U bent hier

De voorzitter

De heer Danen heeft het woord.

Minister, ik heb de debatten van vorige week heel goed gevolgd. Ik heb vastgesteld dat u de kleinschalige en middelgrote windmolens meer kansen wilt geven. Welke stappen u concreet hebt gezet, is me niet geheel duidelijk. Daarom lijkt deze vraag me nog actueel, ook al heb ik ze ingediend in augustus.

De provincie West-Vlaanderen heeft al een beleidskader opgemaakt voor kleinschalige windturbines. Ook de gemeenten kregen ondersteuning bij de opmaak van een gemeentelijk beleidskader. Deze beleidskaders geven de lokale overheden de mogelijkheid om bijvoorbeeld een bouwaanvraag eenvoudiger en efficiënter af te toetsen binnen een gedragen lokale visie.

ENGIE Electrabel heeft nu aangekondigd dat zij de binnen de twee jaar ten minste honderd kleine windmolens wil plaatsen bij landbouwers en kmo’s. Deze kleinschalige windturbines zullen niet enkel in de provincie West-Vlaanderen worden geplaatst. Voor de realisatie van deze windturbines in de andere provincies zal er een beroep worden gedaan op de omzendbrief van 2009, namelijk LNE/2009/01, die een beoordelingskader en de randvoorwaarden schetst voor de inplanting van kleine en middelgrote windturbines, zodat de vergunningverlening in een globaal en uniform kader kan gebeuren.

U hebt zelf al aangegeven dat de huidige omzendbrief contraproductief werkt wat betreft de realisatie van kleinschalige en middelgrote windturbines. Dat hebt u vorige week nog aangehaald. In actie 12 onder punt 5 ‘Acties ter bevordering van het realiseren van 1563 GWh windenergie op land’ van de conceptnota ‘Windkracht 2020’ wordt dan ook gepleit voor het afschaffen van deze omzendbrief.

Onder hetzelfde actiepunt wordt ook aangegeven dat de wenselijkheid en de wijze waarop kleine en middelgrote windturbines op een correcte en kostenefficiënte wijze ondersteund kunnen worden, onderzocht moet worden. De huidige representatieve projectcategorie voor de onrendabeletopberekening en bijhorende bandingfactor zijn misschien niet optimaal voor deze types van windturbines.

Minister, wat is de stand van zaken in verband met de afschaffing van de omzendbrief LNE/2009/01? Werden er al stappen ondernomen om deze omzendbrief af te schaffen? Wat is de stand van zaken in verband met de uitwerking van een alternatief voor deze omzendbrief? Tegen wanneer mag dit alternatief worden verwacht? Werd het ondersteuningsmechanisme voor kleine en middelgrote windturbines al geëvalueerd? Werd er al aan een alternatieve vorm van ondersteuning gewerkt? Tegen wanneer zou deze alternatieve vorm van ondersteuning ingang vinden?

West-Vlaanderen en de West-Vlaamse gemeenten hebben al een beleidskader voor kleinschalige windturbines uitgewerkt. Wat is de stand van zaken in de andere provincies? Welke ondersteuning biedt Vlaanderen of zal Vlaanderen bieden aan de lokale overheden bij het uitwerken van een beleidskader met betrekking tot kleinschalige windturbines? Of zal dit op Vlaams niveau worden geregeld?

Online kunnen een aantal data worden gevonden over de geïnstalleerde windturbines. Deze data beperken zich tot de naam van de uitbater, het jaar van ingebruikname, de locatie en het aantal windturbines op deze locatie. Karakteristieken zoals het merk van de turbine, de masthoogte, wieklengte en het type turbine worden nergens vermeld. Nochtans kunnen deze karakteristieken een waardevolle bron van informatie vormen voor vergunningverlenende lokale overheden of voor geïnteresseerde burgers die meer informatie wensen over bijvoorbeeld de turbines die men in de buurt wil inplanten. Bent u bereid om meer informatie over de geïnstalleerde windturbines online ter beschikking te stellen?

Op de website van de Vlaamse Regulator van de Elektriciteits- en Gasmarkt (VREG) kan de barometer groene energie geraadpleegd worden. Deze barometer bevat echter alleen statische gegevens die soms 1,5 jaar oud zijn. Bent u bereid om een interactieve kaart, zoals de Europese zonnekaart, per groene energiebron te laten ontwikkelen zodat iedereen deze actuele opbrengst aan groene energie kan raadplegen?

De voorzitter

De heer Gryffroy heeft het woord.

