U bent hier

Mevrouw van der Vloet heeft het woord.

Minister, naar aanleiding van mijn schriftelijke vraag nummer 214 over de niet-opgenomen budgetten binnen de persoonsvolgende budgetten (PVB's) zijn er mij een aantal dingen opgevallen.

Zo zag ik dat bij personen die een PVB enkel via voucher gebruiken, slechts een onderbenutting van 0,95 procent van de middelen is vastgesteld in 2018 en dat bij personen die enkel een cashbudget hebben, gemiddeld vijf tot twintig keer meer onderbenutting wordt vastgesteld.

U verklaarde in uw antwoord deze hogere onderbenutting bij mensen die een budget besteden in cash aan het feit dat ze de budgetten beheren als goede huisvaders en -moeders. Ze zijn waarschijnlijk voorzichtiger in het uitgeven omdat ze het geplande budget niet willen overschrijden. Ook de combinatie van verschillende reguliere diensten haalde u aan waardoor het budget niet volledig wordt besteed. U gaf ook aan dat er duidelijk een grotere onderbenutting was bij personen die voor het eerst een PVB kregen in 2018. Bij deze mensen bedroeg de onderbenutting ongeveer 42 procent, in tegenstelling tot 17,71 procent bij de personen die sinds 2017 een PVB hebben gekregen. Natuurlijk is er tijd nodig om een ondersteuning te organiseren en zal dit een belangrijke verklaring zijn van deze verschillen.

Het verschil tussen een PVB-voucher en een PVB in cash verbaast mij eigenlijk ook wel. Het zal voor een vergunde zorgaanbieder waarschijnlijk gemakkelijker zijn om een inschatting te maken van wat de zorg zal kosten en daardoor een exactere berekening te maken waardoor er minder onderbenutting van budget is. Is het voor u een zichtbaar fenomeen dat voorzieningen de hele voucher claimen? We ontvangen daarover vaak verhalen die ons wat zorgen baren. Ik raad hen dan aan om de beheersovereenkomst van de vergunde zorgaanbieder waar ze de zorg inkopen goed te bekijken. En heel vaak krijg ik dan de reactie dat die nog steeds heel vaag en niet transparant is.

U hebt in uw beleidsnota het volgende opgenomen. “De zorgaanbieder voert een prijzenbeleid dat transparant wordt gecommuniceerd aan gebruikers en het VAPH." (Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap) "Het VAPH werkt verder aan een systeem om de aangerekende kosten, zowel woon- en leefkosten en zorggebonden kosten, te registreren, te monitoren en te analyseren.”

Tijdens de bespreking gaf u aan dat er al stappen gezet door bijvoorbeeld de Wegwijzer VAPH-ondersteuning die is gemaakt. Wie zorg wil inkopen bij een vergunde zorgaanbieder in zijn regio, kan daarmee het aanbod kennen. De Wegwijzer VAPH-ondersteuning was een eerste aanzet om de persoonsvolgende financiering te ondersteunen. De klant moet ook prijzen kunnen vergelijken. Met de sector moet ook daar transparantie worden nagestreefd. Dat kwam bij de beleidsnota en de begrotingsbespreking aan bod.

Minister, hebt u een verklaring waarom het verschil tussen onderbenutting PVB cash en PVB voucher zo groot is?

Hoe gaat u ervoor zorgen dat de zorgaanbieders het prijzenbeleid transparanter gaan communiceren?

Wordt de Wegwijzer, waar u naar verwezen hebt tijdens de bespreking, uitgebreid om ook de prijzen van de verschillende vergunde zorgaanbieders te kunnen vergelijken? Zo ja, wanneer kunnen we dit verwachten? Zo nee, gaat u stappen nemen om dit te bewerkstelligen?

Minister Beke heeft het woord.

