U bent hier

De voorzitter

Aangezien ik de rol van voorzitter op mij neem, stel ik voor dat de heer Gryffroy eerst zijn vraag stelt.

De heer Gryffroy heeft het woord.

Energiearmoede is een onderdeel van een ruimer armoedeprobleem. Onder energiearmoede wordt verstaan dat een gezin een te groot deel van het beschikbare inkomen moet besteden aan energiekosten. Voor velen is de energiefactuur een zware dobber en soms stelt men investeringen uit of tracht men kosten te vermijden, waardoor men inboet aan comfort.

Volgens de jaarlijkse Barometer Energiearmoede kampt een op de vijf gezinnen met een van de drie vormen van energiearmoede. Bij 14 procent van de gezinnen is het procentueel aandeel van het beschikbaar inkomen voor energiekosten 11,8 procent of hoger. Bij een doorsneegezin is dat 5,9 procent. 4,5 procent van de gezinnen verbruikt de helft minder dan een vergelijkbaar gezin. Men noemt dat verborgen energiearmoede. 6,2 procent van de gezinnen geeft aan onvoldoende middelen te hebben om de woning te verwarmen. Dat heet subjectieve energiearmoede. We stellen vast dat de cijfers over energiearmoede stabiel blijven op ruim 21 procent.

De huidige Vlaamse Regering is de eerste die een energiearmoedeplan met 34 concrete acties heeft uitgewerkt. Dat is een belangrijke stap om de energiearmoede in Vlaanderen aan te pakken. De initiatieven zetten zowel in op de optimalisatie van de bestaande bescherming tegen afsluiting van energielevering, als op structurele doelgroepmaatregelen op het vlak van rationeel energiegebruik. Er bestaan tal van maatregelen om de energiefactuur voor de diverse kwetsbare doelgroepen beheersbaar te houden. Denken we maar aan de initiatieven voor de beschermde afnemers zoals een sociaal tarief voor elektriciteit, gas en water, een toelage van het Sociaal Verwarmingsfonds, de verhoogde premies ter ondersteuning van energie-efficiënte investeringen, de energiesnoeiers en het renteloos lenen voor energie-investeringen.

Minister, hoe evalueert u het energiearmoedeplan? Op welke manier kan dit plan worden bijgestuurd? Welke bijkomende acties zult u ondernemen? Hoe gaat u de kwetsbare doelgroep informeren over de beschikbare beleidsinstrumenten, bijvoorbeeld de renteloze energielening of de verhoogde energiepremies? Hoe gaat u de kwetsbare doelgroep proberen te bereiken en aan te zetten om hun woning energetisch op punt te stellen? Hoe kunnen we ervoor zorgen dat investeringen in energie-efficiëntie, inclusief de financierskosten, vanaf dag één de druk op de energiefactuur verlagen?

Valerie Taeldeman (CD&V)

Minister, ik verwijs naar de uitspraak van uw voorganger, minister Tommelein, die in deze commissie aankondigde dat we begin januari een evaluatie zouden krijgen van het energiearmoedeprogramma.

De voorbije weken heeft zowel de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) als de Koning Boudewijnstichting cijfers bekendgemaakt omtrent energiearmoede.

De VVSG gaf te kennen dat in 2017 bijna 100.000 gezinnen naar hun gemeente of OCMW zijn gestapt voor een tussenkomst in primaire noodzakelijke uitgaven, waar ze zelf de middelen niet meer voor hebben. Dat gaat over schoolfacturen, medische kosten en zelfs eten. Heel vaak moet ook tussengekomen worden in de nutsvoorzieningen. Opnieuw een aanwijzing dat een pak gezinnen in Vlaanderen geconfronteerd worden en blijven met energiearmoede. Ik som alle andere uitgaven ook op omdat we in deze commissie al dikwijls hebben aangekaart dat energiearmoede niet losstaat van andere betalingsmoeilijkheden.

De Koning Boudewijnstichting maakte recent de Energiebarometer bekend. De heer Gryffroy somde de cijfers al op.

Nu, bij het begin van de legislatuur is er een conceptnota energiearmoedeprogramma goedgekeurd. Dat is een actieplan met een dertigtal concrete acties, dat tot doel had om een belangrijke ambitie uit het Vlaamse regeerakkoord – de energiearmoede in Vlaanderen verminderen – te concretiseren en waar te maken.

