U bent hier

Mevrouw Van Volcem heeft het woord.

De financiering van de Kustreddingsdienst leeft in West-Vlaanderen. Waarom? Er zijn bijna duizend redders actief aan onze Belgische of Vlaamse kust. Ik zal om u te plezieren Vlaamse kust zeggen, zodat uw antwoord me straks ook zal plezieren.

De Intercommunale Kustreddingsdienst West-Vlaanderen (IKWV) speelt een grote rol in de financiering. Destijds werd deze ook door de provincie gesubsidieerd. Ik verwijs naar mijn vraag om uitleg in 2017. U was toen van mening dat u niet meer wilde voorzien dan het bedrag dat vandaag is voorzien door de Vlaamse overheid via het Agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK). Dat was toen 72.000 euro.

Hebt u nu, ook al zal deze regering nog maar een paar dagen lopen, zicht op de financiering van de reddingsdienst en IKWV aan de Vlaamse kust voor het volgende jaar en de jaren daarna?

Er komen toch heel was dagjestoeristen naar de kust. De kust is een echt succes. De nood aan een goede reddingsdienst is niet louter van gemeentelijk of West-Vlaams belang, maar is ook belangrijk voor Vlaanderen omdat we de veiligheid van alle dagjestoeristen moeten kunnen garanderen.

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

In het kader van de afslanking van de provincies moesten de provincies inderdaad terugtreden uit de intercommunales. Dit betekent echter niet dat de provincie West-Vlaanderen, wanneer ze uit de intercommunales terugtreedt, geen subsidies meer zou kunnen verlenen aan de betrokken intercommunale, namelijk IKWV. Je hoeft geen lid te zijn van een intercommunale om ze subsidies te verlenen. Dat lijkt me nogal evident. Het is geen voorwaarde, en dus kan het in dezen ook geen argument zijn.

Het gaat gewoon over prioriteiten. Als ik zie welke subsidies men via de provincie West-Vlaanderen allemaal kan verkrijgen, dan gaat het duidelijk over keuzes maken en prioriteiten stellen. Ik zou het ook een vreemd signaal vinden indien de provincie haar subsidies aan de Kustreddingsdienst zou stopzetten. Ze heeft die subsidies ook dit jaar verleend, terwijl er ten opzichte van vorig jaar toch niets is veranderd. Er zijn ook geen bevoegdheden of middelen overgedragen. De situatie is zoals voorheen.

Ik heb intussen begrepen dat de provincie West-Vlaanderen ook voor 2020 een budget van 250.000 euro zou voorzien in haar ontwerpbegroting van 2020. Dat is goed.

Het Vlaamse Gewest subsidieert IKWV jaarlijks voor een bedrag van 120.000 euro. 72.000 euro gaat naar IKWV zelf. Dat bedrag wordt gebruikt voor de aankoop van materiaal en dergelijke. 48.000 euro gaat naar het West-Vlaams Opleidingscentrum voor Brandweer-, Reddings- en Ambulancediensten (W.O.B.R.A.) voor de opleidingen die aan de redders en de kandidaat-redders worden aangeboden.

Het subsidiebesluit voor 2019 heb ik in juli van dit jaar ondertekend. Het MDK zal ook voor 2020 dit engagement, conform het samenwerkingsakkoord van 2011, nakomen. Ik heb niet de minste ambitie om aan dit samenwerkingsakkoord een jota te veranderen. Ik ga ervan uit dat ook de volgende Vlaamse Regering dat beleid zal voortzetten. Ik kan me ook niet voorstellen dat de provincie West-Vlaanderen de redders financieel zal tekortdoen, maar als dat zo is, dan zal de volgende Vlaamse Regering, die zich weldra zal aandienen, zich daarover moeten buigen.

Mevrouw Van Volcem heeft het woord.

Ik zal me niet langer uitputten met vragen en gewoon afwachten. Dat lijkt me het verstandigst.

De heer Sintobin heeft het woord.

Ik ben het niet vaak eens met mevrouw Van Volcem, maar ik ben het wel met haar eens dat de reddingsdienst aan de Vlaamse kust niet louter een West-Vlaamse, maar een Vlaamse aangelegenheid is.

U kunt inderdaad zeggen dat de provincie altijd kan subsidiëren, of dat nu wel of niet haar bevoegdheid is.  Het is ook zo dat de provincie West-Vlaanderen niet alleen de lasten, maar ook de lusten van het kusttoerisme ervaart. Het is echter niet zo dat iemand die gered wordt, zijn identiteitskaart moet tonen. De Kustreddingsdienst is er voor iedereen die aan de kust verblijft, en voor iedereen die in nood is. Ik vind daarom wel, en met mij blijkbaar toch een groot deel van de meerderheid, dat Vlaanderen de Kustreddingsdienst moet financieren. We zullen moeten afwachten wie de volgende minister van Toerisme zal zijn.

