U bent hier

De voorzitter

De heer de Kort heeft het woord.

Dirk de Kort (CD&V)

Voorzitter, minister, collega's, de Vlaamse regionale luchthavens vormen voor Vlaanderen economische poorten met een welvaartscreërend karakter. Om de verdere ontwikkeling van onze regionale luchthavens alle kansen te geven, werd eind 2007 een nieuwe beheersstructuur opgezet met een opsplitsing in een luchthavenontwikkelingsmaatschappij (LOM) en een luchthavenexploitatiemaatschappij (LEM). Waar de LEM voornamelijk instaat voor de exploitatie, is de LOM een publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap (EVA) dat zorgt voor de instandhouding en beheer van de bestaande en toekomstige basisinfrastructuur, de terbeschikkingstelling van de gecertificeerde basisinfrastructuur volgens internationale reglementering en de eindverantwoordelijkheid voor de controle-, veiligheid- en beveiligingsdiensten en brandweerdiensten.

Het Vlaams regeerakkoord stelt dat om de toekomst van de Vlaamse regionale luchthavens te versterken in het kader van de nieuwe beheersvorm, de nodige investeringen in de luchthaveninfrastructuur gerealiseerd zouden worden om de vereiste certificatie van de International Civil Aviation Organization (ICAO) van die internationale poorten te behouden.

In de beleidsbrief 2017-2018 stelde u, minister, het Departement Mobiliteit en Openbare Werken (MOW) de opdracht te hebben gegeven om het Vlaams luchthavenbeleid te evalueren en te actualiseren in samenspraak met de sector. Daarbij zou aandacht worden besteed aan de beheersvorming van de regionale luchthavens en de onderlinge samenwerking, rekeninghoudend met mogelijke toekomstige ontwikkelingen.

Minister, hoe loopt de evolutie van de trafiek via onze regionale luchthavens? Wat zijn de investeringsbehoeften voor de verdere ontwikkeling? Zijn er daarvoor voldoende middelen? Is er een nieuw meerjareninvesteringsplan voor de LOM’s  en welke middelen hebt u daarvoor uitgetrokken ?

De voorzitter

Mevrouw Pira heeft het woord.

Ingrid Pira (Groen)

Voorzitter, minister, collega's, mijn vraag sluiten beetje aan bij de vraag van de heer de Kort. De CEO van de Vlaamse regionale luchthavens Antwerpen en Oostende kondigde deze week weerom nieuwe investeringen aan in de pers: een nieuwe vertrekhal, een evenementenhal, driesterrenhotel op de luchthaventerreinen van de Antwerpse luchthaven. Dit terwijl het nog steeds niet duidelijk is of de ontworpen LOM-LEM-structuur, inclusief de verleende investeringssubsidies aan de LOM, aan te merken valt als staatssteunregeling in de zin van artikel 107, lid 1 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU). In elk geval is aanmelding – in het jargon heet dat ‘notificatie’ – vereist op grond van artikel 108, lid 3 van het VWEU.

Het LOM-LEM dossier – ik heb u daar al meermaals vragen over gesteld – werd door middel van een prenotificatie aangemeld bij de Europese Commissie op 9 september 2014. Er werd toen aangegeven dat er op korte termijn – dat hebt u in de commissie nog gezegd – ook een formele notificatie ingediend zou worden, zodat er een formele uitspraak kan komen. Collega's, vanaf het moment dat de Vlaamse Regering een aanmelding doet, is de Europese Commissie verplicht na twee maanden een uitspraak te doen of de staatssteun die wordt verleend aan de luchthavens, terecht of onterecht is.

Intussen zijn we 2018 – bijna vier jaar later – en is er nog steeds geen formele notificatie gebeurd. Uw kabinet bevestigde in januari 2018 in De Morgen dat er nog geen definitieve uitspraak is van de commissie, maar dat de gesprekken constructief verlopen.

In een brief bevestigt een medewerker van de Europese Commissie dat er inderdaad contact is geweest met de Belgische autoriteiten over voorgenomen investerings- en exploitatiesteun voor de luchthavens Antwerpen-Deurne en Oostende-Brugge. Hij geeft mee dat er geen regels zijn over de duur van een prenotificatiefase, die nadien in een officiële aanvraag kan worden omgezet. Maar zodra er formeel is aangemeld en de Europese Commissie alle nodige informatie heeft ontvangen, heeft zij twee maanden de tijd om een besluit te nemen.