We zitten met de sociale statistieken van de VREG, de Barometer Energiearmoede van de Koning Boudewijnstichting en het nieuws van de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten. En daarbij kan er toch worden opgemerkt dat we niet met een dramatische stijging van energiearmoede te maken hebben, maar toch ook niet met een spectaculaire daling. Het blijft eerder stabiel, als ik het zo mag zeggen.

Gelet op het feit dat die evaluatie werd aangekondigd, en begin dit jaar wordt opgeleverd, zou het goed zijn dat deze commissie de evaluatie van dat Vlaams energiearmoedeprogramma te zien krijgt. Kunnen we beschikken over die evaluatie? Kan de minister al enkele bevindingen meegeven in deze commissie, en kunnen er conclusies worden getrokken op basis van de evaluatie? Wordt er nog een bijsturing van het energiearmoedeprogramma verwacht?

De voorzitter

Minister Peeters heeft het woord.

Minister Lydia Peeters

Wat de evaluatie van het energiearmoedeprogramma betreft, kan ik u meedelen dat dit vrijdag waarschijnlijk wordt geagendeerd door de Vlaamse Regering, naast heel wat andere punten. Op dit ogenblik lopen daar ook nog een aantal interkabinettenwerkgroepen (IKW’s) over. Maar omdat ik dat natuurlijk eerst aan de Vlaamse Regering moet meedelen, kan ik daar vandaag nog niet veel over zeggen.

Als de Vlaamse Regering hier vrijdag aanstaande kennis van neemt, zal de evaluatie waarschijnlijk op maandag voor iedereen beschikbaar zijn. U weet dat er 34 acties waren vooropgesteld, en dat daarvan een stand van zaken wordt gegeven in het energiearmoedeprogramma dat nu wordt meegedeeld. We zullen daar dan ook heel wat aanbevelingen krijgen.

Wat die aanbevelingen betreft, zal het in eerste instantie de Vlaamse Regering zijn die daar uitspraken over doet, en desgevallend advies geeft aan de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV). U weet alleszins dat de tijd kort is om nog heel concreet iets te doen met de aanbevelingen die erin staan. Maar we plannen alleszins wel een intensief overleg met alle betrokken stakeholders, dit nadat er officieel kennis van wordt genomen. Wat dat betreft, kan ik vandaag de dag nog niet heel veel zeggen over de stand van zaken van het energiearmoedeprogramma.

Wat de andere vragen van collega Gryffroy betreft, in verband met de kwetsbare groepen, en hoe zij worden geïnformeerd: daaromtrent kan ik u meedelen dat wij, zowel wat de renteloze lening als wat de verhoogde energiepremies betreft, enerzijds volop gebruikmaken van de bestaande communicatiekanalen. Anderzijds zien wij ook een aantal bijkomende mogelijkheden op korte termijn om de kwetsbare doelgroep te informeren.

Zo zijn de energiehuizen op dit ogenblik al bezig met hun verruimde dienstverlening op lokaal niveau. Zij richten zich toch heel specifiek tot de kwetsbare doelgroepen. Daarbij is het belangrijk dat de energiehuizen samenwerkingsverbanden met andere lokale actoren uitbouwen; denk daarbij aan de OCMW’s, de energiescanbedrijven, de BENOvatiecoaches, en dergelijke meer.

In de loop van de maand april wordt ook nog de campagne gelanceerd die gerichtere promotie zal maken voor sociale isolatieprojecten voor de private huurwoningen bewoond door kwetsbare gezinnen. Begin dit jaar zijn er ook nog vijf energiearmoedeconsulentenprojecten van start gegaan voor de periode 2019 tot en met 2021. Die zullen elk binnen hun werking een bijdrage leveren tot een beter bereik van de doelgroep.

Mijnheer Gryffroy, uw derde vraag sluit voor een stuk aan op uw tweede. Ik heb met andere woorden al geantwoord op de vraag hoe ik de doelgroep zal proberen te bereiken. Naast hen bereiken en informeren, moeten we hen er uiteraard ook van proberen te overtuigen om de nodige maatregelen te nemen. Dit zal zowel hun wooncomfort als hun verbruik verhogen en de energiefactuur doen dalen.