Minister, misschien weet u dit niet, of misschien wel, maar er zijn tal van verenigingen in West-Vlaanderen die een pannenkoekenbak of een tombola organiseren, enkel en alleen om geld te geven aan IKWV. Ik begrijp niet waarom Vlaanderen een kustreddingsdienst, die er is voor iedereen, niet zou kunnen financieren. U zegt dat de provincie geld uitgeeft aan allerlei andere zaken – ik ga akkoord, het is een kwestie van prioriteiten – maar ik denk dat Vlaanderen zelf ook wel wat geld uitgeeft aan andere zaken die in mijn ogen nutteloos zijn.

Mevrouw Coudyser heeft het woord.

Ik denk dat het zeer duidelijk was uit het antwoord. Al sinds 2011 dragen de drie niveaus, zowel Vlaanderen en de provincies, als de lokale besturen bij tot de Kustreddingsdienst. Als men dus spreekt over het Vlaams belang en de reputatie van Vlaanderen, draagt elk niveau dan bij. Wij vonden het dan ook bijzonder jammer dat de provincie haar staart zou intrekken, omdat ze zich moet terugtrekken uit de intercommunales. Zoals u zegt, minister, is er immers geen enkele reden om, als je niet zetelt in een raad van bestuur, niet te subsidiëren. Trouwens, het Agentschap voor Maritieme Dienstverlening en Kust (MDK) of de Vlaamse overheid zetelen niet in de raad van bestuur van IKWV, maar ze zorgen wel voor 120.000 euro. Ik denk dus dat, zolang de drie niveaus bestaan, die drie niveaus ook best elk naar eigen godsvrucht en vermogen bijdragen.

Bovendien wil ik nog de aandacht vestigen op de mogelijkheden om alternatieve financiering en sponsors te zoeken. Er zijn bedrijven die bij IKWV aankloppen en die zeer graag vanuit het bedrijf via het maatschappelijk verantwoord ondernemen op een of andere manier zouden willen bijdragen aan IKWV. Ik denk dat daar dus absoluut nog werk op de plank ligt binnen IKWV.

Als men spreekt over de vele toeristen die aan de Vlaamse kust zijn, denk ik dat er ook nog een taak weggelegd is voor de steden en gemeenten om reglementen en uurregelingen op elkaar af te stemmen.

De heer Van de Wauwer heeft het woord.

Voorzitter, ik ben geen West-Vlaming, maar ik ben wel tien jaar redder geweest op het strand, dus ik ga vanuit die ervaring hier ook een aantal vragen stellen of een aantal bedenkingen formuleren. Als burgemeester van een van de mooiste kustgemeenten zult u het probleem ook wel kennen. De Belgische kust is de veiligste kust van de wereld, en dat komt door de organisatie van onze Kustreddingsdienst. Waar in de rest van de wereld, en ook in onze buurlanden, de reddingsdienst georganiseerd is op het reactief optreden bij problemen, is onze Vlaamse of Belgische reddingsdienst georganiseerd op het preventief optreden. Dat kan door de goede kwaliteit van onze redders, maar ook door die financiering die maakt dat er voldoende materiaal voorhanden is om die preventieve taak te kunnen uitvoeren.

De gemeentebesturen geven daar al enorm veel input. Collega Van Volcem omschreef in haar vraag heel duidelijk de financiering van iedere actor: ze besteden samen 4 miljoen euro aan personeelskosten en leveren daarnaast nog een bijdrage aan IKWV voor de aankoop van materiaal. Ik denk dat het belangrijk is dat elk bevoegdheidsniveau hier inderdaad een bijdrage levert, ook de provincie, maar ik vind dat de Vlaamse overheid, om de reden die al geschetst is – het grote belang voor het toerisme aan onze kust – ook nog steeds haar rol moet blijven spelen.

Ik wil de vraag van collega Van Volcem wel bijtreden. Die 250.000 euro die vanuit de provincies kwam, is echt wel nodig om dat materiaal te kunnen aankopen en om onze kust de veiligste kust ter wereld te houden. Ik ga het heel concreet maken en daarna afronden. Er zijn nu al gemeentebesturen waaraan door IKWV wordt gevraagd om het aantal reddingsboten terug te dringen, om nog slechts één boot per twee posten te hebben, maar dat gaat wel onmiddellijk impact hebben op de veiligheid.

U moet echt wel afronden, hoor.

Ja, ik ga afronden.

De drukste periode aan de kust is tussen 21 juli en 15 augustus. Op 1 augustus starten er allemaal nieuwe redders, voornamelijk eerstejaars.

