U bent hier

De heer Beenders heeft het woord.

Rob Beenders (sp·a)

Voorzitter, deze vraag is eigenlijk ingediend nog voor de communicatie is gebeurd van afgelopen donderdag, waarbij de digitale meter werd voorgesteld. Ik heb dan uiteraard een nieuwe vraag ingediend, maar gezien de timing die moet worden gerespecteerd, staat die er nu niet bij. Een aantal vragen zijn dus waarschijnlijk al beantwoord, maar de essentie blijft wel overeind, namelijk dat ik denk dat er vandaag de dag toch nog heel wat vragen te stellen zijn over die invoering van die digitale meter. Wat mij betreft, zijn de meeste vragen nu te stellen over het hele verhaal van Atrias dat daarrond zwerft. Er circuleren toch wel wat scenario’s die me toch wel wat zorgen baren, niet alleen over het uitstel waarin opnieuw werd voorzien. We weten nog altijd niet wanneer heel die software operationeel is, maar nu al circuleert dat dat nog minstens twee jaar zal duren. Anderen hebben het zelfs over nog vier jaar. Er circuleren bedragen die nodig zijn om het verhaal af te ronden, tussen 100 en 400 miljoen euro. We vangen dus heel veel onduidelijkheden op, en ik denk dat het nu het moment is om misschien toch dringend een hoorzitting te vragen, om die betrokken partners uit te nodigen die ons daar meer uitleg over kunnen geven. Ik zal dat straks ook voorstellen bij de regeling van de werkzaamheden.

Ik koppel de uitrol van de digitale meter onlosmakelijk aan het project Atrias, want willen we die slimme meter echt voor honderd procent operationeel hebben, dan hebben we ook het hele verhaal van Atrias nodig. Ik denk dat we als parlement, maar ook als samenleving, er nood aan hebben om dat project op te volgen. We zouden vooral willen weten wat de kostprijs is die ter zake nog te voorzien is. Zal dat een impact hebben op de factuur? Er zijn tal van vragen. Minister, ik denk niet dat u die kunt beantwoorden, want u bent misschien wel minister van Energie, maar u bent nog altijd niet verantwoordelijk voor Atrias.

Ik denk dus dat u ons ter zake niet alle antwoorden zult kunnen geven, maar we zullen die antwoorden wel nodig hebben voor het ontwerp van decreet dat we binnenkort zullen bespreken en dat de uitrol van die digitale meters mogelijk moet maken. Collega’s, ik hoop dus dat jullie straks zullen steunen dat we op korte termijn de vraag stellen aan bijvoorbeeld de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt (VREG), aan de auditeur die nu bezig is binnen Atrias, aan die crisismanager om toch eventjes langs te komen en ons uit te leggen waar men vandaag staat. Ik denk dat dat heel wat mist zal doen verdwijnen en heel wat antwoorden zal geven op vragen die er vandaag zijn.

Deze vraag gaat eigenlijk meer in de richting van extra verduidelijking, omdat we via de media van een bevriend collega-parlementslid uit de meerderheid hebben vernomen dat de uitrol van de digitale meter een half miljard euro goedkoper zal zijn dan de kosten-batenanalyse die de VREG in 2017 heeft gemaakt. (Opmerkingen van Andries Gryffroy)

U voelt zich aangesproken. U hebt dat gezegd, ja. In het staatsblad van Limburg stond dat de uitrol van de digitale meter goedkoper zal zijn. Op zich was dat nieuws dat we met veel plezier lazen, maar echt studiewerk om dat te bevestigen heb ik tot op vandaag nog niet gevonden. Minister, het lijkt me dus evident dat we die vraag aan u stellen. U hebt zelf afgelopen week aangekondigd dat u een geactualiseerde kosten-batenanalyse zult vragen aan de VREG. Hebt u er een zicht op wanneer die kosten-batenanalyse is geactualiseerd? Of ligt er al iets op tafel dat die uitspraak van een besparing van een half miljard euro al kan bevestigen? U hebt in de plenaire zitting ook gezegd dat u een oplossing wilt uitwerken voor consumenten die om gezondheidsredenen een probleem ervaren met de digitale meter, meer bepaald door de straling. Hebt u daar intussen ook al een oplossing voor gevonden? In de kosten-batenanalyse stond dat een uitrol van de digitale meter over twintig jaar het meest interessant  zou zijn, en zelfs goedkoper zou zijn dan een uitrol over tien jaar. Afgelopen week had u het over vijftien jaar als periode om het helemaal uit te rollen. Kunt u daar misschien wat meer uitleg over geven? Waarom hebt u gekozen voor vijftien jaar en niet voor de twintig jaar die in de kosten-batenanalyse stond? Op welke manier gaat u de uitrol bij de prioritaire doelgroepen juist organiseren? In welke timing is daar nu exact voor voorzien?

De heer Gryffroy heeft het woord.