Zoals u weet, werken we volop aan een rollend fonds voor noodkopers. We hopen dat dat straks in de plenaire vergadering definitief wordt goedgekeurd. Met dat rollend fonds voor noodkopers zullen we een belangrijk deel van de doelgroep kunnen bereiken, met name mensen in armoede die een eigen woonst hebben die zich in een kwalitatief slechte staat bevindt. Een groot deel van de doelgroep huurt echter een woning. En daarom starten we binnenkort, samen met het Vlaams Energieagentschap, een communicatiecampagne die zich specifiek richt op de huurders en verhuurders.

De voorzitter zei het daarnet al: dit is de voorlaatste commissievergadering. Desgevallend, afhankelijk van wat er vrijdag te gebeuren staat, kan er op die laatste vergadering misschien nog meer tekst en uitleg worden gegeven over het energiearmoedeplan als dusdanig.

De voorzitter

De heer Gryffroy heeft het woord.

Minister, ik dank u voor uw antwoord. We moeten dus afwachten wat er maandag publiek wordt gemaakt.

Halfweg 2018 had ik al een vraag om uitleg gesteld over dit onderwerp. U hebt toen ook al de opmerking gemaakt dat de definitie niet altijd eenduidig is. Wat is verborgen energiearmoede? 4,5 procent verbruikt de helft minder dan een vergelijkbaar gezin. Dat beschouw ik dan als verborgen energiearmoede.

Maar je kunt ook zeer energiezuinig zijn. Ik ken een paar van zulke mensen. Als ik hoor wat zij slechts betalen op jaarbasis ... Zij zitten inderdaad beduidend onder de helft van een gemiddeld verbruik. Leven die mensen dan in verborgen energiearmoede? Neen. Ik vind het dus een wat bizarre definitie, die steeds terugkeert.

In het rapport van het Rekenhof van eind vorig jaar, dat handelde over de periode 2017, heeft men ook twee belangrijke opmerkingen gemaakt. Eén, het eventueel herzien van de inkomensgrens. Twee, de doelgroepen worden nog steeds moeilijk bereikt, maar er is ook geen harmonisatie in de definitie van doelgroepen. In communicatie en teksten – besluiten van de regering, decreten enzovoort – spreekt men van kwetsbare gezinnen, prioritaire doelgroepen of overbeschermde afnemers. En stricto sensu zijn dat allemaal misschien wel verschillende doelgroepen. Maar soms voelt men zich dan niet aangesproken, omdat men zegt: ‘Ik ben niet kwetsbaar. Ik ben misschien wel een beschermde afnemer, maar een beschermde afnemer leeft niet noodzakelijk in energiearmoede.’ Je kunt bijvoorbeeld ook een beschermde afnemer zijn omdat iemand in het gezin een bepaalde handicap heeft.

We zitten dus met een definitie die drie groepen kan omschrijven. En daardoor wordt het misschien wat moeilijker om die mensen te bereiken. Hun opmerking was dus dat de doelgroepen wat meer moeten worden geharmoniseerd in de omschrijving. En daarom moet je dus meer gaan werken met inkomensgrenzen. Minister, wat is daarover uw mening?

Valerie Taeldeman (CD&V)

Ik had eigenlijk gehoopt dat de evaluatie vorige week al door de regering zou zijn behandeld, zodat we nu, net voor het paasreces, toch een grondige analyse en evaluatie hadden gehad van het Vlaamse energiearmoedeprogramma.

Laat mij duidelijk zijn: deze Vlaamse Regering en ook de regeringen voordien hebben er wel voor gezorgd dat er in Vlaanderen werk is gemaakt van een degelijk vangnet, voor wie in betalingsmogelijkheden komt met de energiefactuur. Er is ooit een benchmark gemaakt met andere Europese regio’s. Daaruit blijkt duidelijk dat Vlaanderen toch een behoorlijk sterk vangnet heeft uitgebouwd voor de mensen die in de problemen komen.

Het was de duidelijke ambitie om de energiearmoede naar beneden te krijgen met het energiearmoedeprogramma. Alle indicatoren wijzen er toch op dat de situatie stabiel is gebleven.

