U bent hier

De heer Van Overmeire heeft het woord.

Is dat een Vlaamse gazet?

Voorzitter, het gaat hier inderdaad om een Vlaamse gazet. Omdat u de vraag stelt, zal ik met veel plezier het verhaal van de Gazette van Detroit uit de doeken doen. Maar het begint met slecht nieuws: de Gazette van Detroit stopt ermee. We krijgen het bericht dat in december 2018 de boeken definitief gesloten worden. Daarmee komt er een einde aan een traditie van104 jaar.

De krant werd in 1914 opgericht door een zekere Camiel Cools, een jongen die als 15-jarige uit Moorslede in West-Vlaanderen was vertrokken om dan in Amerika een meubelfabriek en later ook een drukkerij op te starten. In die periode waren er verschillende Vlaamse publicaties, zoals de Volksstem en de Gazette van Moline uit Illinois. In 1914 wordt dus die Gazette van Detroit opgestart, met als eerste publiek de duizenden Vlamingen die op dat moment in de autofabrieken in Detroit en omgeving werken en ook de duizenden Vlamingen die op tabaksplantages op boerderijen in Ontario in Canada werken.

In de eerste editie zegt die Camiel Cools over zijn Gazette, die eigenlijk een weekblad is: “Zij zal niet alleenlijk nieuws bevatten van Detroit en omstreken, maar ook van gansch België, en de sport lief hebbers zullen ook niet vergeten worden, in een woord zij zal iedereen zoeken te bevredigen.” Als dat geen mooie opdracht is, dan weet ik het ook niet. (Gelach. Opmerkingen)

104 jaar lang heeft die Gazette dus geprobeerd om dat te doen. Om het even te schetsen, het was 13 augustus 1914. De Duitsers waren negen dagen eerder België binnengevallen. Al die Vlaamse immigranten waren natuurlijk zeer benieuwd naar nieuws van het thuisfront om te weten wat daar precies aan de hand was.

Hoe groot moeten we dat zien? Het hoogtepunt was eigenlijk in de jaren 50, er was toen een oplage van 10.000 exemplaren. Later zakt dat naar 4000 exemplaren in 1967, en 2000 in 1979. Met andere woorden: naarmate er geen nieuwe immigranten komen en de bestaande zich assimileren in de Amerikaanse samenleving, vermindert de interesse in dat blad. Dat leidt natuurlijk tot financiële moeilijkheden, alhoewel die financiële moeilijkheden blijkbaar nooit zijn weg geweest. Ik heb mij laten vertellen dat het blad in zijn hele bestaan nooit winstgevend is geweest. Dus 104 jaar lang heeft dit blad geteerd op inspanningen van vrijwilligers en van mecenassen die met geld over de brug kwamen om dat initiatief toch in stand te houden.

In 2006 heeft de Vlaamse Regering een eenmalig bedrag van 12.500 euro ter beschikking gesteld. Er is ook aan fundraising gedaan. Dat liet toe om die publicatie – eerst wekelijks, daarna tweewekelijks – verder in stand te houden. Ik heb zelfs gelezen dat op een bepaald moment de Gazette werd uitgegeven met als redactielokalen de kelders van een rusthuis waar drie bejaarde dames van Vlaamse origine probeerden om het nieuws vanuit Vlaanderen bijeen te sprokkelen. Het is natuurlijk wat het is. Men heeft dan geprobeerd om de drukkosten niet meer te moeten betalen door digitaal te gaan. Dat is nog voor een stukje gelukt. In een artikel in Ons Erfdeel van 2004, wanneer de publicatie 90 jaar bestaat, is de grote vraag of de Gazette 100 jaar zal worden. Ze is uiteindelijk 104 jaar geworden. Dus eerst en vooral respect voor al die verschillende generaties die toch geprobeerd hebben om als vrijwilliger het contact met Vlaanderen in stand te houden.

Minister-president, mijn vraag is niet om vanuit Vlaanderen die publicatie op een artificiële manier in stand te houden. De zaken zijn wat ze zijn, geschiedenis evolueert, mensen emigreren, assimileren. Als er geen nieuwe generaties komen of als het contact met het thuisland op een heel andere manier gebeurt, dan is dat nu eenmaal zo.

