U bent hier

Mevrouw Taeldeman heeft het woord.

Valerie Taeldeman (CD&V)

Voorzitter, minister, collega’s, ik denk dat de meesten van ons vorige week een mail hebben ontvangen van KOMOSIE, de koepel van milieuondernemers in de sociale economie. Zij hebben ons een document bezorgd, namelijk een evaluatie van het werk van de energiesnoeiers in 2016. Daarin kan iedereen nalezen dat er een aantal positieve zaken worden vermeld. Heel positief zijn het aantal scans die werden uitgevoerd: 21.000 energiescans. Bijna 21.000 gezinnen hebben dus vorig jaar een overzicht gekregen van welke energiebesparende maatregelen zij in huis kunnen uitvoeren.

Welke energiebesparende maatregelen effectief worden uitgevoerd en welke energiebesparing daarmee overeenkomt, is wel moeilijk te kwantificeren. Ik denk dat we dat al in deze commissie hebben besproken. De vaststelling van de mensen uit de sector is dat wanneer ze opnieuw langsgaan bij een gezin dat een energiescan wil uitvoeren, er wel degelijk maatregelen zijn uitgevoerd. De gezinnen hebben er dus duidelijk een boodschap aan.

KOMOSIE is wel eerlijk in het jaarverslag: ze zijn ook wat ontgoocheld over de cijfers van dakisolatie. Het aantal gezinnen waar dakisolatie is aangebracht, ligt beduidend lager dan het totaal aantal uitgevoerde energiescans. Een eerste mogelijke verklaring hiervoor zou kunnen zijn dat een groot deel van de energiescans wordt uitgevoerd bij gezinnen die wonen in een huurwoning. Het spreekt voor zich dat zij geen grote investeringen gaan doen in de woning als zou blijken dat er geen dakisolatie is of wanneer een hoogrendementsketel geïnstalleerd zou moeten worden. Ze hebben ook niet echt mogelijkheden om hun verhuurder ertoe aan te zetten de nodige energiebesparende maatregelen uit te voeren. Een tweede verklaring is dat de gezinnen, als eigenaar van de woning, niet de middelen hebben om de werken te laten uitvoeren. Deze gezinnen hebben spijtig genoeg niet echt een boodschap aan ‘het verhaal van terugverdieneffecten’ omdat ze er nog niet toe komen de werken te financieren.

Minister, wat is uw reactie op die evaluatie van energiesnoeiers 2016? Ik wou ook nog eens polsen naar de aangekondigde evaluatie van het Vlaams Energieagentschap over de werking van de energiesnoeiers. Ziet u mogelijkheden om meer kwetsbare gezinnen ertoe aan te zetten dakisolatie aan te brengen?

Er is bij aanvang van de legislatuur beloofd dat de sociale tewerkstelling in de sector gegarandeerd zou worden en op niveau zou blijven. Ik wou hierover graag eens polsen.

De heer Danen heeft het woord.

Voorzitter, minister, collega’s, mijn vraag is gelijkaardig. Wat me wel opvalt, is dat er een jaar of twee geleden heel wat heisa was over de energiesnoeiers en de energiescans. Ze zaten toen op de schop. Intussen stellen we vast dat ze hun activiteiten verderzetten, maar ook dat er binnen de sector nog heel wat onzekerheid is.

Zoals bekend zijn de kernactiviteiten van energiesnoeiers de huishoudelijke energiescans en het isoleren van hellende daken en zoldervloeren, met een prioritaire gerichtheid naar mensen in armoede. Dat is misschien al een van de redenen waarom een aantal doelstellingen moeilijk worden gehaald. Aangezien het aantal gezinnen met een energiearmoederisico hoog blijft, is een proactieve aanpak in functie van energiebesparing erg belangrijk. Op die manier zijn de energiesnoeiersbedrijven tevens een belangrijke actor en partner op het lokale niveau in de strijd tegen energiearmoede. Daarnaast is van belang te stellen dat de energiesnoeiersbedrijven tewerkstelling genereren voor mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt.

In deze commissie stelde toenmalig minister Turtelboom dat de zesde staatshervorming Vlaanderen meer mogelijkheden biedt om de energiescans efficiënter te maken zodat ze ook leiden tot meer sociaal-economische woonkwaliteit, die ook nog eens energievriendelijk is.

