U bent hier

Mevrouw Krekels heeft het woord.

Op zaterdag 11 januari 2020 getuigden twee meisjes in Het Laatste Nieuws over mishandeling door hun vader. De meisjes gingen in 2010 met hun verhaal naar het centrum voor leerlingenbegeleiding (CLB) van hun school. Het CLB zou melding hebben gedaan bij het vertrouwenscentrum kindermishandeling, maar zou er dan verder geen gevolg aan gegeven hebben. Dat is ondertussen al een beetje tegengesproken door een persbericht van het CLB.

Ik wil hier inzoomen op de afweging die een CLB-medewerker elke keer moet maken om het beroepsgeheim al dan niet te schenden. Artikel 11 van het decreet betreffende de centra voor leerlingenbegeleiding bepaalt dat alle personeelsleden van het CLB het beroepsgeheim moeten respecteren. Daardoor zijn CLB-medewerkers onderworpen aan strengere regels dan leerkrachten en directies, die ambtsgeheim of discretieplicht hebben maar niet echt een beroepsgeheim.

Het beroepsgeheim is belangrijk om de vertrouwensrelatie tussen het CLB, het cliënteel en de partners te bewaren. Daar is geen discussie over, maar het moet wel duidelijk zijn dat wanneer het algemeen belang van de leerling in gevaar komt, dat beroepsgeheim geschonden mag worden.

Uit een audit naar de werking van de CLB’s, vrijgegeven in 2015, bleek dat het beroepsgeheim niet door alle CLB’s en doelgroepen op dezelfde manier wordt geïnterpreteerd. Daaruit bleek de nood aan meer duidelijke richtlijnen omtrent het beroepsgeheim. In het nieuwe decreet over de leerlingenbegeleiding in het basisonderwijs, het secundair onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding van 14 juni 2018 bepaalt artikel 28 dat “de CLB-medewerker zelf oordeelt over de opportuniteit om zijn beroepsgeheim te doorbreken, rekening houdend met het belang van de leerling”.

Minister, hebt u contact gehad met het betrokken CLB? Wat is uit die gesprekken voortgekomen? Artikel 28 legt de verantwoordelijkheid bijna volledig bij de CLB-medewerker. Welk houvast hebben zij wanneer zij twijfelen over de vraag of ze dat beroepsgeheim al dan niet kunnen schenden?

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

We zitten hier wat op het snijpunt van de bevoegdheden Welzijn en Onderwijs. Er is contact geweest met het Vrij CLB Netwerk. Er is ook de communicatie geweest van dat netwerk. Ik heb ook begrepen dat de thematiek ter sprake is gekomen in de plenaire vergadering, waar minister Beke heeft geantwoord op vragen. De communicatie van het Vrij CLB Netwerk is pas achteraf gekomen. Ik denk dat men aanvankelijk schroom had om te communiceren omdat het over een individuele casus gaat. Ondertussen kwam men in het schietkraam terecht en heeft men beslist om toch te communiceren. De communicatie kwam erop neer dat men wel zijn verantwoordelijkheid heeft genomen.

Vanuit het decreet Leerlingenbegeleiding is het de opdracht van de CLB’s om altijd het belang van de leerling centraal te stellen. Vanuit het decreet Jeugdhulp is omgaan met verontrusting een opdracht voor alle jeugdhulpverleners, ook CLB-medewerkers. Er wordt volop ingezet op vorming, training en intervisie omtrent dat thema. Er is een specifieke methodiek ontwikkeld, namelijk Signs of Safety, waarmee wordt gewerkt, ook door CLB-medewerkers. Bedoeling is om verontrusting bespreekbaar te maken met leerlingen, zelf aan de slag te gaan en te zorgen voor kwaliteitsvolle aanmelding en samenwerking met voorzieningen, zoals een ondersteuningscentrum jeugdzorg of een vertrouwenscentrum kindermishandeling.

Aangezien de CLB's gevat zijn door het decreet Jeugdhulp, wil ik ook verwijzen naar de samenwerking tussen Onderwijs en Welzijn en de uitdagingen die we hebben geformuleerd hebben in het regeerakkoord. Ik heb daar ook concrete afspraken over gemaakt met minister Beke. We brengen de expertise van de Ondersteuningscentra Jeugdzorg en Kindermishandeling samen in één gemandateerde voorziening. We gaan gericht beleid uitwerken om geweld, misbruik en kindermishandeling tegen te gaan. We voorzien in een ketenaanpak bij intrafamiliaal geweld. Dat staat allemaal in het regeerakkoord.