Minister Wouter Beke

Een exacte verklaring heb ik niet. Mogelijke verschillen in graad van besteding hebt u zelf reeds in uw vraagstelling opgesomd. In vele gevallen rekent de vergunde zorgaanbieder bij het opstellen van de individuele dienstverleningsovereenkomst de zorgkosten door. Dit omvat meestal een groot deel of het gehele budget. Deze budgetten, die hun oorsprong kennen uit de transitie, zijn net afgestemd op de nodige ondersteuning en de zorgzwaarte. Momenteel zetten budgethouders hun budget nog integraal verder in bij dezelfde zorgaanbieder. Bij cashbesteders kopen de mensen dikwijls met diverse contracten zorg in. Zij behouden dikwijls een marge in het budget voor onverwachte kosten voor bijvoorbeeld vervanging van assistenten of omdat niet alle kosten vooraf exact te bepalen zijn zoals vervoer en andere praktische hulp. Het is mogelijk dat ze daardoor wat voorzichtiger te werk gaan bij de besteding van het budget.

Wat het claimen van een volledig budget betreft: er zijn geen regels die opleggen welk deel van het budget kan worden gevraagd door de vergunde zorgaanbieder. Het is wel logisch dat, als er een budget wordt toegewezen voor een bepaalde zorgzwaarte en een bepaalde frequentie van ondersteuning, en de persoon met een handicap die volledige ondersteuning bij een vergunde zorgaanbieder wil verkrijgen, de zorgaanbieder ook zal vragen om heel het budget bij hem in te zetten.

In mijn beleidsnota gaf ik mee dat de budgethouder het recht heeft op een transparante weergave van de kosten die een vergunde zorgaanbieder aanrekent voor zorg- en ondersteuningsfuncties die met een budget worden vergoed, Het moet niet enkel transparant zijn, maar ook begrijpelijk voor de personen met een handicap en hun netwerk. Het huidige geldende kwaliteitsbesluit voorziet nu reeds dat zorgaanbieders hierover transparant moeten zijn. Zorginspectie volgt dit mee op.

Het VAPH werkt bovendien aan een project Kwaliteitsgarantie. Daarin wordt ook nagedacht hoe zorgaanbieders ervoor moeten zorgen dat de persoon met een handicap over voldoende, correcte en transparante informatie beschikt. Om zicht te krijgen op het gehanteerde prijzenbeleid én om de vinger aan de pols te houden, vraagt het VAPH ook individuele dienstverleningsovereenkomsten op. Dat stelt het VAPH ook in de gelegenheid om een aantal cijfermatige controles en inhoudelijke analyses uit te voeren op sectorniveau.

Met de vergunde zorgaanbieders en vertegenwoordigers van de gebruikers loopt overleg over welke elementen van de overeenkomst aan het VAPH structureel meegedeeld moeten worden. We beogen een verdere verduidelijking van zorggebonden kosten en woon- en leefkosten. De komende maanden werken we een voorstel van oplossing uit zodat transparantie nog meer kan worden gegarandeerd.

De Wegwijzer is het digitaal platform dat het zorgaanbod voor personen met een handicap in kaart brengt. De gebruiker krijgt zicht op het vergund en het niet-vergund zorgaanbod in zijn regio. Het laat hem ook toe om het aanbod te vergelijken dat het best past bij zijn zorgvraag. In het design van het digitaal platform is voorzien dat zorgaanbieders kostprijzen kunnen ingeven. Als de zorgaanbieder deze kostprijzen invult, dan kan men als zorgvrager prijzen vergelijken. Het biedt de gebruiker ook de gelegenheid om vragen te stellen indien de kosten niet zijn weergegeven.

De beheerders van de Wegwijzer staan in voor de bekendmaking van het digitaal platform aan de aanbieders van zorg en ondersteuning die door het VAPH vergund of erkend zijn, en aan de niet door het VAPH vergunde of erkende aanbieders van zorg en ondersteuning, inclusief de persoonlijke assistenten. Zij sensibiliseren de aanbieders om hun gegevens te laten registreren in het digitaal platform, vragen van zorgvragers te beantwoorden en hun aanbod verder te concretiseren in het digitaal platform. Indien blijkt dat dit onvoldoende garanties biedt op transparantie, zal ik verdere stappen overwegen.

