U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werden deze vragen om uitleg via videoconferentie behandeld.

Mevrouw Coudyser heeft het woord.

Minister, u hebt de inspiratiecampagne ‘Vlaanderen Vakantieland’ met de hashtag #welkomterug gelanceerd. Die campagne, die ik niet heb gemist, zet de toeristische troeven van Vlaanderen bij de Vlamingen zelf in de kijker. Ze speelt ook in op de verschillende reismotivaties van de Vlamingen, die op zoek zijn naar avontuur, cultuur of rust. De campagne zorgt voor inspiratie en voor informatie op maat over het beschikbaar aanbod. De campagne is ook gekoppeld aan het plan voor het bezoekersmanagement, dat gericht is op het verspreiden van bezoekers in tijd en ruimte.

Tijdens datzelfde weekend hebt u ook bekendgemaakt dat deze zomervakantie nog meer zal worden ingezet op de toeleiding van toeristen naar de Vlaamse natuur. Om die reden voorziet het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB) onder de noemer ‘Groeten uit buitengewoon binnenland’ de komende zomerperiode de mogelijkheid om in zestien natuurgebieden, verspreid over Vlaanderen, te kamperen.

In samenspraak met Natuurinvest heeft het agentschap in afgebakende zones tipitenten met basic sanitaire voorzieningen geïnstalleerd met het oog op een kwalitatieve toeristische beleving met tegelijkertijd ook een zo minimaal mogelijke ecologische voetafdruk. Het portaal www.buitengewoonkamperen.be biedt ook een overzicht van de exacte locaties, de voorzieningen, tarieven en een reservatietool. Die natuurbeleving is beperkt tot maximaal vier dagen of drie nachten, en beperkt in de tijd: de maanden juli, augustus en september.

RECREAD, de beroepsfederatie van de Vlaamse campingsector, betreurt in een persbericht dat het niet voorafgaandelijk betrokken zou zijn bij dit initiatief en vraagt ter zake een gesprek met u en met het agentschap. Zij beschouwen dit initiatief als oneerlijke concurrentie voor de Vlaamse kampeerbedrijven en verzoeken om de erkende campings die natuurgebied bezitten maar dit niet mogen gebruiken, tijdelijk en voorwaardelijk toelating te verlenen voor recreatief medegebruik. Dit staat in hun schrijven.

Tijdens de bespreking van uw beleidsnota hebt u ook al aangegeven dat kampeertoerisme een belangrijk element kan vormen bij de ontwikkeling van nieuwe verhaallijnen, zoals Natuurlijk Vlaanderen. In deze coronatijden, waar we de transitie maken naar anders reizen, begrijp ik dat dat in dat kader past.

In welke mate is het agentschap Toerisme Vlaanderen betrokken bij dit initiatief van het Agentschap voor Natuur en Bos en Natuurinvest?

Maakt dit tijdelijke initiatief onderdeel uit van de ontwikkelingen die Toerisme Vlaanderen de komende jaren wenst op te zetten in het kader van de verhaallijn Natuurlijk Vlaanderen?

Zijn er nog andere vormen van logies op het platteland die u op korte termijn in overweging neemt, aangezien vakantie in eigen land deze zomer ook de norm zal zijn?

Is er op voorhand onderzoek verricht naar het draagvlak van die ontwikkeling? Is er daarrond bijvoorbeeld duidelijkheid over het profiel van de toerist, waarvan onderzoek heeft aangetoond dat hij mogelijk interesse toont in deze logiesvorm? In welke mate gaat het over personen die eerder al kampeerervaringen hadden, dan wel om toeristen die voor de eerste keer een kampeerervaring opdoen?

Het concept kan een interessante promotie zijn voor regulier kampeertoerisme. Op welke manier kunnen we gebruikers van de tipitenten deze zomer toeleiden naar reguliere campings? Zijn er mogelijkheden om de positieve ervaringen mee te implementeren in die reguliere sector?

Welke mogelijkheden ziet u om kamperen als toeristisch product verder te verankeren en hoe wilt u de kampeersector daarin betrekken?

Mevrouw Rombouts heeft het woord.

Ik wil een vraag stellen over een gelijkaardig thema. De campagne werd al voor een stuk toegelicht. Het ANB heeft een nieuwe campagne bekendgemaakt, 'Groeten uit buitengewoon binnenland', waarbij 90.000 hectare in 300 verschillende natuurgebieden in de strijd worden gegooid om de Vlamingen onze eigen natuur te laten ontdekken, nu we naar alle verwachtingen de zomervakantie 2020 wellicht meer in ons eigen land zullen doorbrengen. Het gaat om fiets- en wandelroutes, tips en inspiratie voor een buitenvakantie en het opzetten van kampeerplaatsen.

Bij dat laatste wil ik even stilstaan. De campagne Buitengewoon kamperen is namelijk een onderdeel van deze nieuwe campagne. Het ANB heeft zestien locaties waar het tipitenten heeft geplaatst die je tegen betaling kunt gebruiken. Het gaat om locaties waar een beperkte infrastructuur aanwezig is. Men verwacht dus eigenlijk dat je alle andere kampeermateriaal zelf meeneemt, zodat de impact beperkt blijft.

Er zijn momenteel zestien locaties aangeduid. Maar, zo heeft het ANB aangegeven, als het een groot succes wordt, staan er andere locaties klaar om deze mogelijkheid uit te breiden.