Ik denk dat we het er allemaal toch over eens zijn, hopelijk, dat de uitrol van de digitale elektriciteitsmeter in Vlaanderen een belangrijk onderdeel is van de belangrijkste stap voor onze energietransitie. We hebben daar inderdaad een tijdje over gediscussieerd. Tot mijn ergernis vond zelfs de regulator dat het woordje ‘digitale’ niet kon, dat dat een ‘slimme’ meter moest zijn. Hier spreken we echter duidelijk over een digitale meter. Dat moet de start van een slim netwerk mogelijk maken. Begin 2017 zijn afspraken gemaakt over de gefaseerde omschakeling. Ik dacht altijd dat vijftien jaar was afgesproken, dus ik vind het bizar dat u daar nu plots aan twijfelt. Het kan wel zijn dat dat anders was in studies, maar in de schoot van de regering heeft men altijd publiekelijk gesproken over vijftien jaar. Men kiest doelbewust voor een basismodel. De consumenten hebben dan de mogelijkheid om te weten wat ze verbruiken. Willen ze meer, dan zijn er de nodige opties: daar kunnen eventueel apps op worden aangesloten, en dan maakt men die digitale meter slim. Voor diegenen die mee waren in Californië, we hebben daar de toepassingen gezien. Soms worden ze gebruikt, soms worden ze niet gebruikt, maar dat is dan een beslissing van de consumenten zelf.

Hoe zal dat lopen? Zoals ik in het Belang van Limburg, het staatsblad van de provincie Limburg, duidelijk heb gemeld, zal de markt daarop inspelen. De markt zal zeggen: er is een markt om bij al mijn klanten een slimme app te hangen want dan kan ik spelen met die klanten zonder dat ze aan comfort inboeten, en daarvoor zal ik die klanten een beloning geven. Dat zijn de marktmodellen. Daar moet de overheid zich niet mee bemoeien.

Ook al is dat volgens mij een positief verhaal, toch moeten we vaststellen dat de digitale meters geregeld negatief in de media komen. In de plenaire vergadering hadden we het eens over elektrohypersensitieve mensen. Recentelijk bond Test-Aankoop opnieuw de kat de bel aan door aan te geven dat de Vlaming het recht moet hebben om een digitale meter te weigeren. Mijn antwoord in de plenaire vergadering was zeer duidelijk: neen, tenzij we ermee akkoord gaan om naar Britse toestanden te gaan, waar niet iedereen een teller heeft. Wat niet kan worden gemeten, wordt verdeeld over de massa op basis van het aantal aftappunten. Dat is zeer ondemocratisch, want iemand met veel aftappunten betaalt dan meer dan iemand met weinig aftappunten, maar met misschien een hoger verbruik. Neen, de basis is dat wat hier wordt gemeten, ook wordt gefactureerd, en dat is ook maar correct.

Ze pleiten ook voor het invoeren van de opt-outclausule. Daarmee kun je de consumenten laten kiezen of je de communicatiemodules wel of niet laat werken. Ook daarop zeg ik: neen. Je kunt niet met twee systemen werken. Je kunt niet bij sommige mensen langsgaan om naar hun verbruik te kijken, en bij andere niet, waar het dan wel automatisch gebeurt. Je werkt met een basisconcept.

Test-Aankoop vraagt ook naar de bijkomende studie over de exacte kostprijs voor de consument. Ik hoop dat die berekening wordt gedaan in functie van alles, dus niet alleen mijn investeringskost, maar ook mijn besparing op basis van Operating Expenditures (OPEX). Als ik geen mensen meer moet uitsturen om misschien meer dan één keer ter plaatse te gaan controleren, is dat ook een uitgespaarde kost.

Dan is er ook nog het feit dat je verplicht bent om in de komende jaren iets te doen, want die Ferrarismeter verdwijnt van de markt. Straks zijn we, blijkbaar samen met enkele andere landen, het enige land dat geen digitale meter zal hebben. Waar zijn we dan eigenlijk mee bezig als we enerzijds pleiten voor een energietransitie, en anderzijds de mensen niet een beetje dwingen om daaraan deel te nemen?

Het kabinet reageerde toen dat het een slecht idee is om te discussiëren over wie een digitale meter wel of niet kan weigeren. Dat is ook correct. Een digitale meter kun je niet weigeren, je kunt geen enkele meter weigeren.

Collega Beenders, ik wil u een persoonlijk feit vertellen. Ik heb altijd spijt dat ik geen digitale watermeter heb. Heel veel mensen verbruiken te veel water omdat ze kleine waterlekken hebben. Die kleine waterlekken zie je niet op een gewone watermeter. Die zie je pas bij je eindafrekening: hoe komt het dat ik plots dubbel zoveel heb verbruikt? Dat komt bijvoorbeeld omdat de veiligheidsklep van mijn boiler stuk is. Dat heb ik zelf meegemaakt. Met een digitale watermeter, die zelfs niet eens slim is, zou je een alarm kunnen instellen en onmiddellijk op de hoogte worden gebracht dat je een constant minimaal verbruik hebt. Dat is goed voor de burger, want die kan daardoor besparen op zijn waterverbruik.

Moeten we constant alles in vraag stellen? Neen, we moeten duidelijk vooruitgaan. De digitale meter moet er komen. Die slim maken is een keuze van de burger, van de markt en dat zal of kan voor iedereen anders zijn. De Privacycommissie had uiteindelijk geen opmerkingen meer over de uitrol van de digitale meter. Toen werd gezegd dat de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt (VREG) een bijkomende studie zou maken.