Mevrouw van der Vloet heeft het woord.

Minister, ik dank u voor uw antwoord. Als ik het goed heb begrepen – want u hebt veel informatie gegeven – zei u dat er eigenlijk nu al transparantie moet zijn. Waar moet die er al zijn? Ik hoor van heel veel mensen, die bijvoorbeeld een meervraag stellen, dat ze hun budget volledig aan de voorziening moeten geven. Maar is dat nu wel of niet nodig? Want u zegt dat het berekend is. Maar mij lijkt het niet meer dan logisch dat de mensen daar toch een zicht op krijgen. Zo weten ze: als ik die bepaalde zorg ergens inkoop, met die bepaalde zorgzwaarte – want die kan daarvan verschillen – dan zal mij dat zoveel kosten. Die transparantie is er momenteel bijna niet, ook niet in die Wegwijzer.

U zegt: ‘Er een plaats voorzien.’ En: ‘Als de voorziening die invult....’ Maar het zou zo moeten zijn dat de mensen, als ze een nieuw budget hebben, kunnen kijken welke voorziening welke activiteiten aanbiedt, maar ook en vooral, wat de kostprijs is. Want het is natuurlijk belangrijk dat we de middelen zo efficiënt mogelijk inzetten. Als ze dat bijvoorbeeld willen combineren, én thuis én de voorziening, moet er duidelijkheid zijn. En die transparantie vinden we nu absoluut nog niet terug. Op websites van voorzieningen vind je dat bijvoorbeeld absoluut nog niet terug, terwijl dat er eigenlijk al moest zijn, voor al diegenen die nu nieuw zijn. Zij die al in een voorziening verblijven, moeten inderdaad die individuele dienstverleningsovereenkomst (IDO) hebben. U verwijst naar het VAPH en pikt er een paar uit. Ik weet niet of het anoniem is of dat ze mogen kiezen welke ze ter controle inzenden. U zegt dat de taal begrijpelijk moet zijn. Maar als ik de mensen hoor, hebben ze het vaak moeilijk om te zeggen hoeveel een dagdeel of een nacht extra kost. U zegt zelf dat u, mocht het er toch niet komen, daarin verdere stappen zult nemen. Hebt u daarvoor al een timing voorzien? In mijn ogen is er nu absoluut geen transparantie en zou die er eigenlijk morgen al moeten zijn.

De heer Vande Reyde heeft het woord.

Het is de eerste keer dat ik als eerste word aangeduid. Is er een volgorde waarin je het woord krijgt wanneer je je hand omhoogsteekt?

Afhankelijk van hoe snel u dat doet en in welke richting we kijken. En dan krijgt iedereen de kans om te spreken.

Ja, ik snap dat. In de plenaire vergadering snap ik dat ook. (Opmerkingen)

Is er een volgorde in de plenaire vergadering? Ja? Oké, maakt niet uit.

Wat mijn collega van der Vloet aanhaalt, is inderdaad zeer belangrijk. We – mijn voorgangers, ikzelf niet – hebben er in het verleden ook op gewezen dat die prijstransparantie voor de gebruikers cruciaal is. Dat is ook de filosofie van de persoonsvolgende budgetten: ervoor zorgen dat er keuzes kunnen worden gemaakt. En als je die keuzes als gebruiker moet maken, moet je natuurlijk weten welke prijs daartegenover staat.

