U bent hier

De heer Annouri heeft het woord.

Werkzoekenden die een werkloosheidsuitkering ontvangen, moeten beschikbaar zijn voor de arbeidsmarkt en inspanningen doen om werk te vinden. Voor werkzoekenden met het zogenaamde kunstenaarsstatuut is er een voordeelregel: zij moeten enkel op zoek gaan naar artistiek werk, als ze gedurende de voorbije 18 maanden 156 arbeidsdagen gewerkt hebben, waarvan minstens 104 voor artistieke prestaties. In dat geval kunnen zij de passende dienstbetrekkingen van de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding (VDAB) weigeren. Als ze niet kunnen bewijzen dat ze voldoende gewerkt hebben of moeite doen om meer opdrachten binnen te halen, dan kan VDAB besluiten om hen te schrappen. Hierdoor verliezen ze dus mogelijk ook het kunstenaarsstatuut.

Het systeem voor de opvolging van klanten van VDAB houdt geen rekening met het kunstenaarsstatuut. De klant moet zelf aangeven dat die aan de regels van het zogenaamde kunstenaarsstatuut voldoet en de consulent moet dan kijken naar de Dimona-gegevens (Déclaration Immédiate/Onmiddellijke Aangifte) van de klant om op die manier de artistieke prestaties in kaart te brengen. Dit zorgt voor extra werk voor de consulent en extra frustratie voor de klant. Deze dossiers kunnen ook bij eender welke consulent terechtkomen, maar door de complexiteit van de sector is het niet evident dit altijd objectief te beoordelen. Dit maakt dat er onderling sterke verschillen kunnen zijn.

Door de coronacrisis is het uiteraard niet voor iedereen mogelijk om 156 dagen te werken, zeker niet nu deze sector zo zwaar getroffen is. Op federaal vlak wordt hier rekening mee gehouden door de referteperiode voor het verkrijgen van het kunstenaarsstatuut met drie maanden te verlengen en als het statuut vervalt in de periode van 1 april tot 30 juni 2020, wordt deze ook verlengd tot 30 juni 2020.

Voorlopig zijn hierover nog geen maatregelen genomen op het Vlaamse niveau, waardoor veel artiesten het risico lopen zowel hun uitkering als hun kunstenaarsstatuut te verliezen. Ik heb daarover dan ook een aantal vragen.

Kan de opvolging van werkzoekenden in het kunstenaarsstatuut worden geoptimaliseerd zodat consulenten niet onnodig klanten moeten contacteren en controleren?

Acht u het wenselijk en/of mogelijk een centrale persoon of dienst aan te duiden die gespecialiseerd is in dit statuut om zo een uniforme aanpak te garanderen? 

Wordt er rekening gehouden met de gevolgen van de coronacrisis voor werkzoekenden met het kunstenaarsstatuut door VDAB-consulenten? Indien ja, zijn daar specifieke richtlijnen rond?

Kunnen geannuleerde opdrachten ook in aanmerking komen? Indien ja, welke bewijsstukken zijn daarvoor nodig?

Bent u van plan de referteperiode van achttien maanden te verlengen in het kader van de coronacrisis?

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

Voorafgaandelijk wil ik misschien meegeven dat er geen echt kunstenaarsstatuut bestaat. (Opmerkingen van Imade Annouri)

De federale overheid, concreet de RVA, is bevoegd om het specifieke vergoedbaarheidsstelsel ‘artiest’ toe te kennen. Dat specifieke stelsel wordt toegekend voor één jaar en kan steeds verlengd worden, mits bewijs geleverd wordt dat de artiest voldoende artistieke prestaties geleverd heeft binnen de reglementaire referteperiode.

Maar ik begrijp uw bekommernis over de opvolging van artiesten bij VDAB absoluut. VDAB geeft aan in overleg te zijn met de RVA om de gegevensstroom ‘artiesten’ te optimaliseren tussen beide instellingen, zodat de opvolging klantvriendelijker kan en het duidelijk wordt wanneer iemand als artiest werkt. Dat is een eerste punt.

We mogen het aantal personen binnen dit statuut ook niet overschatten: volgens de gegevens die ik krijg, gaat het om een driehonderdtal mensen. Dat is geen verwaarloosbare groep, maar ook geen grote groep.

VDAB is bevoegd voor de controle op de beschikbaarheid voor de arbeidsmarkt. De artiesten worden net zo behandeld als alle andere uitkeringsgerechtigde werkzoekenden. Kunstenaars mogen een passende dienstbetrekking ook weigeren, als zij kunnen aantonen dat er voldoende artistieke prestaties binnen de voorziene referteperiode zijn. De behandeling loopt dus helemaal gelijk.

Wat uw tweede vraag betreft, heeft VDAB zijn bemiddelingsproces voor werkzoekenden opgebouwd op basis van clusterwerking. Bemiddelaars zijn gespecialiseerd in regelgeving specifiek voor de sectoren die vallen binnen hun cluster. Zij bemiddelen op maat en handelen volgens uniforme en centrale richtlijnen, gebaseerd op onder andere de federale regelgeving. Zo worden de kunstenaars steeds doorverwezen en begeleid door bemiddelaars uit de cluster ‘Diensten aan personen en bedrijven’, die voldoende kennis hebben van de federale regelgeving van toepassing op artiesten. Per provincie zijn er drie personen die goed op de hoogte zijn van deze specifieke regelgeving, in zoverre deze relevant is voor de bemiddeling van kunstenaars naar werk. Die bemiddelaars volgen de kunstenaars van nabij op.