Collega’s, de reden waarom ik die vraag stel, is: men blijft maar investeren, terwijl het zwaard van Damocles boven het hoofd van de regionale luchthavens hangt. Is de steun die jaar na jaar wordt gegeven vanuit de Vlaamse Regering, al dan niet terecht? Vorige week kwam bijvoorbeeld het nieuws van Charleroi, die hun toelage hebben moeten terugbetalen.

Minister, waarom heeft Vlaanderen het dossier van de Vlaamse regionale luchthavens nog steeds niet formeel aangemeld bij de Europese Commissie? Wanneer zal dat dossier formeel worden aangemeld?

De voorzitter

Minister Weyts heeft het woord. 

Minister Ben Weyts

De vraag om uitleg omvat uiteenlopende aspecten. Ik zal eerst ingaan op de trafiek. Sinds de inwerkingtreding van de LOM-LEM-structuur zien we een toename van het luchtverkeer. Dat is een goede zaak.

Op de luchthaven van Antwerpen daalde het aantal passagiers stelselmatig in de periode voor de inwerkingtreding van de LOM-LEM-structuur. Er was toen een dalende trafiek – én grafiek. Er werd een daling geconstateerd van 176.000 passagiers in 2008 naar 121.000 in 2014. Sinds oktober 2014 is de LOM-LEM-structuur er en zien we een duidelijke kentering. In 2017 zijn we gegroeid naar 273.000 passagiers. Tevoren was er een serieuze daling, van 176.000 naar 121.000. En sinds die 121.000 in 2014 zijn we gegroeid naar 273.000. Dat is dus meer dan een verdubbeling.

En toch kent het aantal bewegingen een dalende trend. Je zou denken dat er veel meer vliegtuigen zijn en veel meer last. Neen, het aantal bewegingen is gedaald. In de afgelopen tien jaar is het aantal bewegingen teruggelopen van 56.000 naar 37.000. Dat komt voornamelijk door de terugloop van het aantal trainingsvluchten. Dat is een goede zaak, want het zal de mensen op de grond uiteraard worst wezen wie welke geluidsoverlast veroorzaakt. Het gaat uiteindelijk over het aantal bewegingen. Het merendeel van de vluchten betreft zakenvluchten, 38 procent, en trainingsvluchten, 31 procent. De cijfers betreffen 2017. De geregelde vluchten maken 10 procent uit van het totaal aantal bewegingen.

Op de luchthaven Oostende-Brugge is de afgelopen tien jaar een stijgende trend waarneembaar. In 2008 waren er 199.000 passagiers. Er was een gemiddelde jaargroei van 4 procent. Daardoor waren er 253.000 passagiers in 2014. Sinds de inwerkingtreding van de LOM-LEM-structuur is die groei serieus versneld met een gemiddelde van 31 procent op jaarbasis. Nu zijn er 365.000 passagiers. Het plaatje was dus een beetje anders wat Oostende-Brugge betreft. Er was namelijk een kleine groei, gemiddeld 4 procent per jaar. Maar sinds de LOM-LEM-structuur is dat aantal passagiers fel gestegen, namelijk met 31 procent op jaarbasis. We zitten nu aan 365.000 passagiers.

Maar net zoals in Antwerpen, kunnen we ook daar zeggen dat het aantal bewegingen op de Oostendse luchthaven terugloopt. Er is een daling van 27.000 bewegingen in 2008 naar 22.000 bewegingen in 2017. Wat de verhandeling van cargo betreft, werd de luchthaven geconfronteerd met een sterke daling, vooral door het faillissement van MK Airlines en het vertrek van ANA Aviation in 2014.  Terwijl in 2008 nog 108.000 ton cargo verhandeld werd, is dat cijfer in de afgelopen tien jaar gedaald naar 23.000 ton cargo.  

De LEM doet als private exploitant zelf investeringen. Daarnaast voorziet het Vlaamse Gewest via de LOM’s in de instandhouding van de basisinfrastructuur, om te kunnen blijven voldoen aan de internationale standaarden. Er is sinds de opstart van de LOM-LEM-structuur vanuit het Vlaamse Gewest vooral aandacht gegaan naar een inhaalbeweging op twee vlakken. Enerzijds is er een inhaalbeweging van dossiers die sinds 2008 tot 2014 door de Diensten met Afzonderlijk Beheer (DAB’s) werden goedgekeurd, maar nooit werden uitgevoerd en ook nooit budgettair werden afgehandeld. Die achterstand werd ingehaald. Vanaf de opstart van de nieuwe beheersstructuur hebben we die gefinaliseerd. De laatste overgedragen dossiers staan nog op het programma in 2018 en 2019. Dat gaat bijvoorbeeld over het herstellen van de taxibaan vanaf Apron II tot het begin van de startbaan. In totaal gaat dat over heel veel middelen. Voor de luchthaven van Oostende ging dat bijvoorbeeld over 74 openstaande dossiers die werden overgedragen aan de LOM Oostende. Daarvoor moest er nog meer 4 miljoen euro worden betaald.