Minister, wanneer zult u aan de VREG de opdracht geven om de studie over de kosten voor de uitrol van de digitale meter te actualiseren? Zal daarbij wat Test-Aankoop vraagt, ook worden bestudeerd? Het is niet omdat ik niet akkoord ga met hun vraag, dat de studie niet kan worden gemaakt.

Minister, ik merk dat de afspraken blijvend ter discussie worden gesteld. We komen altijd terug op hetzelfde verhaaltje. Misschien is de communicatie onvoldoende. Er is een website, ja, maar er zijn heel veel websites. Misschien moeten we dit op een andere manier aanpakken. Wat zijn uw ideeën daarover?

De heer Danen heeft het woord.

Alles wat nodig is om van de energietransitie een succes te maken, moeten we omarmen. Dat wil niet zeggen dat we alles zomaar blind moeten omarmen. De discussie over de slimme, neen, de digitale meter – ik zal dit woord gebruiken omdat die slim kan worden gemaakt – is in deze commissie al vaker gevoerd. Tijdens de bespreking van een ontwerp van decreet heeft Groen zich onthouden omdat er nog wat mist hing rond die digitale meter, en ook omdat de voordelen en voor wie die waren, nog niet helemaal duidelijk waren.

Groen wil zich positief en constructief opstellen, maar een aantal vragen werden niet beantwoord en pas als die beantwoord zijn, kunnen we ons er definitief over uitspreken. Ik hoop natuurlijk dat er op de vragen die vandaag worden gesteld, een antwoord komt dat tegemoetkomt aan onze bezorgdheden zodat we vooruit kunnen gaan.

Het is belangrijk dat er voor de digitale meter een draagvlak wordt gevonden. Maar, minister, u maakt het ons niet altijd gemakkelijk om de digitale meter te verdedigen voor mensen die er terecht kritische vragen over hebben. Wij hebben die ook en de antwoorden erop zijn nog niet allemaal gegeven.

Minister, gezien het belang en de grootschaligheid van de uitrol, gezien het feit dat elke Vlaming betrokken partij is, gezien de nieuwe info en gezien het feit dat nu concreet duidelijk is wie de meter zal produceren, lijkt een nieuwe kosten-batenanalyse aangewezen. Bent u bereid die te bestellen zodat duidelijk wordt wat de kosten zijn, wat de voordelen zijn en voor wie die zijn?

Er hangt nog veel mist rond de digitale meter. Het blijft onduidelijk wat en voor wie de meerwaarde zal zijn. Ik had gehoopt dat de ontwikkeling van de software voor meer duidelijkheid zou zorgen.

Nu blijkt, ook naar aanleiding van de vragen van de heer Beenders, dat hier opnieuw vertraging op zit, zodat de onduidelijkheid bestendigd wordt. Kunt u mij zeggen hoe het komt dat de ontwikkeling van de software opnieuw vertraging oploopt?

U zei steeds dat Vlaanderen een van de laatste Europese regio’s is die de slimme meter uitrolt, en dat we dus hebben kunnen leren van buitenlandse experimenten. Ik heb de laatste weken ervaringen en evaluaties gelezen van die uitrol in andere Europese landen, en die stellen me niet gerust. Waarom denkt u dat wij het met de informatie en de kennis die we hebben, beter zullen doen?

U zei eerder dat u bereid bent de communicatie ‘opt-out’ te bekijken of oplossingen zou zoeken voor mensen die gevoelig zijn voor draadloze signalen. Hebt u hierrond al concrete beslissingen genomen?

Minister Tommelein heeft het woord.

Nu er zicht is op de concrete kosten voor de gekozen digitale meter, heb ik aan de VREG gevraagd om de kostenbatenanalyse (KBA) met de reële cijfers te actualiseren. Het is dan ook wijselijk de update van de KBA af te wachten alvorens over het globale kostenplaatje verdere uitspraken te doen.

Ik heb het er een beetje moeilijk mee dat men laat uitschijnen dat we een kostenplaatje gemaakt hebben maar dat het waarschijnlijk overschat is, om dan gedurende weken aan een stuk Vlaanderen aan te vallen met de kostprijs van de digitale meter die iedere keer in het groot wordt uitgelicht op alle mediakanalen, terwijl iedereen weet dat het niet juist is. Dat vind ik nogal bedenkelijk. Als men aan mijn adres laat weten dat men het moeilijk heeft met de communicatie rond de digitale meter, mijnheer Danen, dan kan ik zeggen dat ik het nog veel moeilijker heb met de communicatie rond de digitale meter van anderen. Dit is de mensen bang maken, dit is onjuiste informatie, het is onvolledige informatie, met één bedoeling: verwarring zaaien. Ik betreur dat. Meer zal ik daar niet over zeggen.

Wel is het zo dat de KBA onvermijdelijk zal blijven gebruikmaken van bepaalde aannames. De KBA zal steeds een inschatting blijven. Ik hoop dat bij verdere communicatie de voor- en tegenstanders van de digitale meter dat er eens bij zeggen, dat het om een inschatting gaat, en niet over reële cijfers. Het zal ook afhangen van het individuele gedrag van de consument en wat hij zelf doet met zijn digitale meter. De vermoedelijke kostprijs van de digitale meter tegenover de andere meter is een brutoprijs. De positieve effecten op individueel vlak zitten daar niet in. De individuele effecten zullen bij iedereen anders zijn, soms zullen er geen zijn, soms zullen er vele zijn.

