U bent hier

De voorzitter

De heer Kennes heeft het woord.

– Jan Van Esbroeck treedt als voorzitter op.

Ward Kennes (CD&V)

Mijn vraag gaat over een recente brochure van de FOD Economie gericht aan de toeristische bedrijven. De titel luidt: ‘Kiezen voor duurzaam’. Deze brochure wordt nu verspreid en aangezien ze over toerisme gaat eigenlijk als voorwerp heeft: een belangrijke economische sector in ons land, ongetwijfeld, maar ook een sector die onder de gewestelijke bevoegdheid valt. Dat is al zo sinds de staatshervorming van 1970-1971. Niemand zal dit in twijfel trekken.

Ik lees in de beleidsnota van de minister dat hij het belang van de toeristische sector erkent en vaak onder de aandacht brengt: “Zo bedraagt het aandeel van de toeristische bedrijfstakken in de bruto toegevoegde waarde in Vlaanderen 5,0% (13 miljard euro). Als alleen het aandeel in rekening wordt genomen dat door toerisme zelf gegenereerd wordt (zowel in de toeristische bedrijfstakken als in andere bedrijfstakken) bedraagt het cijfer 2,8% (of 7,2 miljard euro).”

Dat zijn toch zeer aanzienlijke bedragen.

Nu, zoals gezegd, heeft de federale overheidsdienst Economie recent een brochure gepubliceerd met als titel ‘Toeristische bedrijven: kiezen voor duurzaam’.

De uitgave wordt als volgt verantwoord : “De opdracht van de FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie bestaat erin de voorwaarden te scheppen voor een competitieve, duurzame en evenwichtige werking van de goederen- en dienstenmarkt in België. In dat kader heeft de Algemene Directie Economische Analyses en Internationale Economie deze publicatie uitgegeven met de bedoeling een duurzame economie te bevorderen die rekening houdt met de economische, sociale, maatschappelijke en ecologische vraagstukken.”

In de brochure komen onder andere het economisch en sociaal potentieel van het toerisme in België, de duurzaamheid en de concurrentiekracht van het Belgische toerisme, en de indicatoren voor duurzame ontwikkeling voor toerisme in België, aan bod. Het cijfermateriaal in de brochure besteedt evenwel geen aandacht aan de specifieke situatie in de verschillende gewesten die nochtans bevoegd zijn voor dit domein.

Minister, werd u of het ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Toerisme Vlaanderen of een ander departement betrokken bij de voorbereiding van deze brochure? 

De brochure lijkt nogal sterk geïnspireerd door de situatie in het Franstalige landsgedeelte en is wat de situatie in Vlaanderen betreft eerder ongenuanceerd en bevat bovendien onvolledige informatie met betrekking tot de bevoegdheden van de gefedereerde entiteiten. Toerisme is immers een exclusieve gewestelijke bevoegdheid. Wat is uw mening hierover? Hebt u over deze publicatie reeds contact opgenomen met uw federale collega?

Acht u het aangewezen dat de FOD Economie in dergelijke brochures meer aandacht  heeft voor de specificiteit van de toeristische sector in de drie gewesten van ons land?

De voorzitter

Minister Weyts heeft het woord.

Minister Ben Weyts

Collega, u zult gezien hebben dat de publicatie nergens enige vermelding maakt van specifieke acties van Toerisme Vlaanderen of bepaalde strategische keuzes inzake Duurzame Ontwikkeling. Er staat enkel blijkbaar achteraan, bij het onderdeel links een verwijzing naar een brochure van Toerisme Vlaanderen van 2008 met betrekking tot Duurzame Ontwikkeling of alleszins met betrekking tot klimaatverandering en toerisme. Het is dus vanzelfsprekend zo dat mijn diensten, mijn administratie, niet betrokken werden bij de opmaak van die brochure van de FOD Economie.

We hebben daaromtrent contact genomen met het kabinet van federaal minister van Economie Peeters. Daaruit bleek dat de brochure al in 2014 werd opgesteld door de taskforce Duurzame Ontwikkeling bij de FOD Economie. Men heeft daarbij wat verouderde bronnen en cijfergegevens gehanteerd, namelijk van de periode 2010-2013. Men heeft daarvan vorig jaar een soort cosmetische update gedaan. De brochure werd opnieuw online geplaatst. Het kabinet bevestigde dat die onlinepublicatie ondertussen offline werd gehaald.

U verwijst terecht naar het feit dat er niet zoveel voorbeelden inzake toeristische duurzame ontwikkeling in Vlaanderen worden aangehaald, niettegenstaande dat die er wel degelijk zijn en dat wij zelfs tot op het niveau van de Verenigde Naties, dat mag ik zeggen, een voortrekkersrol spelen inzake duurzame ontwikkeling in het kader van toerisme. Ik heb daar zelf trouwens nog recent in Baskenland een meeting rond bijgewoond.

Enkele initiatieven die door Vlaanderen worden gesubsidieerd: de werking van de Groene Sleutel of sinds kort de Blauwe Vlag; het Lerend Netwerk Duurzaam en Innovatief Toerisme dat actuele duurzame thema’s kenbaar maakt in de sector; brochures en vormingen rond duurzame logies; en het Koalaproject (Klimaatzorg en -Advies voor toeristische Logies en Attracties) dat gratis energiescans doet en implementatieadvies geeft voor toeristische bedrijven. Dat loopt dus wel. Vandaar lijkt het mij zeker aangewezen om – niettegenstaande dat vanzelfsprekend een geregionaliseerde bevoegdheid is – om bij gelijkaardige initiatieven in de toekomst de goedepraktijkvoorbeelden waarmee Vlaanderen kan pronken, ook mee te nemen.

Ward Kennes (CD&V)

Dank voor uw antwoord, minister. U onderlijnt terecht dat er in Vlaanderen de laatste jaren, en dan moet men inderdaad niet teruggaan tot 2008 of tot 2010-2013, heel veel nieuwe bijkomende initiatieven geweest zijn. U hebt er een aantal genoemd. We moeten ze niet nog eens herhalen, maar de Blauwe Vlag en de Groene Sleutel en het Koalaproject zijn toch wel ronkende namen die in de sector bekend zijn, daar echt actief worden toegepast en waar men ook een beroep op doet.

Het lijkt me logisch dat wanneer over deze materie wordt gecommuniceerd, als men met voorbeelden mensen willen motiveren, dat is toch de bedoeling van zo’n brochure, dat men de goede praktijken in beeld brengt. Iedereen kan er bij winnen als dat in goed partnerschap gebeurt met de bevoegde autoriteiten die natuurlijk het best de actuele thema’s kennen, de initiatieven kennen, en weten welke succesverhalen er kunnen worden opgenomen in dergelijke brochures.

Ik ben tevreden met het antwoord van de minister. Ik begrijp dat er contact geweest is. Ik neem aan dat men in de toekomst op die manier tot betere resultaten kan komen met dit soort brochures via overleg en contact met de bevoegde partners. Dat is in ieders belang.

De voorzitter

De vraag om uitleg is afgehandeld.

Vergadering bijwonen

U wil een vergadering  bijwonen? Dat kan! U kunt zich gewoon aanmelden bij de bezoekersingang (Leuvenseweg 86, 1000 Brussel).

Zolang er zitplaatsen vrij zijn, worden toehoorders binnengelaten. Zitplaatsen kunnen niet gereserveerd worden. Raadpleeg vooraf de agenda van de plenaire vergaderingen of de commissievergaderingen.

U kunt ook steeds de plenaire vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube. 

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.