U bent hier

De voorzitter

De heer Keulen heeft het woord.

Minister, sinds 2012 organiseert het Vias institute, voorheen bekend als het Belgisch Instituut voor Verkeersveiligheid (BIVV), de jaarlijkse verkeersonveiligheidsenquête. Nieuw in 2017 was dat men de resultaten van de bevraging opsplitst per provincie. In totaal heeft men 6200 Belgen ondervraagd over hun gedrag op de weg en het eventuele onveiligheidsgevoel in het verkeer.

Een groot aantal conclusies hebben vooral betrekking op federale wetgeving en kunnen daar zeker worden meegenomen in de modernisering van de wegcode, of ze hebben te maken met handhaving op het terrein. Enkele elementen uit de resultaten van de enquête hebben wel betrekking op het Vlaamse beleid, en daar leg ik dan ook de focus op in deze vraag om uitleg.

Het succes van de elektrische fiets is onmiskenbaar. Dat blijkt ook uit de resultaten van de enquête. In 2017 is het gebruik ervan verdubbeld ten opzichte van het referentiejaar 2014. Uw inzet, minister, en de resolutie die we hier kamerbreed hebben goedgekeurd, tonen aan dat we de weg van de elektrische fiets verder dienen te bewandelen, ook in het kader van basisbereikbaarheid als voor- en natransport. We hebben hier net een hele namiddag met elkaar van gedachten gewisseld over deelfietsen en alles wat daarmee te maken heeft.

Koning Auto blijft regeren. Ook dat is geen verrassing. Wanneer de enquête naar het eigen rijgedrag vraagt, blijkt de Belg zeer eerlijk. Overdreven snelheid, gebruik van de mobiele telefoon achter het stuur tijdens het rijden, vermoeid of met een glaasje te veel op achter het stuur kruipen: het zijn allemaal fenomenen waar menige automobilist zich aan bezondigt. Laat dit nu net de insteek van de sensibiliseringscampagnes zijn, maar uit de enquête blijkt vooral dat er nog aan de gedragsverandering moet worden gewerkt.

Nog een opmerkelijk fenomeen is, collega’s, de lichte toename van het onveiligheidsgevoel bij gebruikers van het openbaar vervoer. Daar wordt geen verdere verklaring bij gegeven.

Het draagvlak voor bepaalde verkeersveiligheidsmaatregelen is opvallend laag, zoals de zone 30 in centra of fietsers door het rood laten rijden bij bepaalde aangeduide kruispunten.

Het succes van de elektrische fiets kunnen we toejuichen. Er wordt de komende jaren ook geïnvesteerd in aangepaste infrastructuur, bijvoorbeeld de fietsostrades, en in sensibilisering rond veiligheid op een elektrische fiets. In het kader van de basisbereikbaarheid zijn de lopende proefregio’s bezig met initiatieven te ontwikkelen inzake deelfietsen. Minister, is het de bedoeling dat met betrekking tot elektrische deelfietsen elke vervoerregio apart zal werken of komt er op termijn, tegen 2020, een kader vanuit het departement Mobiliteit en Openbare Werken om elektrische deelfietsen te ondersteunen in elke vervoerregio?

Bij het onderdeel ‘zelf gerapporteerd gedrag’ zijn er, naast de klassiekers waar al op wordt ingezet door middel van sensibilisering, ook een opmerkelijke zesde en zevende plaats voor voetgangers die muziek beluisteren met een koptelefoon of oortjes, en voor fietsers die naast het fietspad op de rijbaan fietsen. Minister, bent u van plan om aangepaste sensibiliseringsacties op touw te zetten rond risicogedrag bij voetgangers en bromfietsers c.q. fietsers?

Gebruikers van het openbaar vervoer voelen zich het veiligst van alle vervoersmodi in het verkeer, maar toch neemt het onveiligheidsgevoel lichtjes toe. Ik zeg wel: ‘lichtjes’. Minister, is dit fenomeen u bekend?

De voorzitter

Minister Weyts heeft het woord.

Wat uw eerste vraag betreft, moet ik u na de uren die u hebt doorgebracht in deze commissie niet overtuigen van het feit dat deelfietsen kunnen worden beschouwd als een mogelijke oplossing, zeker voor de first en last mile-verplaatsing. Het Vlaamse beleid ter zake is er in de eerste plaats op gericht om in een dergelijk aanbod te voorzien ter hoogte van mobiliteitsknopen van bovenlokaal en als het even kan ook van lokaal belang. De locatie van de knooppunten en de wijze waarop de combimobiliteit op die plaatsen concreet vorm moet krijgen, willen we ook mee laten bepalen door de vervoersregio’s. Zij moeten daar zelf ook inspraak in hebben. Gezien vanuit de logica van de combimobiliteit, dat je gemakkelijk kunt overstappen van de ene vervoersmodus naar de andere, zijn zij de geschiktste partners om daar mee over te beslissen.