De vraag die ik aan de VREG stelde, is een herberekening van de KBA van 9 mei vorig jaar, en die vertrok vanuit de conceptnota. De ‘opt-outclausule’ wordt hierin dus niet bestudeerd. Wel is het zo dat in 2012 in de KEMA-studie (Keuring van Elektrotechnische Materialen Arnhem) een analyse is gemaakt van het scenario met een vrijwillige uitrol. Daaruit bleek dat een vrijwillige uitrol de globale baten sterk doet dalen en vanuit een financieel-economisch oogpunt een zeer risicovolle optie is.

De keuze van de Vlaamse Regering staat dan ook vast, want de ferarrismeter wordt niet meer gemaakt. Ik heb gelezen dat organisaties zoals Test-Aankoop zeggen dat we dat kunnen vragen. Natuurlijk kan dat. Als ik aan een bedrijf vraag om de oude koortsthermometers met kwik te maken, zal ik er wel één vinden. Als we maar genoeg betalen, zullen ze wel produceren. Of dat nog zinvol is, dat is iets anders. De ferrarismeter wordt niet meer geproduceerd voor het groot gebruik. Dat kan trouwens niet.

Het ging net zo met de vaste telefoons en met de tv. Wie koopt er vandaag nog een analoge tv? Ik heb de discussie daarover, mijnheer Danen, nog niet zo lang geleden in dit Vlaams Parlement meegemaakt. Men vroeg toen dat we niet iedereen zouden verplichten om een digitale tv te kopen. Natuurlijk niet, maar men moet wel begrijpen dat de digitalisering niet tegen te houden is.

We hebben de digitale meter broodnodig – daar zijn we het over eens – om de omslag te maken van het huidige energiesysteem naar dat van de toekomst.

Zoals ik eerder al heb gezegd in de plenaire vergadering van 14 maart en de commissievergadering van 21 maart bestudeer ik wel de piste, inclusief de noodzaak, om in zeer uitzonderlijke gevallen, zoals aangetoonde elektrohypersensitiviteit, te voorzien in een meter die op afstand kan communiceren door middel van bekabeling in plaats van via 4G. In de huidige lastenboeken is niet in een UTP-poort voorzien, zoals gangbaar in West-Europa. Ik benadruk nogmaals dat in de lastenboeken de stralingsproblematiek zelf wél is meegenomen en dat de meters die communiceren via 4G, voldoen aan de Europese en Vlaamse wetgeving, waarbij de Vlaamse wetgeving rond straling bovendien strenger is.

Op de timing van de uitrol kan ik vandaag nog geen einddatum plakken. De richtdatum zal worden vastgelegd in het besluit van de Vlaamse Regering dat in voorbereiding is, doel is om dit in vijftien jaar rond te hebben. Er moet hierbij een evenwicht worden gezocht tussen een snelle uitrol, waarbij iedereen zo snel mogelijk over de baten van de digitale meter kan beschikken, tien jaar bijvoorbeeld, en een tragere uitrol, waarbij kosten meer gespreid kunnen worden, bijvoorbeeld twintig jaar.

De distributienetbeheerders staan in voor het vormgeven van de praktische kant van de uitrol, inclusief de uitrol bij de prioritaire doelgroepen, maar de Vlaamse Regering zal hier uiteraard richtlijnen voor vastleggen. Deze modaliteiten en richtlijnen worden vastgelegd in het besluit dat in voorbereiding is.

Als u vraagt naar de oorzaken van de vertraging bij Atrias, moet u eigenlijk bij de distributienetbeheerders gaan aankloppen. Ik stel voor dat alle vertegenwoordigers van onze politieke partijen in de distributienetbeheerders hard op die deur kloppen.

Want het is gemakkelijk om te vragen naar de oorzaken van die vertraging, maar ik wil erop wijzen dat dit geen project is dat recent werd opgestart. Dit project loopt al een hele tijd en is opgezet door de vijf grootste distributienetbeheerders waaronder de Vlaamse distributienetbeheerders Eandis en Infrax. Ze nemen de leiding van deze operatie niet zelf in handen hoewel zij als Vlaamse distributienetbeheerders wel de grootste zijn. Ze hebben mij, na herhaaldelijke vragen tot verantwoording voor de vertraging, gemeld dat ze de complexiteit van de uitdaging sterk hebben onderschat.

Bovendien is er gekozen voor een zogenaamde big bang: de overgang moet gelijktijdig gebeuren door alle marktpartijen. Alle marktpartijen moeten dus klaar zijn voor een ‘go live’ kan plaatsvinden. Ook dit heeft een invloed op de datum van ingang. Ik zei het al: ik ben ontgoocheld, zeer zwaar ontgoocheld over deze vertraging en heb opnieuw aan de distributienetbeheerders laten verstaan dat een nieuwe vertraging van Atrias niet door de beugel kan.