Ook in de laatste beleidsbrief stelt u: “Door het Vlaams Energie Agentschap wordt tegen eind dit jaar een evaluatie uitgevoerd op basis van alle resultaten van basisscans en opvolgscans. Deze evaluatie zal voorstellen bevatten ter optimalisatie van basisscan en opvolgscan en de werking van de energiesnoeiers in het algemeen. En ik garandeer hierbij de tewerkstelling in de sector van de sociale economie ten opzichte van het niveau van eind 2014.”

In 2016 realiseerden de energiesnoeiersbedrijven bijna 21.000 energiescans. Een hoog cijfer aan scans is één zaak. De concrete realisatie van energie-efficiëntiemaatregelen op het terrein is een andere.

Minister, reeds in het regeerakkoord werd de evaluatie en heroriëntering van de energiescans aangekondigd. Dit zorgde en zorgt nog steeds voor veel onzekerheid.

Werd de evaluatie van het VEA ondertussen afgerond? Zo ja, wat zijn de belangrijkste resultaten? Indien niet, wanneer plant het VEA deze evaluatie af te ronden?

In het jaarverslag van KOMOSIE wordt gesteld dat de mogelijkheden ontbreken om gezinnen naar aanleiding van een energiescan intensief te begeleiden in functie van de impact op de lange termijn. Daarvoor – zo stelt KOMOSIE –  is een bijsturing van de opvolgscan type 1 op inhoudelijk en op organisatorisch vlak aan de orde, datgene wat minister Turtelboom een jaar of twee geleden al had aangekondigd. Bent u zich hiervan bewust en plant u een bijsturing van de opvolgscan type 1?

Het hoge cijfer aan scans maskeert een aantal belangrijke tekortkomingen in het bereiken van bepaalde prioritaire doelgroepen. Zo worden personen die recht hebben op de verhoogde tegemoetkoming van het ziekenfonds, structureel niet bereikt. De sector stelt dat er nood is aan structurele hefbomen op beleidsniveau om ook deze doelgroep proactief te kunnen informeren. Bent u bereid deze hefbomen te ontwikkelen en, zo ja, welke zouden dat dan kunnen zijn?

De gerealiseerde geïsoleerde dakoppervlakte door de energiesnoeiers zit in een duidelijk dalende lijn, ondanks het feit dat er nog steeds honderdduizenden woningen in Vlaanderen niet uitgerust zijn met dakisolatie. Dit heeft te maken met het gegeven dat de energiesnoeiers zich almaar meer op kwetsbare groepen richten. Volgens de sector ontbreekt het aan een ondersteunend beleid dat het voor deze doelgroep haalbaar maakt te investeren in de woning. Daarnaast zijn nieuwe maatregelen – zoals de burenpremie of de bonus totaalrenovatie – toch eerder gericht naar kapitaalkrachtigere gezinnen. Bent u bereid het ondersteuningsinstrumentarium voor grote energiebesparende investeringen af te stemmen op deze kwetsbare doelgroep?

Minister Tommelein heeft het woord.

Collega’s, ik dank jullie voor jullie vragen.

Het VEA bezorgde mijn kabinet een ontwerpversie van de evaluatie van de energiescans. Het document bevat naast een uitgebreide beschrijving van het ontstaan en de evolutie van het instrument een aantal aanbevelingen om de energiescan te optimaliseren. Het uitgangspunt daarbij is om de energiescan nog meer te laten renderen in de strijd tegen energiearmoede vanuit een dubbele focus. Ten eerste moet nog meer worden ingezet op begeleiding van de kwetsbare doelgroep naar een lagere energiefactuur, Daarenboven moet de doorstroom naar de realisatie van energiebesparende werken worden gemaximaliseerd.

Ik gaf inmiddels aan het agentschap de opdracht deze evaluatienota op korte termijn verder uit te werken als een nota aan de Vlaamse Regering die ik nog voor de zomer zal agenderen met het oog op de goedkeuring van een aantal optimalisaties.

