U bent hier

De heer Anseeuw heeft het woord.

Björn Anseeuw (N-VA)

Minister, het hervormingsbesluit van de huursubsidie en huurpremie heeft tot doel – ik citeer: “de doelgroep van de SVK-huurders voortaan onder te brengen onder een en dezelfde subsidieregeling waardoor de verhuring via sociale verhuurkantoren verder kan uitgroeien tot een volwaardige en betekenisvolle speler op de sociale huurmarkt en het aanbod via sociale verhuurkantoren en sociale huisvestingsmaatschappijen meer op gelijke voet geplaatst kan worden.”

De kwetsbare huurders zullen voortaan onder dezelfde subsidieregeling vallen, ongeacht deze op een wachtlijst voor een SHM of SVK staan. Het besluit voorziet onder andere in een substantiële verhoging van de huursubsidie en huurpremie, een tegemoetkoming in functie van het inkomen en een extra inspanning voor huurders van nieuwe woningen die de SVK aanbieden. 

Minister, klopt het dat de maatschappelijke kosten – want daar is wel wat rond te doen geweest – bij SVK-woningen door de huursubsidie veel hoger zullen liggen dan de maatschappelijke kosten van sociale woningen? Of heeft men zich bij de Vereniging van Vlaamse Huisvestingsmaatschappijen (VVH) rijk gerekend en de kostprijs van een sociale huurwoning onderschat? Mijn vraag is dus: hoe evalueert u deze uitspraak? Ik zal u vertellen waarom ik die vraag stel. Ik vind het belangrijk dat er voor sociaal wonen – of het nu bij SVK’s is of bij SHM’s – voldoende maatschappelijk draagvlak is. Het lijkt mij dan ook belangrijk dat we de juiste draagwijdte en het waarheidsgehalte van dat soort beweringen toch eens toetsen aan de realiteit.

Hoever staat het Steunpunt Wonen met de vergelijking van de integrale kosten verbonden met een SVK-woning met die van een sociale huurwoning? Als er al conclusies zijn, welke zijn de conclusies die we hieruit kunnen trekken?

Na de hervorming van het huursubsidie- en premiebesluit zullen er nog steeds discrepanties bestaan tussen een sociale en een SVK-woning. Hoe groot is het verschil nog voor de huurders en hoe wilt u dergelijke discrepanties tussen SVK- en SHM-huurders verder aanpakken?

Minister Homans heeft het woord.

Mijnheer Anseeuw, ik vermoed – ik weet het niet, maar ik ga daarvan uit – dat u verwijst naar de uitspraken die Björn Mallants van de VVH op 10 augustus deed in Apache. In dit artikel gaf hij aan dat de overheidskost van een SVK-woning op 33 jaar 100.000 euro zou bedragen, terwijl de kost van een SHM-woning over die periode maar half zo hoog zijn, met name 50.000 euro.

Ik denk niet dat het zo eenvoudig is om het op die manier te formuleren. Er zijn immers grote verschillen inzake de financiering en de subsidiëring, de organisatie, de doelgroep en de dienstverlening. Een financiële vergelijking van beide systemen is bijgevolg zeer moeilijk te maken op een objectieve manier. Om de discussie te kunnen objectiveren, heb ik een onderzoek besteld bij het Steunpunt Wonen. U hebt daaraan gerefereerd in uw vraagstelling.

Het ontwerprapport is inmiddels afgerond. Mijn administratie heeft haar laatste opmerkingen bij het rapport aan de onderzoekers bezorgd. Zodra die zijn verwerkt, kan het onderzoek worden vrijgegeven. Dat zal nog deze maand gebeuren. Nog in de maand november zal het onderzoek dus worden vrijgegeven. Ik stel dan ook voor – maar nogmaals, ik heb mij niet te moeien met de regeling van de werkzaamheden, voorzitter –dat we op dat moment in deze commissie een discussie kunnen voeren. In november zal het rapport worden opgeleverd en zal het ook onmiddellijk ter beschikking worden gesteld van jullie, parlementsleden.

Met de hervorming die vlak voor het zomerreces voor de eerste maal principieel werd goedgekeurd, werd binnen de marges van het budgettair haalbare een stap gezet in de richting van een meer gelijke huurprijsberekening voor SVK- en SHM-huurders.

Ik kan wel bevestigen dat er nog steeds discrepanties zullen bestaan tussen de sociale huurprijs die een huurder van een sociale woning verhuurd door een SHM moet betalen en de huurprijs na aftrek van de huursubsidie die een SVK-huurder moet betalen.

Wat houdt de hervorming precies in? De hervorming trekt de inkomensgrens om in aanmerking te komen voor een huursubsidie of huurpremie op tot het niveau van de inkomensgrenzen die gelden in het kaderbesluit Sociale Huur, dus om in aanmerking te komen voor een sociale woning. De hervorming introduceert ook in de berekening van de huursubsidie of -premie dezelfde basis voor de betaalbaarheid als bij de huurprijsberekening bij SHM’s, met name 1/55 van het inkomen.

Maar er zijn nog wel wat verschillen. Zo kunnen sociale huurders van een SHM een patrimoniumkorting krijgen, terwijl die niet bestaat voor SVK-huurders. De huursubsidie voor een SVK-huurder wordt dan weer geplafonneerd, via de maximale tussenkomst en indirect via de maximale referentiehuurprijzen, terwijl deze plafonds niet gelden bij SHM’s. Ook de aftrek voor kinderlast verschilt.

