U bent hier

De voorzitter

De heer Diependaele heeft het woord.

Matthias Diependaele (N-VA)

In Vlaanderen bestaat een uitgebreid instrumentarium om bedrijven in zowat alle omstandigheden een of andere vorm van ondersteuning te bieden voor welke doeleinden dan ook. We gaan dan ook altijd op zoek naar die plaatsen waar er eventueel nog een lacune is in de ondersteuningsmogelijkheden. Die zou er mogelijk zijn op het vlak van financieringsmogelijkheden voor bedrijven die in moeilijkheden verkeren. Het realiseren van een herstructurering vereist immers vaak bijkomende financiering.

In sommige gevallen kunnen bankiers hier gedeeltelijk een rol opnemen, al dan niet ondersteund door een overheidswaarborg. We merken echter dat in vele gevallen bij een herstructureringsverhaal een overheidswaarborg of bijkomende bankfinanciering niet mogelijk blijkt. Het is de betrachting van de minister om met de Participatiemaatschappij Vlaanderen (PMV) en private partners deze lacune in te vullen.

Het is de bedoeling om zo tot een gestructureerde aanpak te komen voor het helpen doorstarten van bedrijven in moeilijkheden om zo maximaal hun kerntewerkstelling te vrijwaren, bijvoorbeeld in de vorm van een doorstartfonds. Daar gaat het natuurlijk om, om het vrijwaren van de tewerkstelling die daar op dat moment al zou zijn. De afgelopen maanden zou hierover veelvuldig overleg zijn geweest tussen ParticipatieMaatschappij Vlaanderen (PMV) en financiële instellingen in verband met doorstartdossiers. Daarbij worden ook de mogelijkheden van een doorstartfonds bekeken.

Voor alle duidelijkheid, het mag niet de intentie of het gevolg zijn dat we noodlijdende bedrijven overeind gaan houden, maar dat er een onderzoek is naar de vraag wat de oorzaak is van de noodzaak aan herstructurering en het potentieel naar de toekomst.

Minister, kunt u een stand van zaken geven van de gevoerde gesprekken tussen PMV en andere partijen? Werden er al structurele partnerschappen opgezet? Was dat al mogelijk in dit korte tijdsbestek?

We zien binnen PMV een sterke focus op durfkapitaal voor startups in een (pre)seed fase, terwijl de federale minister van Financiën een groot dakfonds aankondigde, gericht op scale-ups. Welke piste wordt momenteel bewandeld door PMV voor de aanpak van doorstartdossiers? Is een uitbreiding van het PMV-instrumentarium aan de orde, dan wel een opstart van een afzonderlijk doorstartfonds?

Nederland kent het systeem van MKBDoorgaan.nl. voor middelgrote en kleine bedrijven waar detectie en aanpak van zakelijke financiële problemen hand in hand gaan met vormen van bedrijfscoaching, zoals we die ook in het Vlaamse instrumentarium kennen. Ziet u mogelijkheden om binnen het Vlaamse instrumentarium financieringshulp voor bedrijven in moeilijkheden te koppelen aan andere vormen van doorstartbegeleiding?

Ik had ook nog enkele concrete voorbeelden van ondernemingen zoals neoScores, die met partituren op de markt wil gaan. Het was een veelbelovend businessmodel, maar uiteindelijk is het anders uitgedraaid. Zo zijn er nog wel enkele voorbeelden te vinden. Sommige zijn wel succesvol uitgedraaid, maar de vraag is veeleer algemeen en niet voor die specifieke gevallen. Het punt is dat er wel degelijk een mogelijkheid is voor de overheid om daaraan te verhelpen.

De voorzitter

Minister Muyters heeft het woord.

De gevoerde gesprekken tussen PMV en de verschillende actoren in doorstartverhalen hebben nog niet geleid tot een structureel partnerschap aan de investeringszijde. Doorgaans werd er in de aangebrachte dossiers in een oplossing voorzien door de bestaande aandeelhouders of eventueel andere operationele partijen, soms in combinatie met een product of dienst uit het aanbod van PMV, zoals een waarborg op bankkrediet. Met die combinatie kon je dan tot een oplossing komen.

Het feit dat de familiale kmo de controle plots gedeeltelijk of geheel moet overdragen aan de herstructurerende partij, is misschien wel nodig om tot slagkracht te komen en tot de kans om het roer om te draaien. In ondernemend Vlaanderen wordt dat niet direct gevoeld als de oplossing. Dat begrijp ik ook. De meeste familiale kmo's zeggen dan: wij gaan dat wel oplossen.

