een onderscheid gemaakt tussen essentiële en niet-essentiële sectoren. Uit die lijst blijkt glashelder dat enorm veel bedrijven en sectoren van vitaal belang zijn voor het functioneren van onze samenleving. We zijn economisch, maar ook als samenleving, alleen overeind kunnen blijven omdat sectoren zoals de zorg, voeding, transport en distributie en telecommunicatie operationeel zijn kunnen blijven. Daarbij was er meteen ook aandacht voor de verbondenheid tussen de sectoren. Persoonlijk heb ik er bij het uitvoeren van de exitstrategie voor gepleit om een ketenbenadering te hanteren. Het heeft immers maar zin een activiteit te laten opstarten als alle schakeltjes in de keten van toeleveranciers zoals grondstoffen en diensten ook hun activiteiten kunnen uitvoeren. Anders creëer je mogelijkerwijze een lege doos.

Binnen de administratie zijn er ten tweede initiatieven om ons een beter zicht te bieden op mogelijke systeemrisico’s op sectoraal vlak. Zo werkt het Departement Economie, Werk & Innovatie, samen met Statistiek Vlaanderen en het Federale Planbureau, aan het opstellen van de interregionale input-outputtabellen (IO-tabellen). Een IO-tabel geeft een gedetailleerde beschrijving van het productieproces van een economie en van de goederen- en dienstenstromen die daarmee gepaard gaan. De interregionale variant doet dat voor elke bedrijfstak in elk gewest afzonderlijk. Die interregionale IO-tabellen geven ons dus een inzicht in de mate waarin de economie in het Vlaamse Gewest verweven is, tussen de sectoren onderling, met andere gewesten en met het buitenland. De combinatie van die informatie met andere beschikbare sectorale data zou ons moeten helpen om de mogelijke systeemrisico’s van sectoren en bedrijven in kaart te brengen. Die data omvatten de marktwerking, de marktconcentratie en ook onze topbedrijven.

De oplevering van de nieuwe IO-tabellen verwachten we in de loop van 2021, volgend jaar dus. De prioriteit gaat vandaag naar een benadering op sectoraal niveau. Momenteel is het moeilijk om op korte termijn vanuit de Vlaamse administratie de systeemrisico’s op individueel bedrijfsniveau in kaart te brengen, maar we kunnen ook niet wachten tot het onderzoek naar deze problematiek zijn definitief beslag heeft gekregen. Die tijd gunt het coronavirus ons gewoonweg niet. We nemen dus al concrete maatregelen op een aantal cruciale vlakken.

Ten derde is er de Task Force Business Continuity Planning (BCP) – BCP, collega Ronse.

Ten eerste werd, specifiek voor de voedingssector, in de Economic Risk Management Group een taskforce Business Continuity Planning opgericht onder leiding van Piet Vanthemsche. De opdracht van deze taskforce is precies verzekeren dat de kritieke productieketens tijdens de crisis overeind blijven.

Onze havens zijn operationeel gebleven tijdens de crisis en hebben zo een belangrijke rol gespeeld bij de bevoorrading van Europa. Door het openhouden van de havens konden er snel ‘green lanes’ tot stand komen om de continuïteit van het grensoverschrijdend goederenverkeer te verzekeren. In het kader van de economische relance bekijken we in welke mate we ‘business continuity’-oefeningen ook kunnen toepassen in andere sectoren. Zo kunnen we inschatten of de essentiële dienstverlening in die sectoren ook met beperktere mankracht operationeel kan blijven.

Dan kom ik tot de bescherming van de toeleveringsketens. We moeten ervoor zorgen dat we strategische posities in onze toeleveringsketens niet uit handen geven. Zo zetten we als Vlaamse Regering mee onze schouders onder de uitbouw van een screenings- en blokkeringsmechanisme. Hiermee kunnen we buitenlandse investeringen met risico’s voor de veiligheid en de openbare orde beter inschatten en, indien nodig, blokkeren. We werken daarbij binnen het kader dat hiervoor op Europees niveau gecreëerd is. Daarbij gaat bijzondere aandacht naar de bescherming van onze strategische infrastructuren zoals de havens, de luchthavens en het elektriciteitsnet.

