U bent hier

Mevrouw Wouters heeft het woord.

Elke Wouters (N-VA)

Minister, bouw- en sloopafval is qua volume de grootste afvalstroom in Vlaanderen. Er is in deze sector al heel wat recyclage, maar de reststroom blijft in gewicht groter dan al het huishoudelijk afval dat de Vlaamse gezinnen produceren. De Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij (OVAM) zet daarom in op een betere opvolging van de hele sloopketen. Door die betere opvolging, inclusief selectief slopen, zal bouwpuin gemakkelijker als laagrisico-afval worden aanvaard bij breekinstallaties, een gevoelig lagere kost dan wanneer het als hoog risico wordt aangeboden. Zo zullen granulaten die gemaakt worden uit puin ook veel minder verontreiniging bevatten en zal het vertrouwen erin toenemen. Om dat te bereiken, moet er bij grotere gebouwen een sloopopvolgingsplan opgesteld worden. In dat plan wordt dan aangegeven welke al dan niet gevaarlijke materialen zich in het te slopen gebouw bevinden. In dat plan kan ook advies worden gegeven voor verdere verwerking of hergebruik van de afvalstoffen.

Na het doorlopen van de hele verwerkingsketen kan tot slot een sloopattest uitgereikt worden door de sloopbeheerorganisatie. Dat attest garandeert dat de volledige procedure correct is verlopen. Zo weten we zeker dat gevaarlijke afvalstoffen correct zijn afgevoerd en dat ook andere stoffen die de recyclage van het puin kunnen bemoeilijken bij de juiste sorteerinstallatie terechtkomen. Een sloopattest wordt afgeleverd per sloopmateriaal en per breker of verwerkingsinstallatie naar waar het afval werd afgevoerd. Het attest wordt verleend aan de sloper, een kopie gaat naar de opdrachtgever van de sloopbeheerorganisatie.

Ik heb daarbij de volgende vragen, minister. Wordt de verplichting tot opmaak van het sloopopvolgingsplan nageleefd? Werden er overtredingen vastgesteld? Hoe werd daartegen opgetreden?

De sloopopvolging gebeurt hoofdzakelijk op vrijwillige basis. Bent u van mening dat dat volstaat, of denkt u er ook aan de opvolging verplicht te maken?

Tracimat vzw is momenteel de enige erkende sloopbeheerorganisatie in Vlaanderen. Zitten er intussen andere spelers aan te komen op die markt?

Welke resultaten worden bereikt bij afgebroken gebouwen met een sloopattest? Kunnen we daar vaststellen dat er meer gerecycleerd wordt en dat de uiteindelijke granulaten zuiverder zijn?

Sloopopvolging is vandaag verplicht bij residentiële gebouwen met een volume groter dan 5000 kubieke meter of bij niet-residentiële gebouwen met een volume groter dan 1000 kubieke meter. Ook bij kleinere vergunningsplichtige werken aan infrastructuur met een volume groter dan 250 kubieke meter is dat het geval. Als de resultaten van sloopopvolging positief zijn, is het dan niet nuttig om alle sloopwerken onder die regeling te laten vallen?

Minister Van den Heuvel heeft het woord.

Voorzitter, door de koppeling met de omgevingsvergunning is er meer opvolging van de verplichting, ook door de bevoegde gemeentelijke diensten. Een omgevingsvergunning voor een stedenbouwkundige handeling kan enkel worden afgeleverd indien het door het Vlaams reglement betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (VLAREMA) verplicht gemaakt sloopopvolgingsplan aan de aanvraag wordt toegevoegd. We beschikken nog niet over gegevens over vastgestelde overtredingen.

Mevrouw Wouters, er zijn geen onmiddellijke stappen gepland om de verplichting tot het opstellen van een sloopopvolgingsplan door een sloopbeheersorganisatie uit te breiden. Zoals u misschien toevallig weet, is dit in de Vlaamse Regering momenteel niet haalbaar. De proeftuin Circulair Bouwen zal de maatschappelijke kosten en baten van de sloopopvolging verder onderzoeken. Deze analyse kan een mogelijke beslissing van de Vlaamse Regering over de uitbreiding van de verplichting van het sloopopvolgingsplan onderbouwen.

Wat de uitbreiding naar andere spelers betreft, stel ik vast dat op dit ogenblik geen andere aanvragen tot erkenning als sloopbeheersorganisatie zijn ingediend.