Anderzijds merken we wel dat, door de regelmatige contacten die PMV heeft met de verschillende actoren, de bedrijven die bijkomende ondersteuning nodig hebben sneller in kaart worden gebracht. Er vindt ook meer interactie plaats tussen de verschillende spelers in de herstructureringsmarkt. Dat is een goede zaak. PMV tracht immers de lijnen korter te maken tussen de verschillende betrokken partijen. Dat is erg belangrijk aangezien het snel schakelen cruciaal is in een herstructurering.

In de praktijk doet PMV dit door de betrokken partijen regelmatig bijeen te brengen. Eind 2017 werd bijvoorbeeld een netwerkevenement georganiseerd met een lezing over de nieuwe insolventiewetgeving. Wanneer de bedrijven die net voor een keerpunt staan tijdig worden gedetecteerd, zien we dat het bestaande instrumentarium van waarborgen meermaals een oplossing biedt, zeker omdat de banken vandaag positief staan tegenover kredietverstrekking. Op die manier kunnen we vandaag al heel wat doen met het bestaande instrumentarium. De netwerken, de werkgeversorganisaties, de combinatie van bedrijven bij elkaar, dat is een goede zaak.

Het is nog steeds de bedoeling om op termijn een afzonderlijk doorstartfonds op te starten. Maar vooraleer we aan dat fonds beginnen, wil PMV een aantal concrete dossiers buiten een fondsstructuur realiseren. De partijen waarmee PMV een samenwerking wil uitbouwen, moeten voldoen aan een aantal criteria die onontbeerlijk zijn om als duurzame partner van PMV te worden erkend. Ik denk dan specifiek aan operationeel relevante ervaring, financieel relevante ervaring, de rendementsverwachtingen – we moeten op voorhand goede afspraken maken –, en de investeringshorizon. Vooral de laatste twee zaken moeten redelijk en aanvaardbaar zijn voor alle bestaande stakeholders in een herstructureringsverhaal. De partijen die deze dossiers louter uit opportunisme benaderen, worden gemeden.

Op heden zijn er nog geen dergelijke dossiers gerealiseerd, dus daarom is het nog wachten op een echt fonds. Het is heel belangrijk om goeie partners te hebben als je met zo'n fonds begint.

De buitenlandse fondsinvesteerders die zich op de Vlaamse markt richten, zien vandaag ook geen toestroom van dossiers. We vermoeden dat dit wel zal wijzigen, mocht er een economische terugval zijn. De private partijen die kunnen investeren in doorstartverhalen zijn in kaart gebracht, en PMV gaat ervan uit dat deze investeringen op termijn op structurele wijze kunnen gebeuren via een fondsstructuur.

Voor de begeleiding van ondernemers die in moeilijkheden dreigen te komen of in moeilijkheden zijn, geldt hetzelfde als voor de startende of groeiende ondernemers. Zij kunnen coaching- en adviestrajecten hebben en er zijn begeleidingsmechanismen opgezet bij UNIZO, NSZ en de Vlaamse Confederatie Bouw voor bedrijven die in moeilijkheden dreigen te komen.

Voor micro-ondernemingen die echt in moeilijkheden zijn, maar ook voor anderen, is er begeleiding van Dyzo. Er zijn meer bedrijven die naar Dyzo gaan, wat niet wil zeggen dat er meer bedrijven in moeilijkheden zitten, maar wel dat die weg beter gekend is.

Voor zover deze ondernemingen niet formeel in moeilijkheden zijn volgens de Europese staatssteunregels, kunnen ze ook gebruikmaken van de kmo-portefeuille en/of de kmo-groeisubsidie om externe hulp in te kopen. Bij de kmo-groeisubsidie gaat het dan over een volledig pallet aan voorwaarden waaraan moet worden voldaan.

Er zijn dus begeleidingstrajecten bij de partners in het VLAIO-netwerk (Agentschap Innoveren en Ondernemen) van waaruit een doorstroom naar subsidiekanalen mogelijk is. En wanneer een doorstartfonds wordt opgezet, kunnen deze instrumenten ook met dat fonds worden gecombineerd, bijvoorbeeld om een strategie-oefening op te zetten ter ondersteuning van de doorstartfinanciering. We geven dat idee van een doorstartfonds niet op, maar we hebben vandaag de indruk dat we met de instrumenten die er zijn, aan de meeste problemen van vandaag een oplossing kunnen bieden.