Tot slot moeten we ook aandacht hebben voor het lokaal ingrijpen in bedrijven. Bij een eventuele heropflakkering van het coronavirus moeten we beducht zijn voor het economisch domino-effect van systeemrisico’s. Het komt er op dat moment op aan om zoveel mogelijk mensen – vanzelfsprekend in veilige omstandigheden – aan het werk te houden, zodat continuïteit in de bedrijfsvoering gegarandeerd wordt. De coronacrisis heeft ons al geleerd dat onze kostbaarste grondstof gemotiveerde mensen zijn die ook in bijzonder moeilijke omstandigheden bereid zijn om hun werk uit te voeren. Onder andere de protocollen voor veilig werken en het contactonderzoek waar we vandaag op inzetten, moeten ons bij een eventuele heropflakkering toelaten om lokaal in te grijpen. We zijn nu iets beter gewapend. We hadden geen protocollen en moesten van nul starten. Ik heb ook al van ondernemers gehoord dat ze bepaalde zaken zullen behouden omdat het veiliger is.

Ik ben mij zeker bewust van de systeemrisico’s die het coronavirus in ons economisch model heeft blootgelegd. Ik deel absoluut uw mening dat we die risico’s verder in kaart moeten brengen. We zouden de input en output moeten hebben tegen 2021. In afwachting daarvan moeten we doortastend optreden met de instrumenten die ontwikkeld zijn om bij een eventuele heropflakkering van het coronavirus geen kettingreactie teweeg te brengen.

De  heer Van Peteghem heeft het woord.

Vincent Van Peteghem (CD&V)

Minister, ik dank u voor uw zeer uitgebreide antwoord. Ik ben zeer blij dat er al onderzoek wordt gedaan naar de ketenbenadering. Het doet mij trouwens ook terugdenken aan een toelichting die we een paar maanden geleden hebben gekregen omtrent de brexit door professor Vandenbussche, die niet alleen keek naar de pure cijfers – de export van België naar het Verenigd Koninkrijk bijvoorbeeld bedraagt 7,6 procent van het bbp – maar dit combineerde met de ketenaanpak. In de exportcijfers van België zitten alle zaken die via de haven naar het Verenigd Koninkrijk gaan, maar die zijn misschien niet allemaal in ons eigen land gemaakt. Een bedrijf dat levert aan een leverancier in Duitsland kan een veel grotere impact krijgen door de brexit. Ik ben zeer blij dat u daar verder onderzoek naar wilt doen.

U haalde aan dat ondernemers vaak heel sterk hun eigen risico kunnen inschatten, maar niet altijd de risico's binnen de keten. Misschien ligt daar nog een taak voor de overheid weggelegd om hen daarover meer informatie te verstrekken zodat ondernemers niet teveel de focus leggen op één regio, één bedrijf of één klant, maar dat ze kijken hoe de risico's geminimaliseerd kunnen worden.

De heer Vande Reyde heeft het woord.

Ik vind het een heel interessante vraag, ook al was de collega gisteren niet zo sympathiek voor mij. In goed christelijke traditie zal ik dat echter wel voor hem zijn.

Het concept van systemisch risico kennen we vanuit de financiële crisis. Toen was dat heel fel geënt op de banken en het grote risico dat het omvervallen van de banken zou hebben op de rest van de economie. Nu zitten we in een lichtelijk andere situatie, maar waar toch weer dezelfde risico's opduiken.

Enkele weken geleden stond er een heel interessant artikel in The Economist. Ik zal het aan de commissiesecretaris bezorgen, voor jullie allen. Dat artikel ging over het risico waarover we het vorige week hebben gehad, namelijk dat verschillende lidstaten, regio's zich vooral zouden terugplooien op zichzelf. Volgens mij is dat het grootste systemisch risico dat we op dit moment hebben. We hebben het er verleden week in deze commissie ook over gehad: ook bij ons zijn er heel veel geluiden die gaan naar een ietwat semiprotectionistisch beleid. Dat lijkt mij een heel, heel groot gevaar. We hebben deze week nog de cijfers gezien over de terugval van de export in Vlaanderen: 7,5 procent. Een derde van onze jobs is rechtstreeks of onrechtstreeks afhankelijk van die export. Als alle lidstaten een beleid gaan voeren waarbij de eigen productie, de eigen jobcreatie, de eigen industriële kampioenen worden bevoordeeld, zitten we in een situatie van een ‘race to the bottom’.  Dat wordt heel goed beschreven in dat artikel en daarom zal ik het u ook bezorgen.