Deze op zich lovenswaardige campagne stuit op onbegrip in de professionele toeristische kampeersector, die de voorbije maanden bijzonder zwaar getroffen werd door de coronasluiting. De sector kijkt dus hoopvol uit naar de zomer om zoveel mogelijk verlies goed te maken. De kampeersector is vooral boos omdat hij een ongelijk speelveld en een overheidsconcurrentie ervaart. De kampeersector is eveneens vragende partij om tijdelijk commerciële logies in meerdere bestemmingszones, onder andere in bos- en natuurgebieden, mogelijk te maken. Er zouden namelijk heel wat campinguitbaters terreinen hebben in bos- of natuurgebied, die ze niet zouden mogen gebruiken maar die nu wel een oplossing zouden kunnen bieden om hun capaciteit te behouden en tegelijk de social distancing te garanderen.

Het is op zich positief nieuws dat er meer terreinen toegankelijk gemaakt worden. Minister, u weet dat wij voor gebieden en terreinen zelfs de omgekeerde toegankelijkheid vragen en dat we daar supporter van zijn. Op dit ogenblik worden terreinen toegankelijk gemaakt om te kamperen, maar de wijze waarop roept een aantal vragen op.

Van de zestien locaties die als nieuwe kampeerplaats opengesteld zullen worden, ligt het grootste deel in landschappelijk waardevol agrarisch gebied, een aantal liggen in parkgebied, bosgebied en natuurgebied, en enkele liggen in een woonzone of recreatiegebied.

Kamperen is echter niet overal zomaar mogelijk, maar wordt geregeld door verschillende wetgevingen. Ten eerste is er het paalkamperen op bivakzones waar maximaal drie tenten mogen staan en waar maximaal tien personen mogen verblijven gedurende maximaal 48 uur in dezelfde bivakzone. Dit is een erg basic manier van kamperen, om de rust zoveel mogelijk te garanderen. Daarnaast bepaalt het Logiesdecreet dat toeristische logies, waar je mensen tegen betaling te slapen legt, moeten voldoen aan zeven basisnormen. Deze zijn evenwel niet van toepassing op terreinen waar maximaal 75 kalenderdagen per jaar wordt gekampeerd. Zo kan bijvoorbeeld een landbouwer zijn terrein in agrarisch gebied ter beschikking stellen voor bijvoorbeeld jeugdkampen of een festivalcamping.

In alle andere gevallen is het normaal gezien niet mogelijk om, zonder toestemming van de eigenaar en een machtiging van het ANB, tenten te plaatsen in bos- of natuurgebied. Het Bosdecreet bepaalt immers dat het verboden is in alle openbare bossen en in privébossen om zonder toestemming van de eigenaar en machtiging van het ANB of zonder dat het bepaald is in het goedgekeurd beheersplan: “keten, loodsen en alle andere constructies en verblijfsgelegenheden op te richten en in stand te houden, en tenten en woonwagens, al dan niet op wielen, te plaatsen, met uitzondering van die welke vereist zijn voor het beheer en de bewaking van de bossen en voor de veiligheid en het welzijn van de personen die op rechtmatige wijze in het bos aanwezig zijn”.

Ook het Natuurdecreet bepaalt, in artikel 35: “Binnen de natuurreservaten, vermeld in artikel 16ter, decies, is het verboden, behoudens ontheffing in een overeenkomstig dit decreet goedgekeurd beheerplan (…) keten, loodsen, tenten of andere constructies te plaatsen, zelfs tijdelijk.”

Minister, op basis van welke wetgeving hebben de zestien reeds uitgeruste kampeerlocaties, opgenomen in het plan ‘Buitengewoon kamperen in Vlaanderen!’, de toelating gekregen om als tijdelijke kampeerlocatie ter beschikking te worden gesteld? Graag een onderscheid voor de locaties die gelegen zijn in de diverse bestemmingen: park-, bos-, natuur- en recreatiegebied.

Waren voor de voorgestelde uitbatingsvorm machtigingen of goedkeuringen in een beheerplan nodig? Waren deze reeds voorzien vanuit een verleden, van voor maart 2020, of wanneer zijn deze voor deze specifieke locaties verkregen? Welke specifieke mogelijkheden van verblijfsrecreatie zijn bij dergelijke toestemmingen gegeven? Gaat dit ruimer dan het paalkamperen en/of wat wordt dan precies toegelaten? Hoe en door wie gebeurt deze afweging?

Hebt u, voorafgaand aan het plan ‘Buitengewoon kamperen in Vlaanderen!’, overleg gehad met de private kampeersector? Op welke manier draagt het plan ‘Buitengewoon kamperen in Vlaanderen!’ positief bij aan deze toeristische sector, gezien zijn reactie?

De professionele kampeersector klaagt aan dat hij niet in de mogelijkheid is om in natuur- en bosgebieden commerciële kampeeractiviteiten te organiseren. Op welke manier kan hier een gelijk speelveld worden gegarandeerd?

Wat is uw visie op de vaststelling dat de overheid, zijnde in dezen het ANB en Natuurinvest, rechtstreeks in concurrentie gaat met een private commerciële toeristische sector? Behoort commerciële campinguitbating tot de kernopdracht van de Vlaamse overheid?

Minister, u weet dat ik elke kans aangrijp om een kindvriendelijk beleid te voeren. In welke mate heeft het ANB terreinen aangemeld via de website SOSzomerkamp.be? U weet dat een aantal jeugdorganisaties op zoek moeten gaan naar een nieuwe locatie. Kan een overzicht gegeven worden van de terreinen die het ANB zou hebben aangemeld?