Wat de impact van de coronacrisis betreft: sowieso gaat VDAB in de bemiddeling en opvolging rekening houden met de verminderde activiteit – het zou er nog aan moeten mankeren – en het verminderd aantal vacatures op de arbeidsmarkt. Het is wel van belang dat werkzoekenden hun sollicitaties heel goed bijhouden, zodat ze die ook aan VDAB kunnen tonen. Dat geldt evenzeer voor artiesten.

In sectoren met sterk verminderde activiteit zal VDAB in de bemiddeling vooral focussen op de verruiming van het jobdoelwit, maar ik weet dat dat voor artiesten niet zo eenvoudig is, net omdat ze artiest zijn.

Wat geannuleerde opdrachten betreft, heeft de federale overheid een aantal aanpassingen gedaan in het kader van de vergoedbaarheidsregels en de periode waarbinnen de kunstenaar drie artistieke prestaties moet leveren. Deze aanpassingen werden in het kader van de coronacrisis verlengd tot 30 juni, wat een goede zaak is.

VDAB is verantwoordelijk voor de controle op het werkzoekgedrag en de beschikbaarheid. Iedere werkzoekende moet dus een bewijs kunnen leveren van zijn zoekgedrag. Dat kan aan de hand van sollicitaties, maar ook door het aanleveren van bewijzen van geannuleerde opdrachten. Snapt u? Op federaal niveau heeft men dat mogelijk gemaakt en dan moet je dat dus ook aan VDAB tonen. De ene speelt in op de andere.

Willen we de referteperiode van achttien maanden verlengen? De vraag tot verlenging is federale materie, maar ik deel uw terechte bezorgdheden hieromtrent en neem dit op met mijn collega Nathalie Muylle, die trouwens ook bezorgd is over de sector. Over deze materie wordt overigens morgen een hoorzitting georganiseerd in de Kamer, in de commissie voor de Sociale Zaken, Werk en Pensioenen. Dit wordt dus opgevolgd.

De heer Annouri heeft het woord.

Dank u wel voor uw antwoorden, minister. Ze waren kort en helder en beantwoordden al mijn vragen.

Ik heb één bijkomende vraag, puur ter info: als VDAB en de RVA aan het overleggen zijn om alles te stroomlijnen, hebt u dan zicht op een timing?

De heer Ronse heeft het woord.

Ik wil collega Annouri eerst en vooral feliciteren met zijn vraag, want het is een zeer goede vraag. Ze was ook goed opgesteld, bevatte goede suggesties en ze was ook goed gebracht, zoals we van collega Annouri gewoon zijn.

Als schepen van Cultuur heb ik ook al een aantal artiesten ontmoet die mij over deze problematiek hebben aangesproken. Ik denk inderdaad dat niets zo frustrerend moet zijn voor een artiest als alle opdrachten geannuleerd te zien, met daarbovenop nog eens de hele papierwinkel bij VDAB om te bewijzen hoeveel dagen hij/zij al gewerkt heeft. Ik vind het dus geen slechte suggestie om daar op Vlaams niveau grondig over na te denken, om zo te kijken hoe we op korte termijn een aantal quick wins kunnen boeken – grote hervormingen zullen dat niet zijn – en het leven voor die mensen gemakkelijker kunnen maken.

Ik had een paar dagen geleden nog een professioneel danser aan de lijn. Hij werkt vaak voor K3-shows, noem maar op. Alles is afgelast. Die persoon vraagt wat hij nu nog kan doen. Hij is wel bereid om af en toe wat bij te werken, maar zijn focus ligt wel op dat dansen. Dat is onze talentvolle generatie. Wij mogen zeker geen generatie artiesten van dat niveau verliezen.

Minister Crevits heeft het woord.

Minister Hilde Crevits

Collega Annouri, ik heb ook die timing opgevraagd. De wijzigingen zijn niet voor supersupermeteen. Ik zal u uitleggen waarom. We moeten eerst bekijken welke data en gegevensstromen er kunnen binnenkomen en welke niet. De IT-systemen moeten op elkaar afgestemd worden. Het positieve is dat men samen heeft beslist om er werk van te maken. Ik vind bijvoorbeeld dat de gegevens automatisch zouden moeten opgeladen kunnen worden in mijnloopbaan.be, zodat een bemiddelaar onmiddellijk de historiek kan zien. Maar ik stel vast dat dit ook weer iets is dat door corona vertraging heeft opgelopen. We zien een aantal breuklijnen die nu zijn ontstaan. De collega’s hebben er al vaak naar verwezen: het feit dat je mensen in tijdelijke werkloosheid geen opleidingen kunt aanbieden omdat je hun coördinaten niet hebt, is ook zoiets raars. U stelt min of meer hetzelfde probleem.

Collega Ronse en collega Annouri, VDAB is zeer menselijk. En ze zijn daar ook zeer flexibel als het gaat over de bewijzen. Er is begrip voor de uitzonderlijke omstandigheid. Zoals gezegd: we werken ook aan het automatiseren. Collega Annouri, liever gisteren dan morgen, maar tussen droom en daad staan soms wetten en praktische bezwaren in de weg.

De heer Annouri heeft het woord.

Minister, dank u voor uw antwoord. Wat collega Ronse zegt over de ‘cri de coeur’ van heel wat kunstenaars, klopt. Die mensen maken met hun creativiteit onze samenleving warmer en mooier. Dat was de afgelopen maanden overdonderend. Heel wat mensen die de 'uitwijksectoren' hebben als het moeilijker is, misschien de horeca of andere sectoren, die liggen op dit moment ook plat. Dat is dus een cumulerend probleem. In die zin ben ik tevreden met uw antwoord, wanneer u zegt dat zo snel mogelijk alle gestelde vragen zullen worden opgepakt. Ik hoop dan ook dat er snel duidelijkheid komt. We zullen dat blijven opvolgen.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is toegankelijk.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.