CLB’s kunnen terecht bij een gemandateerde voorziening. Aanmelding bij zo'n gemandateerde voorziening moet altijd op basis van een teambeslissing. Het gaat nu niet over beslissingen van één CLB-medewerker, voor alle duidelijkheid. Dat gebeurt door middel van digitale aanmelding met een M-document, dat informatie bevat over de verontrusting, het perspectief, de beleving enzovoort. Ouders en leerlingen moeten geen akkoord geven, voor alle duidelijkheid. Ze worden daar achteraf wel over geïnformeerd, maar ze moeten geen akkoord geven. Die aanmelding komt trouwens ook nooit volledig uit de lucht gevallen. Dat is meestal een halte in een traject.

In geval van noodtoestand kan men rechtstreeks naar de procureur-generaal gaan. Ik spreek me niet uit over de individuele casus, maar er is een mogelijkheid om rechtstreeks de procureur-generaal te adiëren. CLB’s hebben ook netoverschrijdende afspraken en procedures over omgaan met verontrustende situaties, vertrekkende van de actor die die verontrusting meldt.

Mevrouw Krekels heeft het woord.

Bedankt voor uw antwoorden, minister. Het stelt mij gerust dat er daaromtrent heel wat in beweging is: de vormingen, de trainingen, de ketenaanpak die wordt opgesteld, het feit dat een CLB’er inderdaad op zijn team kan terugvallen om dan naar een eventuele gemandateerde voorziening te gaan, het feit dat een procureur-generaal rechtstreeks kan worden aangesproken. Dat zijn allemaal tools die de CLB-medewerker krijgt.

Ik ga ervan uit dat de CLB-medewerkers daar dan ook voldoende van op de hoogte zijn. Hebt u in het gesprek met het CLB de geruststelling gekregen dat de CLB-medewerkers daar inderdaad voldoende van op de hoogte zijn?

Ik denk dat het heel belangrijk is voor het CLB, want in de audit van 2015 kwam een beetje het slechte imago van het CLB naar voren. Dat krantenartikel heeft daar geen deugd aan gedaan. Ik vond het belangrijk om hier toch ook eens te stellen dat we tevreden zijn dat in de kwestie van de krant het CLB wel juist gehandeld heeft en dat we daar positief tegenover kunnen staan.

Mevrouw Vandromme heeft het woord.

Voorzitter, minister, collega's, ik denk dat we heel wat kunnen leren uit deze vraag en de actuele vraag die in de plenaire vergadering is gesteld, namelijk dat we met enige bezorgdheid en heel delicaat moeten omgaan met lopende juridische kwesties en met vragen die gebaseerd zijn op mediaberichten waarin slechts één betrokken partij haar mening kon formuleren. We moeten daar bezorgd om zijn. Dat heb ik daar in elk geval uit geleerd.

De CLB’s hebben al heel wat inspanningen gedaan om gelijkgericht te werken. Ze zijn daarop aangesproken. Er is hier al gezegd hoe men dat dan aanpakt en hoe men via allerlei protocollen gaat werken, in dezen rond het beroepsgeheim.

U weet intussen, minister, dat ik ervan overtuigd ben dat het CLB net op het kruispunt van Onderwijs en Welzijn een heel belangrijke partner is. In het persbericht van het vrije CLB stond dat er in het schooljaar 2018-2019 aanmeldingen waren van – jammer genoeg – zesduizend leerlingen, zodat integrale jeugdhulp of gemandateerde voorzieningen aangesproken werden door het CLB. Dat kan er alleen maar van getuigen dat die medewerkers echt wel hun werk doen.

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Deze specifieke casus heeft natuurlijk geen deugd gedaan aan het imago van het CLB. Daar is kennelijk toch nood aan een duidelijker afsprakenkader. De ene betrokken partij communiceert nogal resoluut richting het CLB, en het CLB legt daar dan, als enige, wat terughoudendheid aan de dag. Vervolgens komt het CLB in zo’n moeilijk parket te zitten dat ze wel moeten communiceren, en dan schieten ze terug. Ze gaan van een verdedigende naar een aanvallende positie, met alle begrip, gelet op de ergernissen.

Ook daar zullen we toch wel iets moeten aan verbeteren. Want ik denk dat deze hele zaak geen goed heeft gedaan aan de positie van de CLB-medewerkers zelf, en aan hun praktisch functioneren. Ik weet zelfs niet in welke mate er überhaupt een goede kant aan te breien valt. Ik zie daar nergens een goed gevolg aan. Dan gaat het echt over betere afspraken die moeten worden gemaakt, ook met justitie.

Ik sluit mij aan bij de conclusie van de minister. Als het gaat over het imago van het CLB, lijkt het mij heel belangrijk om mee te nemen dat ze op een juiste manier hebben gehandeld. De manier waarop het is gebeurd, is een spijtige zaak. Daarin volg ik collega Vandromme. Maar ik vond het toch belangrijk om dit even aan de orde te brengen. Het beroepsgeheim is iets dat we willen respecteren, maar het belang van de leerling mogen we toch nooit achteruitstellen. Ik dank u.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.