U bent hier

De heer Gryffroy heeft het woord.

Innovatieve bedrijfsnetwerken (IBN’s) vormen een sleutelinstrument binnen ons beleid rond innovatiegedreven ondernemerschap. Sinds het clusterbeleid in 2016 werden er veertien IBN’s opgericht. Uit de projectcall van eind 2017 werden dit jaar zes nieuwe innovatieve bedrijfsnetwerken geselecteerd. Twee daarvan situeren zich rond ‘internet of things’, een technologie die beweert alles en iedereen te kunnen connecteren.

Minister, ik heb een aantal vragen voor u over de nieuwe ‘IoT4Society’ en ‘IoT Value Chain’ innovatieve bedrijfsnetwerken. Wat is de status van de overeenkomst met de respectievelijke innovatieve bedrijfsnetwerken? Innovatieve bedrijfsnetwerken zijn clusters die bottom-up worden gevormd. Welke grote partijen staan achter deze respectieve clusters ? Wat is de respectieve scope van deze twee innovatieve bedrijfsnetwerken? Welke rol spelen deze clusters in het 'smart city'-verhaal met het ‘City of Things’-project ? Hoe evalueert u het programma Innovatieve Bedrijfsnetwerken in het algemeen?

Minister Muyters heeft het woord.

De overeenkomsten met de twee IBN’s op het domein van internet of things (IoT) zijn opgemaakt en worden binnenkort ondertekend, dus we zijn zo goed als rond. Zoals u wel weet, hebben zowel Agoria als het consortium DSP Valley - Citylab een initiatief ingediend op dat domein, beide met een duidelijke link naar de ‘smart cities’. Die link is er duidelijk. Dat is een antwoord op uw vraag.

Voor de beide IBN’s hebben we, na goedkeuring, een aangepast werkplan gevraagd aan de aanvragers. Dat werkplan dient rekening te houden met de specifieke rol en scope die de overheid aan de initiatieven heeft toebedeeld in het domein van ‘smart cities’. Voor beide initiatieven is de rol tweeledig. Enerzijds moeten ze de ondernemingen uit hun respectievelijke doelgroep binnen het ruime ‘smart cities’-domein vertegenwoordigen. Anderzijds moeten ze die bedrijven actief integreren en zorgen uit handen nemen binnen de oproepen en initiatieven op dat domein.

Zoals ik al zei, werden dat aangepast werkplan en de kritieke prestatie-indicatoren (KPI’s) van beide initiatieven ondertussen goedgekeurd, werden de overeenkomsten opgemaakt en circuleren die laatste nu voor de ondertekening.

Over het algemeen – en dan ben ik al aan uw laatste vraag gekomen – denk ik dat we op basis van de eerste cijfers kunnen concluderen dat de IBN’s hun doel bereikt hebben. Ze slagen erin om bedrijven in een ecosysteemverband samen te brengen en ook te doen samenwerken rond bepaalde onderwerpen die van belang zijn voor hun concurrentiepositie. Zo bereikten de veertien IBN’s in 2017 meer dan negenhonderd bedrijven en werden minstens honderd samenwerkingsinitiatieven tussen die bedrijven opgezet. Ik denk dus dat dat een belangrijk element is binnen de openinnovatiefilosofie, die voor bedrijven van nature moeilijk ligt, maar nu wel gestimuleerd wordt.

De heer Gryffroy heeft het woord.

Voor alle duidelijkheid: wij zijn echte ‘believers’ in deze IBN’s.

Op de website van het Agentschap Innoveren en Ondernemen (VLAIO) was ik nog verder aan het zoeken en op een bepaald moment zag ik een aankondiging voor een VLAIO-informatiesessie rond IoT voor kmo’s. Ik vroeg mij daarbij af – maar misschien kunt u daar nu nog niet op antwoorden – in welke mate u nu al interesse ziet vanuit kmo’s voor die twee nieuwe IBN’s en in welke mate u ook al ziet of er rond IoT voldoende interactie zal zijn tussen de verschillende speerpuntclusters en de bestaande IBN’s.

Mevrouw Vanwesenbeeck heeft het woord.

