U bent hier

De heer Vandenberghe heeft het woord.

Minister, een belangrijk thema in 2019, net zoals in 2018, waar we op zullen blijven hameren, is ons milieu, omdat er nog heel wat belangrijk werk aan de winkel is. Vandaar heb ik aantal opvolgingsvragen rond de Statiegeldalliantie en alles daaromtrent.

De Statiegeldalliantie vierde op 27 november vorig jaar haar eerste verjaardag. De tijd gaat heel erg snel. In een jaar tijd groeide het draagvlak van 21 naar 834 organisaties, bedrijven en gemeenten. In Vlaanderen schaarde meer dan de helft van de gemeenten, 56 procent, zich achter de alliantie. In politieke termen kun je spreken van een ruime absolute meerderheid.

De initiatiefnemers van de Statiegeldalliantie willen de Vlaamse Regering en de Nederlandse aanzetten tot de invoering van statiegeld op alle plastic drankflessen en blikjes en willen het zwerfvuilprobleem zo structureel verminderen. In een onderzoek van Test-Aankoop in maart 2018 toonde 66 procent zich voorstander van een invoering van statiegeld en bijna 90 procent van de bevraagden was bereid zijn of haar blikjes en petflesjes naar de supermarkten terug te brengen om het statiegeld te kunnen recupereren.

Volgens het goedgekeurde afvalplan van de Vlaamse Regering zou er, indien de industrie haar doelstellingen niet haalt, een algemene invoering van statiegeld kunnen komen in 2023.

Vindt u het democratisch verantwoord om dit signaal van 56 procent van onze burgemeesters en 66 procent van onze burgers te negeren?

Voorziet u een tussentijdse evaluatie in het kader van het goedgekeurde afvalplan? Indien ja, is het geen mogelijkheid om tegemoet te komen aan de vraag van onze burgers en burgemeesters om, bij negatieve evaluatie, statiegeld toch vroegtijdiger in te voeren?

Minister Schauvliege heeft het woord.

Collega Vandenberghe, bedankt voor uw blijvende bezorgdheid omtrent het zwerfvuil. Dat is natuurlijk een bezorgdheid die we allemaal delen, ook de Vlaamse Regering, en we kunnen ook alleen maar blij zijn dat er zoveel gemeenten zijn die de strijd tegen zwerfvuil willen aangaan.

U weet dat wij binnen de Vlaamse Regering een akkoord hebben bereikt op basis van de oproep om dat verpakkingsbeleid anders aan te pakken. Daar staan ambitieuze doelstellingen in die we willen bereiken voor de producenten van verpakkingen, maar ook voor andere zwerfvuilbronnen. Dat plan hebben wij goedgekeurd en is ook besproken hier in het Vlaams Parlement. Wij respecteren uiteraard de overeenkomst en voeren die uit.

In de nieuwe erkenning voor Fost Plus is een jaarlijkse monitoring van de nieuwe doelstellingen opgenomen. Dit heeft bijvoorbeeld betrekking op de doelstelling om 90 procent van de drankverpakkingen en meer afval dat buitenshuis ontstaat, gescheiden in te zamelen.

De netheidsindex wordt jaarlijks bepaald en de hoeveelheid zwerfvuil tweejaarlijks.

Er zullen ook fractietellingen gebeuren om een beter zicht te krijgen op de samenstelling van het zwerfvuil. Op basis daarvan zullen we nagaan hoe de producenten van producten die in het zwerfvuil voorkomen, financieel nog meer moeten bijdragen voor de opruimkosten.

Er is een evaluatie voorzien in 2022. Er zijn dus heel wat elementen in dat goedgekeurde verpakkingsplan die ons in staat stellen de evoluties jaar na jaar op te volgen en het beleid bij te sturen, mocht dat nodig zijn.

Collega Vandenberghe, ik denk dat ik al uw bezorgdheden zeker heb weggenomen op die manier.

De heer Vandenberghe heeft het woord.

U haalde in uw antwoord enkele zaken aan die we al langer weten en die ook wel correct opgevolgd worden. In West-Vlaanderen hebben we echter een uitdrukking en ik ben een beetje bang dat dat hier het geval is: ‘men plast in de plas en alles blijft zoals het was’. Dat is een uitdrukking die wij af en toe gebruiken en die ook wel redelijk bekend is. Dat is ook een beetje mijn bezorgdheid. Ik heb al heel veel documenten gelezen en heb mij in het verleden heel goed geïnformeerd, maar ik zie niet onmiddellijk in welk alternatief er zal zijn naar 2020 toe dat minstens evenveel resultaat zal hebben als het invoeren van statiegeld. Ik heb mijn oor tijdens de vakantie ook te luisteren gelegd bij diverse buurlanden of andere landen die er wel al mee werken en er uitstekende resultaten mee behalen, ook organisatorisch.