De vertraging in de lancering van Atrias heeft wat mij betreft echter geen invloed op de uitrol van digitale meters. Appontwikkelaars zullen in het overgrote deel van de gevallen gebruikmaken van de informatie die uit de lokale gebruikerspoorten van de digitale meter stroomt, in het huidige model een P1- en een S1-poort. Deze zijn operationeel zodra de digitale meter wordt geplaatst en zullen geen last ondervinden van een de vertraging bij Atrias.

Er is altijd een voordeel. Een bekende Nederlandse voetballer zei ooit: elk nadeel heb zijn voordeel. Het voordeel is dat Vlaanderen een van de laatste in Europa is om te starten met de uitrol. We kunnen dus profiteren van een metermarkt die matuurder is en dus ook goedkoper. We kunnen en moeten leren uit de evaluaties en ervaringen in andere EU-landen, maar we mogen niet uit het oog verliezen dat deze evaluaties vaak betrekking hebben op oudere generaties van meters en veelal ook op de uitrol van slimme meters. In Vlaanderen kozen we voor een digitale meter die je zelf slim kunt maken via de zogenaamde gebruikerspoorten. En net met betrekking tot de poorten konden we ook innovatiever zijn dan die regio’s die eerder startten met de uitrol. Zo zal de digitale meter in Vlaanderen uniek zijn omdat deze voorzien is van een supersnelle poort, de S1-poort, die meer mogelijkheden biedt dan de standaard P1-poort.

De uitrol van digitale meter is een constant proces en we zullen onszelf blijvend moeten evalueren. Er is wel één ding dat nooit zal veranderen: negatieve communicatie en de mensen bang blijven maken voor de digitale meter, dat zal nooit helpen. Dat helpt niemand vooruit.

Mijnheer Gryffroy, wat het verbeteren van de communicatie betreft, wil ik erop wijzen dat de website www.digitalemeter.be al zeer toegankelijk is, inclusief visualisatie door middel van een filmpje. De mensen moeten er natuurlijk ook naar willen surfen.

Ik heb ook al gezegd dat  we moeten communiceren wanneer het nodig is. Zaken die nog niet tastbaar zijn en die nog niet bestaan, zijn sowieso veel moeilijker uit te leggen dan iets wat de mensen kunnen zien.

Het model is nu bekend. We hebben het vorige week voorgesteld en erover gecommuniceerd. Hoe meer de digitale meter tastbaar wordt, hoe gerichter de communicatie.

De heer Beenders heeft het woord.

Rob Beenders (sp·a)

Minister, voor u is Atrias niet gelinkt aan de uitrol van de digitale meter omdat er blijkbaar geen gevolgen zijn. Ik denk dat het iets verder gaat want die problemen bij Atrias hebben volgens u misschien geen impact op de digitale meter maar wel op de factuur. Ik denk dat dit nu net is waar we antwoorden op moeten krijgen want het ene wordt wel gekoppeld aan het andere wanneer het over communicatie gaat. Zonder Atrias zult u de digitale meter niet 100 procent slim krijgen, misschien 80 procent maar niet 100 procent. Er is dus wel degelijk een invloed van Atrias op die uitrol van de digitale meter om hem 100 procent slim te krijgen.

U hebt zelf aangegeven niet tevreden te zijn met die vertraging. Het is dan ook echt noodzakelijk om de verantwoordelijke naar het parlement te roepen en uitleg te laten geven. Mijn vraag is dan ook of u zelf al gedetailleerd geïnformeerd bent over die problemen bij Atrias. Zij hebben misschien gezegd dat ze de complexiteit hebben onderschat maar bent u vandaag op de hoogte van de scenario’s die circuleren om het probleem op te lossen? Kent u de financiële impact die dit kan hebben? Weet u waar we voor staan om heel deze problematiek opgelost te krijgen of hebt u die informatie nog niet ontvangen? Ik denk dat we dit debat dringend moeten voeren en open en transparant moeten communiceren, ook naar de Vlamingen, over de impact van die problemen bij Atrias voor de factuur.

U zegt dat er heel negatief wordt gecommuniceerd en dat mensen bang worden gemaakt, maar dat gaat hier niet op. Ik heb alleen terechte vragen gelezen van bijvoorbeeld de Liga voor Mensenrechten, Test Aankoop en andere, die terechte vragen stellen in dit debat waar ze geen antwoord op krijgen. Die mensen nu de mond snoeren en zeggen dat zij de Vlamingen bang maken, is toch wat kort door de bocht. Ik stel voor dat we in dit parlement die vragen proberen te beantwoorden, de ongerustheid wegnemen, de juiste cijfers communiceren en op die manier proberen de energietransitie te omarmen met de digitale meter.

Ik ben misschien kritisch in dit dossier, maar ik moet nog overtuigd worden, dat heb ik ook altijd gezegd. Op dit moment zie ik almaar meer vragen opduiken. De reactie daarop is dat we overdrijven en de mensen bang zouden maken, en dat betreur ik. Ik vind dat we net bij een dergelijk belangrijk dossier, een miljardendossier, open en transparant moeten communiceren, maar ik zie alleen meer vragen opduiken dan er antwoorden worden gegeven. Ik hoop dat de collega’s die transparantie ook willen, ook willen weten wat de effectieve kost zal zijn van die slimme meter, wat de baten zullen zijn en wat de kost van Atrias zal zijn. Daarom zou het goed zijn om hier snel een hoorzitting te kunnen organiseren.