Ik ben op de hoogte van de bezorgdheden die werden geuit in de vragen en in het jaarverslag van KOMOSIE. Een aantal van deze bezorgdheden zijn al meegenomen in de evaluatienota of nu in de verdere uitwerking ervan. De hamvraag daarbij is echter welke prioriteiten we willen en welke doelstellingen we willen nastreven met het instrument van de energiesnoeiers. Ik hecht met name veel belang aan de doorstroom naar de uitvoering van energiebesparende werken. De sociale energie-efficiëntiemaatregelen voor de doelgroep van kwetsbare gezinnen op de private huurmarkt bieden dit soort begeleiding op maat. Ook in het kader van de renteloze lening worden mensen bijgestaan in het traject voor de realisatie van energiebesparende ingrepen en wordt het probleem van de prefinanciering aangepakt.

Wat betreft het beantwoorden van de andere vragen, geef ik voorrang aan het politieke overleg binnen de Vlaamse Regering en neem hier vooralsnog geen officiële standpunten over in. Ik hoop dit in de komende weken te kunnen opstarten, zodat u ook snel duidelijkheid zult kunnen krijgen.

Mevrouw Taeldeman heeft het woord.

Valerie Taeldeman (CD&V)

Ik heb begrepen dat het ontwerp van evaluatie van de energiescans nog moet worden besproken op het niveau van de regering. Ik ben dan ook vragende partij om daarna de evaluatie in de commissie te bespreken, in de hoop dat het dan nog geen zomerreces is waardoor alles op de lange baan wordt geschoven naar september of oktober.

Ik heb ook begrepen – ik vind dat zeer positief – dat de bezorgdheden vanuit de sector zullen worden meegenomen in de evaluatie van de energiesnoeiers 2016. Ik hoop dat dit al geruststellend kan zijn voor de sector.

In de commissie Leefmilieu is er al verschillende keren gewezen op de synergieën die er kunnen zijn tussen de energiescan en de waterscan. Het is goed om daar ook rekening mee te houden in de eindevaluatie die gepland is eind juni. Als mensen bij bepaalde doelgroepen in huis komen, zou in dezelfde beweging de waterscan mee kunnen worden uitgevoerd.

De heer Danen heeft het woord.

We kunnen een hele commissievergadering besteden aan de evaluatie van de energiescans. Ik zal me proberen te beperken tot de belangrijkste elementen.

Mevrouw Taeldeman, ik heb twee weken geleden een vraag gesteld aan minister Schauvliege over die waterscans. Ik zou uw vraag dan ook willen ondersteunen. Als de zaak dan toch wordt geëvalueerd, dan wil ik oproepen om dat zeker mee te nemen. Mensen die in energiearmoede leven, vragen vaak een multiproblematische aanpak omdat er meerdere problemen in dat gezin aanwezig zijn. Vaak is er ook een probleem van waterarmoede. Die waterscans kunnen daarin een rol spelen. Er worden momenteel maar enkele tientallen waterscans per jaar gedaan tegenover 20.000 energiescans. Als er dan toch iemand aan huis komt, kan er synergie zijn.

Ik apprecieer deze regering op sommige vlakken. Voormalig minister Turtelboom gaf de indruk heel snel te willen gaan met de hervorming van de energiesnoeiers en energiescans. Nu heeft men toch de tijd genomen om na te denken, te evalueren in plaats van heel snel en ondoordacht in te grijpen. Ondertussen zijn we wel bijna drie jaar verder en stel ik voor om de evaluatie ten gronde in deze commissie te bespreken om een aantal bijsturingen te doen in de richting van de doelstelling die we willen halen.

Wat ik zou betreuren, is dat men zou zeggen dat omdat er zoveel scans zijn en maar dit resultaat, men heel fel zou snoeien in hetgeen voorligt. Dat mag niet gebeuren. Ik ben ervan overtuigd – en de cijfers spreken voor zich – dat heel veel gezinnen nood hebben aan energiescans maar nog meer nood aan een goede opvolging. Ik stel voor dat we op dat vlak bijkomende maatregelen ontwikkelen, omdat we zien dat heel wat maatregelen met betrekking tot energie terechtkomen bij de middenklasse en heel weinig bij de kwetsbare doelgroepen. Ik roep dan ook op om ook voor hen te kijken wat werkt en wat niet. Dat wat werkt, moet worden uitgebreid, zodat we voor iedereen tot een aanvaardbare woonkwaliteit komen.

