U bent hier

De heer Daniëls heeft het woord.

Het Steunpunt Inclusief Hoger Onderwijs (SIHO) heeft als opdracht het begeleiden en ondersteunen van de instellingen in het hoger onderwijs in verband met de rechten van personen met een handicap. Centraal bij die implementatie staat het verbeteren van de participatie van studenten met functiebeperkingen in het Vlaams hoger onderwijs.

Het SIHO vormt de brugfunctie met de Vlaamse overheid. De sterkte van het SIHO is dat alle vijf de associaties van universiteiten en hogescholen hun krachten bundelen om samen inclusief hoger onderwijs te realiseren. Ik kan dat alleen maar toejuichen. Hier is geen ‘opkapping’ zoals we helaas hebben gezien bij de ondersteuningsnetwerken. Mevrouw Krekels en de heer De Ro hebben daar in het verleden al veel lansen over gebroken; die ondersteuningsnetwerken werden plots georganiseerd in het leerplichtonderwijs per pedagogische opvatting per koepel. Hier overstijgt men dat gelukkig.

Eind juni 2018 werden alle instellingen bevraagd over de implementatie van de nieuwe regelgeving en hun verdere ondersteuningsnoden. Het evaluatierapport toont aan dat de nieuwe regeling gedragen is door de instellingen hoger onderwijs, en dat de regeling in de praktijk tot heel wat schaalvoordelen – effectieve schaalvoordelen – leidt. Bovendien is er door het SIHO enige gelijkgerichtheid over de instellingen heen, wat belangrijk is voor de studenten zelf. Het SIHO brengt namelijk alle informatie en expertise voor alle betrokkenen samen, en associatieoverschrijdend samen. Het steunpunt is heel duidelijk in verband met leerresultaten. Het waakt erover dat als iemand met een beperking start in het hoger onderwijs, ook effectief dat diploma haalt. Dingen laten ‘wegfalen’ en dan toch een diploma halen kan dus eigenlijk niet met de domeinspecifieke leerresultaten. Daar wordt niet van afgeweken, niet over de instellingen heen.

Het SIHO ontwikkelde ook tal van zeer bruikbare en praktische instrumenten, zowel voor docenten, studenten als instellingen. Ik neem aan dat iedereen die brochures heeft gekregen. Ook de leidraad voor een beginnende student op de website kan ik alleen maar aanbevelen. De student – de 18-, 19- en 20-jarigen – wordt aangeraden om zelf kritisch na te denken. Wat heb ik nodig om te slagen? Gaat dit lukken? Wat zijn de slaagpercentages of -kansen? Ook omgekeerd zitten er zeer bruikbare fiches bij voor docenten. Hoe kan men het best een student met die of die beperking, met een extra leernood, aanpakken? Het is zeer ‘down to earth’ en zeer praktisch gericht. Het zijn geen grote theorieën; het is heel praktisch.

Minister, u weet dat er van alles dringend, ontzettend dringend en extreem dringend is. Velen zullen het u de afgelopen dagen al gemaild en laten weten hebben. Het huidige convenant met het SIHO, gebaseerd op hoofdstuk 9 in de Codex Hoger Onderwijs, loopt af op 31 december van dit jaar. Dat is nog enkele maanden, maar dat is toch zo ver niet meer. Dat is niet onbelangrijk voor het betrokken personeel maar ook voor de studenten hoger onderwijs.

Minister, hebben u en uw administratie al kennisgenomen van die evaluatie van het SIHO? Hoe kijkt u daarnaar? Zal het convenant van het SIHO worden verlengd of aangepast, of niet? Zijn er bijkomende taken en verwachtingen ten aanzien van het SIHO? Kan dit binnen de voorziene middelen?

Kunnen er bepaalde methodieken en aanpakken van het SIHO ook ingebracht worden in het leerplichtonderwijs? Ik heb er net al een paar van geschetst, maar ik raad iedereen binnen het leerplichtonderwijs aan om eens te kijken naar de publicaties en praktische leidraden. Natuurlijk, iemand met dyslexie of dyspraxie in het hoger onderwijs tegenover het secundair onderwijs is wel een groot verschil.