Mijn vraag is vooral wat er zal gebeuren met het archief. Dat is natuurlijk veel meer dan een verzameling van alle publicaties sinds 1914. Dat archief, zo laat ik me vertellen, omvat ook heel veel brieven, artefacten, foto’s die heel de geschiedenis van de Vlaamse emigratie naar de Midwest en naar Ontario, het zuiden van Canada, bij elkaar hebben gebracht. Het zou toch wel bijzonder jammer zijn als daar een stuk van onze geschiedenis, een stuk erfgoed verloren zou gaan.

Minister-president, zult u een initiatief nemen om de bewaring van het archief van de Gazette te verzekeren en het te digitaliseren, met de bedoeling om met dit archief, dat op dit moment ergens onder een plastic zeil ligt te wachten op wat er ooit mee gebeurt, toch iets te doen?

Zijn er plannen om de contacten tussen correspondenten van de Gazette en de abonnees op een of andere manier te behouden nu men stopt? Het zijn wel niet veel abonnees meer, maar er is toch nog een netwerk, er is nog wel een minimum aan interesse. Kan men die community nog bij elkaar houden of erop verder bouwen?

En ten slotte, over vier dagen is er een afscheidsfeest. Mogen we verwachten dat Vlaanderen hier, bijvoorbeeld via de algemeen afgevaardigde van de Vlaamse Regering, op zijn minst officieel vertegenwoordigd zal zijn? Ik zie dat de voorzitter al bereid is om naar Detroit af te reizen. (Opmerkingen)

De Vlaamse emigratie is op zich niet zo groot, je wordt niet in talloze landen met die vraag geconfronteerd. Het verhaal van die Vlamingen in de Midwest, het verhaal van de Gazette van Detroit is toch iets heel specifieks, en ik vind dat je dat vanuit Vlaanderen niet zomaar kunt laten wegdeemsteren en er geen enkele belangstelling voor kunt tonen.

Minister-president Bourgeois heeft het woord.

Minister-president Geert Bourgeois

Collega, u hebt op de juiste manier de situatie van de Gazette van Detroit geschetst. Aanvankelijk was het een weekblad, dan tweewekelijks en finaal een maandelijks blad. Ik heb inderdaad in 2006 steun gegeven ter waarde van 12.500 euro omdat toen de laatste reddingsoperaties ondernomen werden. Maar er zijn te weinig mensen van de derde en vierde generatie die Nederlands lezen. Het papieren model is natuurlijk ook voorbijgestreefd. Ik herinner me bovendien dat ze op een bepaald moment drie redactrices hadden die elk op zich bijna even oud waren als de krant zelf, het waren drie dames van in de 90 jaar die de Gazette van Detroit maakten.

Maar aan Vlaamse kant was er een fenomeen. U kent allemaal de journaliste en correspondente Paula Marx, die er nog altijd is. Zij is de fameuze dame die met toenmalig advocaat John Bultinck naar Straatsburg getrokken is om zich te verzetten tegen de Belgische wetgeving die haar verplichtte om als ongehuwde moeder haar kind te erkennen. Ze zei: ‘Ik moet dat kind niet erkennen, dat is mijn kind.’ Ze heeft toen een fameus proces gewonnen in Straatsburg, wat ertoe geleid heeft dat die eis verviel. Ik heb dit arrest als advocaat trouwens ook vaak gebruikt.

Paula Marckx is op zich een fenomeen. Voorzitter, als u naar Detroit gaat, kunt u haar misschien meenemen. Ze zoekt nieuwe uitdagingen nu ze geen correspondente meer is, heb ik gelezen. Ze is ook pilote. Maar dit geheel terzijde.