U moet echt afronden, want ik heb ook geen vraag gehoord. (Opmerkingen van Orry Van de Wauwer)

We zijn al de hele dag onmenselijk streng, en ik ga dat blijven. U hebt niet gekeken naar de vele non-verbale communicatie die ik in uw richting gestuurd heb. Alle andere collega’s deden dat wel. Ik moet u dus helaas afbreken.

Mevrouw Lambrecht heeft het woord.

Dank u, voorzitter. Ik zal wel naar u blijven kijken.

Ik wil toch kort tussenkomen om de collega’s bij te treden, de collega’s van West-Vlaanderen, maar ook erbuiten. Ik ga niet lang spreken, maar ik denk dat het duidelijk is – en ik dacht bij de minister toch enige positiviteit gezien te hebben – om in de toekomst geen probleem te hebben om met de financiering vanuit Vlaanderen verder te gaan. Wij gaan die boodschap zeker meenemen naar West-Vlaanderen. Men praat over thema’s, maar het is niet enkel kust, het gaat ook om welzijn, veiligheid en zelfs sport. Het gaat om toerisme, het gaat om binnenland. Ik denk dat we altijd steun gaan vinden – en u ziet dat hier ook over de partijgrenzen heen – om ervoor te blijven pleiten dat te steunen vanuit Vlaanderen. Eigenlijk is het jammer dat we het opnieuw moeten vragen. Het zou een evidentie moeten zijn.

De heer Dochy heeft het woord.

Ik wil mij ook aansluiten bij de vorige opmerkingen en vraagstellers, vooral bij collega Sintobin. Ik denk dat u de vinger op de wonde legt. Uiteindelijk getuigt het ook van een zekere logica en van goed bestuur van een provincie dat ze probeert om aan het bestuur van een initiatief deel te nemen, wanneer ze er 250.000 euro aan geeft. De provincie is indertijd ook mee oprichter geweest van IKWV.

Minister, in die zin, en misschien anders dan de andere collega’s die tussengekomen zijn, betreur ik toch wel de manier waarop u de zaak een beetje in het belachelijke getrokken hebt. Het was echt niet nodig om de provincie te wijzen op een aantal investeringen of uitgaven die ze doen waarvan u vindt dat ze niet correct zijn, zonder de achtergrond te kennen. Van de Vlaamse overheid kan men waarschijnlijk ook een aantal zaken vinden die minder relevant zijn om te ondersteunen. Ik vond het een beetje jammer. Het was niet nodig om op die manier de provincie eigenlijk in het belachelijke te trekken. Ik betreur het dat er weinig respect was vanuit het Vlaamse niveau voor het initiatief van de provincie. 

Dat getuigt dus van een goed bestuur dat men wil meebesturen in die organisatie waar men 200.000 euro aan geeft. Het is niet de keuze van de provincie om daaruit te treden, dat is verplicht door de Vlaamse overheid.

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Mijnheer Dochy, excuus dat ik enkele zaken vernoemd heb waar de provincie in investeert. Excuus dat ik die projecten heb vermeld. Ik zou denken dat de provincie niet beschaamd is voor de projecten die ze zelf subsidieert.

Er wordt gezegd: het is spijtig dat we vragen naar de subsidiëring. Maar u hoeft dat helemaal niet te vragen, want ik heb die nooit ter discussie gesteld. Het is de provincie die haar eigen ondersteuning ter discussie heeft gesteld. Vervolgens is daar wat media-aandacht aan besteed. Ik heb dan gewoon gezegd dat ik dat betreurde, dat die reddingsdienst voor mij waardevol is, dat die blijvend ondersteund moet worden, dat Vlaanderen dat zal blijven doen, en desnoods zelfs, dat hebt u goed opgemerkt, mevrouw Lambrecht, als dan toch de provincie de rug keert, dan zullen wij of de volgende Vlaamse Regering – een slag om de arm houden – dat dossier zeker met grote welwillendheid bekijken, want dat is een essentiële dienst die wij verzekeren, die wij mee financieren en die wij zullen blijven financieren. Ik heb hier nogal particuliere provincialistische bemerkingen gehoord. (Opmerkingen van Stefaan Sintobin)

U hoeft zich geen zorgen te maken. Wij zullen ons engagement vanuit de Vlaamse overheid gestand houden. Daar twijfel ik niet aan.

Minister, mijn vraag dateert natuurlijk al van juli, bijna twee maanden geleden. Aangezien ik de enige was van mijn fractie met een vraag, heb ik mijn vraag niet willen omzetten in een schriftelijke vraag.

Het is toch wel heel belangrijk dat we de continuïteit van de middelen kunnen garanderen omdat de Vlaamse kust toch eigenlijk echt een succes is. We moeten de veiligheid blijven garanderen.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is geopend met een beperkt aantal plaatsen. Bezoekers die een plenaire vergadering willen bijwonen, sturen een mailtje naar 
onthaal@vlaamsparlement.be met daarin naam en geboortedatum.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.