Daardoor zal de nettohuurprijs die een SVK-huurder moet betalen, nog steeds hoger zijn dan de sociale huurprijs die een SHM-huurder betaalt. Een eerste voorzichtige berekening van mijn administratie schat de budgettaire impact van een volledige gelijkschakeling – waarbij de huursubsidie wordt gelijkgesteld aan de tussenkomst die er nu in de sociale huurprijs bestaat – op ongeveer 11 miljoen euro. Maar ik heb u al gezegd dat wij een hervorming hebben gedaan door de inkomensgrenzen op te trekken, waardoor er eigenlijk veel meer in aanmerking zullen komen, voor enerzijds een huursubsidie en anderzijds een huurpremie. We hebben niet alleen de doelgroep uitgebreid door het optrekken van de inkomensgrenzen, maar tegelijkertijd hebben we ook de bedragen verhoogd. Dat is algemeen gezien dus een zeer goede en terechte hervorming geweest.

De heer Anseeuw heeft het woord.

Björn Anseeuw (N-VA)

Minister, ik dank u voor uw antwoord. Ik leer dat het vandaag eigenlijk bijzonder moeilijk is om uitspraken te doen over een vergelijking tussen integrale kosten verbonden enerzijds aan SVK-woningen en anderzijds aan SHM-woningen. Het onderzoek is nog niet af, dus wachten we dat heel geïnteresseerd af.

Wat we wél al weten, is dat die vergelijking inderdaad niet gemakkelijk is. U hebt inderdaad aangehaald dat de doelgroep verschilt, dat de werking van beide soorten woonactoren fel verschilt en het dus al te gemakkelijk is om hierover uitspraken te doen.

De resultaten van het onderzoek komen eraan. We weten vandaag dat, als de vergelijking al kan worden gemaakt, de uitspraken die zijn gedaan over die integrale kosten, minstens voorbarig waren.

Ik sluit af. Ik denk dat het ons aller verantwoordelijkheid is om vooral het draagvlak voor sociaal wonen – ongeacht of het SVK- of SHM-woningen zijn – te vergroten in onze uitspraken en in wat we doen. Dat onderzoek past daar natuurlijk in.

Mevrouw Taeldeman heeft het woord.

Valerie Taeldeman (CD&V)

Voorzitter, minister, we moeten nog wat wachten op die studie van het steunpunt. Het is alvast een goede suggestie – we gingen die eigenlijk ook doen – om, als de studie rond die maatschappelijke kostenvergelijking tussen SVK en SHM is afgerond, het Steunpunt Wonen uit te nodigen. Dan kunnen we in één beweging ook de sector zelf uitnodigen voor een gedachtewisseling.

Onze fractie wil nogmaals duidelijk maken dat wij de voorbije jaren of deze legislatuur in deze commissie er heel veel voor hebben gepleit om meer op zoek te gaan naar de synergieën tussen SHM’s en SVK’s. Ik verwijs ook naar de conceptnota rond woonmaatschappijen die we hierover hebben ingediend. We moeten veel meer de synergie tussen SHM en SVK benutten. Ook het nieuwe huursubsidiesysteem speelt daar zeer goed op in. Er is gezocht naar een gelijke basis tussen ondersteuning van diegene die een SVK-woning betrekt en diegene die sociaal woont, via een SHM. 

Minister, deze zomer is er misschien – ik leg de nadruk op ‘misschien’ – wat fout gelopen in de communicatie. Het leek misschien alsof het nieuwe huursubsidiesysteem enkel en alleen gericht was op SVK en dat de modaliteiten waren aangepast gericht op SVK. Zo is de communicatie misschien gebeurd. Maar als alles rond is – het advies van de Inspectie Financiën, het advies van de Woonraad enzovoort – en er kan definitief worden afgeklopt rond het nieuwe huursubsidiesysteem, moet er ook worden bewaakt dat het heel belangrijk is dat die huursubsidie er ook nog altijd is om de private huurmarkt te versterken.

Bewoners die een ongeschikt verklaarde of onbewoonbaar verklaarde woning verlaten voor een conforme woning op de private huurmarkt, gaan ook in aanmerking komen voor de huursubsidie. Dat is belangrijk om te benadrukken.

Minister, er is nu een nieuwe stap gezet in de synergie tussen SHM en SVK. Er zijn nieuwe stappen gezet in het nieuwe huursubsidiesysteem die we voluit steunen. In een volgende stap – en het is maar een suggestie – moet misschien eens worden onderzocht hoe de modaliteiten rond het inschrijven op de wachtlijst voor een SHM en SVK kunnen worden onderzocht. Het kan misschien ook een opdracht worden voor het steunpunt. Aangezien de inkomensgrenzen nu opgetrokken zijn, staat er volgens mij niet veel meer in de weg om toch eens die modaliteiten voor inschrijving op de wachtlijst onder de loep te nemen.

Minister Homans heeft het woord.

Wat collega Taeldeman heeft aangevuld, klopt. Ik ben blij dat ook u tevreden bent over de hervormingen die gebeurd zijn, namelijk de verhoging van de inkomensgrenzen en de verhoging van de bedragen.

Wat uw laatste suggestie betreft, denk ik dat ze voer moet zijn voor nieuwe onderhandelingen die na de verkiezingen in mei worden gevoerd. U weet dat het niet zo eenvoudig is. U weet dat er grote verschillen zijn. Bij de SHM’s bijvoorbeeld werkt men met een chronologische wachtlijst, terwijl men bij het SVK met een puntensysteem werkt waardoor men al dan niet kan springen. Ik zeg zeker niet neen tegen een eventuele gelijkschakeling van die twee toelatingsvoorwaarden, van die twee verschillende modaliteiten. Maar ik denk dat dat best in een volgend regeerakkoord, wie er ook rond de tafel zal zitten, wordt opgenomen.

De heer Anseeuw heeft het woord.

Björn Anseeuw (N-VA)

Ik was daarstraks al bijzonder voldaan met het antwoord van de minister.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.