Het archief bevat inderdaad bijzonder waardevolle informatie, onder meer over de migratie van Vlamingen naar de VS. Ik wil er wel op wijzen dat de Gazette van Detroit haar archief niet in eigen beheer heeft, maar dat dit eigendom is van de Genealogical Society of Flemish Americans. Deze vzw is voor zover ik weet nog altijd financieel gezond en zet haar werking gewoon verder. De stopzetting van de uitgave van de Gazette van Detroit zou op zich geen invloed mogen hebben op het verder bestaan en in stand houden van het archief. Op de website van de Genealogical Society of Flemish Americans kun je zien dat de vzw momenteel bezig is met het digitaliseren van elke pagina van de vroegere uitgaven van de Gazette.

Mijn administratie is in gesprek met zowel de Gazette van Detroit als de Genealogical Society of Flemish Americans om beide organisaties te ondersteunen. We gaan waarschijnlijk 2500 dollar verstrekken. Dat zal volstaan om een aantal apparaten te kopen die nodig zijn in het kader van die verdere digitalisering, zoals computer, scanner, harde schijven en dergelijke meer. We denken ook na over de digitale ontsluiting van dat archief. We denken na over het vrijmaken van een budget voor een professionele onderzoeker of archivaris om het archief niet alleen te laten digitaliseren maar ook te laten ontsluiten. Het archief zou bijvoorbeeld interessant raadpleegbaar kunnen zijn in het Red Star Line Museum omdat er natuurlijk heel veel banden zijn. U weet dat Red Star Line exact hetzelfde doet als wat op Ellis Island gebeurt: als je daar toekomt, kan je de naam van je familie intikken en zien welke van je voorouders daarnaartoe gegaan zijn. Het Red Star Line Museum doet het omgekeerde met de vele tienduizenden mensen die op die manier naar de States getrokken zijn. Het zou volgens mij een meerwaarde kunnen zijn.

Het zou ook niet slecht zijn als daar eens academisch onderzoek op zou gebeuren, een thesis of een doctoraalscriptie, omdat het toch een bijzonder verhaal met een geschiedenis van meer dan honderd jaar is. Men kan ook kijken of er samenwerking kan zijn met Amerikaanse en Vlaamse kennisinstellingen met het oog op ontsluiting.

Ik vraag mijn diensten om in dialoog te gaan met de Gazette van Detroit om de contactgegevens van de abonnees, met hun toestemming uiteraard, op te vragen en te incorporeren in het databestand van onze Algemene Afvaardiging in de VS. Zo kunnen we mensen op de hoogte houden van het nieuws uit Vlaanderen. We gaan ook de mogelijkheid bekijken om een gezamenlijke mailing te organiseren vanuit de Gazette van Detroit en onze Algemene Afvaardiging in de VS om abonnees op de hoogte te brengen van alternatieve nieuwsbronnen. Ik denk hierbij aan Flanders Today, Flanders News en verscheidene andere relevante socialemediakanalen.

Er komt een afscheidsfeest, waarop de Algemene Afvaardiging van de Vlaamse Regering in de VS zal vertegenwoordigd zijn. De Gazette vraagt ook een kleine bijdrage van 2500 dollar om dat afscheidsfeest mee te kunnen ondersteunen en we gaan dat positief bekijken.

De heer Van Overmeire heeft het woord.

Minister-president, ik dank u voor het antwoord en voor de elementen die u aanreikt. Ik ben blij dat de Vlaamse Regering vertegenwoordigd zal zijn op dat afscheidsfeest en dat men op de vragen die ik stel, positief reageert. Het mag dan wel het einde zijn van de Gazette, maar ik neem mij voor om, met de informatie die ik nu krijg van de minister-president, daar ook in de toekomst op terug te komen om eens te zien welke opvolging dat krijgt.

Ik had ook nog andere dossiers. U zult zich nog herinneren dat er een initiatief was in Wisconsin waar men ook een Belgian Heritage Center oprichtte, veel kleiner van schaal, zonder specifieke personen te vermelden. Ik weet niet of het ligt bij de vertegenwoordiging, bij de administratie, maar heel veel interesse was er niet om met die mensen ter plaatse contact te hebben. Als dat nu anders is, is dat veel beter. Maar ik zal het in elk geval verder blijven opvolgen. Ik vind dat daar een opdracht zit voor onze vertegenwoordiging daar. Dat is een beetje weg van het grote New York. Het zijn dikwijls heel eenvoudige mensen in soms heel rurale gebieden. Maar als je een Vlaamse vertegenwoordiging in de Verenigde Staten hebt, is contact met mensen die daar zelf om vragen, het minimum minimorum.

