U bent hier

De heer Doomst heeft het woord.

Michel Doomst (CD&V)

Minister, binnen die financiële stroom gaat het vooral over de sociale Maribel die een interessante werknaam is voor de lokale besturen. Bij die lokale besturen blijft de vrees bestaan dat met de overheveling van personeel van het OCMW naar de gemeente die sociale Maribel-tegemoetkoming zou kunnen dalen. Bij de bespreking zei u dat dit geen invloed zou hebben, maar toch denk ik dat we de lokale besturen attent moeten maken op de overgangen. Ik vermoed dat vooraf contact met de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ) nodig is en dat het goed is om voor de lokale besturen in kaart te brengen welke richting de transfer zal uitgaan omdat het volgens mij afhankelijk is naar welk type tewerkstelling er in het kader van het nieuwe decreet wordt overgeheveld.

Minister, kunt u dit nog eens geruststellend en definitief bevestigen?

Minister Homans heeft het woord.

Mijnheer Doomst, u hebt de problematiek goed geschetst in uw vraag en die is ook al aan bod gekomen tijdens de bespreking van het decreet Lokaal Bestuur. Dit is ook al aangekaart in het federaal Beheerscomité van het Fonds Sociale Maribel van de overheidssector. Zonder op de besluitvorming vooruit te lopen kan ik u wel bevestigen dat het comité zich onder andere buigt over het specifiek vraagstuk betreffende de nieuwe decretale graden waarnaar u in uw initiële vraag hebt verwezen. Mijn kabinet vertegenwoordigt in dat comité onder andere het standpunt dat het geval van een van rechtswege benoeming van een ‘combi-secretaris’, in dit geval de OCMW-secretaris die algemeen directeur zou worden, een overmachtssituatie is die het toestaan van een afwijking rechtvaardigt zodat de Maribel-financiering niet verloren gaat.

Ik weet dat de problematiek van de Sociale Maribel zich meer afspeelt bij kleinere lokale besturen dan bij grotere. Als er een gemeenschappelijke secretaris en een gemeenschappelijk financieel beheerder is en de OCMW-secretaris wordt algemeen directeur, dan is dat overmacht, dat gebeurt buiten de wil om. De betrokkene zal natuurlijk wel tevreden zijn dat hij die functie krijgt, maar dat gebeurt buiten de wil om en is dus overmacht. Er zal dus absoluut geen rekening mee worden gehouden op federaal niveau wat betreft de toekenning van de Sociale Maribel-middelen.

Wat het overige personeel van een lokaal bestuur betreft, moeten de lokale besturen bij eventuele overdracht van personeelsleden van het OCMW naar de gemeente, daarmee rekening houden. Dat hebben we ook besproken tijdens de behandeling van het decreet Lokaal Bestuur.

Collega's, u weet dat er al heel veel is gezegd over dat decreet en het is goedgekeurd op 21 december in de plenaire vergadering, meer dan een jaar op voorhand. U weet dat wij oorspronkelijk voor een volledige fusie wilden gaan en dat er dan van OCMW-personeel geen sprake meer zou zijn en het OCMW ook geen rechtspersoon meer zou zijn. Een bekend voetballer, Johan Cruijff, zei: “Elk nadeel heb zijn voordeel.” Aangezien we toch met twee rechtspersonen moeten blijven werken, mijnheer Doomst, is het aan de lokale besturen zelf om te beslissen hoeveel van de personeelsleden die op de rechtspersoon OCMW staan, worden overgeheveld naar de rechtspersoon gemeente om te kijken of er eventueel financiële federale stromen verloren gaan en dergelijke meer.

De administrateur-generaal en ikzelf hebben een ronde van Vlaanderen gedaan. We hebben elke provincie aangedaan om het decreet Lokaal Bestuur toe te lichten. Er zijn heel veel praktische vragen gesteld en die vraag is daar onder andere aan bod gekomen. De VVSG is momenteel ook bezig met een dergelijke ronde. We hebben dat wel degelijk ondervangen. Ik kan u verzekeren dat vanuit mijn kabinet in dat comité van de federale Sociale Maribel er op tafel wordt geklopt en dat we het argument van overmacht al hebben aangehaald. Het lijkt erop dat ze dat federaal zullen aanvaarden.

De heer Doomst heeft het woord.

Michel Doomst (CD&V)

Minister, dank u wel voor het duidelijke antwoord. Wanneer denkt u dat dat federaal comité ongeveer zou kunnen landen? Het is wellicht niet de bedoeling dat dat nog maanden zal worden uitgesteld, maar dat we wellicht de komende weken daarover definitief duidelijkheid zullen hebben.

Minister Homans heeft het woord.

Collega Doomst, ik kan er geen exacte timing op kleven. Maar laten we het woordje ‘onverwijld’ gebruiken. Het zal in elk geval geen verschillende maanden meer duren.

Michel Doomst (CD&V)

Het zal dan toch nog wel een tijdje duren.

Dat hangt af van wat uw definitie van ‘onverwijld’ is en die van ons.

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

zullen de commissiewerkzaamheden voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.