Minister, Vlaanderen is al enkele jaren intensief op zoek naar het beste beleidskader om hernieuwbare energie te realiseren. Indien Vlaanderen zijn doelstellingen voor hernieuwbare energie wil behalen, is het belangrijk dat het ook initiatieven op maat van kmo’s en middelgrote ondernemingen uitwerkt.

Middelgrote windturbines kunnen een belangrijke rol spelen in het beperken van de energiekost voor kmo’s en middelgrote ondernemingen. Zo kunnen ze hun eigen competitiviteit versterken en beschermen ze zichzelf tegen toekomstige mogelijke prijspieken voor energie.

Het is dan ook opportuun om het potentieel van de kleine of middelgrote windturbines beter te benutten. Vlaanderen heeft maar een beperkte oppervlakte om hernieuwbare energie te ontwikkelen. Alles wat kan worden geïnstalleerd, moeten we meenemen. Bovendien maakt het versnipperde Vlaamse landschap het extra moeilijk om grootschalige windenergie breed te ontwikkelen. Een middelgrote windturbine heeft een veel kleinere impact op de omgeving. Middelgrote windturbines zijn daarenboven beter afgestemd om het verbruik van een kmo te dekken en noodzaken bijgevolg geen dure netverzwaring die veelal bij grote windparken noodzakelijk is. Een bedrijf dat bijvoorbeeld aan diepvriesstockage doet, heeft een permanent energieverbruik van minimaal 100 kilowatt. Als het bedrijf een middelgrote turbine kan plaatsen van 100 kilowatt, dan moet die zelfs niet aan het net worden gekoppeld. Dan kan de kabel in het gewone laagspanningsbord en moet het bedrijf minder energie aankopen.

In de Fastlane Windenergie werd er reeds het initiatief genomen om de meer dan 7 jaar oude omzendbrieven voor kleine en middelgrote windturbines te schrappen. Er is echter nog geen andere omzendbrief in de plaats gekomen.

Minister, u kent de voordelen van kleine- en middelgrote windturbines. Erkent u die? Is de huidige onrendabele top, die vooral op grote windturbines is afgestemd, afdoende om het plaatsen van middelgrote windturbines te stimuleren? Welke studies hebt u reeds laten doen om de marktnoden voor middelgrote windturbines in kaart te brengen?

Uiteraard hebt u ondertussen aangekondigd dat u ook een CAPEX-ondersteuning wenst te geven aan kleine en middelgrote windturbines. Dat zal waarschijnlijk voor een deel het antwoord zijn op deze vraag, om deze onrendabele top te kunnen afstemmen.

Welke stappen werden al ondernomen naar een hernieuwde visie op kleine en middelgrote windturbines?

Is het opportuun om een nieuwe omzendbrief te maken voor kleine en middelgrote windturbines?

De voorzitter

Minister Tommelein heeft het woord.

De omzendbrief LNE/2009/1, die tot doel had een kader aan te reiken aan de vergunningverlenende overheden om bouwvergunningen voor windturbines met een gezamenlijk vermogen van maximaal 300 kilowatt te beoordelen, is ondertussen afgeschaft. Met het beleidsdomein Omgeving wordt nu overleg gepleegd over de wenselijkheid van een nieuwe omzendbrief. Hiervoor is nog geen concrete planning afgesproken, maar het is wel de bedoeling om zo snel mogelijk met een nieuw kader te komen dat het plaatsen van dergelijke windturbines moet faciliteren.

Vandaag krijgen kleine en middelgrote windturbines met een nominaal vermogen groter dan 10 kilowatt dezelfde ondersteuning als reguliere turbines van 2 of 3 megawatt. Tijdens haar begrotingsbesprekingen heeft de Vlaamse Regering echter beslist om deze ondersteuning voor kleine en middelgrote turbines te vervangen door een eenmalige investeringssteun. Hiervoor werd in de begroting in 4,2 miljoen euro per jaar voorzien.

Kleine en middelgrote windturbines kunnen inderdaad een bijdrage leveren aan de hernieuwbare energieproductie in Vlaanderen, voornamelijk daar waar door beperkingen het inplanten van grootschalige windenergie niet mogelijk is. We willen dan ook bij deze specifieke locaties, bijvoorbeeld bij landbouwbedrijven, gericht bekijken hoe we een kader kunnen creëren voor de mogelijkheden voor het vergunnen van kleine windturbines. Het gaat inderdaad niet alleen om landbouwbedrijven, maar ook om bedrijven die effectief een constante nood hebben aan een bepaald volume. Hoe we dit beleidskader concreet vorm zullen geven, vormt het voorwerp van het overleg met het beleidsdomein Omgeving.