Ik ben heel blij met uw antwoord, minister-president. Zoals gezegd, neem ik mij voor om daar op een later moment op terug te komen.

De heer De Croo heeft het woord.

Voorzitter, ik ben wellicht een van de weinigen die de Gazette van Detroit in handen hebben gehad. Ik was in 1961-1962 ‘teaching assistent’ aan de Law Faculty van de universiteit van Chicago. Daar heeft men mij gezegd dat er een Nederlandstalige, Vlaamse ‘gazet’ bestond. Ik heb mij geabonneerd. Tot mijn grote verbazing las ik een soort archaïsch Nederlands, ook gemengd met Engelse teksten. Het was boeiend om nieuws te lezen van bij ons in een uitgave die in Detroit werd gepubliceerd.

Het was een zeer eigenaardig formaat, dat herinner ik me nog altijd. Wellicht heb ik nog enkele exemplaren thuis liggen. Wat me heeft getroffen, was dat het nieuws van hier, uit de Denderstreek of Antwerpen of Limburg, in een andere taal was dan de taal die men daar gewoonlijk gebruikt. We zijn taalrijk in Vlaanderen.

Het idee om dat archief te redden, vind ik boeiend. Daar wil ik u van harte in steunen, minister-president. Het is niet het eerste inwijkelingsblad dat de Verenigde Staten uitgeven. Er zijn mensen die al veertig jaar in New York wonen en geen woord Engels praten, omdat ze Chinees of een andere taal spreken. Ze hebben ook publicaties in die taal.

Het patrimonium daar bewaren, is een prachtig initiatief. Als ik die kranten nog terugvind, bezorg ik ze met veel plezier.

De heer Caron heeft het woord.

De Gazette van Detroit is een heel mooi voorbeeld van hoe migratie en diversiteit van gemeenschappen in een samenleving eerst uit hun eigen verleden, achtergrond en context putten, zich dan met elkaar versterken om zich te ontwikkelen, om dan later te integreren, eventueel te assimileren. Mijnheer Van Overmeire, u gebruikt het woord assimileren, maar dat doe ik in deze context niet graag.

Wij treuren altijd een beetje als zo'n initiatief verdwijnt. Anders gezegd, wij betreuren dat in Amerika ook een beetje Vlaams karakter verdwijnt, dat die gemeenschap van Vlamingen daar een stukje van haar culturele identiteit en achtergrond gaat opgeven. Dat is het verlies van die Gazette.

Dat moge een mooi beeld zijn om in de toekomst te kijken naar hoe andere culturele gemeenschappen zich bij ons in Vlaanderen gedragen, en hoeveel tijd en instrumenten ze nodig hebben om zich met de lokale gemeenschap te verbinden, en tegelijk ook nog een aantal verbanden met hun originele wortels te behouden. Dat is een heel mooi beeld. Laat ons daar vooral een les uit trekken over hoe wij met anderstalige bladen van andere etnisch-culturele gemeenschappen bij ons omgaan, niet alleen vandaag in de zin van levend materiaal, maar ook in de zin van cultureel erfgoed.

Mijnheer Van Overmeire, uw pleidooi om voor het archief te zorgen, kan ik alleen maar delen. De suggestie van de minister-president om een link te maken met de Red Star Line is absoluut ook zeer interessant. Zo zie je dat onze culturele achtergrond en identiteit nooit helemaal verdwijnen, of je nu een West-Vlaming uit Moorslede bent, of een burger uit Aalst. Waar we ook vandaan komen, we hebben verschillen en gelijkenissen met elkaar. Ik hoop dan ook dat onze Vlaamse musea – ik maak nu even de sprong naar hier –, dat ons eigen cultureel erfgoed in de toekomst ook kan worden verrijkt met het erfgoed van onze diversiteit aan etnisch-culturele gemeenschappen die bij ons zijn komen wonen. Dat is wat de Amerikanen wel kunnen. Ze kunnen heel diverse gemeenschappen integreren die tegelijk Vlaming zijn en Amerikaan worden.