Matthias Diependaele (N-VA)

Minister, dat is eigenlijk heel goed nieuws in zekere zin. Uw opmerking over familiale ondernemingen – wat ik zelf van heel dichtbij meemaak – is heel begrijpelijk. We zijn een volk van plantrekkers, en dan is het soms moeilijk om duidelijk aan te geven dat er misschien wel ondersteuning nodig is, maar we moeten het natuurlijk willen aanvaarden. Dat spreekt vanzelf. In die zin is het goed dat PMV een rol als bemiddelaar opneemt en tussenpersoon speelt om die beweging in gang te zetten.

We moeten altijd voorzichtig zijn dat we geen noodlijdende bedrijven ondersteunen waarvoor het toekomstpotentieel heel beperkt is. We moeten ook zien dat de rol van de overheid wordt beperkt tot de echte taak van de overheid. Wij moeten niet in de plaats treden van die ondernemingen zelf.

Ik ben het helemaal eens met u, minister: zolang er geen nood is aan dat doorstartfonds en aangezien er nog geen echte dossiers zijn, kunnen we daarmee wachten. Tegelijk moeten we wel de optie openhouden.

De voorzitter

Mevrouw Turan heeft het woord.

Güler Turan (sp·a)

Het is inderdaad belangrijk om in tijden waarin de nood niet groot is, de nodige voorbereidingen te nemen om in tijden van recessie eventueel klaar te staan. Dat de timing voor een doorstartfonds er nu niet is, dat kan ik me voorstellen. Ik vind het toch niet slecht dat er in de sector gesprekken worden gevoerd. In de vorige legislatuur moesten we de banken bijna de arm omwringen om die kredieten aan de bedrijven te kunnen geven.

Wat ik ook ondersteun in heel dit verhaal, is het belang van vroegdetectie. Problemen in bedrijven, dat is de verantwoordelijkheid van de individuele ondernemer. We kunnen niet anders doen dan het instrumentarium dat we hebben, duidelijker op de markt zetten, en verder in te zetten op die netwerken en te proberen de toegankelijkheid van ons instrumentarium voor alle ondernemers en kmo's duidelijk te maken.

Dat probleem is er niet van vandaag op morgen. We blijven daar verder op inzetten. Het is heel belangrijk om te kijken hoe we iedereen kunnen betrekken. Uiteraard sluit de overheid niemand uit, maar het is wel een feit dat we niet iedereen kunnen bereiken. Dat is ook één van de uitdagingen.

De voorzitter

Mevrouw Vanwesenbeeck heeft het woord.

Daniëlle Vanwesenbeeck (Open Vld)

Wij, liberalen, stellen ons natuurlijk de vraag in hoeverre het de taak van de overheid is om bedrijven in moeilijkheden of op de rand van een faillissement te financieren. PMV probeert private partners samen te brengen en bedrijven te informeren. Daar hebben we geen problemen mee. Ik dacht dat de rol van PMV nog altijd was om op te treden bij marktfalen. Een bedrijf dat op de rand van het faillissement staat, dat komt niet altijd door marktfalen. We denken dus niet dat het de taak van de overheid is om bedrijven in moeilijkheden te redden.

Mijnheer Diependaele, u spreekt over een lacune. Ik dacht dat PMV vandaag al steun geeft via waarborgen van Gigarant. Neen? Is dat verkeerd? Dan hoor ik graag een toelichting daarover.

Uit het bankenoverleg van 2017 konden we afleiden dat de piste dat PMV een doorstartfonds zou financieren, niet meer aan de orde is. Blijkbaar ligt dat opnieuw wat hoger op de plank. Uit het verslag van dat bankenoverleg van 21 september 2017 blijkt dat de piste dat PMV een doorstartfonds zou financieren, momenteel niet meer aan de orde is. Is daar nu wel of niet opnieuw sprake van? Ik begrijp niet vanwaar die vraag over dat doorstartfonds nu komt.

De voorzitter

Mevrouw Christiaens heeft het woord.