Vandaag beschikken we over 46 punten. Die zijn vooral gesitueerd rond treinstations. Ik zou dat graag openbreken. We zijn ondertussen gestart met dergelijke punten aan busstations. Ik heb er verleden jaar zelf eentje geopend in Lier. Dat begint dus wel. Ik zou dat graag uitgebreid zien. Ik wil daarin vanuit de Vlaamse overheid een actievere rol spelen via, als het even kan, een verhoging van de participatie van Vlaanderen in Blue Mobility. Wij zitten daar nu in, weze het in getrapte vorm. Wij participeren samen met Cambio in Optimobil Vlaanderen, en die participeren dan in Blue Mobility, samen met de NMBS, La Société régionale wallonne du Transport (SRWT), dat is de Franstalige kant, en de vzw FIETSenWERK. Die maken samen deel uit van Blue Mobility. Dat is de aandeelhoudersstructuur.

Die bespreking loopt. Ik heb mevrouw Dutordoir gezien. Men heeft een schatting gemaakt, maar we zijn er nog niet volledig uit omdat de discussie onder andere gaat over de gronden bijvoorbeeld in geval van een overdracht van Blue Mobility. Momenteel gebruiken zij gronden van de NMBS en die kunnen niet mee worden overgedragen. De NMBS stelt dan voor om huur te betalen, maar dat lijkt me ook wel wat overdreven terwijl die gronden vandaag gratis aan Blue Mobility ter beschikking worden gesteld. Er werd ook voorgesteld dat wij de participatie in Blue Mobility zouden verhogen of zelfs overnemen, maar dat we huur zouden moeten betalen waardoor een verliesformule voor de NMBS – wat Blue Mobility vandaag is – plots winst zou geven, wat misschien toch een beetje een scheeftrekking is. Daarover gaat nu onder andere de discussie.

U vroeg naar de mogelijkheden van elektrische deelfietsen. Vandaag is er enkel de klassieke fiets met versnellingen. In het verleden werd in Gent een experiment opgezet met elektrische Blue Bikes. Dat was niet zo'n succes, maar het is al een tijdje geleden. De technologie evolueert. Ik weet dat het in sommige landen wordt aangeboden. Het staat nog wel een beetje in de kinderschoenen. Een van de problemen is de duurzaamheid en vandalismebestendigheid. Er zit veel meer apparatuur in. In Rotterdam hebben ze bijvoorbeeld Gobike-tabletfietsen, een fiets met een ingebouwd tablet. Dat systeem gaat nu starten. Ik weet niet wat dit, wat beveiliging betreft, met zich meebrengt.

In de eerste plaats willen we de operatie afronden om onze participatie te verhogen als het even kan en misschien zelfs over te nemen. We proberen ook een connectie te maken met De Lijn, zodat er een combiabonnement kan worden aangeboden. Dat lijkt me echt een goede formule te kunnen zijn. De onderhandelingen daarover lopen nog. Dit is alleszins de eerste focus, maar ik sluit niet uit, afhankelijk van de technologische evolutie en het management, dat er ook een aanbod van elektrische deelfietsen komt.

U vroeg ook naar de campagnes. In de campagnekalender is voor de maand februari in een sensibiliseringscampagne voorzien rond ‘sociaal en preventief rijden’, rekening houden met belangen van anderen en kans op ongevallen vermijden door risico’s in te schatten. Men moet er ook voor zorgen dat het eigen gedrag correct en voorspelbaar is voor andere weggebruikers. De campagne zal bestaan uit filmpjes die via sociale media worden verspreid, radiospots en de traditionele affiches.

De Lijn zelf was niet betrokken bij de uitvoering van het onderzoek. Vanuit die optiek kunnen we geen gegevens vergelijken. We weten ook niet goed welke onderzoeksmethodologie is gebruikt. Het is dus moeilijk om afwijkende resultaten te verklaren. Zo stemt de doelgroep niet overeen en zal vermoedelijk ook de vraagstelling anders zijn opgebouwd. De verkeersonveiligheidsenquête 2017 bevroeg zo het onveiligheidsgevoel in zijn algemeenheid en voor heel België. Dit betekent dat de score de ervaringen van zowel trein-, tram-, en busreizigers omvat en dat reizigers van zowel de NMBS als De Lijn, TEC en MIVB samen werden genomen. De resultaten worden dus niet gespecifieerd per gewest of operator. Wat betreft het onveiligheidsgevoel bij reizigers van De Lijn wordt in de eigen tevredenheidsenquête trouwens aangetoond dat die de laatste jaren niet toeneemt. In 2015 was 69 procent van de respondenten tevreden en in 2016 was 71 procent van de respondenten tevreden. De cijfers voor 2017 worden de komende maanden aangeleverd.

De voorzitter

De heer Keulen heeft het woord.

Ik heb hier geen verdere bemerkingen bij.

De voorzitter

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.