Voor de luchthaven van Antwerpen zijn er 67 openstaande dossiers. We spreken over een bedrag van iets meer dan 3 miljoen euro.

Ik zei al dat we een achterstand moeten inhalen van dossiers die officieel al werden beslist maar nooit zijn uitgevoerd en waarvoor er geen middelen waren. Daarnaast besteden we ook aandacht aan de opstart en voorbereiding van een inhaalbeweging inzake structurele infrastructuurprojecten op de luchthavens. Deze investeringsdossiers hebben directe linken met de basisinfrastructuur van de luchthavens, maar na de goedkeuring van het LOM-LEM-decreet werden deze investeringsdossiers niet actief voorbereid of zelfs on hold geplaatst. Deze investeringen zijn nochtans noodzakelijk voor het operationeel houden volgens internationale reglementering (ICAO) en verder groeien van de regionale luchthavens.

Sinds de inwerkingtreding van de LOM’s werd al voor 5,8 miljoen euro geïnvesteerd in de basisinfrastructuur. De herstelling van verhardingen en de rioleringswerken aan Apron III op de luchthaven Oostende-Brugge en de elektriciteitswerken op de luchthaven Antwerpen zijn de voornaamste projecten waarvoor budget werd aangewend.

In 2018 en 2019 worden volgens de laatste inzichten volgende projecten gepland op het investeringsprogramma van de LOM’s. Voor Antwerpen ligt het totaal aan geraamde aanbestedingsbedragen in 2018 en 2019 indicatief op 10 miljoen euro. Het gaat onder meer over de verlaging van de startbaan met uitvoering in 2019. Voor Oostende-Brugge ligt het totaal aan geraamde aanbestedingsbedragen in 2018 en 2019 indicatief tussen 12 en 15 miljoen euro. Voor de uitvoering van al deze investeringen zijn er natuurlijk voldoende budgetten op de MOW-begroting (Mobiliteit en Openbare Werken) ingeschreven. Deze budgetten bevinden zich op de investeringsartikelen voor de regionale luchthavens, dat zijn twee aparte allocaties waar voor beide luchthavens samen ongeveer 1,2 miljoen euro recurrente investeringsmiddelen staan.

Naast de recurrente investeringskredieten staan er op de MOW-provisie ook investeringskredieten voor de regionale luchthavens ten belope van meer dan 26 miljoen euro. Deze kunnen worden herverdeeld in functie van het aandienen van gunningsklare dossiers.

De LOM’s beschikken over een indicatief goedgekeurd meerjareninvesteringsplan dat de investeringen bevat die noodzakelijk zijn voor de instandhouding van de basisinfrastructuur en het behoud van de ICAO-certificaten. De som van alle voorziene investeringen op dit indicatieve meerjarenplan overstijgt het totaal beschikbare budget dat eerder werd beschreven. Maar zoals gemeld is het huidig budget ruim voldoende om de eerste fase van de inhaalbeweging aan investeringen op te vangen.

Daarnaast heeft de Vlaamse Regering geopteerd om een wijziging aan te brengen aan de concessieovereenkomst. Het deel kmo-zone gelegen aan de luchthaven van Deurne werd begin deze legislatuur uit de concessieovereenkomst gehaald. De waardering van deze gronden geeft voldoende financiële waarborgen om het investeringsprogramma van de LOM’s op te vangen, ook in de jaren na 2019.

Mevrouw Pira, u had vragen rond de Europese Commissie. Ik kan verwijzen naar een eerder antwoord, maar u hebt het ook geciteerd. We hebben die prenotificatie gedaan. We hebben bij herhaling aan de Europese Commissie gevraagd om ter zake wat verduidelijking te geven. Dat is vooralsnog niet gebeurd. Ik verwacht dat wel vrij spoedig.

Het is de gangbare praktijk van deze regering, en ik vermoed niet enkel deze Vlaamse Regering, om zo’n dossier altijd eerst informeel aan te melden via zo’n prenotificatie en in functie daarvan ook de formele notificatie te kunnen opstellen. Dat biedt natuurlijk de mogelijkheid dat het dossier, als dat nodig zou blijken, kan worden bijgestuurd vooraleer we de formele prenotificatie opstarten. Dat is niet zo ongebruikelijk. Dat lijkt me een verstandige politiek.

De voorzitter

De heer de Kort heeft het woord.