Mevrouw Talpe heeft het woord.

Minister, ik zal niet alles herhalen wat al is gezegd. Ik denk dat we allemaal uitgaan van datzelfde principe van het willen promoten van vakantie in eigen land. Die campagne ‘Groeten uit buitengewoon binnenland’ kadert daar ook in. Dat gaat over kamperen in de natuur in onze landelijke gebieden. Uit de peiling van Toerisme Vlaanderen is duidelijk gebleken dat de reisintenties van de Vlamingen in die richting gaan, dat daar goesting voor is. Het initiatief botste op wat weerwerk van RECREAD. Daar heeft men het over het promoten van wildkamperen. Er wordt op gewezen dat de bestaande campinguitbaters door de coronacrisis grote verliezen hebben geleden. Ze hebben het er ook moeilijk mee dat er aan de erkende campings heel wat voorwaarden worden opgelegd, qua kwaliteit, hygiëne, brandveiligheid, ruimtelijke bestemming. Vandaag zijn er volgens RECREAD erkende kampeerbedrijven die zelf over natuurgebied beschikken, maar dat door de geldende regelgeving dus niet mogen gebruiken. In het verleden werden er blijkbaar ook al campings uit natuurgebied verwijderd. Ze hebben hier dus wel wat vragen bij.

Minister, hoe is het project tot stand gekomen? Kwam het er op uw initiatief en vindt u dat het concurrentie is voor de sector van de kampeerbedrijven? Hebt u overleg gehad met de sector en zo ja, wat werd daar besproken? Hoe zal binnen die campagne ‘Groeten uit buitengewoon binnenland’ worden omgegaan met die regelgeving, die voorwaarden die ik daarnet heb opgesomd en die wel van toepassing zijn op de erkende kampeerbedrijven? Bij RECREAD is er de vrees dat men dit tijdelijke project ook na de coronacrisis zou behouden. Ik had ook daarover graag even uw mening gehoord.

De heer Slagmulder heeft het woord.

Minister, de kwestie werd door de vorige sprekers reeds uitgebreid toegelicht. Ik zal dus niet alles herhalen, behalve dan dat uit het persbericht van RECREAD blijkt dat de sector niet te spreken is over dit initiatief, omdat die sector is getroffen door een sluiting van bijna drie maanden door de coronacrisis. De sectororganisatie betreurt ook het ontbreken van voorafgaand overleg met u.

Minister, daarom hebben wij de volgende vragen. Waarom hebt u geen voorafgaand overleg gepleegd? Bent u van plan om alsnog te overleggen? Is het eigenlijk wel opportuun om de ruimtelijke bestemming van natuurgebieden aan te passen zodat kamperen mogelijk wordt? Houdt dat geen gevaren in voor de omliggende natuur? Wat met bijvoorbeeld brandgevaar bij extreme droogte? Hebt u plannen om bij succes het project uit te breiden naar de volgende jaren? Zo ja, zal de kampeersector daar dan wel bij worden betrokken?

De heer Vandenberghe heeft het woord.

Ook ik zal de inleiding niet meer herhalen. Dat zou al te gek zijn. We kennen de problematiek. Bij RECREAD voelt men zich onheus behandeld. Minister, waarschijnlijk bedoelde u dit goed, maar er was een gebrek aan communicatie. De vorige sprekers hebben dat al duidelijk aangebracht. Ik ga dus onmiddellijk naar mijn concrete vragen.

Hebt u kennis genomen van het schrijven van RECREAD? Hebt u ondertussen al overleg gehad met RECREAD? Zo ja, wanneer vond dat overleg plaats en wat was de inhoud van het overleg? Zo niet, plant u nog zo’n overleg met de mensen van RECREAD? Hebt u begrip voor de opmerkingen en bezwaren van RECREAD, en op welke manier acht u een vergelijk met de betrokken partijen mogelijk? Vreest u niet voor oneerlijke concurrentie tussen uw eigen initiatief en de georganiseerde kampeersector? Kunt u nog eens heel duidelijk de steunmaatregelen, zowel de algemene als de specifieke, opsommen waarvoor de kampeerbedrijven in aanmerking komen ten gevolge van de coronacrisis?

Minister Demir heeft het woord.

Minister Zuhal Demir

Collega’s, ik denk dat RECREAD goed gelobbyd heeft bij alle politieke partijen om haar boosheid over te maken. Voor alle duidelijkheid, het zijn uitzonderlijke tijden, het is alle hens aan dek. Ik wil zo veel mogelijk jongeren en gezinnen met kinderen een bestemming toewijzen. Ik wil ook zo veel mogelijk mensen kunnen laten genieten van de natuur. Voor alle duidelijkheid, ik heb dat ook tegen RECREAD gezegd: dit is eenmalig. Ik hoop dat iedereen goed beseft dat het alle hens aan dek is.

En ja, ik heb aan het Agentschap voor Natuur en Bos gevraagd: kunnen we iets uitzonderlijk voor een jaar aanbieden? Het zijn uitzonderlijke tijden, we moeten afstand houden, we mogen niet met z'n allen op één plek zijn. Diegenen die denken dat we dat elk jaar gaan doen, neen, dat is niet de bedoeling. Ik heb dat ook zo aan RECREAD gezegd.