An Christiaens (CD&V)

De overheid moet natuurlijk haar middelen aanwenden waar ze nodig zijn, niet voor de noodlijdende bedrijven en ook niet voor de herstructureringen, waar in sommige gevallen geen enkel probleem is. Het gaat om een efficiëntie-oefening zonder dat er bijkomende problemen zijn. In de meeste gevallen is er natuurlijk een groot teken aan de wand dat er een hele hoop financiële knelpunten zijn. Er moet met alle actoren worden samengewerkt om zo snel mogelijk te kunnen reageren. De financiële sector, de banken, maar ook de boekhouders en revisoren moeten in dit soort herstructureringen met problemen als eerste de knipperlichten aanzetten. Zij moeten een actievere rol toebedeeld kunnen krijgen om de problemen te signaleren.

Als het gaat over ons instrumentarium en alle actoren, dan moeten we daar ook voldoende over sensibiliseren. Worden dan ook de cijferberoepers daarbij betrokken? Zij kunnen toch de eerste knipperlichten signaleren.

De voorzitter

Minister Muyters heeft het woord.

Collega Christiaens, ik kan u geruststellen, we doen dat. Vanuit het Agentschap Innoveren en Ondernemen en PMV hebben we overleg met al die cijferaars, zodat zij weten welke instrumenten er bestaan en waar ze terechtkunnen. Het is niet aan hen om te klikken. Ze kunnen wel zeggen waar bedrijfsleiders terechtkunnen. Dat is een goede zaak en dat gebeurt ook. Zo komt er een wisselwerking tussen die beroepen. Er is ook een betere samenwerking tussen PMV en de banken om ervoor te zorgen dat de banken beter weten wat PMV aanbiedt, en wat het Agentschap Ondernemen aanbiedt. Dat is allemaal opgezet. Op die vraag kunnen we een goed antwoord bieden.

Bedrijven die officieel in moeilijkheden zitten, daaraan kan de overheid niets doen. Dyzo kan dat wel. Dat is niet de rol van de overheid, we gaan geen bedrijven redden. Laten we iets doen voor bedrijven die in moeilijkheden dreigen te komen. Ik geef een voorbeeld. Stel je voor dat je zo snel aan het groeien bent dat je kapitaal een probleem vormt en dat je moet lenen. Kunnen we dan zeggen dat er een waarborg is voor die lening? Dat is een rol voor de overheid en het is PMV die dat beoordeelt. PMV heeft in de commissie nog uitgelegd hoe zij werken. Zij doen nooit aan concurrentievervalsing. Dat gebeurt allemaal binnen de mogelijkheden die ook Europees worden toegelaten. Europa is daar veel strenger in dan ooit tevoren. Mijn filosofie is vanaf dag één geweest: PMV moet niet doen wat de privésector doet, LRM moet niet doen wat de privésector doet.

In het laatste bankenoverleg van september 2017 was dat niet aan de orde, en vandaag is dat nog niet aan de orde. Als de markt verandert, zou dat wel kunnen. Dan de juiste partners vinden, is niet vanzelfsprekend. Ik heb de vier of vijf voorwaarden waaraan een goede partner moet voldoen, opgesomd. Je moet voorbereidende gesprekken hebben, maar vandaag hebben we geen dossiers. Met de bestaande instrumenten kunnen we oplossingen bieden waar we dat moeten en kunnen doen. Voor mij is dat duidelijk.

Het gaat niet over bedrijven in moeilijkheden, maar over bedrijven die in moeilijkheden dreigen te komen. Hoe minder faillissementen, hoe beter. Maar als je voor een bedrijf geen toekomst ziet, zullen we dat niet kunstmatig in leven houden.

Matthias Diependaele (N-VA)

Dit thema is dan blijkbaar toch minder droog dan ikzelf dacht. Gigarant is hier helemaal niet van toepassing. Dat gaat om veel grotere waarborgen.

Minister, voor de rest kan ik alleen maar onderschrijven wat u zegt. Het gaat om ondernemingen die een goed businessmodel hebben, waarvan je op basis van de beoordeling kunt zeggen dat er opportuniteiten zijn, maar die door omstandigheden bijvoorbeeld geen geduldig kapitaal vinden op langere termijn. Biotech heeft bijvoorbeeld een vergelijkbaar probleem. Die hebben lang geld nodig, dat heet dan cash-burners, maar ze hebben wel potentieel en de privémarkt staat niet altijd klaar met geld. Daar kan een rol weggelegd zijn voor de overheid.

De voorzitter

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 
De publiekstribune is gesloten.

De commissiewerkzaamheden zullen voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. 

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.