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Het SIHO is dit jaar geëvalueerd door de Arteveldehogeschool via een online bevraging, gevolgd door focusgesprekken – ik wil een slag om de arm houden zo dadelijk – met de hogeronderwijsinstellingen, dus niet met de docenten of studenten maar met de aanspreekpunten zorg.

Op zich was de evaluatie zeer positief. Men stelde vast dat alle instellingen hoger onderwijs de weg vinden naar het vernieuwde SIHO. Er is bij de beleidsverantwoordelijken een grote tevredenheid over de werking en aanpak van het SIHO. Dat is op korte termijn uitgegroeid tot een autoriteit inzake studeren met functiebeperkingen en inclusie in het hoger onderwijs. Bijkomend vervult het een belangrijke brugfunctie van de instellingen hoger onderwijs naar de Vlaamse overheid. De evaluatie geeft aan dat het SIHO bijdraagt tot het efficiënter uitbouwen van ons beleid inzake studeren met functiebeperkingen en inzake de implementatie in het hoger onderwijs van het VN-verdrag over de rechten van personen met een handicap.

Uit het evaluatierapport wordt niet zo duidelijk hoeveel respondenten bevraagd werden en wie specifiek. Ik heb al gezegd dat er geen focusgesprekken zijn geweest met docenten en studenten. Daar is mogelijk wel wat marge tot verbetering.

Om een goed zicht te krijgen over hoe docenten en studenten de SIHO-activiteiten evalueren, lijkt het me wenselijk om te bepalen hoe we hiermee verdergaan. Er zijn natuurlijk twee vragen: enerzijds een verderzetting en anderzijds een uitbreiding van de actieradius. Ik vind het wel belangrijk dat we nieuwe wegen zijn ingeslagen met hetgeen voordien misschien totaal ondenkbaar was. Ik verwijs naar het voorbeeld van dyslexie. Ik weet niet of veel mensen met dyslexie het vroeger tot de universiteit brachten en of dat überhaupt mogelijk werd geacht. Nu denken we daar totaal anders over. Die andere denkcultuur is ook nog wat beginnend. In plaats van te kijken naar wat niet mogelijk is, kijken we naar wat wel mogelijk is en wat we daarvoor zouden moeten aanpassen ten behoeve van de studenten en docenten om toch nog dergelijk hoger onderwijs mogelijk te kunnen maken.

Alvorens een beslissing te nemen om een nieuw convenant af te sluiten, wil ik nog wat informatie kunnen vergaren, als het even kan ook over de ervaringen en de noden van alle betrokkenen. Dan denk ik dat we daar wel mee aan de slag kunnen in functie van een eventueel nieuw convenant. Dan kunnen we ook eens kijken of de actieradius beperkt dan wel verruimd wordt.

De heer Daniëls heeft het woord.

Minister, dank u wel. Ik denk dat het juist is dat we zeker ook studenten en docenten eens moeten bevragen. We moeten dan wel zeker zijn dat ze weten dat de info van het SIHO komt. Ik heb immers gemerkt dat sommige instellingen hoger onderwijs info van het SIHO in hun eigen brochures steken. Vanwaar komt dat dan? Dat moeten we goed kunnen duiden.

Ik kom tot de heel concrete tips. Ik neem een andere fiche, bijvoorbeeld over studeren met een chronische ziekte. Helaas zijn er heel wat leerlingen en studenten die met kanker te kampen hebben gehad, maar gelukkig zijn die nog in staat om verder te studeren. Dat vraagt natuurlijk een zekere aanpak. Die fiche is welgeteld zeven pagina's lang, maar is gigantisch concreet. Dan weten docenten en hogescholen wanneer een student kanker heeft gehad. Als die student terugkomt, weten ze hoe ze daar echt mee aan de slag kunnen, heel concreet. Het is bijna een afvinklijst. Ik weet wel dat dat niet voor elke student hetzelfde is, maar je hebt ten minste een houvast, ook als student. We spreken over mensen van 18, 19 jaar en ouder. De info mag zeker niet verloren gaan.

Minister, misschien moet u met het SIHO het gesprek aangaan over waar nog leemtes zitten, waar men nog vastzit, waar het nog beter kan en hoe we die informatie veel breder kunnen verspreiden dan enkel in het hoger onderwijs.