Er zijn proefprojecten rond statiegeld in Wallonië en Brussel. In Vlaanderen heb ik echter de indruk dat er wat koppigheid of ‘dur de comprenure’ meespeelt, in die zin dat we hier blijkbaar geen proefprojecten willen, ze tegenhouden of ze niet op de agenda plaatsen. Je merkt ook – en ik weet dat je niet alles mag geloven wat op digitale media wordt geplaatst en ik relativeer dat ook als eerste – dat, als je heel nauw verbonden bent met belangengroepen en inwoners, vooral dan langs de kust, zij niet de indruk hebben dat er stappen vooruit gezet worden, integendeel.

Ik heb heel wat gesprekken met inwoners en mensen op de werkvloer en zij hebben absoluut niet de indruk dat u stappen vooruit zet, minister. Het verhaal dat u hier afsteekt, is hetzelfde als vele maanden terug. Het is een beetje een cd’tje dat we zullen kunnen afdraaien. In concreto zien we weinig beterschap, weinig aanpassingen en weinig veranderingen. Dat is geen politiek statement, maar wel wat ik hoor bij de mensen die daar dagelijks mee bezig zijn; bij inwoners, die er bezorgd over zijn; en bij mensen in het werkveld.

Ik vraag u dan ook, minister, om echt wel een tandje bij te steken en heel goed te communiceren over wat er in concreto gebeurt en om nogmaals antwoord te geven op mijn vraag. Welk alternatief hebt u voor ogen dat de resultaten zal bereiken die een invoering van statiegeld zou bereiken? Zoals mijn collega Bruno Tobback en ikzelf altijd hebben gezegd, zijn wij niet getrouwd met statiegeld, maar er moet wel een beter of ten minste even goed alternatief zijn.

Mevrouw De Vroe heeft het woord.

Minister, de Vlaamse Regering heeft inderdaad nog niet zo lang geleden, op 20 juli 2018, een heel verpakkingsplan goedgekeurd. Ik denk dat dat een heel belangrijk moment was, met zeer ambitieuze doelstellingen. Denk maar aan de uitbreiding van de blauwe pmd-zak en het doel om tegen 2022 het percentage drankverpakkingen dat wordt ingezameld en gerecycleerd, naar 90 procent brengen. Dat zijn heel ambitieuze doelstellingen. Het is belangrijk dat die doelstellingen gehaald worden. Ik denk dat er dus heel veel werk op de plank ligt. Uiteraard zijn we een bondgenoot van u om die punten mee te verwezenlijken.

Minister, ik heb nog wel een vraag met betrekking tot de nulmeting waarvan sprake. Ik heb u daar in het verleden al over gesproken. Ik heb daar ook een vraag over ingediend, die evenwel geweigerd werd. Ik maak graag van deze gelegenheid gebruik om wat verduidelijking te krijgen. Er wordt gezegd dat er een nulmeting moet gebeuren, zodat we in de toekomst, als er opnieuw metingen gebeuren, op een correcte manier kunnen nagaan of de hoeveelheid zwerfvuil effectief gedaald is. Ik heb u daar in de commissie van 6 november al over bevraagd. U zei toen dat voor de nulmeting rekening gehouden zal worden met de cijfers van de OVAM uit 2015. Ik zit nog altijd met dezelfde vragen als toen. Waarom werd voor die methode gekozen? Lagen er op het moment dat daarvoor werd gekozen, alternatieven op tafel?

In dat plan werd ook opgenomen dat in overleg met de sector bepaald zou worden hoe die nulmeting zou gebeuren. U hebt gezegd dat dat gebeurd is. Ik had nog graag van u vernomen om wie het precies ging. Was dat dan de OVAM, Fost Plus, Recycling Network, de VVSG, …? Wie waren precies die partners die mee beslist hebben voor die methode met de cijfers uit 2015?

Collega, uw vraag werd geweigerd, omdat ze te kort op een andere gelijkaardige vraag volgde. Er werd wel gesuggereerd om een schriftelijke vraag te stellen.

Mevrouw Taeldeman heeft het woord.

Valerie Taeldeman (CD&V)

Voorzitter, minister, collega’s, ik wou nog eens polsen naar aanleiding van de vraag van collega Vandenberghe. De voorbije twee weken hebben tal van nieuwe besturen de eed afgelegd op lokaal niveau. De lokale ploegen zijn dus van start gegaan. Ik denk dat er in de driehonderd steden en gemeenten heel wat ambitie aan de dag wordt gelegd om zich in te zetten voor heel die problematiek van zwerfvuil en voor alles wat te maken heeft met sorteren en recyclage.