Van de campings heb ik geen e-mails gekregen. Het is RECREAD die boos heeft gereageerd, maar ik vind dat ik daar allemaal tegen moet kunnen. Het is een heel mooi initiatief dat het ANB vanuit zijn bevoegdheden en ook op mijn vraag als minister van Toerisme om al die redenen die ik daarnet heb genoemd, heeft genomen.

Ik wil deze vraag samen met u even analyseren. Laat ons beginnen met de cijfers. Natuurinvest en het ANB hebben 16 locaties geselecteerd, waarop in het kader van het project ‘buitengewoon kamperen’ 12 tot maximum 15 tipi’s worden geplaatst. We spreken dus over 200 bijkomende kampeerplaatsen, verspreid over heel Vlaanderen. Ter vergelijking: volgens de recentste cijfers van het Vlaamse logiesaanbod zijn er 330 terreingebonden logies in Vlaanderen, samen goed voor 54.320 plaatsen. Die 200 plaatsen, dat is 0,37 procent van het totaal aantal plaatsen. Of dat concurrentie is, dat laat ik aan jullie over.

Het concept van duurzaam kamperen zonder je eigen tent mee te brengen, maar wel al het andere kampeermateriaal, is relatief uniek in Vlaanderen. De klassieke kampeerterreinbezoeker die toch een zekere mate van comfort verwacht, zal zich wellicht niet meteen door dit aanbod aangetrokken voelen. Het concept is bovendien ook eenmalig. We hebben geopteerd voor marktconforme prijzen die ook zeer democratisch zijn. Qua locatiekeuze heeft men zo veel mogelijk plekken gezocht zonder een andere camping in de onmiddellijke omgeving. Dit past ook volledig in de missie van het ANB en Natuurinvest: op zoek gaan naar manieren om het belevingsaanbod in onze natuurdomeinen te versterken.

Een tweede element betreft het naleven van de regelgeving. Sommige parlementsleden suggereren dat de Vlaamse overheid zich niet aan de regels moet houden, maar ik kan bevestigen dat ook de Vlaamse overheid zich aan de regels moet houden. 

Op vlak van omgevingsvergunningen is nauwgezet toegekeken op de aanwezige natuurwaarden. De geselecteerde sites zijn op deze basis gekozen. Het betreft telkens voormalige akkers of soortenarme graslanden, waar reeds voor de coronacrisis een recreatieve invulling was voorzien. Ik kan u meedelen dat de afdeling Adviezen, Vergunningen, Erkenningen en Subsidies (AVES) de gekozen locaties ook expliciet heeft getoetst op hun impact op de natuur. 

Daarnaast werd ook het advies gevraagd van de administratie Omgeving met betrekking tot de vergunningsplicht voor dergelijke tijdelijke constructies.

Deze oordeelde dat men kan stellen dat er geen omgevingsvergunningsplicht speelt, aangezien het om een eenmalig iets gaat, voor een beperkte periode en zonder ingrepen op het terrein. Het is van belang om in elk dossier concreet na te gaan of de handelingen door hun beperkte impact de verwezenlijking van de algemene bestemming niet in het gedrang brengen. Op basis van een feitelijke analyse is dit niet het geval. Dit initiatief is dan ook volledig conform de bestaande regelgeving, voor de duidelijkheid.

Aangezien het hier gaat om toeristische logiezen, vallen ze integraal onder het toepassingsgebied van het Logiesdecreet. Hiervoor werd overleg gepleegd tussen het ANB en het agentschap Toerisme Vlaanderen. De voorwaarden die het Logiesdecreet oplegt, worden creatief ingevuld maar volledig nageleefd. Zo dient er bijvoorbeeld elektrische verlichting aanwezig te zijn, maar dat kan perfect oplaadbare verlichting op zonne-energie zijn.

De belangrijkste voorwaarde van het Logiesdecreet betreft brandveiligheid. Conform de regels zal er een brandveiligheidsinspectie plaatsvinden, op alle locaties. Die wordt uitgevoerd door de geaccrediteerde partner van Toerisme Vlaanderen, maar kan wel pas plaatsvinden nadat de dorpen zijn opgebouwd, in de laatste week van juni. Door het nauw overleg dat reeds heeft plaatsgevonden, heb ik er alle vertrouwen in dat de inspectie vlekkeloos zal verlopen. Wij zullen dat ook mee opvolgen.

Samenvattend: cijfermatig – 0,37 procent – noch inhoudelijk lijkt dit initiatief mij rechtstreekse concurrentie voor de klassieke kampeersector, temeer ook omdat het om een eenmalig iets gaat om mensen in uitzonderlijke tijden goed te kunnen spreiden. Ik hoop vooral dat dit een opstap is. Eigenlijk zou de kampeersector blij moeten zijn, want dit kan een opstap zijn voor mensen die zeggen: ‘Ja, oké, wij vinden dit wel leuk, maar er mag wel iets meer luxe zijn en dus trekken we richting de klassieke kampeersector.’ Daar hoop ik wel op.

In tegenstelling tot de parlementsleden hier, moet ik zeggen dat heel wat mensen hier positief op gereageerd hebben. Ook in de mails waren er alleen maar positieve reacties op dit initiatief, net vanwege het feit dat het een zeer uitzonderlijk concept is, en ook eenmalig. Ik vind het dan ook wel heel jammer dat alle vijf de fracties er zeer negatief op reageren, net terwijl dit, als het succesvol is, eigenlijk verder zou moeten kunnen worden uitgebaat door private ondernemers. Vanuit Toerisme – en dat is mijn mening – moeten we dit meer in de verf zetten. Ik denk aan ondernemers die ‘slow cabins’ in de natuur neerpoten. Waarom zou dit dan niet kunnen? Dit kan ook een voorbeeld zijn. Voor alle duidelijkheid: het ANB is op mijn vraag aan de slag gegaan, ook met de bedoeling om zoveel mogelijk mensen te spreiden. Ik merk heel wat jaloezie, maar ik denk dat dat echt niet nodig is.