Ik denk dat we twee discussies een beetje met elkaar vermengen. Er is een link, maar geen 100 procentlink. Er is de discussie over Atrias, die inderdaad zeer vervelend is want, als we iets willen forceren, is er onze complexe staatsstructuur die de uitrol van de digitale meter belemmert. Laat dat duidelijk zijn. Er zijn ook al gegevens beschikbaar. De vraag zal enkel zijn hoe vaak de MIG 6, de opvolger van de MIG 4, informatie zal doorsturen. Is het 24 keer per dag of 100 keer per dag? Het gaat erover hoeveel capaciteit men kan opbouwen. Het gaat er misschien over dat er een uitstel is van een jaar voor bepaalde applicaties, maar niet voor alle applicaties is er een uitstel, want die kunnen wel werken met gegevens van de MIG 4.

Voor mij gaat het erom – en daar treed ik de minister bij – dat men niet altijd alles in een negatief daglicht moet stellen. Als je zelf een pleitbezorger bent van een groene-energietransitie, dan is dit een superbelangrijk onderdeel ervan. Alstublieft, laat het dan ook vooruitgaan en laat het dan ook gaan. Daarmee betrek je de burger bij een groene-energietransitie. Nu ligt de burger, eerlijk gezegd, niet wakker van het klimaat. Hij ziet in het beste geval twee schijfjes ronddraaien, een dag en een nacht. Dat heeft toch niets te maken met zonne-energie of met wind, integendeel. Er kan veel wind zijn overdag of 's nachts, je moet kunnen ingrijpen op het moment dat er meer hernieuwbare energie beschikbaar is. Daarom moeten we verdomd zo snel als mogelijk de digitale meter kunnen uitrollen, anders heeft het eigenlijk geen zin en blijven we werken met de dag- en nachtdraaier, die indertijd is uitgevonden door bepaalde leveranciers omdat het hen goed uitkwam. Het is totaal uit de mode.

Wat belangrijker is – en ik denk dat we die discussie ook duidelijk moeten stellen –, is dat Test-Aankoop niet enkel vraagt of de mensen mogen kiezen tussen hun huidige meter en een digitale meter, maar ook vraagt of de communicatiefuncties van de nieuwe digitale meter mogen worden uitgeschakeld. Wij zeggen duidelijk neen, maar ik zou ook graag van u duidelijk uw antwoord horen. Wij zeggen neen omdat we geen twee concepten naast elkaar willen, zijnde een digitale meter met communicatiemodule en een zonder communicatiemodule.

Het klopt dat de website een leuke website is, maar ik heb het aan de brave journalisten van Het Belang van Limburg ook moeten uitleggen met de nodige ‘tastbare’ zaken, als ik het zo mag uitdrukken: Wat is een wasmachine, hoe moet je die koppelen enzovoort? Ik heb voorbeelden gegeven uit het dagelijkse leven. Het enige wat je kunt doen, is de boer op gaan om het te gaan vertellen, maar het is jammer dat je intussen constant wordt tegengewerkt door mensen die het allemaal kritisch willen bekijken omdat het niet past in hun groene verhaal.

De heer Danen heeft het woord.

Ik weet dat wij met Groen altijd heel genuanceerd zijn geweest in het debat over de digitale meters, en ik wil dat ook blijven. Dat maakt het voor ons natuurlijk niet altijd makkelijk om ertussenin te geraken, maar voor de intellectuele eerlijkheid wil ik dat wel blijven doen, waarmee ik niet wil zeggen dat de anderen dat niet of minder zijn.

Ik heb mij onthouden bij de voorstelling van het ontwerp van decreet omdat een aantal vragen onduidelijk zijn en blijven. Ik krijg heel wat mails over de digitale meters. U zult die allicht ook krijgen, en nog veel meer dan ik. Ik stel vast dat heel wat vragen onbeantwoord blijven. Ik zou dus ook willen voorstellen om de website nog beter te maken en uit te breiden en om telkens wanneer er nieuwe vragen komen, de antwoorden te publiceren. Het probleem is dat, als ik vragen krijg waarop ik het antwoord niet weet, terwijl ik het dossier toch van heel nabij opvolg, het een heel groot probleem is voor de draagvlakopbouw. Als er heel wat onduidelijkheid is, dan geef je de kans aan anderen om nog meer mist te spuien rond die digitale meter en dan heb je het eigenlijk voor een deel zelf gezocht. Ik ben misschien streng in mijn woorden, maar ik ben er wel van overtuigd dat, als we een draagvlak willen creëren, de vragen moeten kunnen worden gesteld zonder taboes, hier in het parlement, maar ook door de burgers, en de antwoorden ook moeten kunnen worden gegeven. Als we de antwoorden niet kennen, dan moet ook duidelijk worden gemaakt waarom we ze niet kennen en wanneer ze er wel zullen zijn. Natuurlijk zullen we niet iedereen kunnen overtuigen, dat weet ik ook wel, maar ik ben er wel van overtuigd dat we meer mensen moeten kunnen overtuigen dan nu het geval is.

