U bent hier

– Wegens de coronamaatregelen werd deze vraag om uitleg via videoconferentie behandeld.

De heer Pelckmans heeft het woord.

Minister president, ook hier wil ik positief starten. We weten het enorm te appreciëren dat u in de marge van de bespreking van de visienota hebt gezegd dat u 4 miljoen euro hebt gevonden voor de tweede ronde projectsubsidies 2020. Tot 15 mei 2020 kunnen dossiers ingediend worden voor kortlopende beurzen en projectsubsidies voor kunstenaars en organisaties met een looptijd tot een jaar. U wil in deze coronatijden tegemoetkomen aan de precaire situatie van de individuele kunstenaar.

Dit is op zich een hoopgevend signaal, maar anderzijds is het een vrij hobbelig parcours. In het najaar van 2019 herleidde u het jaarbudget van 8,4 miljoen euro naar 3,3 miljoen euro. Half januari kwam u dan met de boodschap dat u dat budget kon optrekken van 3,3 miljoen euro naar 4 miljoen euro en in april 2020 komt daar de gevonden 4 miljoen euro bovenop.

We trachten de ratio achter dit hobbelig budgetparcours te begrijpen. Achter die ratio zitten echter kunstenaars die telkens achter de beslissingen aan moeten hollen. Het is moeilijk om een vast traject vast te leggen, gedegen kwalitatief werk te verrichten en zich grondig voor te bereiden om telkens opnieuw een stevig dossier te kunnen indienen. Hoe kijkt u terug op dit traject? Hoe kunnen we dat in de toekomst vermijden? Welke garanties kunt u geven met betrekking tot de financiering en praktijk van het jaar 2021, het overgangsjaar naar de uitvoering van het aangekondigde vernieuwde Kunstendecreet?

In De Standaard verklaarde uw woordvoerder: “Dit is een eenmalige injectie om het oude systeem toch nog te stutten.” Dat is administratieve poëzie. Waar komt die eenmalige injectie precies vandaan? Is het extra geld, is dit vrijgekomen door een herschikking binnen het huidige cultuurbudget of is het een voorafname van het zogenaamde noodfonds van 200 miljoen euro?

Minister-president Jambon heeft het woord.

Minister-president Jan Jambon

Bij de opmaak van de begroting 2020 werd inderdaad beslist om een aanzienlijke besparing door te voeren op het projectenbudget van het Kunstendecreet. Het totale budget voor projectsubsidies Kunsten voor 2020 bedroeg dan ook initieel 3,39 miljoen euro. 

Zoals u weet, heb ik beslist om tijdens de eerste aanvraagronde van 2020 binnen het Kunstendecreet dit volledige subsidiebudget van 3,39 miljoen aan te vullen met ruim 628.000 euro, te besteden voor projectsubsidies en beurzen. In totaal gaat het dus over 4.019.973,07 euro. Ik ben toen ook in deze commissie het engagement aangegaan om bij de begrotingsaanpassing na te gaan of eventueel vrijgekomen middelen prioritair ingezet kunnen worden voor de tweede ronde Kunsten.

Bij de begrotingsaanpassing begin april is 400 miljoen euro vrijgemaakt. Hierdoor is het budget voor projectsubsidies Kunsten op een nagenoeg gelijk niveau gebracht als voor de besparingen en werd aldus een tweede aanvraagronde voor 2020 met uiterste indiendatum 15 mei 2020 mogelijk gemaakt.

Dit zijn geen recurrente middelen. De aanpassing betreft alleen het begrotingsjaar 2020. Voor het begrotingsjaar 2021 zal opnieuw moeten worden gekeken of er budgettaire ruimte is.

De budgettaire situatie is wat ze is. Deze was in 2019 al moeilijk en is vandaag, zeker met de coronacrisis, nog altijd bijzonder moeilijk. Het geld van de overheid komt niet als manna uit de hemel vallen. Dat is gemeenschapsgeld, geld dat door de burger afgestaan wordt om beleid te voeren. Het is onze plicht om daar als goede huisvader mee om te gaan. Wij leveren nu immense inspanningen om de economie, inclusief de cultuursector, overeind te houden. En laat ons een kat een kat noemen: finaal is het altijd de belastingbetaler die dat financiert.

Dat de context volatiel is, zal u wellicht niet ontgaan zijn. Mijn opzet is die volatiele situatie met de hervorming van het Kunstendecreet te stabiliseren.

Zoals ik heb aangegeven in mijn Visienota Kunsten wil ik binnen het budgettaire kader het landschap zo dynamisch mogelijk houden en voldoende mogelijkheden creëren voor nieuwe, jonge of startende initiatieven met een toegevoegde waarde. Om de dynamiek binnen de dynamische ruimte te waarborgen, reserveer ik vanaf de start van het hervormde Kunstendecreet een relevant percentage van het beschikbare kunstenbudget voor de subsidielijnen binnen de dynamische ruimte. Hoeveel dat percentage moet bedragen, zal uiteraard nog onderzocht worden. Aangezien dit ook deel uitmaakt van de fundamentele hervorming van het Kunstendecreet, zoals die is aangekondigd in de visienota, zullen ook deze overwegingen de nodige tijd en aandacht vragen.

Het extra geld dat we hebben gevonden voor die tweede ronde, is afkomstig uit de algemene middelen, dus niet vanuit het cultuurbudget. Het gaat ook niet om een voorafname op het zogenaamde noodfonds. Cultuur zal hierdoor geen euro verschoven zien worden binnen het cultuurbudget.