Natuurlijk kan de vraag gesteld worden of een dergelijk initiatief wel door de Vlaamse overheid genomen moest worden. Zoals gezegd, moeten we toch even oog hebben voor de concrete situatie. De coronacrisis heeft ons allemaal overvallen en we zijn innovatief aan de slag gegaan om antwoorden te formuleren op concrete noden. De tijd om van dit idee tot concrete realisatie te gaan, was bijzonder kort. Dit is heel innoverend.

Het is in ieder geval de bedoeling van Natuurinvest om als bruggenbouwer tussen overheid en ondernemers enerzijds en tussen ondernemers en de natuur anderzijds te functioneren. Ook bij dit initiatief heeft Natuurinvest de ondernemers die reeds horeca en andere zaken uitbaten in de gebouwen van Natuur en Bos, aangesproken om mee te stappen in dit project. Uiteindelijk hebben we twee ondernemers bereid gevonden om dat effectief te doen, omdat velen het extra werk of de risico’s niet zagen zitten.

Natuurinvest test deze zomer het concept van het duurzaam back-to-basics kamperen in Vlaanderen uit. Zoals gezegd, zal dit aantonen of daar effectief vraag naar is en hoe we dit in de toekomst eventueel kunnen organiseren zonder een te grote druk op de natuur te zetten. We zullen dit sowieso evalueren, maar de bedoeling en de opzet zijn eenmalig. Gezien de coronacrisis, is het alle hens aan dek. Hierdoor komt er ook ruimte om breder na te denken over het recreatief medegebruik van onze natuurdomeinen. Zolang ze op een duurzame manier worden gebruikt, is het goed daar al over na te denken.

We moeten de sector hier uiteraard bij betrekken. Ik weet niet of de reactie positief of negatief is, maar dat is geen probleem. De ondernemers die in de buurt van die kampeerplekken horecazaken hebben of activiteiten aanbieden, kunnen zich bij Natuurinvest aanmelden. Natuurinvest zal dat met plezier op de website van ‘Buitengewoon kamperen’ vermelden. Dat is ook de bedoeling, want er is daar alleen accommodatie. Voor de rest is er niets, dus er moet bij de naburige horecazaken eten worden besteld en afgehaald. Voor alle andere zaken zullen onze gasten bij de lokale toeristische sector terechtkunnen. Dat is de bedoeling van het concept.

Natuurinvest zoekt steeds ondernemers in de natuur en kan een lange lijst van mooie projecten voorleggen. Als een duurzaam concept wordt geboren, moet het in de toekomst met de private kampeersector worden uitgewerkt. Het traject dat Natuurinvest heeft doorlopen, moet ook voor de private kampeersector toepasbaar zijn. Als de sector interesse heeft in een eenmalige, occasionele en kleinschalige toepassing, moet dit, voor zover de natuurtoets wordt doorstaan, voor de sector ook kunnen. Ik denk echter dat er meer nood is aan duurzamere concepten, die jaar na jaar kunnen worden geëvalueerd. Alles hangt af van hoe dit verloopt, wat de evaluatie over de impact op de natuur zegt en de vraag of er ook interesse is. Dit is, voor alle duidelijkheid, een heel ander concept dan het klassiek kamperen. Het is echt back to basics, en we zullen afwachten wat het geeft. Er wordt in dit project, voor alle duidelijkheid, ook met jobstudenten gewerkt.

Tot slot was er nog een vraag over het aanbieden van terreinen voor zomerkampen. Het ANB heeft ervoor gekozen het aanbod door het Centrum voor Jeugdtoerisme (CJT) te laten bekendmaken. Specifiek voor deze zomer is het ANB op zoek gegaan naar extra mogelijkheden voor de jeugdsector. Dit aanbod is aan De Ambrassade, het steunpunt voor de jeugdsector, aangeboden. Momenteel wordt bekeken of dit kanaal zal worden ingeschakeld.

Mijnheer Vandenberghe, de steunmaatregelen waren en zijn er ook voor de kampeersector. De Vlaamse en federale maatregelen gelden voor heel de toeristische sector. Het is niet zo dat we voor de kampeersector iets speciaals hebben gedaan. Tot 8 juni 2020 was er de hinderpremie. Als we alles optellen, gaat het om meer dan 14.000 euro per onderneming. Vanaf 9 juni 2020 zijn er de compensatiepremie van 2000 euro, de leningen en de waarborgen. Daarnaast worden de campings expliciet opgenomen in de promotiecampagne Vlaanderen Vakantieland. Toerisme Vlaanderen heeft de protocollen voor de heropstart helpen opstellen. Als minister van Toerisme heb ik voor deze sector van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat van hot naar her gelopen.

Mevrouw Coudyser heeft het woord.

Minister, bedankt om het hele concept en het hele project eens duidelijk te stellen. Ik denk dat dat ook belangrijk is, want wij hadden het ook via de media vernomen. Daar is het natuurlijk niet tot in de details voorgesteld, en dus vroegen wij ons ook af hoe het precies in elkaar zat.