Dus, voor de communicatie en de draagvlakopbouw zie ik toch heel wat gemiste kansen. Ik denk dat er nog wat tandjes kunnen worden bijgestoken en, minister, ik zou echt willen vragen om dat ook te doen.

Minister Tommelein heeft het woord.

Als het over communicatie gaat, als het over voluntarisme gaat, als het over optimisten gaat, dan bent u bij mij aan het juiste adres. Ik doe dat ook, maar zoals ik al zei tegen de heer Gryffroy, weet ik uit ervaring en uit mijn communicatiekennis dat communiceren over iets wat niet tastbaar is, veel moeilijker is. Er is een manier van over die digitale meters te spreken, ontstaan die de mensen bang heeft gemaakt, en dat betreur ik. Dat betekent dat ik in mijn communicatie moet wachten tot het tastbaar is voor de mensen, tot ik kan tonen wat die digitale meter kan, wat hij doet en wat hij niet doet.

Voor de rest ben ik ervan overtuigd, mijnheer Beenders, dat de commentaren die ik krijg, allemaal terechte vragen en commentaren kunnen zijn, maar ik kan ze ook allemaal weerleggen. Als ik de vertegenwoordiger van Test-Aankoop op televisie hoor verklaren dat de kosten van die digitale meter dan maar integraal door de distributienetbeheerders moet worden gedragen en niet naar de consument moeten gaan, dan heeft Test-Aankoop nog altijd niet door dat de kosten van de distributienetbeheerders worden doorgerekend aan de consumenten. Het niveau van uitspraken van bepaalde mensen die zogenaamde belangengroepen vertegenwoordigen, is, wat mij betreft, dan echt bedenkelijk geworden. Ik heb er moeite mee als men dergelijke uitspraken mag doen op televisie zonder dat er een kritische noot tegenover wordt gezet, maar de kritische noot mag wel naar de minister komen, die in feite niet verantwoordelijk is voor de uitrol en voor het beheer ervan, die enkel maar het digitale werk moet doen.

En, mijnheer Danen, ik ben blij dat u zich virtueel onthouden hebt op een virtueel ontwerp van decreet dat hier nog niet eens ter sprake is gekomen in het parlement. U hebt straks de kans om dat te doen als het ontwerp van decreet naar hier komt, maar u kunt zich nog niet onthouden hebben, want er is nog geen ontwerp van decreet geweest.

Als je Atrias bekijkt, en wat we daar aan het doen zijn met de impact op de factuur… Ik doe dat niet graag, mijnheer Beenders, maar heel de ontwikkeling van het concept is niet onder mijn ministerschap ontstaan. De vorige minister van Energie zal daar ook wel een duit in het zakje gedaan hebben en aan de verschillende distributienetbeheerders of aan Infrax en Eandis gevraagd hebben om een aantal voorbereidingen te treffen. Als het parlement niet akkoord gaat met wat de distributienetbeheerders en de VREG daarmee doen, dan is het aan het parlement om de mensen die verantwoordelijk zijn voor de uitrol en de controle daarop, hier zelf te bevragen. De VREG is een orgaan van uw parlement. U hebt de vertegenwoordigers aangeduid. Als u het niet eens bent met de VREG en de impact van de digitale meter op de factuur, dan moet u aan de VREG  vragen wat ze daarvan vinden. (Opmerkingen van Rob Beenders)

U bent parlementslid. U kunt een hoorzitting vragen. Zorg dat u een meerderheid hebt om een hoorzitting te vragen. Ik zal me daar als minister nooit tegen verzetten. Ik heb daar niets aan te vertellen. Ik zie u altijd met heel veel plezier naar mij wijzen, terwijl u weet dat ik voor een aantal facetten helemaal niet bevoegd ben. Voor een aantal zaken weet u dat ik zelfs niet eens verantwoordelijk ben. Als het parlement meer info wil van de VREG en als het parlement meer info wil van de distributienetbeheerders over de uitrol van Atrias en wat daar allemaal fout is gegaan, dan stel ik voor dat u de mensen oproept.

Ben ik voldoende geïnformeerd? Ja. U insinueert dat ik niet voldoende geïnformeerd ben. (Opmerkingen van Rob Beenders)

Ik zeg dat ik voldoende geïnformeerd ben. Ik heb de distributienetbeheerders al verschillende keren bij mij geroepen. Zij weten dat ik daar niet mee tevreden ben. Ze weten dat ik daar zwaar ontgoo… Ik heb gevraagd om effectief maatregelen te nemen om dit zo snel mogelijk in orde te brengen. Maar als u dan zegt dat Atrias móét zijn vooraleer de eerste digitale meter uitgerold wordt, dan bent u de mensen dingen aan het wijsmaken. En u weet dat, en dat vind ik nog het ergste van allemaal. (Opmerkingen van Rob Beenders)

Het stond wel in de krant. U hebt gezegd: ik vraag aan de minister om de digitale meter uit te stellen. (Opmerkingen van Rob Beenders)

Neen, u hebt gevraagd om het uit te stellen. Zo stond het in de krant. Maar goed, we gaan daar geen discussie over voeren. Als u daar meer informatie over wilt, dan moet u maar een hoorzitting vragen met de VREG, die u alle informatie kan geven. Want ik ga ervan uit dat ook de distributienetbeheerders aan de VREG informatie moeten geven over hoe zij verder die digitale meter aanpakken.