Minister, u zegt dat u niet exact weet waar het verschil in onderbenutting zit. Een van de oorzaken daarvan kan zijn dat er bij voorzieningen vaak wordt gezegd: ‘Als er met voucherbesteding wordt gewerkt, geef dat budget dan maar aan ons, wij zorgen er wel voor dat alles in orde komt.’ En dat is begrijpelijk, want een aantal kostendrijvers kun je als voorziening moeilijk individueel aanrekenen. En dan is er een soort van socialisering of veralgemening van die kosten. Ik geef een praktisch voorbeeld. Ik hoor vaak dat de kosten voor de was voor vele gebruikers niet te onderschatten zijn. (Opmerkingen van Tine van der Vloet)

Maar dat wordt dan gefinancierd met de voucherbesteding. Dat wil ik zeggen. Als u daarover een verduidelijking wilt aanbrengen, mag u mij straks corrigeren. Maar die kosten voor de was lopen voor individuele gebruikers dus vaak hoog op. De voorziening rekent dat individueel aan, want in sommige gevallen gaat dat over zo veel euro’s per maand dat het echt onbetaalbaar wordt.

We denken dat transparantie in elk geval enorm belangrijk is en we zijn daarom blij dat in uw beleidsnota inderdaad die passage opgenomen is. Dat kan er alleen maar voor zorgen dat de keuzes duidelijker gemaakt kunnen worden en dat zorg op maat effectief kan gebeuren. Net zoals collega van der Vloet dringen wij erop aan of hopen wij dat die transparantie in de toekomst verder geboden kan worden aan de gebruikers.

Mevrouw De Martelaer heeft het woord.

Minister, u bent daarnet in uw antwoord ook even ingegaan op de woon- en leefkosten. Op het einde van dit jaar rekenen alle vergunde zorgaanbieders woon- en leefkosten aan aan al hun gebruikers in plaats van een financiële bijdrage. De vergunde zorgaanbieders die nog niet zijn overgestapt naar het systeem van woon- en leefkosten, moesten tegen 31 december van vorig jaar een plan van aanpak opmaken hoe ze die overstap wilden realiseren. Het VAPH lanceerde een bevraging om een stand van zaken op te maken. Ik stelde hierover een schriftelijke vraag. Uit het antwoord blijkt dat een overgroot deel van de zorgaanbieders deze omslag nog niet maakten: 112 maakten die omslag nog niet, 40 wel en 15 gedeeltelijk. Van die 112 die de omslag nog niet maakten, heeft bijna de helft zelfs geen plan van aanpak. Als reden geven zij voornamelijk aan dat ze bang zijn dat de kost voor een aantal gebruikers moeilijk betaalbaar zal worden. Daarnaast gaven ze ook aan dat ze wachten op nadere richtlijnen van het VAPH, dat ze problemen ondervinden met de correcte berekening, en 10 procent schrikt ervoor terug om de solidariteit tussen gebruikers die in vroegere systemen ingebakken zat, te verlaten en 10 procent vreest een verlieslatende exploitatie na overstap.

Zijn deze resultaten al voorgelegd aan de taskforce van de persoonsvolgende financiering? Zo ja, wat waren hun bedenkingen en aanbevelingen? Zo neen, wat zijn uw bedenkingen en suggesties?

Minister Beke heeft het woord.

Minister Wouter Beke

Ik weet niet of die al voorgelegd zijn, ik wil dat wel eens bekijken en bevragen.

Wat de vraag over de kwaliteit betreft: er is al een kwaliteitsbesluit waarin staat dat de prijzen ook kenbaar gemaakt moeten worden. Dat bestaat, maar wij hebben in onze beleidsnota aangegeven dat we daar nog verder op willen werken en dat we dat nog transparanter willen maken. Het staat dus ook op onze agenda om dat te doen.

Mevrouw van der Vloet heeft het woord.

Ik ben blij te horen dat het op de agenda staat. Nogmaals herhalen: liever gisteren dan vandaag of morgen. Die duidelijkheid is voor die mensen echt wel belangrijk, zeker voor de nieuwe budgetten, dat ze kunnen kijken waar ze welke zorg inkopen. Ik hoop dat er echt wel controle op gedaan wordt, dat er snel werk van gemaakt wordt vanuit uw diensten om die transparantie echt wel heel duidelijk te krijgen. Alvast bedankt.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.