Minister-president Bourgeois heeft het woord.

Minister-president Geert Bourgeois

Mijnheer Caron, ik weet niet of de integratie van alle bevolkingsgroepen in de VS zo goed is gelukt. Er zijn er bij wie dat heel goed is gelukt, maar er zijn er ook waar segregatie bestaat en waar het wat minder goed gaat.

Dit debat voeren we hier nu niet. Ik begrijp dat iedereen zegt dat het een stuk Vlaamse geschiedenis is, een stuk erfgoed. Ik was niet zoals collega De Croo betrokken bij de oprichting van het blad. (Gelach)

Mijnheer De Croo, ik ben heel dankbaar dat u in uw grote archief zult kijken of u nog een paar exemplaren vindt. Het was inderdaad in een archaïsch Nederlands. Toen ik het blad leerde kennen, was het al taalgemengd. Men moest al heel veel artikels in het Engels publiceren omdat de zoveelste generatie gewoon niet meer in staat was om Nederlands te lezen.

Mijnheer Van Overmeire, ik weet dat u zeer vasthoudend bent en dit dossier zult blijven opvolgen. Ik ga wat u aankaart met betrekking tot het dossier van Wisconsin, opvragen, want het is mij niet bekend.

Heel die expatgemeenschap wordt door onze diplomaten wel bediend en opgevolgd. Dat is gemengd. De Gazette van Detroit was echt voor mensen die emigreerden, die daar gingen wonen. Nu hebben wij overal in de wereld een dubbele populatie. Er zijn mensen die daar definitief wonen, waarvan de tweede of de derde generatie vaak geen Nederlands meer spreekt. Ik ken ook veel andere voorbeelden van ouders die er wel voor zorgen dat hun kinderen Nederlands leren. Er zijn ook heel veel tijdelijke expats, die daar enkele jaren wonen om te studeren of voor werk- of diplomatieke omstandigheden. Dat is een heel andere groep die we nu bedienen met de moderne middelen die ter beschikking staan, zoals het internet en andere digitale manieren.

Minister-president, ik wil u nog eens bedanken dat u bevestigt dat u dit verder zult opvolgen.

Mijnheer Caron, u snijdt natuurlijk een nieuw en heel ander debat aan. De Vlamingen die naar Amerika en Canada zijn geëmigreerd, zijn misschien wel het typevoorbeeld van immigranten die zich aanpassen aan hun nieuwe omgeving. Het feit dat de Gazette nu verdwijnt, is daar een voorbeeld van. Voor ons is dat jammer, maar het is ook een normale, logische evolutie.

Ik weet niet of de gemeenschappen waar u naar verwijst… Ook daar is het heel divers, en zelfs verschillend van streek tot streek en van stad tot stad. Ik weet niet of we daar te maken hebben met een langzaam verlies van identiteit, of veeleer met een zich terugplooien op zichzelf, een fenomeen dat steeds sterker wordt in sommige gemeenschappen en op sommige plaatsen. Dat debat moet op een andere plaats worden gevoerd en niet in de commissie Buitenlands Beleid, hoewel ik daar altijd toe bereid ben.

Voorts vind ik het Red Star Line museum een schitterend initiatief, maar het zou ook fijn dat er aan de overkant van de oceaan, op Ellis Island, nog iets terug te vinden is van het verhaal dat we hier in Antwerpen vertellen. Het is logisch dat je daar over Vlaanderen bijzonder weinig terugvindt, dat we daar minder aan bod komen, want de Vlaamse integratie was in aantallen niet zo groot, zeker in vergelijking met de miljoenen Ieren, Duitsers enzoverder, maar het zou toch goed zijn dat we hier en daar nog een aantal herinneringen aan dat immigratieverhaal vinden.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.