We onthouden zeer duidelijk dat dit, in het kader van corona, tijdelijk en voorlopig eenmalig is. Het is inderdaad ook een kleinschalig initiatief met een tweehonderdtal plaatsen verspreid in heel Vlaanderen. Als we dat vergelijken met de klassieke campingsector is dat inderdaad kleinschalig.

Het is ook goed om te weten dat we in dit concept en dit project aan alle wetgevingen voldoen, zowel qua Omgeving als qua Logiesdecreet. Ik wil hier ook nog eens benadrukken dat het altijd de bedoeling van het Logiesdecreet is geweest om innovatieve vormen van logies kansen te geven, en om dat mee op te nemen in de wetgeving. Ze moeten voldoen aan brandveiligheid, ze moeten een vorm van basiscomfort hebben. Maar we staan open voor alle vormen van logies. Er zijn heel veel mensen die op vakantie willen gaan en dat ook doen, en iedereen heeft andere wensen, ook voor zijn vakantie: waar, welk type van logies? Ik denk dat hoe meer mogelijkheden er zijn, hoe meer we kunnen voldoen aan de vragen en de wensen van alle mensen die op vakantie willen gaan – Vlamingen of buitenlanders.

Dit past ook in het concept waarin we de natuur veel meer ontdekken. Ook de natuur in Vlaanderen is eigenlijk een unieke troef voor unieke belevingen. Ik kan mij best inbeelden dat slapen in de natuur, in zo’n tipitent, back to basics, wel iets is waar mensen interesse voor kunnen hebben. En dat zullen we met dat eenmalig project ook effectief kunnen vaststellen. Daarop kunnen we verder werken.

Ik denk ook dat dat absoluut een complementair publiek is dat we later kunnen toeleiden naar de campingsector. Denk aan mensen die voor het eerst gaan kamperen en die dat zeer basic vinden. Zij zien wel mogelijkheden in slapen in een tent in een open ruimte, mits er wat meer faciliteiten zijn. Volgend jaar kunnen ze dan richting de campingsector gaan. Dat is inderdaad een opstap om mensen met dit soort vakantie te laten kennismaken.

Ik denk ook dat innovatie in die sector absoluut nodig is. We kunnen niet blijven stilstaan. Als dit een concept is dat aanslaat, en als men vaststelt dat daar een publiek voor is, dan pleit ik ervoor dat dat overgenomen wordt door private ondernemingen, maar wel in samenspraak met de campingsector of de toeristische sector. Het enige wat hier gebeurt is dat het concept blijkbaar ook voor de campingsector niet duidelijk was. Er was daar geen voorafgaand overleg. Dat is achteraf gezien misschien jammer, want het is wel een sector die gevoelig is voor oneerlijke concurrentie. Ik begrijp ook wel dat de onzekerheid nog groter is in deze coronatijden, waarin de zware verliezen en het gebrek aan perspectief nog altijd zwaar doorwegen. En dan kunnen de emoties hoog oplopen als ze plots iets zien opduiken waarvan ze het juiste kader niet echt kennen.

Ik hoop dat men nu een klein beetje gerustgesteld is, met de duidelijke info die u hebt gegeven: de kleinschaligheid, de complementariteit, en het feit dat het voldoet aan alle wetgeving. Wat ik wel belangrijk vind als we dat concept dit jaar doen, is dat we ook evalueren. Wat leren we daaruit, zowel qua doelpubliek als qua duurzaamheid richting natuur en het logeren zelf? We moeten dat terugkoppelen, en we moeten daar heel specifiek de hele campingsector bij betrekken. Want iedereen ziet wel mogelijkheden.

Misschien overtuigen we de mensen in de klassieke campingsector die uitkijken naar een verbreding van hun activiteiten. Zo kunnen ook zij daar een graantje meepikken.

Mevrouw Rombouts heeft het woord.

Minister, ik wil u danken voor uw antwoord. U zegt dat elk van de vijf vragen een negatieve invalshoek heeft. Ik voel mij daar niet door aangesproken. Ik heb gezegd dat wij in bepaalde gebieden de omgekeerde toegankelijkheid nastreven. Wij zijn daar zeker een partner om dat maximaal te bekijken. Anderzijds is er in de natuurwetgeving een heel strikte regelgeving over wat mag en wat niet mag. En wij zijn bezorgd dat iedereen op een gelijk speelveld moet kunnen spelen. Daarom vroeg ik op welke manier er met die wetgeving wordt omgegaan. Als ik ze naast elkaar leg, zie ik een aantal knelpunten. Ik hoor u zeggen dat er geen omgevingsvergunning nodig is en dat dat nagekeken is, dat de natuurtoets is gedaan. Maar anderzijds heb ik heel expliciet gevraagd naar de machtigingen en de toegankelijkheids- en beheersplannen die nodig zijn. Is dat daar ook in opgenomen? Moeten daar nu snel beslissingen worden genomen? Kan dat op die korte tijd?