Mevrouw Vandromme heeft het woord.

Inclusief hoger onderwijs kunnen we alleen maar toejuichen. Kansen voor iedereen vinden we zeer belangrijk, ongeacht je beperking of je gaven.

Wij stellen voor om de evaluatie te maken en iedereen daarin te horen, zeker ook de mensen die afgestudeerd zijn. Zij kunnen aangeven waar ze geholpen zijn en waar er eventueel problemen waren en wat de aandachtspunten en knelpunten zijn. Mochten er daarnaast extra taken zijn, dan zijn we ook benieuwd naar de financiële consequenties.

De heer Vandenberghe heeft het woord.

Dit is een mooi een-tweetje met de minister, maar het is wel een heel mooi dossier. (Opmerkingen)

Is het geen een-tweetje – om een voetbalterm te gebruiken? (Gelach)

Het convenant moet eind dit jaar vernieuwd worden, maar wij onderstrepen met onze fractie uiteraard ook dat wij het belangrijk vinden om op basis van cijfers en expertise verder te werken aan een inclusief hoger onderwijs, waar ook mensen met een beperking alle kansen krijgen. Ik denk dat we daar ook voor staan met onze partij en ben ook benieuwd hoe het verder zal evolueren en zal worden opgevolgd. Ik ben in elk geval positief.

De heer Bex heeft het woord.

Aansluitend op de opmerkingen van de collega’s willen wij uiteraard ook het belang van een inclusief hoger onderwijs ondersteunen. Minister, ik zou u willen vragen om de komende maanden niet alleen die evaluatie van het SIHO te maken, maar ook van een aantal opmerkingen en vragen die aan bod zijn gekomen in het evaluatierapport over de nieuwe regeling voor inclusief hoger onderwijs die sinds september 2017 van kracht is. Daar komen toch een aantal interessante vragen uit naar voren, onder andere over de transparantie over de toelage voor inclusief onderwijs en de vraag naar meer budgetten. Ik heb ook genoteerd dat er op dit moment een aantal hogescholen expertise inkopen vanuit het buitengewoon onderwijs, maar dat dat niet altijd vlot verloopt. Misschien kunt u eens bekijken hoe er beter ingezet kan worden op een betere samenwerking tussen het buitengewoon en het hoger onderwijs, minister.

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Ik neem alle suggesties mee. Wat de budgettaire implicaties betreft, die zijn niet immens groot. We spreken over een bedrag van ongeveer 180.000 euro extra ten opzichte van de bestaande middelen van SIHO. Het zit ergens in die grootteorde, dus dat heeft niet zo’n grote impact. Alles heeft natuurlijk wel een impact. Er is ook een concrete vraag om dat budget niet alleen te behouden, maar serieus te verhogen. Er is inderdaad wel een ‘trickle down’-effect mogelijk, waarbij we iets kunnen leren van de ervaringen, suggesties en heel concrete tips en tricks ten aanzien van deze of gene beperking, dat geëxporteerd kan worden naar lagere niveaus: het secundair en misschien zelfs het basisonderwijs, zonder het daarbij te hebben over het buitengewoon onderwijs.

De heer Daniëls heeft het woord.

Dank u wel, minister. We kijken inderdaad uit naar de evaluatie en de bijkomende vragen die u gesteld hebt. Ik denk dat het vooral belangrijk is dat hier in het hoger onderwijs heel realistisch naar gekeken wordt, zonder dat de domeinspecifieke leerresultaten onder druk komen te staan. Dat is, denk ik, een belangrijk pleidooi. Het is ook belangrijk om over alle associaties heen te werken en geen concurrentiestrijd te laten ontstaan op dat vlak.

Collega Vandenberghe, wat betreft de een-tweetjes: als dit echt een-tweetjes zouden zijn, dan zou de minister allicht liever hebben dat ik andere vragen stel of misschien zelf geen vragen stel. In dezen is de enige die beslist of een vraag ontvankelijk is of niet, is onze eminente voorzitter, niemand anders.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

zullen de commissiewerkzaamheden voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.