Mijn vraag is eigenlijk bestemd voor die lokale besturen die zich de komende zes jaar voluit willen inzetten voor de strijd tegen zwerfvuil, het verminderen van de afvalberg enzovoort. Op welke manier zal uw administratie die lokale besturen op maat inlichten over hun cijfers over afvalinzameling op maat en hun cijfers inzake de netheidsindex, zodat die lokale besturen ook aan de slag kunnen en kunnen meten en sensibiliseringscampagnes op touw kunnen zetten de volgende zes jaar, in samenwerking met de OVAM of andere verenigingen of organisaties? Mijn vraag is dus: op welke manier zult u op maat communiceren met de lokale besturen, die net als wij allemaal hier in Vlaanderen zwaar willen inzetten op heel die afvalproblematiek.

Mevrouw Wouters heeft het woord.

Elke Wouters (N-VA)

Collega Vandenberghe, u weet dat zowel mijn partij als de verpakkingsindustrie niet staan te springen voor het invoeren van statiegeld, omdat het geen allesomvattende oplossing is. Zwerfvuil is veel meer dan alleen maar die plastic flesjes en blikjes, waarvoor we overigens al een goed pmd-systeem hebben, dat bovendien nog uitgebreid zal worden.

Collega De Vroe verwees er ook al naar: in juli werden er afspraken gemaakt tussen de Vlaamse Regering en de sector. Het lijkt me dan ook logisch dat we nu de sector even de tijd geven, die hiervoor vrijgemaakt is door de minister en bij uitbreiding door de Vlaamse Regering, om hun de kans te geven de engagementen die ze willen nemen, aan te tonen.

Ik sluit me aan bij de vraag van collega De Vroe over de nulmeting, want dat is zeker essentieel om te weten. Dat was ook een vraag die ik zelf had.

Ik wil me zelf ook nog aansluiten bij deze vraag. We hebben al verschillende keren gesproken over de thematiek van het zwerfvuil, die ons allemaal na aan het hart ligt. Ik denk dat we het verpakkingsplan, dat goedgekeurd is door de regering en dat in nauw overleg met de sector zelf tot stand gekomen is, echt een serieuze kans moeten geven. Ik denk ook dat we daar best wel positiever tegenover mogen staan dan de sfeer die ik hier toch wat ervaar, dat er niets aan het bewegen zou zijn. Collega’s, ik weet niet hoe jullie dat ervaren, maar ik word op dat vlak toch wel heel wat andere signalen gewaar.

De afgelopen weken heb ik in het kader van nieuwjaarsrecepties en het einde van het jaar, heel wat contacten gehad met bedrijven en dergelijke. Dat ging dan om bedrijven die zelf met voeding bezig zijn en die hun klanten de boodschap brengen dat ze een actieplan opmaken en effectief werk willen maken van andere soorten verpakkingsmateriaal het komende jaar. Dat ging dan om een kleine ijsjesverkoper die met plastic bakjes werkt en op zoek is naar duurzame alternatieven daarvoor, naast het hoorntje, dat natuurlijk het meest duurzaam is. Dat ging dan om Delhaize, waar effectief geafficheerd werd dat er proefprojecten komen met een soort van kartonnen/papieren zakken in plaats van plastic zakken.

Een plasticfabriek, die ook plastic verpakkingsproducten voor voeding maakt, zegt dat ze effectief inzet op het onderzoek om naar een complete transitie te gaan.

Ik moet zeggen dat ik de afgelopen weken heel veel echt verrassend positieve reacties en boodschappen over heel die sector, die dat actieplan ook vastpakt, heb ontvangen. Het is natuurlijk te vroeg om op basis daarvan al een evaluatie uit te spreken en te zeggen dat we er zijn. Integendeel. Ik ben toch optimistisch nadat die signalen mij heel spontaan bereikten. Alles begint natuurlijk met het geloof in het plan en dat we zelf duidelijk zeggen wat de doelstellingen zijn. Ik hoop dat we als politici dan ook de duidelijke boodschap brengen dat dit hier effectief een plan is en dat dat zal worden beoordeeld. Als het niet gehaald wordt, moeten we bijsturen. Als we allemaal die boodschap heel duidelijk en scherp aanhouden, dan geloof ik echt wel dat de transitie die zich heeft ingezet, ook tot resultaat kan leiden.