De heer Pelckmans heeft het woord.

Minister-president, ik dank u voor uw antwoord. Dat was bijzonder positief, want u had het over het vrijmaken van 400 miljoen, maar ik neem aan dat u 4 miljoen euro bedoelt.

Ik apprecieer het dat u duidelijk aangeeft dat dit uit de algemene middelen komt en geen voorafname is op het noodfonds, dat is wat de sector een beetje vreesde.

Ik heb nog een aandachtspunt. U hebt in de visienota terecht veel aandacht gevraagd voor de kwalitatieve beoordelingen. Met het oog op die hongerige groep die klaarstaat om in te schrijven voor 15 mei, moeten we komen tot zeer grondige en degelijke adviezen, maar we merken dat beoordelingscommissies daar op een of andere manier nog niet voldoende voor georganiseerd zijn. Dat is een zorg waar u in de visienota zelf op wijst. Zult u die nu al invullen, wilt u er met andere woorden op toezien dat de beoordelingscommissies voldoende bemand zijn en de juiste richtlijnen krijgen om te komen tot heel goede adviezen? Dat zou ook voor u als minister-president een win-winsituatie zijn. Met goede, stevige adviezen is het achteraf veel duidelijker om beslissingen te nemen.

De heer Brusselmans heeft het woord.

Minister-president, het gebeurt niet vaak, maar ik moet me toch voor een deel aansluiten bij mijn collega Pelckmans, die sprak over een inhoudelijk parcours. Vorige week heb ik dat ook al proberen te schetsen en hopelijk is daar nog iets van blijven hangen. Ik kan opnieuw hetzelfde zeggen als vorige week. Zoals u altijd zegt ‘the duty of the opposition is to oppose’, en daarbij hoort ook de minister wijzen op zijn inconsistenties en zijn bochtenwerk als een duiveltje in een wijwatervat, wat hier nu duidelijk gebeurt.

Minister-president, ik heb nog eens wat uitspraken opgezocht die u hebt gedaan toen u die eventuele – want dat was niet zeker – tweede ronde aankondigde. U zei toen dat als er een extra ronde werd georganiseerd, dat met geld zou zijn van het cultuurbudget, dat er ergens een overschotje zou worden gevonden bij de begrotingsherziening. Opnieuw kan ik zeggen dat uw broek afzakt, ze ligt op uw enkels.

Nog een kleine bijkomende vraag. U zegt dat het eenmalig is. Volgend jaar zal er dus misschien weer minder budget zijn. Uw fractie en onder andere de heer Meremans zeggen dat zonder deze extra middelen voor de projectsubsidies, we een complete verschraling van het kunstenlandschap zouden krijgen, en dat hij als Vlaams-nationalist een excellent cultureel Vlaanderen wil.

Minister-president, als u volgend jaar alsnog minder middelen geeft of als u, in het beste geval, bij uw initiële beslissing blijft, wilt u dan wel een verschraling van het kunstenlandschap? Bent u dan geen Vlaams-nationalist die een excellent cultureel Vlaanderen wil, of is uw fractie in onenigheid met uw beslissing?

Mijnheer Brusselmans, ik wil even kort reageren. Ik snap de inconsistentie niet goed. Wat wij een hele tijd terug hebben gezegd bij de raadscommissie, hebben wij steeds verdedigd, namelijk dat als er een mogelijkheid is om dit te herbekijken, we gaan zoeken naar middelen voor de projectsubsidies. Ik heb ook gezegd dat ik gerust als brugfiguur wil fungeren om dat te kunnen realiseren.

U hebt gelijk, wij streven naar een excellent cultuurbeleid. Mijn schrik is inderdaad, zeker met de huidige crisis, dat we naar een cultureel verschraald landschap gaan. Daarover moeten we echt waken, want dan is de opbouw nog veel kostelijker en veel moeilijker, net als in andere sectoren.

Minister president Jambon heeft het woord.

Minister-president Jan Jambon

Meneer Brusselmans, ik kan u geruststellen, ik ben een zeer overtuigd Vlaams-nationalist, waarschijnlijk al van toen u nog in pampers rondliep. Ik streef een excellent kunstenbeleid in Vlaanderen na. Ik streef dat niet alleen na, ik werk daar ongeveer iedere dag aan.

Mijnheer Pelckmans, wat die beoordelingscommissies betreft, deel ik uw bezorgdheid. Laten we een kat een kat noemen. Het is niet eenvoudig om niet alleen dit decreet, maar die veelheid van beoordelingscommissies die we in het cultuurlandschap in een brede vorm hebben, voldoende kwantitatief en kwalitatief ingevuld te krijgen. Dat is zeker een aandachtspunt dat we moeten meenemen wanneer we straks de visienota en de concrete decreetgeving gaan opstellen.

Of ik nu aan die beoordelingscommissies in het licht van de beoordeling na 15 mei nog veel ga kunnen veranderen? Daar ga ik een inspanning voor doen, maar het is een inspanningsverbintenis en geen resultaatsverbintenis .

De heer Pelckmans heeft het woord.

Minister-president, dank voor die inspanningsverbintenis. Dat is al veel. Ook de administratie heeft daarin een belangrijke rol, om extra toe te kijken en misschien ook te experimenteren, en om, binnen de wettelijkheid, mogelijk te maken dat het beter kan.  Dus is het misschien een goede gelegenheid om er heel goed op toe te kijken hoe dat nu precies verloopt, welke de afspraken zijn en hoe het beslist wordt.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.