Over de in Vlaanderen operationele windturbines is de beschikbare informatie nu al online te raadplegen op de website van het Vlaams Energieagentschap (VEA). Via de Vlaamse windenergiesector kan nog bijkomende informatie worden verkregen over de verschillende types van windturbines die worden geïnstalleerd. Ten aanzien van de productie van groene stroom uit grootschalige windturbines stellen we op kwartaalbasis het operationeel vermogen publiek ter beschikking, via de ‘barometer groene energie’ op de website van het VEA. Daar vindt het publiek de recentste officiële gegevens over groene energie in Vlaanderen, onder meer ook over windenergie. Ik zal aan het VEA vragen om deze data frequenter bij te werken.

De voorzitter

De heer Danen heeft het woord.

Er beweegt inderdaad heel wat in dit domein. Dat zal allicht de komende jaren blijven bewegen.

Minister, hebt u indicaties dat er, als gevolg van de aangepaste ondersteuningsmechanismen, veel meer molens zullen bijkomen? Op basis waarvan hebt u investeringssteun beslist? Op basis van adviezen van het VEA of van de SERV of van andere organisaties? Het is natuurlijk belangrijk dat als u iets verandert, dit zorgt voor meer kleine en middelgrote windmolens in plaats van minder. Ik hoop echt dat dat het geval zal zijn.

U zegt dat het beleidskader in ontwikkeling is. Kunt u mij een timing geven van wanneer dat beleidskader zal zijn afgerond? Ik denk dat een aantal investeerders aan het wachten zijn om een windmolen te kunnen plaatsen tot er meer duidelijkheid is. 

De voorzitter

De heer Gryffroy heeft het woord.

Ik noteer dat de omzendbrief de facto vernietigd is en dat er dan ook geen nieuwe moet komen.

Dat heb ik niet gezegd.

Komt er een nieuwe? En wanneer?

Ik heb al gezegd dat er een nieuwe zal komen.

Zo rap mogelijk.

Ik ben ook benieuwd wanneer dat beleidskader met die 4,2 miljoen euro er kan komen.

Er zijn ook al technieken voor kleinere windturbines van minder dan 10 kilowatt. Langs de Schelde weet ik een paar prototypes staan. Er kunnen er ook aan de kust komen. De kust, dat interesseert u toch, minister? Daar wil men gaan werken met kleine windturbines van minder dan 10 kilowatt, die men bijvoorbeeld aansluit op de teller van de gemeenschappelijke delen. Maar daarvoor is niet in groenestroomcertificaten voorzien. De vraag is dan waarom u daar niet in voorziet? Of zult u dan in een CAPEX-ondersteuning voorzien? 

De voorzitter

De heer Schiltz heeft het woord.

Ik dank de vraagstellers voor hun vragen en de minister voor zijn antwoord.

Collega’s, hier wordt voorbijgegaan aan een essentieel punt: er wordt een omslag gemaakt van rendementsondersteuning naar investeringssteun. We hebben net maanden gedebatteerd over de kostprijs van groenestroomcertificaten, en nu heeft de regering eindelijk het licht gezien en ondersteunt zij de investering volgens beschikbare budgetten. Dat is een heel goede evolutie. Een eenmalige investeringssteun is bovendien duidelijk. Dat biedt zekerheid voor wie ermee aan de slag wil en is niet het onderwerp van jaarlijks of tweejaarlijks wisselende ondersteuningsniveaus. In die zin ben ik zeer verheugd met de omslag die de regering in dezen heeft gemaakt en met haar niet aflatende inspanningen om alle soorten types van hernieuwbare energie maximale ontplooiingskansen te geven. Of dat steunniveau dan een euro meer of minder is, mijnheer Gryffroy, dat laat ik over aan de wijsheid van de regering. We zullen het wel zien wanneer het naar het parlement komt.

De voorzitter

Minister Tommelein heeft het woord.

Mijnheer Danen, asap. U kent dat: ‘as soon as possible’.

Wat ik als minister van Begroting meer dan wie ook weet, is dat als wij geld innen, wij dat het best in hetzelfde jaar uitgeven. Want anders zit je met ESR-discussies. Als ik inschrijf dat er investeringssteun zal zijn voor een project met kleine windmolens, is het de bedoeling dat geld uit te geven in 2018. Als ik toch een klein beetje goed bezig wil zijn, wat mijn bedoeling is, dan betekent dat dat wij toch het best tegen het eind van dit jaar weten wat wij zullen doen. Ik wil dat tegen het eind van dit jaar rond hebben, zodat we dat project in 2018 kunnen starten.