Dirk de Kort (CD&V)

Minister, u hebt klaar en duidelijk aangetoond dat er voor de eerste fase nu voldoende budgettaire middelen zijn ingeschreven. Het is voornamelijk het voorbereiden dat dossiers aanbesteedt, toegewezen kunnen worden, en dat met het vrijmaken van gronden aan de luchthaven van Deurne voor een kmo-zone er ook voor een tweede fase de nodige middelen kunnen worden vrijgemaakt. Dat betekent ook, minister, als ik uw toelichting goed heb begrepen, dat onder andere voor de luchthaven van Deurne de startbaan een nieuwe asfaltlaag in 2019 kan krijgen.

De voorzitter

Mevrouw Pira heeft het woord.

Ingrid Pira (Groen)

Minister, ik wil even ingaan op uw antwoorden van vandaag.

U zegt dat de twee vragen uiteenlopend zijn. Ik vind dat zelf niet. U hebt op de vraag van de heer de Kort uitgebreid geantwoord met een schets van de investeringen van de Vlaamse overheid, dus ten laste van de Vlaamse belastingbetaler. Aan de andere kant zitten we nog altijd met de onzekerheid of de LOM-LEM-constructie wel wordt goedgekeurd. Er wordt enerzijds geïnvesteerd met geld van de Vlaamse belastingbetaler, maar anderzijds, wat zijn die investeringen waard als zou blijken dat die constructie geen stand houdt en Europa zegt: ‘Het moet allemaal worden terugbetaald of het verhaal gaat op de fles.’?

Wat is dat dan waard? Daarom is het belangrijk, voor de investeerder, want die investeert ook maar met de handrem op als hij niet weet of hij zal moeten terugbetalen of niet, maar ook voor de Vlaamse belastingbetaler, dat we zo snel mogelijk weten hoe het nu juist zit met Europa.

U hebt ook gezegd dat het aantal passagiers in 2013 dramatisch is gedaald. Dat is inderdaad waar. Er is een kentering. Maar daarbij moeten we toch ook altijd iets opmerken, minister. Ten eerste stond de Vlaamse overheid klaar met veel geld. En ten tweede is men in Antwerpen – u weet dat ik dat dossier van zeer nabij opvolg – eigenlijk de toeristische lijnen gaan openen, omdat men na al die jaren inzag dat het zakenverkeer niet lukte. Vooralsnog is niet gebleken dat Deurne als zakenluchthaven kan overleven. Het is dus voor een groot deel een toeristische luchthaven geworden. En natuurlijk stijgt het aantal passagiers dan.

Het aantal bewegingen daalt, ook al omdat het aantal vliegtuigen voor de toeristische vluchten groter is. Maar dat maakt dan weer dat die snel moeten opstijgen, omdat ze vlak bij dichtbebouwd gebied vliegen, en ze dus meer lawaai maken. Maar daar wil ik in dit bestek niet verder op ingaan.

Wat Europa betreft, geeft u mij eigenlijk al vier jaar hetzelfde antwoord: we hebben de fase van de prenotificatie, we zijn aan het onderhandelen. En anderzijds zegt Europa: we hebben nog niet alle definitieve informatie, dus we kunnen nog geen uitspraak doen, het is nog niet officieel aangemeld. Dat is al vier jaar aan één stuk door. Het is begonnen met een vraag van mijn collega Rzoska in november 2014 naar de officiële notificatie, waarop u geantwoord hebt dat dat op korte termijn in orde zou komen. We zijn nu vier jaar verder. We blijven investeren vanuit de Vlaamse overheid, en nog altijd komt u met hetzelfde verhaal dat we wachten op Europa en dat we aan het onderhandelen zijn. Anderzijds zegt Europa dat het op Vlaanderen wacht, dat het op voldoende informatie wacht. Blijkbaar wachten Europa en Vlaanderen dus op elkaar.

Ik wil u er ook op wijzen, minister, dat de vorige regering een concessieovereenkomst tussen LOM en LEM had afgesloten, met als opschortende voorwaarde dat men eerst een uitspraak van Europa wou, vooraleer men die constructie van start zou laten gaan. U hebt daar anders over geoordeeld. U hebt een heel berekende gok genomen.

En wat betreft het verlieslatende van de luchthaven: zelfs na de LOM-LEM-structuur is nog niet gebleken dat ze winstgevend is. De investeringen zijn heel hoog. En dus is mijn vraag of u al die elementen eens bij elkaar wilt leggen: het feit dat de luchthaven nog altijd verlieslatend is, dat er toch zoveel subsidies gegeven worden en dat de concessievergoeding – dus wat we terugkrijgen – heel laag is. Is het dan niet eens tijd om heel die situatie voor te leggen aan de Inspectie van Financiën, en die administratie daar een uitspraak over te laten doen?