Uiteraard is de nulmeting belangrijk, daar werd al een vraag over gesteld. Ten tweede wil ik u vragen of u ook signalen vanuit de sector krijgt over hoe het verpakkings- of afvalplan de sector ondertussen in beweging zet. Zijn er knelpunten die nu al naar boven komen? Wat is uw ervaring op dat vlak?

Minister Schauvliege heeft het woord.

Het is eigenlijk nogal straf dat sommigen durven te beweren dat er niets in beweging is of dat er niets is gebeurd. Ik geef een paar voorbeelden, en die zijn ook niet limitatief. We hebben de boetes verhoogd. We hebben de pakkans verhoogd. We hebben geïnvesteerd in camera’s om zwerfvuil te detecteren. We hebben proefprojecten, mijnheer Vandenberghe, die overal worden uitgerold. We hebben de uitbreiding van de pmd-zak. We hebben het verbod op de gratis plastic zakjes. We hebben het verbod op de stickers op fruit. We hebben het verbod op plastic ‘out of home’. Ik kan zo nog een tijdje doorgaan. Ook de coaching van de gemeenten loopt volop, mevrouw Taeldeman.

Er gebeurt heel veel. We zien ook dat er in de bewustwording op het terrein stappen vooruit zijn gezet. Het is absoluut niet zo dat er geen kentering is teweeggebracht.

Natuurlijk hebben we die afspraak dat we alle discussies over cijfers achterwege zullen laten. De nulmeting 2015 is specifiek in overleg met de sector en de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten (VVSG) gebeurd, mevrouw De Vroe. Ik heb ook op basis van uw suggestie aan de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij (OVAM) gevraagd om daar ruimer in te gaan, dus om daar bijvoorbeeld ook de Bond Beter Leefmilieu (BBL) bij te betrekken. Daar zou de OVAM op dit moment ook mee bezig zijn. Ik vond dat wel een interessante suggestie om dat open te trekken. Dat signaal is dus ook aan de OVAM meegegeven.

Ik merk ook, mevrouw Rombouts, dat er bij de bedrijven op het terrein heel wat in beweging is. Ik was gisteren trouwens nog in een bedrijf waar men de omslag heeft gemaakt naar biodegradeerbare zakjes die gewoon op de composthoop kunnen. Cupjes voor Nespressomachines die composteerbaar zijn … Men is daar echt wel volop mee bezig. Men zet daarop in. Het is ook goed dat het Europees wordt aangepakt en dat er een Europese strategie is. We zitten natuurlijk met een beperkte markt. Op dat vlak is het ook goed dat er op het Europese vlak een kentering wordt ingezet.

Ik vind dat er heel wat in beweging is. We hebben ook de nieuwe erkenning van Fost Plus. Wat we in het verpakkingsplan hebben afgesproken, is daar in de erkenning vertaald. Daar kan men dus ook een afrekening van maken.

De heer Vandenberghe heeft het woord.

Mevrouw Rombouts, ik wil u toch tegenspreken rond het feit dat ik negatief zou doen.

Ik ben voorzitter van het kustburgemeestersoverleg. We hebben daar beslist dat we de Proper Strand Lopers jaarlijks een subsidie zullen geven van 12.500 euro maal twee. Dat is 25.000 euro om die mensen structureel te ondersteunen. De provincie betaalt daarvan de helft, de tien kustgemeenten elk 1250 euro. In Bredene zijn we de eerste gemeente die dat hebben gedaan. Wat positiviteit betreft, is dat een voorbeeld.

Ik krijg hier de opmerking dat de verpakkingsindustrie dat niet ziet zitten. De verpakkingsindustrie zal mij worst wezen. Ik ben vooral bekommerd om het milieu en veel minder om de verpakkingsindustrie. Ik denk dat de verpakkingsindustrie die er al heel veel geld aan verdient, zich moet aanpassen aan wat de politiek beslist om beter voor het milieu te werken. Mij is dat een zorg, vooral ook omdat de verpakkingsindustrie zelf met nog geen degelijk alternatief voor hoe het wel zou moeten zijn naar voren is gekomen. Ik krijg er een beetje de kriebels van dat de verpakkingsindustrie dat niet ziet zitten.

Wanneer u zegt dat ik niet positief ben: ik heb niet ‘ik’ gezegd, maar ik hoor bij heel veel mensen, mevrouw Rombouts, dat men wel vindt dat het veel te traag vooruitgaat en dat het echt wel de processie van Echternach is. Elke dag dat we tijd verliezen, is zoveel meer ton afval die in ons milieu terechtkomt. Daar moeten wij bekommerd om zijn.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.