Daniëlle Vanwesenbeeck (Open Vld)

Het clusterbeleid was ook bedoeld om tot een soort van consolidatie te komen in dit landschap, aangezien er te veel structuren waren en dat een onduidelijke situatie schiep. Ondertussen zijn er al twintig IBN’s erkend, op zich niet weinig. Ik wil ook even vermelden dat ik het op zich interessant vind dat Flanders Health ook op SuperNova stond. Die doen wel knappe dingen, dus ik zie zeker het nut in van die IBN’s. Het is ook interessant om met die mensen te spreken en te zien wat ze doen met wat u faciliteert.

We moeten wel oppassen dat we niet terugkeren naar een versnipperde situatie, met een veelheid aan structuren. Ik vraag mij dan ook af of u in de nabije toekomst nog een oproep plant tot de oprichting van IBN’s. Daarnaast is de bijdrage van bedrijven een belangrijk verschil ten opzichte van vroeger. Vroeger lag die op 20 procent, nu op 50 procent. Voor alle duidelijkheid, u weet hoe ik denk over subsidies, maar ik vraag me toch af of dat een goede zaak is. Het vraagt namelijk een verhoogd engagement van de bedrijven op zich. Zijn er op dit moment problemen met die bijdragen? Is dat een moeilijker punt? Wordt die 50 procent overal gehaald? Ik ben benieuwd naar uw antwoord.

Minister Muyters heeft het woord.

Mijnheer Gryffroy, wat de kmo’s betreft, wil ik voor alle duidelijkheid herhalen dat die twee IBN’s nu in de opstartfase zitten. We hebben er nog niet meteen zicht op hoeveel kmo’s erin meestappen, maar ik ga ervan uit dat kmo’s zeker mee kunnen stappen in die filosofie. Het zijn vaak net de kleinere bedrijven die daaraan deelnemen.

Wat de speerpuntclusters betreft, moet ik zeggen dat we een aantal van die thema’s vrij horizontaal zetten. De clusters zullen zeker de link met de IBN’s maken, omdat dat voor beide kanten interessant kan zijn. Iets als artificiële intelligentie (AI) zul je bijvoorbeeld in verschillende speerpuntclusters terugvinden.

Collega Vanwesenbeeck, ik denk niet dat we mogen spreken van versnippering omdat er twintig IBN’s zijn. Het fundamentele onderzoek zit natuurlijk in de speerpuntclusters, waar we ook van een termijn van tien jaar spreken. Wat we in een IBN doen, is gedurende drie jaar de opstart van een samenwerking ondersteunen. Na drie jaar moeten die eigenlijk zelfbedruipend zijn. Dat het er twintig zijn, vind ik net goed. Vroeger zouden heel veel van die projecten individueel bij het Instituut voor Innovatie door Wetenschap en Technologie (IWT) ingediend zijn. Nu zien we dat bedrijven samenwerken, wat ook de bedoeling is.

Ik denk dat er minder versnippering is dan in het verleden en de sector moet de structuur na drie jaar zelf betalen. De bedrijven krijgen drie jaar lang opstartmogelijkheden en daarna beslissen ze zelf of ze iets aan het bedrijvennetwerk hebben of niet. In dat laatste geval zullen ze niet meer betalen. Wij betalen dus eigenlijk de opstart, niets meer, en we zien dat die 50 procent effectief gehaald wordt. Dat is ook een voorwaarde voor middelen van de overheid, een voorwaarde om het te kunnen realiseren.

De heer Gryffroy heeft het woord.

Ik geloof ook niet dat we hier spreken over een versnippering, het is een andere aanpak. Wat de innovatieve bedrijfsnetwerken betreft, is het een concept. Vroeger werkte iedereen naast elkaar en diende afzonderlijk projecten in, nu clusteren ze zich rond een bepaald thema en gaat men eerder thematisch bepaalde projecten indienen. Zo heb je zelfs het tegendeel van een versnippering.

Het horizontale waar u net over sprak, vind ik ook heel belangrijk. Ik denk dat bijvoorbeeld heel typisch het ‘internet of things’ perfect beheerd kan worden door Flux50, dat dan gaat kijken in al de clusters waar je ‘internet of things’ hebt. Die zitten er eigenlijk overal tussen, en daarvoor gebruiken ze deze innovatieve bedrijfsnetwerken. Dus ik denk dat we moeten proberen voort te gaan op deze manier.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.