Het bedrag van 4,2 miljoen euro is uiteraard niet willekeurig. Het is opgebouwd in overleg met de actoren, in functie van wat realistisch en mogelijk is. Ik kan beslissen om 100 miljoen euro uit te trekken, maar dan had ik ook de energieheffing wat hoger moeten maken. Maar dan zouden we dat niet geplaatst krijgen. Want 2018 is, zoals jullie weten, ook een verkiezingsjaar in de gemeenten. Als er iets is dat nogal gevoelig ligt bij de lokale besturen, dan zijn het de projecten met windmolens. Daarom niet altijd in negatieve zin, ik ken er die daar voluit voor gaan.

Mijnheer Gryffroy, ik zal nog eens proberen te zeggen wat ik heb gezegd. De omzendbrief is afgeschaft, maar wij plegen met het beleidsdomein Omgeving overleg over de wenselijkheid van een nieuwe omzendbrief. Wij hebben nog geen concrete planning afgesproken. Het is de bedoeling om zo snel mogelijk tot een nieuw kader te komen, dat het plaatsen van dergelijke windturbines moet faciliteren. U concludeert daaruit dat ik heb gezegd dat er geen nieuwe omzendbrief moet komen. Ik concludeer daaruit dat er waarschijnlijk wel het best een nieuwe komt. Maar daarmee heb ik niet gezegd dat er zeker een komt. Het zou kunnen dat wij tot de conclusie komen dat dat niet nodig is. Maar ik denk niet dat ik gezegd heb dat er géén komt.

Het is het best om te beginnen met de middelgrote windturbines. Ik begrijp uw pleidooi: alle beetjes helpen. Ik zal niemand tegenhouden die wil investeren in hele kleine windmolens, maar er moet een zekere rentabiliteit aan vastzitten. Ik ga niet oversubsidiëren. Ik heb in West-Vlaanderen al kleinere windmolens gezien op het dak van bedrijven. Ze draaien. Ik heb ook bij mijn bezoek aan Duitsland gezien dat daar molens stonden te draaien op het dak van appartementen. Ik heb heel duidelijk gevraagd: tiens, dat is wel interessant. Waar dient dat voor? Dan hebben ze mij eerlijk geantwoord dat de rentabiliteit absoluut niet hoog genoeg is. Het is meer een symboliek.

Mijn vrouw heeft me eens een project getoond met een boom die draait. Ik heb de kostprijs en het rendement van die boom berekend en ik kwam tot de vaststelling dat om die boom terug te verdienen, hij minstens 35 jaar in mijn voortuin zou moeten staan. Ik vind dat wel mooi, maar een investering op 35 jaar ga ik op mijn gezegende leeftijd niet meer doen. En ik ga er ook de overheid niet voor laten betalen.

De voorzitter

De heer Danen heeft het woord.

Bedankt voor uw antwoord. Ik kijk uit naar meer duidelijkheid, want als we meer molens willen, moet er meer duidelijkheid zijn. Ik begrijp dat dit tegen eind dit jaar het geval zal zijn.

De voorzitter

De heer Gryffroy heeft het woord.

De omzendbrief is me duidelijk, maar de reden van mijn vraag over de windturbines van minder dan 10 kilowatt was dat, zoals u weet, er aan de kust altijd een goede windsnelheid is. Dat kan niet worden vergeleken met het West-Vlaamse binnenland, op de as tussen Kortrijk en Gent, waar bij projecten eerder de symboliek dan het rendement een rol speelt. Zelfs op de snelweg tussen Gent en Brussel staan er enkele van die kleine windmolens, maar aan de kust zijn er wel mogelijkheden. Mijn vraag was de volgende: er is inderdaad niet in groenestroomcertificaten voor windmolens met een capaciteit van minder dan 10 kilowatt voorzien. Worden die kleinere windmolens wel mee opgenomen in het beleidskader?

De voorzitter

Minister Tommelein heeft het woord.

Ik zal vragen aan Marc Coucke om te bekijken of op de tribune van KV Oostende windmolens kunnen worden geplaatst, als project, maar ik zal dat project niet ondersteunen. Zo eenvoudig is dat. (Opmerkingen van Stefaan Sintobin)

Ik begrijp dat u heel veel windmolens aan de kust wil plaatsen. Ik dank u daarvoor.

Ik vraag niet of u ze gaat ondersteunen, maar zitten ze ook vervat in die 4,2 miljoen euro? (Minister Bart Tommelein knikt van nee)

De voorzitter

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.