We moeten ons daar in Vlaanderen heel hard van bewust zijn. Minister, dat is ook mijn suggestie aan u. Ik weet natuurlijk wel dat dat iets is dat onze regio te boven gaat. Maar in alle overlegorganen, ook op Europees niveau, waarbij u betrokken bent, zou ik heel hard bepleiten om ervoor te zorgen die Europese safeguards die er altijd geweest zijn, om individuele steun vanuit lidstaten te voorkomen, zeker te behouden en nog te versterken. Want in tegenstelling tot de financiële crisis – en daarmee sluit ik af –  waarin al die Europese regels werden versterkt, ook qua begrotingsbeleid, is het gevaar nu dat ze worden losgelaten. In de coronaperiode is er daarvoor wat ruimte gegeven en heel wat lidstaten willen dat verlengen.  En voor een regio als de onze is dat echt een enorm gevaar. Dus laat ons er alles aan doen om dat te voorkomen, zowel in dit parlement als daarbuiten.

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

Collega's, voor de volledigheid wil ik eerst opmerken dat het antwoord dat ik heb gegeven werd voorbereid door een nieuwe medewerker op mijn kabinet, Tom Gladinez, die doctorandus is aan één van onze uitstekende Vlaamse universiteiten. Bij dezen heeft Tom dus ook een vermelding in de annalen van dit parlement. Dat kan stimulerend werken om nóg harder door te gaan. Nietwaar, Marie-Charlotte?  (Gelach)

 Ze heeft vandaag haar hartjeskleed aan. Ik weet niet of iemand daar al op gelet heeft, maar ik vind het heel mooi.

Mijnheer Van Peteghem, corona heeft wel aangetoond dat onze verwevenheid bijna totaal is. Bij echte lockdowns zie je dat na een tijdje vrijwel iedereen wordt getroffen. Dat is eigen aan een geglobaliseerde economie. Maar dat neemt niet weg dat we die risicopreventie absoluut moeten meenemen in de afspraken met de partners, in het bestek. We zien dat er ongelooflijk veel initiatieven zijn rond ondernemen na corona. Dat vind ik op zich een heel goede zaak. Je kunt een stuk risicobeheersing inbouwen, maar dan natuurlijk wel in de hele keten.

Collega Vande Reyde, u wijst terecht op het feit dat we niet mogen terugplooien op onszelf. Dat is echt een gevaar, zeker voor een kleine en open regio als Vlaanderen. Ook de economische risico's bekijken we het best op EU-niveau. Het is alvast mijn bedoeling om daarvan een punt te maken op de Europese Raad. Ik word straks woordvoerder voor België in de Europese Industrieraad. Dat geeft mij de kans om daar wat tussenkomsten te doen.

Ik weet niet of jullie deze week de persconferentie hebben gevolgd over de exportcijfers. Het is enorm wat wij in de interne markt, intra-EU exporteren. Dus als iedereen daar een groot protectionisme begint toe te passen, is dat een ramp voor Vlaanderen. We moeten daarvoor beducht zijn. Maar dat neemt niet weg dat de vraag van de heer Van Peteghem zeer terecht is, dat je het best ook een systeembenadering hebt en dat het goed is om de systeemrisico's per regio of per sector goed in kaart te brengen. Dat we evenwel niet mogen vervallen in economisch isolationisme, daarmee ga ik absoluut akkoord.

Tom meldt mij dat hij zijn doctoraat verdedigt op 7 juli. Allen daarheen, mocht u eens een doctoraatsverdediging live willen meemaken. Hij meldt ook dat hij zijn hartjeskleed niet aangetrokken heeft, maar zeer vereerd is met de vermelding in de annalen van deze vergadering.

Nog één detail, mijnheer Vande Reyde: er is wel een verschil met de financiële crisis, omdat tijdens de financiële crisis de mensen beschikbaar gebleven zijn. Bij corona is ook het menselijke kapitaal, behalve in de essentiële sectoren, weggevallen. Dat komt er nu nog bovenop. Dat maakt het een klein beetje anders dan wat toen gebeurd is.

Wordt vervolgd, maar ik denk dat het een interessante gedachtewisseling is. Het is zeker ook belangrijk om bij de relance- en preventiemaatregelen voldoende aandacht te besteden aan wat we vooraf al kunnen vermijden door een systeemblik te werpen op het geheel.

De heer Van Peteghem heeft het woord.

Vincent Van Peteghem (CD&V)

De discussie heeft inderdaad duidelijk gemaakt dat we ons niet enkel moeten focussen op welke systemen er binnen Vlaanderen allemaal zijn, maar dat we dat binnen de EU moeten doen. En we moeten uiteraard niet enkel werk maken van risicopreventie, maar ook van beheersing en controle.

Ik lees op de website van de KU Leuven dat Tom Gladinez onder andere de auteur is van een artikel met de titel ‘Zilver wordt goud’, dus het ziet er goed uit voor ons economisch beleid en de resultaten die we daarvan mogen verwachten. (Opmerkingen. Gelach)

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.