Ik vraag dat om de volgende reden. Er zijn nog wel mensen die terreinen hebben in die bestemmingszones en die daar misschien een mogelijkheid zien om onze burgers in eigen land op vakantie te laten gaan, om hen daar te laten kamperen. Hoe snel kan dat? Welke procedure moet gevolgd worden? Welke wetgeving geldt hier? Deze vraag is ook ingegeven door het debat dat we destijds hebben gevoerd, tien of vijftien jaar geleden, over paalkamperen. Ik was een voortrekker om het paalkamperen mogelijk te maken. Alles was heel strikt: drie tenten, beperkt in de tijd. Het ging over twee dagen, nu stel ik vast dat het over vier dagen gaat. Er worden twaalf, vijftien tenten in los gebied toegelaten. Dat is een heel andere weg dan het concept van beperkte toelating van paalkamperen. U moet mij dan toch toestaan dat ik daar enkele vragen bij heb. Welke insteek is er nu genomen? Toen is er in dit Vlaams Parlement een debat geweest. Daarom vraag ik nu om informatie, om dat gelijke speelveld te kunnen garanderen voor mensen die misschien ook nog mogelijkheden hebben, opdat al onze burgers van Vlaanderen en België kunnen genieten van onze eigen omgeving, van een vakantie in eigen buurt.

Minister, wat betreft de concurrentie haalt u heel terecht aan dat het om een beperkt en eenmalig initiatief gaat. Als het positief wordt geëvalueerd, willen we er misschien wel verder in gaan. Met het oog op meer toegankelijkheid kan ik dat alleen maar toejuichen. Wat betreft de concurrentie begrijp ik dat het in het totale concept over kleine cijfers gaat. Maar elke campinguitbater moet wel zien dat hij of zij de rekening voor zijn of haar initiatief op het einde van dit jaar sluitend kan maken. Die impact is natuurlijk voor elke individuele campinguitbater veel groter.

Ik vraag mij wel af of de toegankelijkheid een kerntaak van de overheid is. Ik herinner mij een debat van nog geen tien jaar geleden. Toerisme Vlaanderen beschikt op heel wat terreinen over een eigendom en heeft een aantal kampeerterreinen afgestoten en zelfs verkocht. Als ze naar uitbatingen gaan, dan is dat vandaag heel specifiek gericht op specifieke kwetsbare doelgroepen, op jongeren of zorgbehoevenden. Daar kan de overheid misschien wel een taak invullen. Dan nog is het vaak met erfpachten of met recht van opstal, maar de overheid kan niet zelf de uitbater zijn. Minister, ik begrijp dat u op langere termijn denkt en dat u dit niet als een kerntaak beschouwt. Wij moeten over andere concepten nadenken. Ik weet dat er snel gewerkt moet worden, maar het was een goed idee om nu te stellen dat de overheid beter met een partnerschap werkt dan dat ze het volledig in eigen handen neemt.

Mevrouw Rombouts, het is ondertussen al drie uur geworden. Minister-president Jambon is al aan het wachten.

Ik heb een kleine bijkomende vraag. Ik heb net aangegeven dat er misschien mogelijkheden zijn, als qua wetgeving en dergelijke snel kan worden geschakeld, voor private initiatiefnemers die ook gelegen zijn bij bos- en natuurgebieden. Stel dat zij initiatieven nemen, kunnen zij dan ook intekenen op deze campagne? Met andere woorden, kan hun locatie ook worden bekendgemaakt op de website, zodat die algemene campagne zich niet enkel beperkt tot de locaties van het ANB, maar alle private initiatieven ook worden meegenomen en ook kunnen genieten van die brede campagne? Het is immers uiteindelijk toch de bedoeling om enerzijds de sector te verstevigen en anderzijds de burgers in eigen land met vakantie te laten gaan.

Mevrouw Talpe heeft het woord.

Minister, ik kan geloven dat het frustrerend is dat, wanneer u een origineel en zeker goedbedoeld initiatief lanceert, dat dan zonder enige nuance wordt afgekraakt. Wat de teneur betreft dat wij hier een negatieve vraagstelling hebben geponeerd, volg ik collega Rombouts. Het was eigenlijk een vaststelling dat RECREAD heftig reageerde op dat voorstel, en we wilden bij u polsen wat daar nu van aan was, over wat het precies gaat. Daarover hebben we van u dus wel een duidelijk beeld gekregen.

Dit is natuurlijk ook niet evident. Ook lokale besturen worstelen hiermee. Ik geef maar een voorbeeld: in onze stad gaan we deze zomer geen foodtruck laten komen omdat we onze horeca niet tegen de borst willen stuiten. Als je dingen doet die goedbedoeld zijn, dan kan dat soms ook wel een omgekeerd effect creëren, maar daar moet je goed mee omgaan, en dat is eigenlijk mijn slotcommunicatie. Dat is heel belangrijk. Dat moeten we elke dag doen. Ik weet het: er is geen draaiboek in deze uitzonderlijke omstandigheden. Als we echter steeds voor ogen houden dat we met de sector moeten overleggen, dan komt het finaal wel goed, denk ik.

De heer Slagmulder heeft het woord.

Door de coronacrisis lijdt de kampeersector nu al een verlies van op zijn minst 30 procent, en wellicht zal dat nog oplopen. Veel toeristische ondernemers zullen het zeer moeilijk krijgen, zullen moeten vechten om te overleven. Minister, ik vind dit een goed initiatief, laat dat duidelijk zijn, maar u had er op zijn minst voor kunnen zorgen dat er een gelijk speelveld zou worden gecreëerd. U had eigenlijk vooraf in overleg moeten gaan met de kampeersector. Dit is dan ook een gemiste kans. Het is voor mij dan ook onbegrijpelijk dat de Vlaamse overheid in coronatijd zelf kampeeruitbater gaat spelen.

Ik heb nog een vraagje in verband met de vergunningen. U hebt daar iets over gezegd, maar ik had niet alles goed begrepen door de slechte verbinding. Kunt u zeggen welke specifieke vergunningen hiervoor werden verstrekt, en als er vergunningen werden verstrekt, is het mogelijk dat wij die ook kunnen inzien?