Een sloopattest volgt uit het doorlopen van de vrijwillige sloopopvolging door een sloopbeheersorganisatie. Er zijn op dit ogenblik onvoldoende afbraakwerken volledig opgevolgd om al conclusies te kunnen trekken.

Wat uw laatste vraag betreft: het onderzoek naar ‘urban mining’ in de proeftuin Circulair Bouwen zal de resultaten van het sloopopvolgingsplan evalueren. Op basis van deze resultaten en van een afweging van de maatschappelijke kosten en baten zal het mogelijk zijn een beslissing over een uitbreiding van het toepassingsgebied te nemen. Zoals u weet, zijn wij voorstanders van een uitbreiding van de verplichting. Misschien kunnen we in u een bondgenoot vinden om uw partijgenoten te overtuigen.

Mevrouw Wouters heeft het woord.

Elke Wouters (N-VA)

Minister, ik dank u voor uw antwoord. Ik blijf erbij dat de bouwsector nog wat inspanningen kan leveren om verbeteringen mogelijk te maken zonder de aannemers of de particulieren met veel extra werk op te zadelen. De sloopsector blijft een belangrijke speerpunt van het beleid van de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij (OVAM).

Verder wil ik erop blijven hameren dat enkel een door Tracimat erkende deskundige een sloopopvolgingsplan kan opstellen. Ik stel me hier een aantal vragen bij. Hoe wordt de prijs van een dergelijk plan berekend? Is die prijs afhankelijk van de aard en omvang van de sloopwerken? Over welke orde van grootte spreken we dan? Het is uiteraard niet onze bedoeling particulieren die kleine sloopwerken uitvoeren met een grote meerkost op te zadelen. Ik zou graag weten of het attest wordt berekend aan de hand van de grootte van de werf en van de werken die hieraan zijn gekoppeld.

De heer Danen heeft het woord.

Voorzitter, in het licht van een meer circulaire economie is het natuurlijk van belang te weten wat er in de bouwstenen zit die we opnieuw in omloop brengen. Die stenen moeten zijn wat ervan wordt beweerd. Dat is van primordiaal belang, maar we stellen soms vast dat dit niet het geval is.

Mevrouw Wouters, indien ik u goed heb begrepen, kan ik u in dit verband steunen. Wij zijn voorstanders van een uitbreiding van het sloopopvolgingsplan, ook naar kleinere gebouwen, want vaak worden woonhuizen gesloopt en wordt achteraf vastgesteld dat er, bijvoorbeeld, asbest in het sloopmateriaal zit. Dat wordt gecontroleerd en in het beste geval door de breker vastgesteld. Dat moet dan allemaal worden afgevoerd naar een stort voor gevaarlijk afval en worden vernietigd. Dat kost veel geld en we lopen het risico dat dergelijke materialen in de normale kringloop terechtkomen. Ik ben absoluut voorstander van een uitbreiding.

Het hoeft ‘in the end’ niet meer te kosten, want als je materiaal zuiverder is, zul je daar ook geld voor krijgen en kan het voor andere toepassingen dan nu worden gebruikt.

Als ik u hoor zeggen dat ‘wij’ voorstander zijn, is dat dan een zogenaamde pluralis majestatis, of bedoelt u daarmee uzelf, uw partij of deze regering? Dat is me niet helemaal duidelijk. Als u uw partij bedoelt, wat gaat u dan doen om die opvolgingsmaatregelen rond het sloopafval uit te breiden?

Minister Van den Heuvel heeft het woord.

De bekommernissen van mevrouw Wouters en de heer Danen zijn duidelijk. Ik heb daarnet al gezegd dat voor mij en mijn fractie die uitbreiding absoluut kan en mogelijk is. Dat is ook zo voorgelegd aan de Vlaamse Regering, maar daar is de beslissing niet gevallen. Ik denk dat ik daarmee voldoende heb gezegd.

Ik denk dat dit in de nieuwe legislatuur een aandachtspunt zal zijn en dat we de bekommernissen die net zijn geuit, in overweging moeten nemen.

Mevrouw Wouters heeft het woord.

Elke Wouters (N-VA)

Ik kijk nu vooral uit naar het moment waarop we wel voldoende gegevens zullen hebben om te zien of sloopopvolging echt haar vruchten afwerpt. Ik kan alleen maar herhalen dat bouw- en sloopafval op het vlak van volume een grote afvalstroom blijft. Elke bijsturing kan bijdragen om grote hoeveelheden materiaal van de verbrandingsoven te redden.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.