Het is wat het is. De nota staat vrijdag op de agenda van de Vlaamse Regering. U hebt zelf aangekaart dat u de evaluatie nog aan deze commissie wilt voorleggen. Ik zou het zeer op prijs stellen dat we die nog krijgen. Ik denk dat er nog heel wat nuttige aanbevelingen zullen instaan die van groot belang zijn voor de volgende regering. Als men dan ook de opmerkingen van het Rekenhof in rekening brengt, dat op eigen initiatief een evaluatie of een audit heeft uitgevoerd, dan hebben we een aantal heel interessante aanbevelingen voor de volgende legislatuur.

De voorzitter

De heer Danen heeft het woord.

Energie aanbieden is ook een thematiek die ons heel erg aanbelangt. Ik ben benieuwd naar de evaluatie die vrijdag op de agenda van de Vlaamse Regering staat. Ik ben er ook voorstander van om deze tijdens de laatste commissievergadering die na het paasreces zal plaatsvinden, nog structureel te bespreken. Dit is te belangrijk om zomaar te laten liggen.

Ik begrijp ook dat een aantal parameters stabiel zijn. Daar mogen we ons echter niet bij neerleggen. We moeten zorgen dat er een structurele daling tot stand wordt gebracht. We moeten echt kijken welke elementen hierin een rol spelen. Ik heb hiervoor ook geen pasklare oplossingen. Waarschijnlijk bestaan ze niet, want als ze bestonden, waren ze wel ingevoerd. We kunnen wel dingen anders doen dan wat we nu doen om die structurele daling tot stand te brengen. Ik kijk uit naar het debat ter zake tijdens de week na het paasreces.

De voorzitter

Minister Peeters heeft het woord.

Minister Lydia Peeters

We beogen hoe dan ook hetzelfde doel, en dat is inderdaad een vermindering of verlaging van de energiearmoede.

Ik wil graag ingaan op uw verzoek om tijdens de eerste week na het paasreces het energiearmoedeprogramma te bespreken, afhankelijk natuurlijk van het antwoord op de vraag of het vrijdag door de Vlaamse Regering wordt behandeld. Daarover moet ik nog even voorbehoud maken, maar anders wil ik dat graag doen.

De definitie van de doelgroepen is inderdaad heel verschillend, mijnheer Gryffroy. We hebben ook heel verschillende wetgevingen. Federaal zijn er de sociale tarieven, anderzijds hebben we ook de energieheffing en de energielening. Ook het Rekenhof heeft de bedenking gemaakt dat er veel verschillen zijn en dat de afbakening van de doelgroepen heel complex is. De definitie ervan moet dringend geharmoniseerd worden. De verschillende maatregelen beogen echter ook allemaal een ander doel. Dat maakt het allemaal niet evident. De eerste stappen naar een harmonisatie van deze definitie zijn wel al gezet. Ik denk dat we daar in de toekomst zeker verder werk van moeten maken.

De verborgen energiearmoede is een terechte bekommernis, die we zeker in overweging moeten nemen. Doordat ze verborgen is, is het echter zeer moeilijk om te bepalen wie deze mensen zijn. Niet iedereen die een laag energieverbruik heeft, zit in de groep van de verborgen energiearmoede, zoals u al in uw voorbeeld aanhaalde. Ik denk dat het heel belangrijk is dat we enerzijds de energiearmoede zoveel mogelijk proberen te detecteren, en dat we er anderzijds voor zorgen dat die zoveel mogelijk wordt teruggedrongen.

Ik hoop ook dat straks de digitale meter wordt goedgekeurd. De plaatsing van de digitale meter bij de budgethouders kan zeker een belangrijke bijdrage leveren in de verdere opvolging van mensen die in energiearmoede leven. Ik hoop dat we hier in de toekomst veel verder mee kunnen gaan.

De voorzitter

De heer Gryffroy heeft het woord.

We zullen het initiatief afwachten, maar u hebt ook mijn bezorgdheid gehoord omtrent de harmonisatie van doelgroepen. Ook moet men toch opletten met de verborgen energiearmoede.

De voorzitter

De vragen om uitleg zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.