De heer Vandenberghe heeft het woord.

Er is al heel veel gezegd. Ik wil ook nog eens de nadruk leggen op het feit dat dit vooral over communicatie en begrip gaat, en over een gebrek aan overleg en empathie met de sector. Minister, ik was daarnet absoluut niet negatief. U zei dat alle vijf sprekers negatief waren. Dat is niet waar. Ik wilde een en ander duiden. Ik ben ook burgemeester, van een van de kustgemeentes met de meeste campings. Die mensen zijn ook bijzonder ongerust in deze moeilijke tijden, zoals u zelf zei. Het zijn speciale tijden voor iedereen, en ik heb daar absoluut begrip voor. De sector heeft vooral problemen met het gebrek aan empathie binnen uw bevoegdheid voor het toerisme, zeker gezien het feit dat ook die mensen, net als vele anderen, op hun tandvlees zitten door het stilvallen de voorbije maanden van alle toerisme, vooral het binnenlandse. Het is belangrijk dat u de sector verder de hand reikt, dat u goed overlegt, dat u ook goed duidt binnen welke principes u dit hebt gedaan. Uit de brieven van RECREAD blijkt dat zij inderdaad bijzonder boos zijn. Dat is een beroepsorganisatie met bijna honderd aangesloten kampeerbedrijven, die zich verenigden en die ook op u rekenen. Ik zeg niet dat u niets hebt gedaan voor die mensen, maar nogmaals, als mensen, organisaties, groeperingen op hun tandvlees zitten, niet alleen in de campingsector, dan ligt dat alles erg gevoelig, zeker in deze periode. We moeten daar als beleidsverantwoordelijken absoluut en zo veel mogelijk rekening mee houden.

Ik wil het ook nog even hebben over de groene sector. Die mensen hebben veel liever dat mensen naar een camping gaan in plaats van enkele stukken bos te bezetten met wildkampeerders, kampvuren en wildplassers. Daar moeten we ook rekening mee houden en over overleggen. Dat is het punt dat onze fractie wil maken. Maar we hebben absoluut begrip voor de moeilijke situatie.

Als burgemeester ben ik al geconfronteerd met tientallen belangengroepen die heel veel verwachten van ons maar voor wie we niet allemaal goed kunnen doen. Ik weet dat het als minister ook moeilijk is om voor iedereen goed te doen en dat het initiatief absoluut positief is bedoeld. Ik breek dit zeker niet af, maar ik wil gewoon de aandacht erop vestigen dat het ook bij RECREAD gevoelig ligt. Ga nog eens in overleg met hen, duid het nog eens goed zodat de mensen dat kunnen plaatsen, en maak duidelijk dat het een eenmalige actie is. Dat zal dan ook wel een plaats kunnen krijgen, zodat we volgend jaar een nieuwe start kunnen nemen.

Minister Demir heeft het woord.

Minister Zuhal Demir

Collega's, dank u voor de zeer interessante uiteenzetting over tweehonderd plaatsen die we eenmalig hebben gecreëerd. Het gaat over 0,37 procent van het totale aantal plaatsen. We hopen vooral dat we daarmee de jeugd en de gezinnen met kinderen een plezier kunnen doen. Het gaat over een uitzonderlijke en eenmalige maatregel in uitzonderlijke coronatijden. Dat wil zeggen dat we vanuit Toerisme, maar ook vanuit mijn bevoegdheid Natuur en Bos zoveel mogelijk aanbiedingen willen doen.

We hebben een uur gediscussieerd over die tweehonderd plaatsen, maar geen probleem, ik discussieer graag. Jullie mogen mij die vragen dan ook stellen.

Wat het kamperen betreft, het gaat over kamperen in groengebied, niet in natuurgebied of kwetsbare zones. Collega Rombouts, vijftien jaar geleden ging het over zonevreemde campings in natuurgebied. Dit gaat echter niet over natuurgebied, het gaat over groengebied.

Zoals ik zei: er is een advies gevraagd aan de administratie Omgeving met betrekking tot de vergunningsplicht voor tijdelijke constructies. Het gaat over een eenmalige actie voor een beperkte periode zonder ingrepen. We zullen alle documenten en vergunningen, maar ook de brandveiligheid die daar binnenkort op inspectie gaat, aan heel de commissie overmaken, want het is echt niet mijn bedoeling dat collega-parlementsleden er mij van verdenken dat we iets doen wat niet zou mogen. We zullen dit aan de commissie overmaken.

Wat de kampeersector betreft – jullie kunnen dat vragen aan RECREAD –: zowel het kabinet als Toerisme Vlaanderen heeft de afgelopen maanden zijn nikkel afgedraaid.

Mevrouw Rombouts heeft het woord.

Minister, dank u wel voor dit bijkomende antwoord. Het zou goed zijn mochten de documenten op korte termijn ter beschikking kunnen worden gesteld. Het is inderdaad een beetje zoeken: waarop is dit gebaseerd, hoe kan die mogelijkheid gecreëerd worden? Dit zal zeker ook informatief en interessant zijn om een antwoord te bieden aan de commerciële sector als zij of privépersonen initiatieven willen nemen.

Dank u wel om die documenten ter beschikking te stellen, het zou goed zijn mocht dat op korte termijn kunnen, om snel een zo volledig mogelijk antwoord te kunnen geven.

De vragen om uitleg zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.