De heer Gryffroy heeft het woord.

Het zijn goede vragen. We hebben het al tijdens verschillende commissievergaderingen na elkaar gehad over de energiehuizen, de energielening, de energiescans en de energiesnoeiers. We zouden ernaar moeten streven om tijdens één commissievergadering over de verschillende zaken die met elkaar gelinkt zijn, van gedachten te wisselen. Ik zie dat er bij condensatieketels nul premiedossiers zijn ingediend. Nochtans wezen meer dan 3000 scans aan dat er potentieel is. Ook bij de dakisolatie zien we dat er maar 1,8 procent aanvragen zijn. Bij muurisolatie is dat 0,7 procent. Er zit dus een enorme gap tussen wat er in de scans opgemaakt door de snoeier staat en de effectieve uitvoering. Die effectieve uitvoering gebeurt dan weer door andere organisaties, bijvoorbeeld de energiehuizen. Er zijn enorm veel scans. Mevrouw Taeldeman vindt dat positief, maar ik vraag waar de uitvoering blijft. Hoe kunnen we dat gat opvullen? We moeten voor een deel ieders taak herdefiniëren. Nu is het allemaal wat diffuus en loopt het door elkaar.

Minister Tommelein heeft het woord.

Ik kom sowieso in de komende weken en zeker nog voor de zomer met diverse initiatieven naar de regering. Daarna komen we naar dit parlement.

De uitdagingen zijn gekend. Ik neem het voorstel mee om met minister Schauvliege te kijken op welke manier we tot een synergie kunnen komen met de waterscan. Dat is niet mijn bevoegdheid, zoals u weet. Ik zal contact met haar opnemen. Als er synergieën zijn, kan er absoluut worden samengewerkt.

Ik herhaal dat ik op zeer korte termijn naar de regering ga met concrete voorstellen. We moeten de tijd nemen om die uit te werken. Ik geef u gelijk dat er een te grote gap is tussen de vaststellingen en de uitvoering. Dat moeten we versnellen. Dat zal mee worden opgenomen in hetgeen ik zal voorstellen aan de regering.

Zoals hier al vaak is gezegd, ligt er heel wat werk op de plank.

Mevrouw Taeldeman heeft het woord.

Valerie Taeldeman (CD&V)

Er is inderdaad veel werk, maar dat is zeer boeiend en interessant werk. Als u erin slaagt samen met de regering en met ons om een coherent verhaal te brengen omtrent energie in combinatie met de uitrol van het allereerste energiearmoedeplan, dan zou dat een zeer goede zaak zijn, in het bijzonder voor de meest kwetsbaren in deze samenleving.

De heer Danen heeft het woord.

Ik stel vast dat er een grote bereidheid is om bij te sturen. Dat verheugt me, tenminste als de bijsturingen gaan in de richting die we graag zien.

U hebt op een aantal vragen niet geantwoord. Een van de belangrijkste vragen voor mij blijft of u bereid bent om het ondersteuningsinstrumentarium voor grote energiebesparende investeringen af te stemmen op de kwetsbare doelgroepen. Zolang ik daar geen antwoord op krijg, zal ik die vraag blijven stellen met de regelmaat van de klok.

De vragen om uitleg zijn afgehandeld.

Vergadering bijwonen

Wegens de Coronacrisis vinden de plenaire vergaderingen op woensdagen (14u) plaats met een beperkt aantal volksvertegenwoordigers. De overige parlementsleden kunnen van thuis uit digitaal stemmen. De plenaire vergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

zullen de commissiewerkzaamheden voor het grootste deel digitaal en via videogesprekken gebeuren. Als de werkzaamheden het vereisen, vinden sommige vergaderingen fysiek plaats. Alle commissievergaderingen zijn rechtstreeks te volgen via deze website. De publiekstribune is gesloten.

U kunt steeds de vergaderingen (her)bekijken via onze website of YouTube.

Wanneer vinden de vergaderingen plaats? Raadpleeg de volledige agenda voor deze week, of de parlementaire kalender voor een algemeen beeld van de planning van de vergaderingen in het Vlaams Parlement.