De heer Beenders heeft het woord.

Rob Beenders (sp·a)

Er zijn veel insinuaties gemaakt die niet gezegd zijn. Als een krantenartikel belangrijker is dan hetgeen ik hier nog maar net gezegd heb in de commissie, dan kan ik dat alleen maar betreuren. Ik heb net letterlijk gezegd dat u niet verantwoordelijk bent voor Atrias. U bent de bevoegde minister voor Energie. Ik heb hier ook letterlijk gezegd dat ik de oproep doe aan de collega’s om een hoorzitting te houden om de verantwoordelijken naar het parlement te halen om duidelijkheid te krijgen.

Wat mij verontrust, is wat de impact van de factuur gaat zijn over de vertragingen van Atrias. Er circuleren bedragen tussen de 100 en de 350 miljoen euro. Dat zijn geen peanuts. Dat zijn scenario’s die circuleren, die op papier staan, om het probleem Atrias op te lossen. Dan denk ik dat het onze taak is in het parlement om daar duidelijkheid over te krijgen. En dan is mijn vraag aan u inderdaad of u op de hoogte bent van al die scenario’s die op dit moment circuleren rond Atrias. Ik denk dat we alles moeten doen om ervoor te zorgen dat dat project landt , dat dat uitgerold kan worden en dat we ten minste zicht hebben op een oplossing. Op dit moment zie ik ongelooflijk veel vragen naar mij toe komen. Blijkbaar verwijst iedereen naar iedereen. Maar het einddoel zal wel zijn dat die rekening betaald moet worden. En dan wordt dat doorgerekend in de distributienettarieven. Daarom wil ik graag nu al weten wat de impact gaat zijn voor de oplossing van Atrias. Want het is echt wel nodig, als je die digitale meter 100 procent slim wilt hebben, dat Atrias werkt. Hier ontkennen dat dat niet het geval is en dat je perfect kunt werken zonder Atrias … Dat is niet waar. Ik denk dat we het wél met elkaar moeten koppelen en dat we het debat wél moeten voeren. En als we die antwoorden krijgen, kunnen we ook weer op die manier communiceren.

De heer Gryffroy heeft het woord.

Zo iets horen opvangen tussen de 100 en de 350 miljoen euro, dat is allemaal ‘wishy-washy’. Als je daar geen concrete bewijzen van hebt, moet je dat ook niet vermelden. (Opmerkingen van Rob Beenders)

Dat is niet ‘wishy-washy’. Daar zijn cijfers van. Van uw 100 à 350 miljoen euro, daar zijn geen cijfers en geen documenten van. (Opmerkingen van Rob Beenders)

Het is woord tegen woord. Breng ze dan mee. Voor mij is het duidelijk: iets wat goed is, moet je niet vervangen. Maar als je het beter kunt doen, dan mag je het wel vervangen. Dan moet je het zelfs vervangen. Dat is je plicht tegenover de burger. Als ik kijk op de website, weet ik niet wat het tekort zou zijn. Ik vind het alleen spijtig dat we nog te weinig spreken over de integratie in de groene-energiemarkt. Dat is maar één zinnetje: “Maar bovenal: met een digitale meter bent u klaar voor het energiesysteem van de toekomst, met meer hernieuwbare energie en waarbij burgers zelf energie produceren.” Je kunt daar veel meer mee doen.

Zelfs Mathias Bienstman van de Bond Beter Leefmilieu zei in een recent debat tegen mij: “Eigenlijk heb je gelijk. Als het gaat over de integratie van de burger in de groene hernieuwbare-energiemarkt, daar zijn we 100 procent voor. Wij gaan voluit voor de digitale meter, die we gaan aanraden bij de mensen, om het slim te maken.” Ik zou het met andere woorden zelfs bizar vinden dat Groen zich in de toekomst nog zou durven te onthouden als we discussiëren over dit ontwerp van decreet. Het zou maar logisch zijn dat u dat ten volle steunt, want het is een onderdeel van uw verhaal.

De heer Danen heeft het woord.

Ik ben ervan overtuigd dat een digitale meter nodig is in de energietransitie en dat met andere woorden, als we de kerncentrales willen sluiten, de digitale meter daar wel bij kan helpen. Dat is misschien een beetje een populistische uitspraak, maar ik denk wel dat er een grond van waarheid in zit. Natuurlijk kan ik pas ten volle de wetgeving daarrond goedkeuren als de vragen die we hebben, beantwoord zijn. Ik heb goede hoop dat tegen dat het ontwerp van decreet echt in de plenaire vergadering komt, die vragen beantwoord zullen zijn.

Ik vind het belangrijk dat we in het parlement het debat ten volle voeren met de mensen die daar echt ook andere zinvolle dingen over kunnen zeggen, zijnde de VREG, de distributienetbeheerders, misschien hier of daar een studiebureau.

Ik zal tijdens de regeling van de werkzaamheden de vraag stellen in dit verband hoorzittingen te organiseren. Het thema is immers veel te belangrijk om dit zomaar te laten passeren.

De vragen om uitleg zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.