De voorzitter

Mevrouw De Ridder heeft het woord.

Mevrouw Pira, het is op den duur een beetje een bekend debat en een bekende positie, van ons beiden trouwens, wat betreft de luchthaven van Antwerpen. Het is natuurlijk nooit goed voor Groen. In het verleden was het moord en brand, want de luchthaven mocht enkel bestaan als er voldoende reizigers waren. Als er dan een succesvolle structuur wordt uitgewerkt, de LOM-LEM-structuur, waarvan na amper een paar jaar bezig te zijn, blijkt dat het wel degelijk een succesverhaal is en dat niet alleen het aantal reizigers substantieel stijgt, maar dat dat gebeurt met een dalend aantal bewegingen, met geluidsarme toestellen en een significant dalend aantal klachten uit de omgeving, dan is het ook niet goed.

U bent tegen die luchthaven en u wilt die daar weg. Dat lezen we ook in de publicaties die u daar in de buurt gaat bussen. Maar wees daar dan ook gewoon eerlijk over. Altijd opnieuw een nieuwe stok zoeken om mee te slaan, omdat de andere niet meer pakken, dat is voorspelbaar.

Vorige week of twee weken geleden is er nog een nieuwe bestemming gelanceerd. U mag drie keer raden naar waar. Het was niet naar Ibiza of Marbella, maar naar Zürich, een van de grootste financiële topcentra ter wereld. Ik denk niet dat veel mensen daar met een badhanddoek naartoe trekken. Dat is wel degelijk een zakelijke bestemming.

Eén lichtpuntje is dat u zei dat u graag snel duidelijkheid wou van Europa omdat u een beetje inzat met de investeerders, omdat die momenteel ook met de handrem op moeten werken. Ik hoor daarin een pleidooi van Groen: snel duidelijkheid, want dat is goed, zodat we zekerheid hebben voor de belastingbetaler, maar ook in de hoop – zo interpreteer ik het dan – dat de investeerders nog met meer goesting gaan investeren in die lokale luchthaven. Dat laatste kan ik natuurlijk alleen maar toejuichen.

De voorzitter

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Op de vraag met betrekking tot de overlaging heb ik geantwoord. Dat staat inderdaad op het programma. Dat is gesplitst: voor 2018 staat de studie voor die overlaging op het programma, en de uitvoering is dan gepland in 2019. Natuurlijk zal die timing afhankelijk zijn van het studieresultaat. Voor de studie wordt 360.000 euro uitgetrokken, voor de uitvoering van de overlaging 3,5 à 4 miljoen euro.

Tot slot, mevrouw Pira, ik kan maar herhalen dat het een gezonde werkwijze is om eerst te werk te gaan met een prenotificatie zodat je de notificatie nog kunt aanpassen in functie daarvan. Dat heeft natuurlijk het nadeel dat je dan misschien een tijdje langer in het ongewisse zit, maar we hebben toch liever een gedegen, secuur dossier dan een dossier waarbij het risico op een negatief antwoord groter wordt. Maar ik veronderstel dat dat dan uw doelstelling is en dat u problemen hebt met die LOM-LEM-structuur. Ik denk vooralsnog dat die LOM-LEM-structuur een groter rendement kan bieden, ook gelet op de gegevens die ik naar voren schuif, namelijk een toename van het aantal passagiers, en ook door de private expertise. Op zich vind ik dat tot op heden een goed verhaal.

De voorzitter

Mevrouw Pira heeft het woord

Ingrid Pira (Groen)

Minister, ik stel vast dat u vier jaar nodig hebt om een dossier in orde te brengen bij Europa en dat u ondertussen blijft investeren. Ik vind het toch eigenaardig voor een partij als de uwe dat u iets zo afhankelijk maakt van overheidssubsidies. De luchthaven heeft nog altijd niet bewezen dat ze winstgevend is. Oké, het aantal passagiers stijgt, maar daarvoor moest de zakenluchthaven, die ze altijd is geweest, wel veranderen in een toeristische luchthaven, waardoor u ook de omwonenden hebt bedot.

Ik stel ook vast dat de investeringen, de inhaalbeweging, sinds de oprichting van de LOM-LEM in Antwerpen 82 miljoen euro hebben gekost, inclusief de tunnel, en dat daar maar 660.000 euro tegenover staat die we terugkrijgen. Ik stel dus vast dat u weigert de financiële situatie terdege te laten onderzoeken. Ik ga dus zelf contact opnemen met het Rekenhof wat dat betreft.

De voorzitter

De vragen om uitleg zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.